Contacteer ons of spring binnen op Raas van Gaverestraat 67b in Gent.

Ontdek onze groepsbegeleidingen, en evenementen.

Het laatste nieuws en interessantste weetjes over de wereld van adoptie.

Ontdek een hulpverlener bij jou in de buurt via deze handige adoptiekaart.

Wil je meer weten?

Hier vind je meer informatie over uiteenlopende thema's zoals belang van het kind, specifieke ondersteuningsbehoeften, nazorg, opvoeding, identiteit en roots.

Identiteit en roots:

  • Adoptieverhaal "Mijn ouders zijn mijn ouders niet"
  • Studie over discours van transnationale adoptie in Vlaanderen
  • Adoptieverhaal "Christopher, van Bunde naar Lima"
  • Adoptieverhaal "Not a Svensson anymore"

Bekijk alles

Onderzoek - Van primal naar colonial wound

Onderzoek bij Boliviaans geadopteerden: van oerwonde naar koloniale wonde

In april 2020 publiceerden onderzoekers Atamhi Cawayu en Katrien De Graeve (UGent) een studie over de narratieven van Boliviaans geadopteerden in Vlaanderen. Zij leverden daarmee een unieke bijdrage aan het onderzoek naar transnationale adopties uit Latijns-Amerika vanuit een dekoloniaal perspectief.

Cawayu en De Graeve wijzen erop dat het huidige adoptiediscours vertrekt van het idee dat transnationale geadopteerden 'gewond' zijn door het verlies van hun biologische familie en oorsprongscultuur. Deze breuk slaat een ‘oerwonde’ of ‘primal wound’. De onderzoekers beargumenteren dat dit essentialistisch denkkader geadopteerden pathologiseert: de ontworteling die adoptiekinderen meemaken, zou automatisch leiden tot mentale problemen. Ze stellen dat bij dergelijk kader voorbij wordt gegaan aan de socio-politieke realiteit van de koloniale dynamieken in transnationale adoptie, en de mogelijke ‘koloniale wonde’ die wordt veroorzaakt.

De onderzoekers maken hierbij gebruik van het concept ‘kolonialiteit’. Dit verwijst naar praktijken, discoursen en denkbeelden die hun oorsprong vinden in het kolonialisme, maar ondanks de formele dekolonisatie nog steeds doorleven in ons alledaags leven.

Om na te gaan hoe narratieven van geadopteerden geplaatst kunnen worden in het groter geheel van culturele, sociale en historische discoursen en machtsdynamieken, werden twaalf Boliviaans geadopteerden geïnterviewd over hun adoptie-ervaring, aangevuld met participerende observatie tijdens bijeenkomsten van geadopteerden. In deze interviews kwamen drie thema's naar boven: (1) het 'cultuurwerk' van adoptieouders (i.e. hetgeen adoptieouders doen om de oorsprongscultuur van hun kinderen weer in het leven van hun kinderen binnen te brengen), (2) bijeenkomsten tussen geadopteerden en (3) de identiteitsvorming van geadopteerden.

Cultuurwerk van adoptieouders

In het heersend adoptiediscours worden adoptieouders aangemoedigd om de nodige aandacht te besteden aan de voorgeschiedenis van hun adoptiekind, waaronder diens herkomst. Hoewel de meeste geïnterviewde geadopteerden het waardeerden dat er thuis aandacht was voor de oorsprongscultuur, gaven enkele geadopteerden aan ze dat het cultuurwerk van hun adoptieouders vervelend of - achteraf bekeken - stereotyperend en soms zelfs racistisch vonden. Enkele geadopteerden gaven aan dat 'hun' cultuur aan hen werd opgedrongen, bijvoorbeeld wanneer ze naar adoptiebijeenkomsten met andere Boliviaanse adoptiekinderen moesten gaan, traditionele kledij van Bolivia aankregen of gevraagd werden om mee te kijken telkens er iets over Bolivia op tv was. Hierbij bemerkten de geadopteerden dat ze graag zelf beslissen wanneer ze in aanraking willen komen met Bolivia. De narratieven van deze geadopteerden gaan in tegen het heersend discours dat hen tracht te essentialiseren tot ‘Boliviaans’ en passen binnen een anti-racistisch en dekoloniaal discours. De onderzoekers stellen in deze antwoorden dan ook een verschuiving vast: het probleem, of de wonde, ligt voor deze geadopteerden niet bij hun vermeende psychologische kwetsbaarheid (nl. oerwonde), maar bij de maatschappij die hen vaak sterotypeert en racialiseert (nl. koloniale wonde).

Boliviaanse adoptiebijeenkomsten: een gevoel van verbondenheid

Hoewel sommige geadopteerden tegenstrijdige gevoelens hadden over de bijeenkomsten met Boliviaanse adoptiegezinnen, gaven vele geïnterviewden aan dat deze resulteerden in langdurige relaties met andere geadopteerden. Toen de bijeenkomsten niet langer georganiseerd werden door hun ouders, namen enkele jongvolwassen geadopteerden zelf het initiatief om samen te komen. Er werd dan niet alleen gepraat over Bolivia, maar over allerlei dagdagelijkse thema's. De geïnterviewden die deelnamen aan deze bijeenkomsten gaven aan dat ze zich in deze groep veilig voelden. Ze werden niet beoordeeld. Iedereen zat in ‘hetzelfde schuitje' en er heerste een gevoel van verbondenheid, begrip en verwantschap. De onderzoekers stellen dat deze bijeenkomsten geadopteerden de mogelijkheid gaven om opnieuw te 'bestaan' in verbinding met anderen. De bijeenkomsten zorgden ervoor dat ze zich konden ‘loskoppelen’ van de koloniale discoursen die hun bestaan en aanwezigheid in België voortdurend in twijfel trekken.

Identiteitsvorming

Tijdens de interviews kwamen raciale, etnische en culturele identificaties meermaals ter sprake. De meeste geadopteerden gaven aan een ‘witte’ identiteit te hebben. ‘Ras’ en cultuur werden hier door elkaar gebruikt: identificatie met de ‘Belgische cultuur’ maakte hen 'wit'. Daarnaast gaven sommige geadopteerden aan enkel te vallen op witte partners. Volgens de onderzoekers is een mogelijke verklaring hiervoor de voorstelling van witheid als de universele standaard van uitmuntendheid en schoonheid, waarbij geadopteerden deze witheid voortdurend proberen na te bootsen.

Hoewel sommige geïnterviewden zich enkel als wit identificeerden, erkenden velen ook hun Boliviaanse achtergrond zonder hierbij volledig aanspraak te maken op een Boliviaanse identiteit: ‘Ik ben een Belg met Boliviaanse roots.’ Sommige geïnterviewden gaven aan dat ze zich niet altijd comfortabel voelden met hun kleur en Boliviaanse afkomst, wat eveneens beschouwd kan worden als een gevolg van koloniale en racialiserende discoursen. Daarnaast wijzen de onderzoekers erop dat sommige geïnterviewden zichzelf stereotyperende, Latijns-Amerikaanse eigenschappen toekenden, bijvoorbeeld een goed gevoel voor ritme. Hierbij volgen deze geadopteerden opnieuw het heersend, essentialistisch discours.

Hoewel de meeste geadopteerden zichzelf als wit bestempelden, vertelden anderen zich meer bruin te voelen. Frequente ervaringen met racisme gaven hen het gevoel er niet bij te horen en versterkten het gevoel van anders-zijn. Sommige geadopteerden haalden expliciet aan dat de maatschappij hen niet volledig aanvaardt vanwege hun herkomst. Als strategie kozen zij ervoor om trots te uiten over hun afkomst, bijvoorbeeld door Boliviaanse accessoires te dragen, zich te omringen door mensen van kleur of regelmatig terug te gaan naar Bolivia. Hierbij volgen ze een dekoloniaal en antiracistisch discours: ze omarmen hun anders-zijn en zetten zich af van de witheid dat hen zo lang heeft omringd.

Van ‘primal wound’ naar ‘colonial wound’

Uit het onderzoek blijkt dat het heersend discours - waar veel nadruk ligt op de herkomst van geadopteerden - een invloed heeft op het gevoel van geadopteerden om erbij te horen. De narratieven van Boliviaans geadopteerden tonen niet alleen kwetsuren in individueel-psychologische termen, maar ook kwetsuren in socio-politieke termen. Er is met andere woorden een verschuiving van de ‘oerwonde’ naar de ‘koloniale wonde’. De onderzoekers stellen dat met dit nieuwe dekoloniaal perspectief geadopteerden proberen om opnieuw controle te krijgen over hun eigen verhaal op vlak van identiteit en psychologisch welzijn. Ze pleiten dan ook dat de adoptiesector- en praktijk voldoende aandacht besteedt aan dit perspectief.

Cawayu, Atamhi, and Katrien De Graeve. “From Primal to Colonial Wound: Bolivian Adoptees Reclaiming the Narrative of Healing.” Identities: Global Studies in Culture and Power, 2020, pp. 1–18.