<?xml version="1.0" encoding="utf-8" ?>
<rss version="2.0">
<channel>
	<title><![CDATA[RSS]]></title>
	<link>https://www.steunpuntadoptie.be/nl/kennisdatabank?utm_source=feed&amp;utm_medium=rss&amp;utm_campaign=rss</link>
	<description>
		<![CDATA[
		
		]]>
</description>
	<image>
		<title><![CDATA[RSS]]></title>
		<url>https://www.steunpuntadoptie.be/frontend/core/layout/images/rss_image.png</url>
		<link>https://www.steunpuntadoptie.be/nl/kennisdatabank?utm_source=feed&amp;utm_medium=rss&amp;utm_campaign=rss</link>
	</image>
	<lastBuildDate>Thu, 25 Jun 2026 04:03:07 +0200</lastBuildDate>
	<pubDate>Thu, 25 Jun 2026 04:03:07 +0200</pubDate>
	<copyright>2026 Steunpunt Adoptie</copyright>
	<generator><![CDATA[Steunpunt Adoptie]]></generator>
	<language>nl</language>
<item>
	<title><![CDATA[Brochure: DNA als instrument in je zoektocht]]></title>
	<link>https://www.steunpuntadoptie.be/nl/kennisdatabank/detail/brochure-dna-als-instrument-in-je-zoektocht?utm_source=feed&amp;utm_medium=rss&amp;utm_campaign=brochure-dna-als-instrument-in-je-zoektocht</link>
	<description>
		<![CDATA[
			<p>
	<a href="https://inea.nl/" target="_blank">INEA</a>, het expertisecentrum interlandelijke adoptie in Nederland, maakte in samenwerking met <a href="https://socht.nl/" target="_blank">SOCHT</a> een handige brochure 'DNA als instrument in je zoektocht'. Je kan het <a href="https://inea.nl/kennisbank/dna-als-instrument-in-je-zoektocht-dna-module/" target="_blank">hier</a>&nbsp;downloaden.</p>
<p>
	De brochure neemt je mee in de (on)mogelijkheden van DNA-onderzoek bij de zoektocht naar familie. Je leert hoe je DNA-onderzoek kan inzetten bij je zoektocht en welke stappen je mogelijk kan zetten als je de uitslag van een DNA-test bij een grote internationale DNA-databank hebt.</p>
<p>
	<em>Publicatiedatum: april 2026</em></p>
<div class="meta">
	<p><a href="https://www.steunpuntadoptie.be/nl/kennisdatabank/detail/brochure-dna-als-instrument-in-je-zoektocht" title="Brochure: DNA als instrument in je zoektocht">Brochure: DNA als instrument in je zoektocht</a> geschreven door Kristina Vanremoortel in <a href="https://www.steunpuntadoptie.be/nl/kennisdatabank/categorie/identiteit-en-herkomst" title="Identiteit en herkomst">Identiteit en herkomst</a>.</p>
</div>

		]]>
	</description>
	<pubDate>Thu, 02 Apr 2026 09:39:00 +0200</pubDate>
	<author><![CDATA[kristina-vanremoortel@example.com (Kristina Vanremoortel)]]></author>
	<category><![CDATA[Identiteit en herkomst]]></category>
	<guid isPermaLink="true">https://www.steunpuntadoptie.be/nl/kennisdatabank/detail/brochure-dna-als-instrument-in-je-zoektocht</guid>
	</item>
<item>
	<title><![CDATA[Samenvatting onderzoek: Een antropologische analyse van niet-zoekende transnationaal geadopteerden in België en Spanje (2025)]]></title>
	<link>https://www.steunpuntadoptie.be/nl/kennisdatabank/detail/samenvatting-onderzoek-een-antropologische-analyse-van-niet-zoekende-transnationaal-geadopteerden-in-belgi%C3%AB-en-spanje-2025?utm_source=feed&amp;utm_medium=rss&amp;utm_campaign=samenvatting-onderzoek-een-antropologische-analyse-van-niet-zoekende-transnationaal-geadopteerden-in-belgi%25C3%25AB-en-spanje-2025</link>
	<description>
		<![CDATA[
			<p>
	<strong>Binnen de kritische adoptiestudies ligt de focus vooral op transnationaal geadopteerden die terugkeren naar hun land van herkomst en op zoek gaan naar hun eerste familie. Minder onderzocht zijn degenen die dit niet doen. Cawayu en Clemente-Martínez (2025) analyseren daarom de ervaringen van deze groep, die nochtans opgroeide in een periode van toenemende openheid rond adoptie en herkomst.</strong></p>
<p>
	Het transnationaal adoptiesysteem is sinds zijn ontstaan en uitbreiding in de tweede helft van de twintigste eeuw sterk veranderd.<strong> Aanvankelijk </strong>waren <strong>geheimhouding en gesloten adoptiedossiers</strong> de standaard in binnenlandse en later transnationale adoptie. Het zogeheten <strong><em>clean break</em>-principe</strong> vormde daarbij een <strong>centrale pijler</strong>: de band met de oorspronkelijke familie werd verbroken en er werd verwacht van de geadopteerde een nieuwe start te maken met de adoptieve familie.</p>
<p>
	Tegen het einde van de jaren tachtig werd het <strong>belang van afstamming internationaal erkend</strong>, onder meer via het VN-Kinderrechtenverdrag (1989) en later het Haags Adoptieverdrag (1993). Deze verdragen verankerden het recht van geadopteerden om hun afkomst te kennen en droegen bij aan een <strong>verschuiving naar meer openheid</strong>.</p>
<p>
	Deze verschuiving ging echter gepaard met <strong>nieuwe spanningen</strong>. Het <strong>zoeken naar herkomst </strong>wordt vandaag <strong>niet langer louter als een optie</strong> gezien, maar <strong>steeds vaker als een morele verplichting </strong>(Wang et al., 2015; Yngvesson, 2003). Praktijken zoals terugreizen en zoektochten worden actief aangemoedigd en soms zelfs opgedrongen (Cawayu & De Graeve, 2022). Wat oorspronkelijk een recht was, is <strong>genormaliseerd </strong>als onderdeel van de ‘transnational adoptee lifecycle’ (Kim 2012), waarbij van geadopteerden verwacht wordt dat zij een traject doorlopen van terugkeer, zoeken en hereniging. Deze normativiteit wordt <strong>versterkt door experten</strong> die kennis van de eigen oorsprong als noodzakelijk voorstellen voor identiteitsontwikkeling (Howell, 2009).</p>
<p>
	Vanuit Yngvessons (2003) analyse kan deze evolutie begrepen worden via <strong>twee narratieven</strong>: het <strong>‘vrijstaande kind’</strong>, waarbij het kind volledig wordt losgemaakt van familie, cultuur en herkomst en opgaat in het adoptiegezin, en het<strong> ‘gewortelde kind’,</strong> waarin de verbondenheid met de herkomst behouden blijft en de ‘ware’ identiteit in de genetische oorsprong wordt gesitueerd. Ondanks hun schijnbare tegenstelling zijn <strong>beide paradigma’s gebaseerd op de mythe van </strong><em><strong>exclusive belonging</strong>,</em> waarbij identiteit als ondeelbaar wordt gezien en slechts aan één familie kan toebehoren (De Graeve 2013; Yngvesson 2003).</p>
<p>
	Onderzoek bij binnenlands geadopteerden wijst op <strong>verschillende redenen om niet te zoeken,</strong> zoals loyaliteit tegenover adoptieouders (Roche & Perlesz, 2000) en angst voor pijnlijke informatie (Smith & Wallace, 2000). Daarbij maken veel geadopteerden een onderscheid tussen actief zoeken en openstaan om gevonden te worden (Roche & Perlesz, 2000). Recente studies tonen bovendien aan dat sommige transnationaal geadopteerden ook <strong>weerstand bieden tegen de normatieve verwachting</strong> om hun oorsprong te verkennen (Howell, 2009; Leinaweaver, 2013).</p>
<p>
	<strong>Niet-zoeken</strong> moet daarom begrepen worden als een <strong>betekenisvolle keuze</strong>, eerder dan als vermijding of weigering. Bij het niet-zoeken geven geadopteerden namelijk <strong>prioriteit aan bestaande relaties, emotionele stabiliteit of reeds gevormde identiteiten</strong> boven de onzekerheden van een zoektocht (Roche & Perlesz, 2000; Smith en Wallace, 2000). Het erkennen van niet-zoeken als volwaardige positie draagt bij aan een <strong>genuanceerder begrip van identiteit, verwantschap en verbondenheid</strong>.</p>
<h5>
	Huidige studie</h5>
<p>
	Deze<strong> kwalitatieve studie </strong>combineert etnografisch veldwerk (diepte-interviews en participerende observatie) bij Boliviaans geadopteerden in België (n=12, 21-37 jaar) en Nepalees geadopteerden in Spanje (n=35, 10-30 jaar). In dit artikel worden respectievelijk vier en zes casussen van niet-zoekende geadopteerden geanalyseerd via thematische analyse.</p>
<p>
	De auteurs identificeren <strong>drie dynamieken </strong>die verklaren waarom transnationaal geadopteerden niet zoeken naar hun oorsprong.</p>
<h6>
	1. Het vrijstaande kind in het ‘hier en nu’</h6>
<p>
	Sommige geadopteerden hanteren een <strong>‘hier en nu’-oriëntatie</strong>, waarbij <strong>oorsprong minder relevant</strong> is. <strong><em>Belonging</em> </strong>wordt <strong>verankerd in het heden</strong> - via dagelijkse praktijken, relaties en het leven in het land waarin men geadopteerd werd - eerder dan in genealogie of geografie. Dit perspectief legt de <strong>nadruk op opvoeding, zorg en relationele context</strong> boven biologie, en sluit aan bij een liberaal discours waarin <strong>identiteit sociaal gevormd</strong> wordt.</p>
<p>
	<strong>Tegelijk </strong>impliceert deze benadering een logica van exclusiviteit (Högbacka, 2011) waarin enkel het adoptiegezin ‘enige’ familie gezien wordt. Dit verkleint de interesse in zoeken en laat <strong>weinig ruimte voor hybride vormen van verwantschap</strong> die zowel sociale als biologische banden erkennen.</p>
<blockquote>
	<p>
		Maria: “We all have a ‘where we come from,’ but that does not define the person. What matters is who we are now and the paths we take from here on. It’s as if where I come from is left behind because it has little to do with who I am now. That ‘where we come from’ is where you are born. In my case, Nepal. I am Nepali, and Nepal is my origin… but I don’t feel attached to it; none of it is who I am. I have lived all my life in Catalonia. My family and friends are here. I was born there, but so what? I have nothing there. The only thing I have from there is my body.”</p>
	<p>
		Anita: “I know people expect me to be curious about Nepal, but honestly, it doesn’t cross my mind much. I have the information my parents told me, but it feels like reading about a character in a book—it’s interesting, but it’s not me. My life is here. The way I speak, the food I grew up eating, my friends, the way I think about myself—all of that is Spanish. If someday I travel there, it will be as a tourist, not to ‘find myself.’ I already know who I am.”</p>
</blockquote>
<h6>
	2. Verzet tegen de sociale druk om te zoeken</h6>
<p>
	Naast deze ‘hier en nu’-oriëntatie verzetten sommige geadopteerden zich <strong>tegen de normatieve verwachting dat zoeken noodzakelijk is voor authenticiteit</strong>. In een context waarin biologische herkomst sterk wordt gevaloriseerd, worden niet-zoekende geadopteerden vaak gemarginaliseerd en gepercipieerd als ‘incompleet’ of ‘ongeïnteresseerd’. Niet-zoekende geadopteerden ervaren dit als intrusief en <strong>herdefiniëren <em>belonging</em> op basis van doorleefde ervaringen, relaties en persoonlijke keuzes</strong>. Zo positioneren zij <strong>zoeken als een recht</strong>, niet als een verplichting.</p>
<blockquote>
	<p>
		Neelam: “Some people romanticise Nepal. For me, it’s important, but not idealised. Honestly, I don’t feel the need to return. Some people are mad about it. I plan to return when I’m ready and able, but I had a tough time with the food and climate last time I travelled there.”</p>
	<p>
		Roos: “I sometimes notice that when I tell them that I am adopted, people ask me ‘How are your biological parents’ and ‘Do you have family there?’ I find these annoying questions. […] because they expect that I hope to meet them or that I am busy with that or have difficulties with it [in admitting her interest]. I find it irritating. I am adopted and that’s it. […] ‘It will come’ some people say. That gives me the feeling that I am in denial. I find it tiresome that people react like that.”</p>
</blockquote>
<h6>
	3. Vrede hebben met (het gebrek aan) informatie</h6>
<p>
	Sommige geadopteerden geven aan vrede te hebben genomen met het gebrek aan informatie. <strong>Niet-zoeken</strong> kan hierbij functioneren <strong>als een vorm van zelfzorg, als een kwestie van prioriteiten stellen of als een pragmatische reactie op het ontbreken van informatie</strong>. Voor velen is een zoektocht immers onmogelijk door het gebrek aan identificerende gegevens (Passmore & Feeney, 2009).</p>
<p>
	Het gebrek aan informatie wordt doorheen de tijd aanvaard en een geïntegreerd onderdeel van het levensverhaal. In die zin is niet-zoeken geen passiviteit, maar een <strong>actieve strategie om controle te nemen over het eigen narratief</strong>, waarin <strong>ook afwezigheid, stilte en onwetendheid een plaats</strong> krijgen.</p>
<blockquote>
	<p>
		Elio: “To start a search, I never saw myself doing that, way too much work also. It didn’t really interest me either. Why go look for something that can hurt me? I have taken peace with my story and that was it. And whether it is true or not… It could be possible my [Bolivian] mom brought me [to the orphanage] under a different name. It could all be possible, but I wouldn’t figure it out anyway.”</p>
	<p>
		Guillermo: “No, I know it would be a difficult quest, and I would rather invest my energy into something else.”</p>
	<p>
		Naya: “I took peace with it, and I have given it a place that I will never find or meet my biological family… because I don’t have information, I don’t have names, I don’t have leads.”</p>
</blockquote>
<h5>
	Discussie en conclusie</h5>
<p>
	<strong>Niet-zoeken </strong>is geen loutere afwezigheid van handelen, maar een <strong>agentieve positie </strong>die vorm krijgt binnen structurele, culturele en persoonlijke contexten. Geadopteerden positioneren zich actief binnen - en soms tegen - dominante discoursen over verwantschap en verbondenheid, en maken <strong>alternatieve vormen van verwantschap </strong>zichtbaar.</p>
<p>
	Tegelijk beargumenteren de auteurs dat <strong>zoeken en niet-zoeken geen tegengestelden</strong> zijn, maar <strong>voortkomen uit</strong> <strong>dezelfde logica van <em>exclusive belonging</em></strong>. Zowel het zoeken (gewortelde kind) als het niet-zoeken (vrijstaande kind) reproduceren deze logica. Het niet-zoeken kan vervolgens ook beschouwd worden als een <strong>uiting van het adoptiesysteem</strong>.</p>
<p>
	Vanuit dit perspectief concluderen de auteurs dat <strong>geadopteerden niet voor de keuze gesteld moeten worden</strong> om al dan niet te zoeken, verwijzend naar het adoptiesysteem waarbij de definitieve scheiding een van de fundamenten is waarop dit systeem gebaseerd is.</p>
<p>
	De auteurs wijzen hierop dat <strong>hervormingen</strong> om geadopteerden te ondersteunen in hun zoektochten kunnen <strong>bijdragen tot herstel</strong>, maar het <strong>geen herstel </strong>is <strong>als het niet de fundamenten van het eigen systeem in vraag stelt </strong>dat nog steeds de scheiding tussen ouder en kind als normatief uitgangspunt ziet.&nbsp;</p>
<p>
	<strong>Bron: </strong>Cawayu, A., & Clemente-Martínez, C. K. (2025). Complicating the Search Imperative in Transnational Adoption: An Anthropological Analysis of Non-Searching Transnational Adoptees in Belgium and Spain. <em>Genealogy, 9</em>(4), 124. https://doi.org/10.3390/genealogy9040124</p>
<p>
	<strong>Tekst:</strong> Kristien Wouters, geredigeerd door Atamhi Cawayu</p>
<div class="meta">
	<p><a href="https://www.steunpuntadoptie.be/nl/kennisdatabank/detail/samenvatting-onderzoek-een-antropologische-analyse-van-niet-zoekende-transnationaal-geadopteerden-in-belgi%C3%AB-en-spanje-2025" title="Samenvatting onderzoek: Een antropologische analyse van niet-zoekende transnationaal geadopteerden in België en Spanje (2025)">Samenvatting onderzoek: Een antropologische analyse van niet-zoekende transnationaal geadopteerden in België en Spanje (2025)</a> geschreven door Kristina Vanremoortel in <a href="https://www.steunpuntadoptie.be/nl/kennisdatabank/categorie/identiteit-en-herkomst" title="Identiteit en herkomst">Identiteit en herkomst</a>.</p>
</div>

		]]>
	</description>
	<pubDate>Mon, 23 Mar 2026 09:17:00 +0100</pubDate>
	<author><![CDATA[kristina-vanremoortel@example.com (Kristina Vanremoortel)]]></author>
	<category><![CDATA[Identiteit en herkomst]]></category>
	<guid isPermaLink="true">https://www.steunpuntadoptie.be/nl/kennisdatabank/detail/samenvatting-onderzoek-een-antropologische-analyse-van-niet-zoekende-transnationaal-geadopteerden-in-belgi%C3%AB-en-spanje-2025</guid>
	</item>
<item>
	<title><![CDATA[Samenvatting onderzoek: De kwaliteit van relaties en de frequentie van contact bij volwassen geadopteerden die vervreemd zijn van hun adoptieouders (2025)]]></title>
	<link>https://www.steunpuntadoptie.be/nl/kennisdatabank/detail/samenvatting-onderzoek-de-kwaliteit-van-relaties-en-de-frequentie-van-contact-bij-volwassen-geadopteerden-die-vervreemd-zijn-van-hun-adoptieouders-2025?utm_source=feed&amp;utm_medium=rss&amp;utm_campaign=samenvatting-onderzoek-de-kwaliteit-van-relaties-en-de-frequentie-van-contact-bij-volwassen-geadopteerden-die-vervreemd-zijn-van-hun-adoptieouders-2025</link>
	<description>
		<![CDATA[
			<p>
	<strong><em>En ze leefden nog lang en gelukkig.</em> Hoewel dit vaak wordt verondersteld bij adoptie, is het voor velen niet de realiteit. In een Amerikaanse studie uit 2025 onderzoeken Baden en collega’s de ervaringen van volwassen geadopteerden die ervoor kiezen het contact met hun adoptieouders te verminderen of verbreken. Hierna volgt een samenvatting van het artikel.</strong></p>
<p>
	Verhalen van volwassen geadopteerden geven een <strong>grote verscheidenheid aan relaties met hun adoptieouders </strong>weer (Trenka et al., 2006), waaronder moeilijke relaties die gekenmerkt worden door interpersoonlijke spanningen en contactbreuken. Deze ervaringen van intergenerationeel conflict, die emotionele of fysieke afstandnames omvatten, worden in de literatuur aangeduid als <em>estrangement</em> (vervreemding).</p>
<p>
	<strong>Familiale vervreemding</strong> is nog beperkt onderzocht, en zeker niet binnen adoptiegezinnen, aldus Baden en collega's. Binnen adoptiegezinnen moeten relaties echter begrepen worden <strong>in de context van de complexiteit van adoptie</strong>, zoals de mogelijkheid van raciale, religieuze en etnische verschillen tussen adoptant en geadopteerde, de manier waarop adoptie de kwetsbare aard van het gezin benadrukt, en de fysieke dan wel emotionele aanwezigheid van de geboortefamilie.</p>
<h5>
	Waarom gezinsleden vervreemd raken</h5>
<p>
	Vervreemding binnen gezinnen doet zich doorgaans voor wanneer gezinsleden het <strong>contact vrijwillig of opzettelijk verbreken</strong> en een<strong> slechte relatie</strong> hebben (Blake, 2017; Gilligan et al. 2015 ). In de literatuur is er <strong>geen eenduidige definitie</strong> van vervreemding. Wel zijn er verschillende factoren geïdentificeerd die eraan bijdragen, waaronder fysiek, seksueel en psychologisch misbruik, fysieke en mentale gezondheidsproblemen binnen het gezin, financiële conflicten en gevoelens van verraad en tekortschietend ouderschap (e.g., Agllias, 2015, 2016; Blake, 2017; Conti, 2015; Scharp & McLaren, 2018; Scharp et al. 2015).&nbsp;</p>
<p>
	De <strong>opgegeven redenen voor vervreemding verschillen vaak tussen ouders en kinderen</strong>. In een studie bij 898 ouders en hun niet-geadopteerde volwassen kinderen rapporteerden ouders onder meer een ‘sense of entitlement’ (ondankbaar gedrag) bij hun kinderen en de invloed van problematische relaties in het leven van hun kind (bv. partner, schoonfamilie) (Carr et al., 2015). Volwassen kinderen daarentegen gaven ‘toxisch ouderlijk gedrag’ en een gebrek aan steun en aanvaarding als redenen op. De auteurs concludeerden dat ouders in hun onderzoek vervreemding vooral toeschreven aan <strong>relationele problemen</strong> binnen het gezin (bv. moeizame onderlinge relaties) en aan <strong>moeilijkheden buiten het gezin </strong>(bv. externe omstandigheden), terwijl hun volwassen kinderen de oorzaken vooral situeerden op <strong>intrapersoonlijk niveau bij hun ouders </strong>(bv. ouderlijke kenmerken).</p>
<h5>
	De druk van maatschappelijke verwachtingen</h5>
<p>
	Het verbreken van contact met en het vervreemden van familie is vaak een <strong>moeilijk en langdurig proces</strong> dat het resultaat is van een opeenstapeling van gebeurtenissen (Scharp et al., 2015). Hoewel vervreemding ook op latere leeftijd kan ontstaan, gaven de meeste deelnemers in een studie met 807 volwassen kinderen - waaronder ook geadopteerden - aan dat zij het contact verbraken in hun late twintiger of vroege dertiger jaren (Blake, 2017).</p>
<p>
	<strong>Maatschappelijke normen bemoeilijken dit proces</strong>, zoals de verwachting dat ouders en kinderen elkaar onvoorwaardelijk liefhebben en voor elkaar zorgen (Scharp & Thomas, 2016). In een studie met 52 niet-geadopteerde volwassen kinderen gaven de deelnemers aan druk te ervaren van familie en vrienden om familiale banden te onderhouden (en zelfs te herstellen), ondanks eerdere ervaringen van misbruik en verwaarlozing door hun ouders. De deelnemers beschreven een<strong> intern conflict tussen de wens om afstand te bewaren en de druk om in contact te blijven</strong> en de rol van het ‘goede kind’ op te nemen (Scharp et al, 2015). Sommige individuen rapporteerden bovendien dat de familieleden van wie zij afstand wilden nemen hen bleven contacteren en schuldgevoelens aanwakkerden om hen tot verzoening te bewegen (Scharp & Dorrance Hall, 2019).</p>
<p>
	De afgelopen jaren is er <strong>toenemende aandacht voor de invloed van culturele factoren</strong> zoals gender, etniciteit en seksuele oriëntatie op familiale vervreemding. Zo toonde een studie bij 76 LGTBQ-volwassenen aan dat 16 deelnemers aangaven dat ze het contact met hun ouders hadden beperkt om met de ouderlijke afwijzing van hun identiteit om te gaan, maar dat ze toch probeerden een langdurige relatie te behouden onder bepaalde voorwaarden (Reczek & Bosley-Smith, 2021).</p>
<h5>
	Negatieve en positieve gevolgen van vervreemding</h5>
<p>
	Onderzoek wijst uit dat vervreemding een <strong>impact</strong> <strong>heeft op de mentale gezondheid en het algemeen welzijn van individuen</strong>, als gevolg van het verlies van relaties, negatieve ervaringen met familie en de waargenomen stigmatisering rond familiale vervreemding (Agllias, 2013, 2018; Blake, 2017). In een studie naar 25 niet-geadopteerde volwassen kinderen die vervreemd waren van minstens een ouder, gaven sommige deelnemers aan te rouwen en daarbij gepieker en gevoelens van woede, pijn, teleurstelling, schuld en schaamte te ervaren (Agllias, 2018).</p>
<p>
	Tegelijk suggereert onderzoek dat vervreemding <strong>ook positieve effecten</strong> kan hebben, zoals gevoelens van opluchting, acceptatie en een versterkt zelfvertrouwen in het stellen en bewaken van grenzen (Agllias, 2018; Allen & Moore, 2017; Blake, 2017).&nbsp; In de studie van Blake (2017) rapporteerde 80% van de 807 deelnemers positieve uitkomsten, waaronder zich ‘vrijer, onafhankelijker en sterker’ voelen , minder stress ervaren, een verbeterd algemeen welzijn en meer inzicht. Ook ‘persoonlijke groei, heling en geluk’ worden genoemd als mogelijke gevolgen (Agllias, 2018).</p>
<p>
	Deze uiteenlopende bevindingen onderstrepen de <strong>complexiteit van familiale vervreemding</strong> en laten zien dat de context en de manier waarop met vervreemding wordt omgegaan bepalend zijn voor de impact ervan.</p>
<h5>
	De complexiteit van adoptiegezinnen</h5>
<p>
	Volwassen geadopteerden en adoptieouders <strong>vervreemden niet zomaar</strong> van elkaar. Volgens de auteurs groeit deze dynamiek uit spanningen rond adoptienarratieven, adoptiespecifieke factoren en communicatiepatronen binnen het gezin. In de volwassenheid wordt dit proces verder beïnvloed door nieuwe ervaringen, onopgeloste spanningen uit de kindertijd en verschillen in bewustwording over adoptie tussen adoptieouders en geadopteerden.</p>
<p>
	Tot voor kort werd adoptie voorgesteld als een ‘ongecompliceerde en overwegend positieve ervaring, als een oplossing voor een sociaal probleem’ (Baden et al., 2012). Dit dominante narratief laat weinig ruimte voor de ervaringen en perspectieven van geadopteerden zelf en minimaliseert schadelijke adoptiepraktijken. <strong>Verschillen in perspectieven over adoptie, familiegeschiedenis en andere relevante onderwerpen kunnen leiden tot spanningen binnen het gezin.</strong> Daarnaast beïnvloeden bepaalde moeilijkheden (zoals pre-adoptie trauma, raciale en etnische verschillen tussen gezinsleden en verlieservaringen gerelateerd aan infertiliteit, afstand of verlating) niet alleen individuele gezinsleden, maar ook de gezinsdynamiek in zijn geheel (Baden et al. 2016).</p>
<p>
	<strong>Moeilijkheden in de communicatie over adoptie </strong>kunnen een extra relationele uitdaging vormen in adoptiegezinnen, wat kan leiden tot communicatie <em>breakdowns </em>en contactbreuken. Open, directe en empathische communicatie door adoptieouders daarentegen creëert ruimte voor geadopteerden om hun gevoelens over adoptie te delen en zich gesteund te voelen (Brodzinsky, 2005).</p>
<p>
	<strong>Levensgebeurtenissen in de volwassenheid </strong>(zoals veranderingen in relaties, werk, ouderschap of gezondheid, maar ook adoptiespecifieke ervaringen zoals zoektochten naar geboortefamilie, toegang tot DNA-testen of ervaringen met racisme) kunnen rouw om eerdere verlieservaringen (her)activeren of vragen oproepen over de relatie met adoptieouders. Als <strong>uitdagingen uit de kindertijd en adolescentie</strong> bovendien niet worden aangepakt (bv. onrealistische verwachtingen die gezinsleden van elkaar hebben), blijven ze breuken in het familiesysteem veroorzaken (Agllias, 2013).</p>
<p>
	Tot slot benadrukken de auteurs dat gezinscohesie waarschijnlijker is wanneer zowel adoptieouders als geadopteerden <strong>samen kritische perspectieven op adoptie kunnen toelaten en bespreken</strong>. Wanneer deze bewustwording - vaak omschreven door geadopteerden als ‘coming out of the fog’ (Branco et al., 2023) - uitsluitend bij de geadopteerde ontstaat en niet gedeeld wordt door de adoptieouders, kan dit leiden tot instabiliteit en vervreemding binnen het gezin.</p>
<h5>
	Huidige studie</h5>
<p>
	Deze <strong>kwantitatieve studie</strong> is een van de eerste onderzoeken naar vervreemding binnen adoptiegezinnen. <strong>205 volwassen geadopteerden in de VS</strong> namen deel. Van hen waren er 129 binnenlands en 76 interlandelijk geadopteerd. De groep bestond uit 155 vrouwen, 26 mannen en 23 non-binaire personen. De gemiddelde leeftijd van de deelnemers was 40 jaar en de gemiddelde leeftijd bij adoptie bedroeg 12 maanden. In totaal waren 104 deelnemers transetnisch geadopteerd.</p>
<p>
	Alle deelnemers gaven aan een complexe relatie te hebben met een of beide adoptieouder(s). Toch beoordeelde 23% van de deelnemers de relatie als positief. 66 deelnemers gaven aan een negatieve relatie te hebben, terwijl 91 deelnemers aangaven geen relatie meer te hebben met hun adoptieouder(s).</p>
<p>
	De deelnemers vulden <strong>vragenlijsten</strong> in over de <strong>kwaliteit van de relatie met hun adoptieouder(s)</strong> (zie alinea hiervoor), de <strong>frequentie van contact </strong>(dagelijks tot wekelijks, maandelijks tot jaarlijks, of geen contact), <strong>zelfvertrouwen en mentale gezondheid </strong>(angst, depressie en lichamelijke klachten).</p>
<h5>
	Resultaten en discussie</h5>
<p>
	De resultaten laten zien dat de <strong>frequentie van contact</strong> tussen volwassen geadopteerden en hun adoptieouder(s) <strong>samenhangt met hoe zij de kwaliteit van die relatie ervaren</strong>. Deelnemers die <strong>dagelijks tot wekelijks </strong>telefonisch of face-to-face contact hadden met hun adoptieouder(s) rapporteerden <strong>vaker een positieve relatie</strong>, terwijl <strong>minder of geen contact </strong>vaker samenhing met een <strong>negatieve relatie of volledige vervreemding</strong>. Opvallend is dat deelnemers <strong>zonder contact</strong> hun relatie met hun adoptieouder(s) vaak noch als positief noch als negatief beoordeelden, maar <strong>simpelweg als ‘vervreemd’</strong>, wat er volgens de auteurs op kan wijzen dat zij de relatie als onherstelbaar of niet langer bestaand ervaren.</p>
<p>
	In tegenstelling tot eerder onderzoek bij niet-geadopteerde volwassenen (Agllias, 2018; Blake, 2017), waarin minimale of verbroken familierelaties soms samenhangen met meer welzijn, werden in deze studie <strong>geen significante verschillen</strong> gevonden in mentale gezondheid tussen deelnemers met een negatieve relatie en deelnemers die volledig vervreemd waren, noch tussen deelnemers met een positieve relatie en deelnemers die volledig vervreemd waren. Wel rapporteerden <strong>deelnemers met een positieve relatie lagere niveaus van angst en depressie dan deelnemers met een negatieve relatie</strong>. Dit onderstreept de complexiteit van vervreemding en suggereert dat adoptiespecifieke gezinsdynamieken mogelijk samenhangen met het mentale welzijn van volwassen geadopteerden.</p>
<p>
	In de discussie benadrukken de auteurs dat <strong>blijvend contact</strong> niet noodzakelijk wijst op een gezonde relatie, maar ook kan <strong>voortkomen uit gevoelens van verplichting of conflictvermijding</strong>. Tegelijk kan <strong>volledige vervreemding leiden tot vastgeroeste percepties</strong>, doordat nieuwe of corrigerende interacties ontbreken.</p>
<p>
	<strong>Adoptieouders staan voor complexe opvoedtaken</strong>, waaronder het creëren van ruimte voor de ervaringen van geadopteerden, het ondersteunen van hun identiteitsontwikkeling en kritisch bewustzijn, en het actief tegengaan van maatschappelijke narratieven die hun ervaringen ontkennen of minimaliseren. Bij transraciale adoptie omvat dit ook het voorbereiden van kinderen op racisme en discriminatie, een rol waarop witte adoptieouders vaak onvoldoende zijn voorbereid. <strong>Professionele ondersteuning van adoptieouders, zowel voor als na de adoptie, waarin er aandacht is voor communicatieve openheid en complexe gezinsdynamieken is daarom essentieel.</strong> Wanneer er binnen het adoptiegezin thema’s onbespreekbaar blijven die belangrijk zijn voor de identiteit van de geadopteerde, kan dit op termijn bijdragen aan breuken en vervreemding binnen het gezin.</p>
<p>
	<strong>Bron:</strong> Baden, A. L., Kim, A. Y., Randall, R., Jasmin, M., Kobus, A., Haywood, T., Nsenkyire, K., & Holtz, N. (2025). <em>It’s Complicated: Adult Adoptees’ Relationship Quality and Contact Frequency in Estrangement. The Family Journal, 33</em>(2), 270-279. https://doi.org/10.1177/10664807241312197</p>
<p>
	<strong>Tekst:</strong> Kristien Wouters</p>
<div class="meta">
	<p><a href="https://www.steunpuntadoptie.be/nl/kennisdatabank/detail/samenvatting-onderzoek-de-kwaliteit-van-relaties-en-de-frequentie-van-contact-bij-volwassen-geadopteerden-die-vervreemd-zijn-van-hun-adoptieouders-2025" title="Samenvatting onderzoek: De kwaliteit van relaties en de frequentie van contact bij volwassen geadopteerden die vervreemd zijn van hun adoptieouders (2025)">Samenvatting onderzoek: De kwaliteit van relaties en de frequentie van contact bij volwassen geadopteerden die vervreemd zijn van hun adoptieouders (2025)</a> geschreven door Kristina Vanremoortel in <a href="https://www.steunpuntadoptie.be/nl/kennisdatabank/categorie/netwerk" title="Netwerk">Netwerk</a>.</p>
</div>

		]]>
	</description>
	<pubDate>Tue, 17 Feb 2026 12:08:00 +0100</pubDate>
	<author><![CDATA[kristina-vanremoortel@example.com (Kristina Vanremoortel)]]></author>
	<category><![CDATA[Netwerk]]></category>
	<guid isPermaLink="true">https://www.steunpuntadoptie.be/nl/kennisdatabank/detail/samenvatting-onderzoek-de-kwaliteit-van-relaties-en-de-frequentie-van-contact-bij-volwassen-geadopteerden-die-vervreemd-zijn-van-hun-adoptieouders-2025</guid>
	</item>
<item>
	<title><![CDATA[Suïcidaliteit bij geadopteerden: inzichten en handvatten]]></title>
	<link>https://www.steunpuntadoptie.be/nl/kennisdatabank/detail/su%C3%AFcidaliteit-bij-geadopteerden-inzichten-en-handvatten?utm_source=feed&amp;utm_medium=rss&amp;utm_campaign=su%25C3%25AFcidaliteit-bij-geadopteerden-inzichten-en-handvatten</link>
	<description>
		<![CDATA[
			<p>
	<em>Acute noodsituatie? Neem contact op met de hulpdiensten via 112 of de huisarts (van wacht: 1733). Denk je aan zelfdoding en wil je praten? Neem gratis en anoniem contact op met de <a href="https://www.zelfmoord1813.be/ik-heb-hulp-nodig" target="_blank">Zelfmoordlijn</a> via 1813. Op <a href="https://www.zelfmoord1813.be/" target="_blank">www.zelfmoord1813.be</a> vind je ook <a href="https://www.zelfmoord1813.be/ik-heb-hulp-nodig/zelfhulp-en-advies" target="_blank">informatie </a>over hoe om te gaan met zelfmoordgedachten.</em></p>
<p>
	<strong>Onderzoek toont aan dat geadopteerden een groter risico lopen op mentale gezondheidsproblemen. Specifiek blijkt dat zij ongeveer tweemaal zoveel risico lopen op suïcidale gedachten en gedrag als niet-geadopteerden. Deze bevindingen onderstrepen het belang van een zorgzame en goed geïnformeerde omgeving: hoe kunnen ouders, familie en vrienden signalen van suïcidaliteit herkennen en steun bieden?</strong></p>
<h5>
	Enkele cijfers</h5>
<p>
	In 2023 waren er in Vlaanderen gemiddeld 2,4 zelfdodingen per dag en 24 pogingen tot zelfdoding per dag (Departement Zorg, 2025). Deze cijfers zijn waarschijnlijk een onderschatting, omdat bij heel wat sterfgevallen de intentie moeilijk te bepalen is en suïcidepogingen enkel worden geregistreerd wanneer ze door een ziekenhuis worden gemeld. De meest actuele suïcidecijfers zijn terug te vinden op de website van <a href="https://www.zelfmoord1813.be/" target="_blank">zelfmoord1813.be</a>.</p>
<p>
	Helaas zijn er voor Vlaanderen of België geen specifieke cijfers bekend voor geadopteerden. Ook internationaal onderzoek is beperkt. Uit een meta-analyse van drie Amerikaanse en drie Zweedse studies (Campo-Arias et al., 2020) blijkt echter dat <strong>geadopteerden tweemaal zoveel risico lopen op een suïcidepoging </strong>in vergelijking met niet-geadopteerden. Ook een recente Amerikaanse studie (Murray et al., 2022) wijst op een verdubbeling van het risico op suïcidale gedachten en gedrag bij geadopteerde adolescenten.</p>
<p>
	Hoewel deze resultaten niet zomaar te vertalen zijn naar Vlaanderen, o.a. door verschillen in adoptiecontext en culturele aspecten (het Vlaams/Belgisch suïcidecijfer ligt 1,5x hoger dan het gemiddelde binnen de Europese Unie), wijzen ze duidelijk op een verhoogd risico op suïcidaliteit bij geadopteerden.</p>
<h5>
	Oorzaken</h5>
<p>
	Suïcidaliteit is <strong>complex en multifactorieel</strong>: het ontstaat door een <strong>combinatie en cumulatie</strong> van verschillende factoren. Volgens het <a href="https://www.zelfmoord1813.be/feiten-en-cijfers/oorzaken-en-su%C3%AFcidaal-proces" target="_blank">integratief verklarend model voor suïcidaal gedrag</a> (van Heeringen, 2007) onderscheiden we:</p>
<ol>
	<li>
		<strong>Kwetsbaarheidsfactoren</strong>: <em>genetische en (neuro)biologische factoren </em>(bv. trauma in de vroege kindertijd die de werking van het brein beïnvloedt) en <em>psychologische factoren</em> (bv. impulsiviteit, zwart-witdenken) die onderliggend, permanent aanwezig zijn bij een persoon.</li>
	<li>
		<strong>Stressfactoren</strong>: <em>sociale problemen</em> of stresserende levenservaringen (bv. iemand dierbaar verliezen, geconfronteerd worden met misbruik of geweld) en <em>psychische problemen</em> (bv. depressie, middelenmisbruik) of lijden aan een fysieke aandoening (bv. medische aandoening die chronische pijn veroorzaakt) die doorheen het leven van een persoon kunnen optreden.</li>
	<li>
		<strong>Risicoverhogende factoren</strong>: factoren die de <em>drempel </em>van suïcidale gedachten naar gedrag <em>verlagen</em> (bv. gebrek aan ondersteuning, zelfmoord in de omgeving).</li>
	<li>
		<strong>Beschermende factoren</strong>: factoren die de <em>drempel</em> van suïcidale gedachten naar gedrag <em>verhogen</em> (bv. sociale ondersteuning, kennis over het gezondheidssysteem).</li>
</ol>
<p>
	Wat de onderliggende mechanismen voor suïcidaliteit bij geadopteerden exact zijn, is onduidelijk, maar ook hier wijzen studies op een <strong>complex samenspel van factoren </strong>(Hjern et al., 2020). Biologische factoren (von Borczyskowski et al. 2006; Petersen et al., 2014), al dan niet in combinatie met andere risico’s zoals een psychiatrische opname van de adoptiemoeder (Wilcox et al., 2012), spelen een rol. Daarnaast blijkt een belangrijke factor weggelegd te zijn voor traumatische ervaringen voorafgaand aan adoptie, maar mogelijk ook tijdens of na adoptie (Hjern et al., 2004; Murray et al., 2022).</p>
<p>
	Geadopteerden lopen ook een verhoogd risico op andere bekende risicofactoren voor suïcidaliteit, zoals psychiatrische diagnoses (Behle & Pinquart, 2016) en internaliserende of externaliserende problemen (Juffer & Van Ijzendoorn, 2005). Moeilijkheden rond identiteitsontwikkeling, discriminatie en stigma, gevoelens van machteloosheid, afwijzing, hopeloosheid en onzichtbaarheid, verlies en rouw, een laag zelfbeeld en een gebrek aan kennis bij hulpverlening over de (mogelijke) impact van adoptie worden eveneens als relevante factoren bij geadopteerden genoemd (Campo-Arias, 2020; Gair, 2008; Hjern et al., 2020).</p>
<h5>
	Wat kan je doen?</h5>
<p>
	Op <a href="https://www.zelfmoord1813.be/" target="_blank">zelfmoord1813.be</a> vind je <a href="https://www.zelfmoord1813.be/ik-ben-bezorgd-om-iemand/wat-kan-ik-doen-als-iemand-in-mijn-omgeving-aan-zelfmoord-denkt" target="_blank">enkele handvatten</a> om iemand met zelfmoordgedachten te ondersteunen:</p>
<ul>
	<li>
		<strong><a href="https://www.zelfmoord1813.be/ik-ben-bezorgd-om-iemand/hoe-herken-ik-signalen" target="_blank">Wees alert voor signalen</a> (ook <a href="https://www.zelfmoord1813.be/ik-ben-bezorgd-om-iemand/hoe-reageer-ik-op-verontrustende-berichten-op-sociale-media" target="_blank">online</a>) en neem ze serieus.</strong> Let op verbale boodschappen (bv. ‘Ik zie het niet meer zitten’, ‘Het hoeft voor mij niet meer’), maar ook op gedragsmatige signalen (bv. zich isoleren, verandering in gebruik van alcohol/medicatie, slaapproblemen) en stemmingsgerelateerde signalen (bv. depressie, prikkelbaarheid, plotse verbetering in hoe iemand zich lijkt te voelen). Maak verder een onderscheid tussen <a href="https://www.zelfmoord1813.be/info-voor-hulpverleners/wat-is-su%C3%AFcidaliteit-en-hoe-kan-ik-signalen-herkennen" target="_blank">dringende </a>(bv. dreigen met zelfmoord, methoden om zichzelf te doden zoeken) en <a href="https://www.zelfmoord1813.be/info-voor-hulpverleners/wat-is-su%C3%AFcidaliteit-en-hoe-kan-ik-signalen-herkennen" target="_blank">waarschuwingssignalen</a> (bv. hopeloosheid, roekeloosheid, sterke stemmingswisselingen).</li>
	<li>
		<strong>Ga in gesprek over zelfmoordgedachten</strong> (bv. 'Ik hoor je zeggen dat je het leven beu bent, denk je soms aan zelfmoord?'). Het is een misverstand dat je iemand op het idee van zelfmoord brengt door het te bevragen. Praten over zelfmoord zet niet aan tot zelfmoord. Integendeel, het kan juist opluchten voor de persoon om pijn en verdriet te kunnen uiten.</li>
	<li>
		<strong>Luister begripvol </strong>zonder oordeel of pasklare oplossingen aan te reiken (bv. Zeg niet: 'Denk aan je ouders/kinderen', maar wel: 'Wat maakt dat je liever dood zou zijn?')</li>
	<li>
		<strong>Houd contact</strong>, binnen je eigen grenzen. Sociaal contact beschermt.</li>
	<li>
		<strong>Betrek anderen </strong>en bouw samen een netwerk van steun.</li>
	<li>
		<strong>Moedig <a href="https://www.zelfmoord1813.be/ik-ben-bezorgd-om-iemand/waar-kan-ik-professionele-hulp-vinden" target="_blank">gespecialiseerde hulp</a> aan </strong>bij de persoon.</li>
	<li>
		<strong>Zorg ook voor jezelf.</strong> Doe niet meer dan wat je zelf aankan. <a href="https://www.mee-leven.be/" target="_blank">Mee-leven</a> ondersteunt naasten van iemand met zelfmoordgedachten.</li>
</ul>
<h5>
	Meer informatie en hulpmiddelen</h5>
<p>
	Via <a href="https://www.zelfmoord1813.be/" target="_blank">www.zelfmoord1813.be</a> vind je info als <a href="https://www.zelfmoord1813.be/ik-ben-bezorgd-om-iemand" target="_blank">je bezorgd bent om iemand</a>&nbsp;en over <a href="https://www.zelfmoord1813.be/ik-ben-bezorgd-om-iemand/wat-doen-na-een-poging" target="_blank">wat je kan doen na een poging</a>. Je kan ook zelf contact opnemen met de Zelfmoordlijn 1813 voor een ondersteunend gesprek of er een gratis <a href="https://www.zelfmoord1813.be/vormingen" target="_blank">vorming rond suïcidepreventie</a> volgen.</p>
<p>
	Daarnaast zijn er online tools en apps die kunnen helpen:</p>
<ul>
	<li>
		<a href="https://thinklife.zelfmoord1813.be/" target="_blank">Think Life</a>: een online zelfhulpcursus (18+) om beter om te gaan met zelfmoordgedachten</li>
	<li>
		<a href="https://www.zelfmoord1813.be/backup" target="_blank">BackUp</a>: een mobiele app die houvast wil bieden tijdens of ter voorkoming van crisismomenten</li>
	<li>
		<a href="https://www.zelfmoord1813.be/safetyplan" target="_blank">Safety Plan</a>: zeven stappen om een crisis te overbruggen (ook beschikbaar in Think Life en BackUp)</li>
	<li>
		<a href="https://www.silvergame.be/" target="_blank">Silver</a>: een game op smartphone of tablet die jongeren (12-16j) helpt hun mentale weerbaarheid te versterken</li>
</ul>
<p em="">
	<em>*Enkele vuistregels rond terminologie: De termen ‘suïcide’, ‘zelfmoord’ en ‘zelfdoding’ hebben dezelfde betekenis en zijn alle gangbaar, maar worden doorgaans in verschillende contexten gebruikt. In de wetenschappelijke literatuur spreekt men meestal over ‘suïcide’, terwijl ‘zelfmoord’ vaker voorkomt in gesprekken met personen die zelf aan suïcide denken en ‘zelfdoding’ vaak door nabestaanden als het meest respectvol wordt ervaren. Gebruik bij voorkeur de term die de betrokken persoon zelf verkiest. Daarnaast is het aangewezen om te spreken over een ‘fatale of niet-fatale afloop’ in plaats van bijvoorbeeld een ‘mislukte of niet-geslaagde poging'.</em></p>
<p>
	<strong>Bronnen:</strong></p>
<ul>
	<li>
		<a href="https://www.preventiezelfdoding.be/" target="_blank">Centrum ter Preventie van Zelfdoding</a>, onderdeel van het <a href="https://www.vlesp.be/" target="_blank">Vlaams Expertisecentrum Suïcidepreventie</a> en de organisatie achter de <a href="https://www.zelfmoord1813.be/" target="_blank">Zelfmoordlijn 1813</a></li>
	<li>
		Campo-Arias, A., Egurrola-Pedraza, J. A., & Herazo, E. (2020). Relationship Between Adoption and Suicide Attempts: A Meta-analysis. <em>International Journal of High Risk Behaviors and Addiction,&nbsp;9</em>(4).&nbsp;doi.org/10.5812/ijhrba.106880</li>
	<li>
		Gair, S. (2008). The psychic disequilibrium of adoption: Stories exploring links between adoption and suicidal thoughts and actions. <em>Australian E-Journal for the Advancement of Mental Health, 7</em>(3), 207–216. doi.org/10.5172/jamh.7.3.207</li>
	<li>
		Hjern, A., Palacios, J., Vinnerljung, B., Manhica, H., & Lindblad, F. (2020). Increased risk of suicidal behaviour in non-European international adoptees decreases with age - A Swedish national cohort study.<em> EClinicalMedicine, 29-30</em>. doi.org/10.1016/j.eclinm.2020.100643</li>
	<li>
		Murray, K. J., Williams, B. M., Tunno, A. M., Shanahan, M., & Sullivan, K. M. (2022). What about trauma? Accounting for trauma exposure and symptoms in the risk of suicide among adolescents who have been adopted.<em> Child Abuse & Neglect, 130</em>(2). doi.org/10.1016/j.chiabu.2021.105185</li>
</ul>
<p>
	<strong>Tekst:</strong> Kristien Wouters</p>
<p>
	<em>Publicatiedatum: oktober 2025</em></p>
<div class="meta">
	<p><a href="https://www.steunpuntadoptie.be/nl/kennisdatabank/detail/su%C3%AFcidaliteit-bij-geadopteerden-inzichten-en-handvatten" title="Suïcidaliteit bij geadopteerden: inzichten en handvatten">Suïcidaliteit bij geadopteerden: inzichten en handvatten</a> geschreven door Kristina Vanremoortel in <a href="https://www.steunpuntadoptie.be/nl/kennisdatabank/categorie/welzijn-en-zorgbeleid" title="Welzijn en zorgbeleid">Welzijn en zorgbeleid</a>.</p>
</div>

		]]>
	</description>
	<pubDate>Tue, 21 Oct 2025 16:25:00 +0200</pubDate>
	<author><![CDATA[kristina-vanremoortel@example.com (Kristina Vanremoortel)]]></author>
	<category><![CDATA[Welzijn en zorgbeleid]]></category>
	<guid isPermaLink="true">https://www.steunpuntadoptie.be/nl/kennisdatabank/detail/su%C3%AFcidaliteit-bij-geadopteerden-inzichten-en-handvatten</guid>
	</item>
<item>
	<title><![CDATA[Samenvatting onderzoek: Perspectieven van binnenlands geadopteerden op openheid binnen adoptie (2025)]]></title>
	<link>https://www.steunpuntadoptie.be/nl/kennisdatabank/detail/samenvatting-onderzoek-perspectieven-van-binnenlands-geadopteerden-op-openheid-binnen-adoptie-2025?utm_source=feed&amp;utm_medium=rss&amp;utm_campaign=samenvatting-onderzoek-perspectieven-van-binnenlands-geadopteerden-op-openheid-binnen-adoptie-2025</link>
	<description>
		<![CDATA[
			<p>
	<strong>De voorbije decennia is er een tendens naar meer open adoptievormen, waarbij naast informatie-uitwisseling ook contact mogelijk is tussen adoptiegezin en geboortefamilie. In haar masterproef (2025) onderzocht Eva Vinkx hoe binnenlands geadopteerden in Vlaanderen kijken naar het belang van het kind in een context van openheid. Hun perspectieven tonen dat dit belang het vinden van een evenwicht inhoudt tussen toegang tot informatie en emotionele bescherming.</strong></p>
<p>
	Eén manier om openheid binnen adoptie te benaderen, is door te kijken naar de mate en aard van interactie tussen adoptiegezin en geboortefamilie. In zogenaamde ‘open adopties’ kan het contact doorheen de tijd variëren naargelang het type (indirect/gemedieerd of direct), de betrokkenen en de frequentie.</p>
<p>
	Uit de literatuur blijkt dat niet openheid <em>an sich</em>, maar vooral de <strong>manier waarop openheid vorm krijgt</strong>, <strong>bepalend is voor positieve uitkomsten</strong>. Factoren die daar onder andere een rol bij spelen, zijn: de bereidheid van alle partijen om zich te engageren, helder te communiceren en afspraken na te leven; de mate waarin verwachtingen van de relatie worden vervuld; de communicatieve openheid binnen het adoptiegezin (d.w.z. een veilige omgeving waarin sensitief en eerlijk praten over adoptie mogelijk is); en de beschikbaarheid van professionele begeleiding. Maatwerk blijft essentieel: wat voor het ene kind helend is, kan voor een ander kind belastend zijn.</p>
<p>
	Om na te gaan hoe binnenlands geadopteerden in Vlaanderen hier naar kijken, sprak Eva Vinkx met <strong>17 binnenlands geadopteerde volwassenen</strong>. Uit de thematische analyse kwamen drie thema’s naar voren: (1) onwetendheid, (2) afhankelijkheid en (3) buiten de adoptiedriehoek.</p>
<h5>
	Onwetendheid</h5>
<p>
	Het eerste thema gaat over de <strong>informatie die voor geadopteerden onbekend is of was</strong>. Het gaat om informatie over: de biologische familie* (bv. wie is mijn biologische moeder/vader**?), erfelijke factoren (bv. wat is genetisch bepaald en wat door opvoeding?), het adoptieverhaal (bv. waarom ben ik afgestaan, hoe hebben mijn biologische ouders dit ervaren?), de rol van de biologische moeder (bv. moederfiguur, tante, kennis, vrouw die mij gebaard heeft?) en mogelijk contact met familieleden (bv. wat gebeurt er als ik hen opzoek?). Voor veel respondenten vormt dit gebrek aan informatie een <strong>bron van onzekerheid en nieuwsgierigheid</strong>, vaak leidend tot een zoektocht naar biologisch verwanten. Anderen ervaren die onwetendheid niet als ‘onvolmaakt’ en voelen zich ‘gesetteld’.</p>
<p>
	Binnen deze context balanceren geadopteerden tussen het <strong>verlangen naar antwoorden en verbondenheid</strong>, en de<strong> nood aan zelfbescherming</strong>. Openheid wordt met andere woorden <strong>ambivalent </strong>beleefd. Enerzijds kan contact vanaf jonge leeftijd duidelijkheid en continuïteit bieden. Wanneer rollen en verwachtingen bovendien van meet af aan helder zijn, verkleint volgens hen de kans op loyaliteitsconflicten. Tegelijk kan openheid confronterend en emotioneel belastend zijn, vooral wanneer de reden van adoptie zwaar valt en (respect voor) grenzen ontbreken. Ook de angst voor een tweede afwijzing speelt mee.</p>
<h5>
	Afhankelijkheid</h5>
<p>
	Geadopteerden zijn in grote mate afhankelijk van adoptieouders, (adoptie)diensten en biologische familie om informatie te verkrijgen of contact te leggen.</p>
<p>
	<strong>Adoptieouders bepalen</strong> wat ze delen met hun kind en hoe ze dit doen. Sommige deelnemende geadopteerden benadrukken dat een open adoptievorm, met contact tussen beide ouderparen, kan bijdragen aan <strong>erkenning en respect voor de herkomst </strong>van het kind bij de adoptieouders. Ook geven geadopteerden aan dat ze hun nieuwsgierigheid soms onderdrukken of hun zoektocht uitstellen door loyaliteitsgevoelens tegenover hun adoptieouders.</p>
<p>
	Ten tweede zijn geadopteerden <strong>afhankelijk van adoptiedossiers en (adoptie)diensten</strong>, die op hun beurt gebonden zijn aan wetgeving en beleid, bv. op vlak van leeftijdsgrenzen en privacy. Sommige deelnemende geadopteerden geven aan dat informatie <strong>gebrekkig geregistreerd of bewaard</strong> werd of dat ze er <strong>geen toegang</strong> tot krijgen, wat volgens hen niet in het belang van het kind is.</p>
<p>
	Tot slot is ook de <strong>bereidheid van de biologische familie</strong> om informatie te delen of contact te hebben doorslaggevend. Een weigering of verbreking van contact kan aanvoelen als een <strong>tweede afwijzing</strong>. Ook hier speelt <strong>loyaliteit </strong>een rol: sommige geadopteerden zoeken contact uit verbondenheid, terwijl anderen dit juist vermijden uit respect voor het leven dat die persoon inmiddels heeft opgebouwd.</p>
<h5>
	Buiten de adoptiedriehoek</h5>
<p>
	Veel geadopteerden zijn <strong>nieuwsgierig naar (half)broers of -zussen</strong>. Hoewel die banden doorgaans als minder ingewikkeld en gelaagd ervaren worden, is het in de praktijk niet altijd eenvoudig om verbinding te realiseren met (half)broers- of zussen, bv. door weinig begrip voor het perspectief van de geadopteerde of moeilijke communicatie.</p>
<p>
	Het <strong>ouderschap </strong>vormt voor veel geadopteerden een<strong> kantelpunt</strong>. Het kan leiden tot meer begrip voor hun biologische moeder, maar ook tot veranderende contactbehoeften: bij sommigen neemt die af, bij anderen juist toe. Voor meerdere participanten begon de zoektocht naar biologische familie pas wanneer ze zelf kinderen kregen, uit zorg over de impact van adoptie op hun kinderen (bv. de ervaring van weinig gelijkenissen te vinden binnen de familie) en uit bezorgdheid voor hun biologische moeder.</p>
<p>
	Een <strong>bijkomend spanningsveld </strong>ontstaat soms rond de <strong>rol van biologische ouders tegenover de kinderen</strong> van geadopteerden. Terwijl biologische ouders soms graag een grootouderrol opnemen, zien veel geadopteerden die plaats eerder weggelegd voor hun adoptieouders, die hen hebben opgevoed.</p>
<h5>
	Discussie</h5>
<p>
	Uit het onderzoek blijkt dat geadopteerden het<strong> belang van het kind</strong> binnen een context van openheid in adoptie zien als het <strong>streven naar een balans tussen toegang tot informatie en emotionele bescherming</strong>. De belangrijkste bevindingen zijn:</p>
<ul>
	<li>
		<strong>Informatie en autonomie</strong>: Geadopteerden vinden het <strong>cruciaal</strong> dat er <strong>zoveel mogelijk informatie</strong> over de biologische ouders en de adoptie wordt <strong>verzameld, bewaard en toegankelijk</strong> is. Ze benadrukken het belang van autonomie bij dossierinzages (waarbij het kind zelf moet kunnen bepalen wat het wil weten), maar ook bescherming tegen gevoelige informatie. Gefilterde informatie,<strong> afgestemd op de leeftijd en vragen van het kind</strong>, wordt gewaardeerd, omdat die rekening houdt met de draagkracht van het kind.</li>
	<li>
		<strong>Contact met biologische familie</strong>: Kinderen moeten inspraak hebben in contact, maar een zekere<strong> emotionele maturiteit </strong>is volgens de bevraagde geadopteerden noodzakelijk voor een ontmoeting kan plaatsvinden. Voor jonge kinderen achten ze indirect contact (zoals brieven of tekeningen) dan ook meer geschikt. Daarnaast is <strong>wederzijdse toestemming </strong>volgens de geadopteerden een voorwaarde voor contact, waarbij de draagkracht van de biologische ouder gerespecteerd wordt. Bij contact is duurzaamheid van contact essentieel om gevoelens van een tweede afwijzing te voorkomen; <strong>duidelijke communicatie</strong> bij beperking of stopzetting van contact helpt negatieve effecten te beperken.</li>
	<li>
		<strong>Alternatieve modellen</strong>: <strong>Gedeelde verantwoordelijkheid en zorg</strong> tussen biologische en adoptieouders wordt door sommige geadopteerden gezien als <strong>meer in het belang van het kind</strong>, omdat een kind dan niet volledig wordt losgekoppeld van de biologische achtergrond. Dit sluit aan bij ideeën rond ‘meerouderschap’.</li>
	<li>
		<strong>Dynamisch karakter</strong>: Het belang van het kind verandert doorheen de tijd. <strong>Regelmatige opvolging</strong> (bv. via huisbezoeken) worden gezien als waardevol om vragen en verwachtingen te bespreken en de invulling van de adoptievorm bij te sturen. Bij jonge kinderen ligt de verantwoordelijkheid bij de adoptieouders om signalen van het kind op te vangen en in te schatten wat het kind wenst.</li>
	<li>
		<strong>Rol van adoptieouders</strong>: Adoptieouders moeten vanaf het begin <strong>open en eerlijk communiceren</strong> over de herkomst van hun kind, en <strong>spanningen vermijden</strong> rond zoeken naar of contact met biologische familie.</li>
	<li>
		<strong>Psychologische begeleiding</strong>: Geadopteerden koppelen het belang van het kind aan <strong>erkenning van de psychologische impact </strong>van adoptie. Zij pleiten voor gespecialiseerde begeleiding en psycho-educatie voor alle adoptiebetrokkenen om hen te ondersteunen bij de complexiteit van open adoptievormen.</li>
</ul>
<p>
	<strong>Bron:</strong> Vinkx, E. (2025). <em>In het belang van het kind? Een kwalitatief onderzoek naar de perspectieven van binnenlands geadopteerden op openheid binnen adoptie</em> [Masterscriptie, Universiteit Gent]. Ghent University Library. Raadpleegbaar via <a href="https://libcatalog.ugent.be/nde/fulldisplay?query=vinkx&tab=Everything&search_scope=MyInst_and_CI&searchInFulltext=false&vid=32RUG_INST:32RUG_INST&lang=en&docid=alma9937046646909161&adaptor=Local%20Search%20Engine&context=L&isFrbr=false&isHighlightedRecord=false&repId=12318308410009161&state=#nde.brief.results.tabs.digitalVersions" target="_blank">deze link</a>.</p>
<p>
	<em>*Tijdens de interviews sprak iedereen, op één respondent na die de term 'natuurlijk(e)' gebruikte, over 'biologisch(e)' wanneer ze verwezen naar het gezin waarin ze geboren waren. Daarom werd in de masterproef geopteerd om ook de term 'biologisch(e)' te hanteren.</em></p>
<p>
	<em>**Bijna alle respondenten hebben (de wens tot) contact met hun biologische moeder en vader. Wanneer er echter over de biologische familie wordt gesproken, verwijzen ze vooral naar hun moeder. Wat daarbij meespeelt, is dat er over de vader soms minder of geen info beschikbaar is, waardoor er niet naar gezocht kan worden. Daarnaast weerhoudt de minder goede verhouding tussen biologische familieleden en de vader sommige geadopteerden om contact met hem op te nemen. Omdat de rapportage in de masterproef zo dicht mogelijk bij de interviews bleef, wordt er vooral verwezen naar de biologische moeder.</em></p>
<p>
	<strong>Tekst:</strong> Kristien Wouters, geredigeerd door Eva Vinkx</p>
<div class="meta">
	<p><a href="https://www.steunpuntadoptie.be/nl/kennisdatabank/detail/samenvatting-onderzoek-perspectieven-van-binnenlands-geadopteerden-op-openheid-binnen-adoptie-2025" title="Samenvatting onderzoek: Perspectieven van binnenlands geadopteerden op openheid binnen adoptie (2025)">Samenvatting onderzoek: Perspectieven van binnenlands geadopteerden op openheid binnen adoptie (2025)</a> geschreven door Kristina Vanremoortel in <a href="https://www.steunpuntadoptie.be/nl/kennisdatabank/categorie/openheid" title="Openheid">Openheid</a>.</p>
</div>

		]]>
	</description>
	<pubDate>Fri, 10 Oct 2025 10:18:00 +0200</pubDate>
	<author><![CDATA[kristina-vanremoortel@example.com (Kristina Vanremoortel)]]></author>
	<category><![CDATA[Openheid]]></category>
	<guid isPermaLink="true">https://www.steunpuntadoptie.be/nl/kennisdatabank/detail/samenvatting-onderzoek-perspectieven-van-binnenlands-geadopteerden-op-openheid-binnen-adoptie-2025</guid>
	</item>
<item>
	<title><![CDATA[Het adoptiearchief: een site voor herstel?]]></title>
	<link>https://www.steunpuntadoptie.be/nl/kennisdatabank/detail/het-adoptiearchief-een-site-voor-herstel?utm_source=feed&amp;utm_medium=rss&amp;utm_campaign=het-adoptiearchief-een-site-voor-herstel</link>
	<description>
		<![CDATA[
			<p>
	<strong>Archieven zijn geen neutrale opslagplaatsen van informatie. Ze weerspiegelen wier en welke geschiedenis we belangrijk genoeg vinden om te bewaren. Geadopteerden botsen helaas al te vaak op ontbrekende dossiers, gaten, inconsistenties, en moeilijkheden in het verkrijgen van toegang. Nochtans zijn adoptiedocumenten voor hen van cruciaal belang bij het construeren van hun levensverhaal en het opstarten van zoektochten naar geboortefamilie; allebei basisrechten. In dit artikel staan we stil bij de rol van het adoptiearchief binnen een rechtvaardig adoptiesysteem. We bespreken de context in Vlaanderen en onderstrepen het belang van een open, transparante en dynamische archiefcultuur.</strong></p>
<p>
	Adoptiedossiers roepen bij heel wat geadopteerden <strong>gemengde gevoelens</strong> op. Enerzijds dragen ze <strong>beloftes</strong> in zich: mogelijke aanknopingspunten om zichzelf te begrijpen, hun levensverhaal te leren kennen en eventuele zoektochten aan te vangen. Anderzijds botsen geadopteerden hierbij op steeds <strong>terugkerende obstakels</strong>, allen voortkomend uit de diepe verwevenheid van deze dossiers met een groter kluwen van ongelijke machtsrelaties.</p>
<p>
	Tot 2004 bestond er in Vlaanderen <strong>geen uniforme wetgeving</strong> rond inzage en archivering. Of een geadopteerde toegang kreeg tot diens dossier hing af van de <em>goodwill </em>en het archiefbeleid van de betrokken adoptiedienst. Veel dossiers gingen verloren of werden onvolledig of versnipperd bewaard bij verschillende instanties en privépersonen.</p>
<p>
	Onder invloed van het Haags Adoptieverdrag werd het Belgische en Vlaamse adoptielandschap sinds 2005 grondig hervormd met meer nadruk op het<strong> belang van het kind</strong> en het<strong> recht op afstammingskennis</strong>. Er kwam onder andere een expliciet inzagerecht voor zowel binnenlandse als transnationale geadopteerden vanaf 14 jaar (<a href="https://etaamb.openjustice.be/nl/decreet-van-30-april-2004_n2004036403.html">art 25</a>) dat later vervroegd werd naar 12 jaar (<a href="https://etaamb.openjustice.be/nl/decreet-van-20-januari-2012_n2012035191.html#:~:text=inzake%20inzagerecht%20verkrijgen.-,%C2%A7%203.,de%20gegevens%20die%20hem%20betreffen.&text=kinderen%20wordt%20opgeheven.-,Art.,%2D%20Verslag%20:%201168%20%2D%20Nr.">art 25 decreet 20 januari 2012</a>; <a href="https://codex.vlaanderen.be/PrintDocument.ashx?id=1025687&datum=&geannoteerd=false&print=false#H1071344">art 25 3 juli 2015</a>).</p>
<p>
	Toch blijven geadopteerden geconfronteerd met <strong>moeilijkheden</strong> om hun recht op inzage en kennis van afstamming te realiseren, waaronder:</p>
<ul>
	<li>
		<strong>Strenge raadplegingsvoorwaarden.</strong></li>
	<li>
		Informatie blijft ontoegankelijk doordat betrokkenen - zoals bemiddelaars, instanties of adoptieouders - als <strong style="font-family: "Open Sans", Helvetica, Arial, sans-serif; font-size: 14px;">gatekeepers</strong><span style="font-family: "Open Sans", Helvetica, Arial, sans-serif; font-size: 14px;"> optreden, het bestaan ervan ontkennen of zich beroepen op uiteenlopende redenen om niets te delen. Niet zelden weten geadopteerden niet eens dat die informatie er is.</span></li>
	<li>
		<strong>Gebrekkige bewaring</strong> van dossiers. In 2005 werden alle instanties en personen die een adoptiedossier bezitten verplicht een kopie over te maken aan het centraal archief van VCA (<a href="https://etaamb.openjustice.be/nl/decreet-van-30-april-2004_n2004036403.html" target="_blank">Vlaams adoptiedecreet 2004, art 24</a>). Toch blijft het archief om verschillende redenen onvolledig: sommige dossiers zijn mogelijk <strong>verloren gegaan of vernietigd </strong>na de sluiting of verhuizing van een adoptiedienst of zijn nooit volledig overgedragen; tot 2005 vonden ook (legale) adopties plaats zonder tussenkomst van erkende adoptiediensten, de zogenaamde <strong>vrije adopties, </strong>en over deze adopties heeft VCA vaak weinig tot geen informatie; in 2022 verzocht de FOD Buitenlandse Zaken de ambassades van België wereldwijd om in hun archieven alle dossiers over adoptie te verifiëren en toegankelijk te maken voor personen die hun herkomst willen achterhalen. Helaas bleken er bij geen enkele nog dossiers of relevante archieven te vinden. Alles blijkt intussen vernietigd (p. 14).</li>
	<li>
		Adoptie werd tot voor kort niet als een historisch relevant thema beschouwd. De archieven zijn soms onder <strong>uiteenlopende rubrieken</strong> opgenomen. Dit maakt het moeilijk om hen te lokaliseren (<a href="https://media.dekamer.be/meeting/56-017611-U0215" target="_blank">parlementaire hoorzitting van 10/12/2024</a>).</li>
	<li>
		<strong>Weglatingen, inconsistenties en bewuste vertekeningen</strong> in dossiers, zoals het niet vermelden van bezoeken van geboortemoeders aan hun kind in het tehuis of het aanpassen van geboortedata om een kind adoptabel te kunnen verklaren (zie Withaeckx, Cawayu & Candaele 2023, p. 256).</li>
	<li>
		De <strong>twijfel over de betrouwbaarheid</strong> van een dossier. Zelfs wanneer een dossier geen onregelmatigheden vertoont en dus conform is aan de normen van het Haags Adoptieverdrag, is dat geen garantie op de afwezigheid van wanpraktijken. Meer nog: deze dossiers kunnen wanpraktijken “witwassen” door hen binnen een legaal kader te reguleren.</li>
	<li>
		<strong>Taalbarrières en interpretatiemoeilijkheden</strong> bij het doornemen van hun dossier. Sinds 2005 is er, voor wie wil, een overheidsmedewerker aanwezig tijdens inzage die helpt met het vertalen en interpreteren van dossiers; bijvoorbeeld door hen te kunnen vergelijken met andere dossiers uit hetzelfde herkomstland.</li>
	<li>
		Ten slotte is papier <strong>niet in staat om emoties te capteren</strong>. Geadopteerden worden ‘gemaakt’ door papierwerk: dossiers, toestemmingsformulieren, aanvragen, en nazorgrapporten. Maar veel geadopteerden contesteren dit: hun identiteit valt onmogelijk tot papier te reduceren.</li>
</ul>
<h4>
	Wat nu?</h4>
<p>
	Adoptiearchieven en -dossiers zijn dus niet neutraal of objectief en hebben bijgedragen aan het bestendigen van structurele onrechtvaardigheden. Maar kunnen we deze archieven, wanneer we hen herdenken als <strong>dynamisch en levend</strong>, tegelijk zien als belangrijke sites voor <strong>herstel</strong>?</p>
<p>
	“<a href="https://nieuweinstituut.nl/projects/collecting-otherwise">Collecting Otherwise</a>” (CO) is een Nederlands project dat kritisch onderzoekt hoe archiefbeslissingen en -praktijken tot stand komen, wiens geschiedenis daarbij is uitgewist, en hoe de blijvende gevolgen daarvan kunnen worden hersteld. Hoewel ze hun werk niet expliciet richten op het thema adoptie, kunnen we hun ideeën wel gebruiken om ons een <strong>ander soort adoptiearchief </strong>voor te stellen. In wat volgt bespreken we vier van hun voorstellen en passen we deze toe op adoptie.</p>
<h5>
	1. Een supra-archief</h5>
<p>
	Om versnippering tegen te gaan zouden archiefinstellingen zich volgens CO bewust moeten zijn van hoe hun collecties samenhangen met collecties in andere archieven. CO pleit voor zogenaamde “trans-institutionele supra-archieven”: netwerken van archieven <strong>over de grenzen van instellingen heen</strong>. Zulke supra-archieven worden opgebouwd wanneer een archiefinstelling eigen materiaal verbindt aan materiaal buiten de eigen muren, op basis van hun<strong> inhoud</strong> in plaats van uitsluitend op hun fysieke locatie.</p>
<p>
	Meerdere stemmen gingen al op voor het verder <strong>centraliseren en digitaliseren</strong> van adoptiedossiers en het opzetten van een <strong>gedeeld archief</strong> over lands-, taal- en instantiegrenzen heen. In de <a href="https://media.dekamer.be/meeting/56-017611-U0215">parlementaire hoorzitting van 10/12/2024</a> bijvoorbeeld werd er gepleit voor een digitaal systeem waarin geadopteerden toegang krijgen tot hun adoptiedocumenten van zowel herkomst- als aankomstland en van alle verschillende instanties daarbinnen. Dit zou het a) verkrijgen van toegang tot de eigen gegevens vereenvoudigen, b) het risico dat informatie verloren gaat inperken, en c) het opsporen van eerste families vergemakkelijken.</p>
<p>
	Dit supra-archief richt zich vooral op privédocumenten. Maar men zou zich even goed kunnen voorstellen dat zo’n systeem adoptiebetrokkenen ook toegang verleent tot <strong>publieke documenten</strong> die betrekking hebben op de <strong>bredere context </strong>van hun adoptie. Nog ruimer kan men zich een archief inbeelden waarbij <strong>elke Belgische burger</strong> toegang krijgt tot zulke adoptiegerelateerde publieke documenten, d.w.z. die documenten waarbij het niet over individuele dossiers gaat en er dus geen GDPR wetgeving wordt geschonden. Adoptie maakt immers deel uit van het collectief geheugen. We hebben het samen in stand gehouden en er financieel toe bijgedragen, en nog steeds.</p>
<h5>
	2. De-archiveren</h5>
<p>
	De-archiveren betekent het van onder het stof halen en <strong>opnieuw gebruiken</strong> van documenten, bijvoorbeeld door hen te publiceren in een krant, tentoon te stellen in een museum of er kunst mee te maken. Het is een belangrijk middel om <strong>verloren geschiedenissen bloot te leggen</strong> en vergeten gemeenschappen een stem te geven.</p>
<p>
	Het <strong>opeisen van het inzagerecht</strong> door geadopteerden kan gezien worden als een vorm van de-archiveren op zich: het houdt in dat een dossier uit de vergetelheid wordt gehaald en opnieuw actief ter hand wordt genomen. Onderzoekster Kelly Condit-Shrestha (2021) beschouwt inspanningen van geadopteerden om toegang te krijgen tot hun dossier in die zin als <strong>postkoloniale daden van verzet</strong>: manieren om de regie over hun eigen verhaal terug te winnen en een kritiek te formuleren op de ongelijkheden binnen het adoptiesysteem.</p>
<p>
	Daarnaast kan het waardevol zijn om bepaalde <strong>publieke documenten </strong>die betrekking hebben op adoptie <strong>breed te verspreiden </strong>om bewustwording te creëren en het thema onder de aandacht te brengen. Zo <a href="https://www.vrt.be/vrtnws/nl/2022/07/26/adoptie-pano/">vertoonde Critical Adoptees Front Europe (CAFE) in 2022 een vergeten aflevering van "Panorama"</a> uit 1976 over adoptie van kinderen uit Azië en een reportage uit 1981 over adoptie van Zuid-Koreaanse kinderen in het bijzonder.</p>
<p>
	Sommige adoptiediensten hebben mappen met <strong>interne communicatie</strong> tussen de adoptiedienst en (de tehuizen in) de herkomstlanden. Deze archieven bevatten zowel namen van geadopteerde kinderen en dossiergegevens als bepaalde contextinformatie (bv. over hoe adopties in een bepaalde periode en regio verliepen, namen van betrokken tussenpersonen zoals zusters en escorts). Deze mappen kunnen waardevolle inzichten bieden voor geadopteerden, omdat ze hen helpen hun adoptie en dossier beter te interpreteren en te kaderen. Maar omdat deze mappen ook veel concrete namen en privégegevens bevatten, mogen ze volgens de GDPR-wetgeving niet volledig openbaar worden gemaakt.</p>
<p>
	Op dit moment heeft het Afstammingscentrum hier toegang toe bij het VCA voor cliënten. Ook het VCA haalt informatie uit deze mappen tijdens dossierinzages. Zowel <strong>contextgegevens</strong> rond de adoptie als correspondentie met informatie waarbij hun (eerste) naam expliciet vermeld wordt, kunnen waardevol zijn en worden aldus gedeeld. Indien de informatie privégegevens van derden bevat wordt deze mondeling toegelicht.</p>
<p>
	Het is noodzakelijk dat er middelen worden vrijgemaakt om deze mappen te anonimiseren, zodat ze breder toegankelijk gemaakt kunnen worden ten aanzien van geadopteerden en/of kunnen dienen om sociologische onderzoek te verrichten.</p>
<h5>
	3. Contextualiseren</h5>
<p>
	Contextualiseren is het <strong>toevoegen van perspectieven, stemmen en kennis</strong> die onderbelicht of uitgesloten zijn, en ruimte maken voor <strong>wat ontbreekt</strong> - bij adoptie is dat bijvoorbeeld het perspectief van eerste ouders. Een voorbeeld van contextualiseren op microniveau is wanneer een overheidsmedewerker tijdens inzage het dossier kadert binnen de tijdsgeest, aftoetst aan gangbare praktijken van het herkomstland toen en afweegt tegenover andere vergelijkbare dossiers.</p>
<p>
	Contextualiseren biedt zo een<strong> tegenwicht</strong> tegen het idee dat men eenvoudigweg ‘naakte feiten’ uit het archief kan <strong>‘opdelven’</strong>, zoals historica Chiara Candaele opmerkt. Een eenzijdige focus op ‘hard’ bewijsmateriaal, schrijft zij, kan de weg naar herstel verhinderen (Withaeckx, Cawayu & Candaele 2023, p. 64). Contextualiseren kan daarentegen het inherent <strong>droge en gevoelloze karakter</strong> van officiële papieren mogelijk wat <strong>verzachten</strong>. Bovendien biedt het voor mensen die geconfronteerd worden met missende papieren misschien toch enige vorm van <strong>heling en erkenning</strong>. Het historisch onderzoek naar illegale interlandelijke adopties in de periode 1960-2005 dat beloofd werd in het <a href="https://www.belgium.be/sites/default/files/resources/publication/files/Regeerakkoord-Bart_De_Wever_nl.pdf">huidige federaal regeerakkoord (p. 196)</a> zal in dit opzicht van groot belang zijn.</p>
<p>
	Hoe een gecontextualiseerd archief er verder precies uitziet, moet volgens CO onderhandeld worden in <strong>werkgroepen</strong> waarin alle stemmen, ook de gemarginaliseerde, vertegenwoordigd zijn. Zulke werkgroepen zijn essentieel om de ervaringen van ondervertegenwoordigde gemeenschappen mee te nemen, inclusie en gelijkwaardigheid op een authentieke manier te bevorderen en het hervormde archief van begin af aan te delen met de gemeenschappen die men wil bereiken.</p>
<h5>
	4. Het versterken van zorgpraktijken</h5>
<p>
	Ten slotte benadrukt CO dat <strong>zorg dragen in elk facet </strong>van het archiveringsproces verweven moet zijn. Deze zorg gaat niet enkel over het archiefmateriaal zelf (de publieke en private adoptiedocumenten), maar ook over de adoptiebetrokkenen, de archivarissen en de archiefinstelling.</p>
<p>
	De hierboven beschreven voorstellen zijn allen praktijken van zorg. Helaas worden de instellingen die in België verantwoordelijk zijn voor het beheer van de openbare archieven <strong>ondergefinancierd</strong> en worstelen ze met personeelstekorten. Als we het belang erkennen van zorgvuldige archivering voor een rechtvaardiger adoptiesysteem, dan moet er <strong>meer geïnvesteerd </strong>worden in het inventariseren en toegankelijk maken van publieke archieven en dossierreeksen die nu versnipperd zijn. Dit zou niet de taak van geadopteerden zelf mogen zijn, zo stelde Yung Fierens terecht op de parlementaire hoorzitting van 10/12/2024. Het is de <strong>taak van de Belgische overheid</strong>.</p>
<p>
	Zorg dragen begint met het creëren van een <strong>open, transparante en dynamische archiefcultuur</strong>. Adoptiearchieven en -dossiers zijn mistige plekken geweest waar mensenrechtenschendingen zich ongestoord hebben kunnen voltrekken. Deze mist opklaren vormt een essentiële stap in de weg naar herstel voor adoptiebetrokkenen en naar een rechtvaardiger adoptiesysteem.</p>
<p>
	<strong>Bronnen:</strong></p>
<ul>
	<li>
		Rich, K. M. (2024). Adoption Archives: Documents, Subjecthood, and the Possibility of Justice. Law & Literature, 1-26.</li>
	<li>
		Condit-Shrestha, K. (2021). Archives, Adoption Records, and Owning Historical Memory. Children and Youth as Subjects, Objects, Agents: Innovative Approaches to Research Across Space and Time, 155-173.</li>
	<li>
		Withaeckx, S., Cawayu, A., & Candaele, C. (2023). Voorbij transnationale adoptie: een kritische en meerstemmige dialoog. ASP-Academic & Scientific Publishers.</li>
	<li>
		Kim, H., & Kim, Y. R. (2025). Archive of the Missing: Speculative Visions and the Terms of Social Repair in Transnational Adoption. Positions, 33(2), 231-256.</li>
</ul>
<p>
	<strong>Tekst</strong>: Lise Dheedene</p>
<p>
	<em>Publicatiedatum: september 2025</em></p>
<div class="meta">
	<p><a href="https://www.steunpuntadoptie.be/nl/kennisdatabank/detail/het-adoptiearchief-een-site-voor-herstel" title="Het adoptiearchief: een site voor herstel?">Het adoptiearchief: een site voor herstel?</a> geschreven door Fork CMS in <a href="https://www.steunpuntadoptie.be/nl/kennisdatabank/categorie/sociale-ongelijkheid-en-wanpraktijken" title="Sociale ongelijkheid en wanpraktijken">Sociale ongelijkheid en wanpraktijken</a>.</p>
</div>

		]]>
	</description>
	<pubDate>Wed, 01 Oct 2025 15:45:00 +0200</pubDate>
	<author><![CDATA[fork-cms@example.com (Fork CMS)]]></author>
	<category><![CDATA[Sociale ongelijkheid en wanpraktijken]]></category>
	<guid isPermaLink="true">https://www.steunpuntadoptie.be/nl/kennisdatabank/detail/het-adoptiearchief-een-site-voor-herstel</guid>
	</item>
<item>
	<title><![CDATA[Een terugreis naar het land van herkomst als adoptiegezin]]></title>
	<link>https://www.steunpuntadoptie.be/nl/kennisdatabank/detail/een-terugreis-naar-het-land-van-herkomst-als-adoptiegezin?utm_source=feed&amp;utm_medium=rss&amp;utm_campaign=een-terugreis-naar-het-land-van-herkomst-als-adoptiegezin</link>
	<description>
		<![CDATA[
			<p>
	<strong>Terugreizen* worden door adoptiegezinnen op uiteenlopende leeftijden ondernomen. In dit artikel bekijken we aan de hand van (beperkte) literatuur en getuigenissen van twee adoptieouders** waarom adoptiegezinnen een terugreis ondernemen en welke punten daarbij aandacht verdienen.</strong></p>
<p>
	Een<strong> terugreis</strong>&nbsp;is een reis naar het land van herkomst van de geadopteerde. Vaak omvat zo’n reis een bezoek aan het tehuis of andere plekken waar het kind heeft verbleven, ontmoetingen met pleegouders of andere zorgfiguren, het verkennen van de geboortestad of -streek en betekenisvolle locaties zoals de vindplaats. Dikwijls worden dergelijke activiteiten gecombineerd met bezoeken aan toeristische bezienswaardigheden (Gustafsson et al., 2019).</p>
<h5>
	Redenen om terug te reizen</h5>
<p>
	Adoptieouders noemen vaak <strong>identiteitsvorming</strong> als een belangrijke reden om een terugreis voor hun adoptiekind te organiseren. Ze hopen dat hun kind via deze ervaring<strong> nieuwe, positieve herinneringen</strong> opbouwt en een <strong>positieve band met het herkomstland</strong> ontwikkelt (Gustafsson, 2019).</p>
<p>
	Zo vertellen adoptieouders in een studie bij vijf Amerikaanse gezinnen met kinderen uit China dat zij de terugreis vooral ondernamen in de hoop (1) meer informatie te verkrijgen van het tehuis over de achtergrond van hun kind (met name over de afstand en het leven voor de adoptie), (2) mensen te ontmoeten die hun kind als baby hadden gekend, en (3) hun kind te laten ervaren hoe het is om uiterlijk op te gaan in de meerderheid (Chin Ponte, Wang & Pen-Shian Fan, 2010).</p>
<p>
	Hoewel terugreizen in de eerste plaats bedoeld zijn om het adoptiekind een betekenisvolle ervaring te bieden, wijst Gustafsson (2019, 2020) erop dat ze - al dan niet bewust - ook bijdragen aan de <strong>versterking van de familie-identiteit</strong>. Gezinsvorming (‘family-making practices’) en gezinsvakanties zijn nauw met elkaar verweven, en terugreizen zijn daarin niet anders (Gustafsson, 2020). Ondanks de vaak aanzienlijke financiële investering, benadrukken adoptieouders vooral de emotionele, ‘onbetaalbare’ waarde van een terugreis. De keuze om in een terugreis te investeren is een symbolisch gebaar dat niet alleen de affectieve band tussen ouders en kinderen weerspiegelt, maar die ook versterkt (Gustafsson, 2020).</p>
<p>
	<strong>An:</strong> “We hebben een zoon die altijd al veel interesse heeft in zijn geboorteland Ethiopië. Hij stelde al van jongs af aan veel vragen over zijn adoptieverhaal en zijn land van herkomst. We hebben daar altijd heel open over gesproken. Ethiopië komt bij ons thuis wekelijks of maandelijks wel ter sprake.</p>
<p>
	We zijn een gezin dat veel en graag reist. We hebben een soort afspraak dat iedereen om de beurt een land mag kiezen. Toen hij aan de beurt was, koos hij Ethiopië. Hij heeft altijd gezegd dat hij ooit terug wilde gaan.</p>
<p>
	Maar we deden het niet alleen omdat hij het vroeg. We deden het ook, omdat wij geloven dat het belangrijk is voor hem om een band te voelen met zijn herkomstland en omdat het een prachtig land is. Het beeld dat hij via het nieuws en andere bronnen meekreeg was vaak negatief, terwijl we wilden dat hij ook de schoonheid van Ethiopië kon ervaren – dat het negatieve beeld kon worden genuanceerd. Mede daardoor kozen we ervoor om al vroeg terug te gaan. Hij was toen acht.”</p>
<h5>
	Timing van de terugreis</h5>
<h6>
	Terugreizen op jonge leeftijd: mogelijke voordelen</h6>
<p>
	In Zweden adviseert het departement van Welzijn en Gezondheid om de terugreis te maken vooraleer de geadopteerde de adolescentie bereikt. Eén van de argumenten hiervoor is dat geadopteerden zich op die manier een <strong>beeld</strong> kunnen vormen <strong>vanwaar zij afkomstig zijn </strong>vooraleer zij starten met het exploreren van hun identiteit (Gustafsson, 2019). Voor trans-etnisch geadopteerde kinderen en jongeren betekent het vaak ook een eerste <strong>ervaring van uiterlijke herkenning</strong> binnen een grotere gemeenschap (Song & Lee, 2009).</p>
<p>
	Andere<strong> voordelen </strong>van terugreizen op jonge leeftijd die in wetenschappelijke literatuur (Wilson & Summerhill-Coleman, 2013) genoemd worden, zijn:</p>
<ul>
	<li>
		continuïteit (en context) geven aan het levensverhaal van een kind</li>
	<li>
		de mogelijkheid bieden om thema’s rond etniciteit en adoptie te bespreken met andere geadopteerde kinderen/gezinnen met vergelijkbare ervaringen (in geval van een groepsreis met adoptiegezinnen)</li>
	<li>
		gevoelens van rouw (indien aanwezig) uiten en delen, wat helend kan werken</li>
	<li>
		de culturele context van het eigen adoptieverhaal verkennen</li>
	<li>
		gedeelde betekenis creëren samen met familieleden</li>
</ul>
<p>
	Tot nu toe ging er vooral wetenschappelijke aandacht naar de invloed van een terugreis op <strong>etnische identiteitsvorming</strong>. Zo geeft een groot deel van de volwassen geadopteerden aan dat terugreizen een belangrijke invloed heeft gehad op de ontwikkeling van een positieve etnische identiteit (McGinnis et al., 2009; Song & Lee, 2009).</p>
<p>
	<strong>Bart: </strong>“Wij zijn teruggekeerd naar China toen onze kinderen elf en dertien jaar waren. We vonden het belangrijk om te gaan op een moment dat zij nog niet volop in de puberteit zaten, maar wel al oud genoeg waren om bewust ervaringen op te doen en vragen te stellen. Bovendien stonden zij er zelf positief tegenover om die reis te maken, wat voor ons doorslaggevend was.</p>
<p>
	We wisten dat de tehuizen waar onze kinderen verbleven hadden inmiddels waren afgebroken. Op dezelfde site stonden volledig nieuwe gebouwen. China was niet meer het China van de periode waarin onze dochters daar geboren werden. Wij waren benieuwd om die veranderingen met eigen ogen te zien en dat met onze kinderen te ervaren.</p>
<p>
	Ik herinner me nog dat onze dochters het fijn vonden om een stukje voor ons uit te lopen wanneer we daar rondwandelden, alsof wij niet samenhoorden. Mijn vrouw en ik trokken veel bekijks in China, maar als onze dochters voor ons liepen, konden zij gewoon doorgaan als ‘Chinees’. Voor hen was het bijzonder dat zij voor een keer niet degenen waren die anders waren.</p>
<p>
	Een gedeelte van de reis maakten we samen met nog vier andere gezinnen met adoptiekinderen. Onze dochters hadden ongeveer van dezelfde leeftijd. Ik denk dat het voor hen wel goed was dat ze niet altijd enkel met ons waren, maar ook onder leeftijdsgenoten konden praten, lachen en ervaringen delen.”</p>
<h6>
	Aandachtspunten per ontwikkelingsfase</h6>
<p>
	In de literatuur bestaan geen duidelijke criteria om te bepalen of iemand ‘klaar’ is voor een terugreis. Wel worden er verschillende factoren genoemd die invloed kunnen hebben op hoe de reis wordt beleefd, begrepen en herinnerd. Het gaat daarbij om de<strong> leeftijd</strong>, de <strong>ontwikkelingsfase</strong> en de <strong>mate van emotieregulatie</strong> van de geadopteerde.</p>
<p>
	<strong>Jonge kinderen (onder de 5 jaar)</strong> kunnen de reis verwarrend vinden en bang zijn dat ze worden ‘teruggebracht’. Vooral bij adoptiespecifieke activiteiten (zoals een bezoek aan een tehuis) is er extra aandacht nodig voor hun behoeften, reacties en begripsvermogen. Wilson en Summerhill-Coleman (2013) raden adoptieouders in dat kader ook aan om te spreken van een ‘bezoek’ in plaats van een ‘terugkeer’.</p>
<p>
	Daarnaast zijn jonge kinderen gevoeliger voor veranderingen in slaap, eetpatronen en routines. Ze hebben extra rust en ouderlijke ondersteuning nodig bij het reguleren van emoties en gedrag.</p>
<p>
	Na afloop van de reis kunnen jonge kinderen baat hebben bij het herhalen van reisverhalen en het samenstellen van een fotoboek om herinneringen vast te houden (Wilson & Summerhill-Coleman, 2013).</p>
<p>
	<strong>Kinderen van basisschoolleeftijd</strong> kunnen worstelen met vergelijkbare angsten als jongere kinderen, maar ze zijn doorgaans beter in staat om hun bezorgdheden en behoeften te verwoorden. In deze fase groeit ook het begrip van afstand en adoptie, en kunnen kinderen actief vragen stellen over hun eigen geschiedenis. Hierdoor kunnen ze mee bepalen wat voor hen betekenisvolle ervaringen zijn tijdens een terugreis.</p>
<p>
	Kinderen in deze leeftijdsfase bouwen vaak ook sterke herinneringen aan de reis. Zij kunnen evenwel geraakt worden door ervaringen zoals het zien van armoede, wat schuldgevoelens (‘survival guilt’) kan oproepen. Het is de taak van de ouders om hen te helpen deze indrukken te verwerken en duiden (Wilson & Summerhill-Coleman, 2013).</p>
<p>
	<strong>An:</strong> “We hebben niet gekozen voor een rootsreis in de zin van het zoeken naar biologische familie. Onze insteek was: we gaan Ethiopië leren kennen als land. En onze zoon was daar klaar voor. We verbleven een week in Addis Abeba. Aansluitend boekten we een safari in Kenia. Zo hoefden we niet meteen terug naar België en had hij de tijd om in een andere, meer ontspannen omgeving tot rust te komen.</p>
<p>
	We zijn tijdens de reis vaak aangesproken door bedelende kinderen. Dat had een grotere impact op hem dan we vooraf hadden ingeschat. Hij maakte de link met kindjes die jonger dan of even oud waren als hijzelf. Dat hield hem bezig: Wat kan ik doen voor die kinderen? We hebben dat uitgelegd - wat je wel en niet kunt doen en wat dat betekent.”</p>
<p>
	<strong>Adolescenten</strong> begrijpen doorgaans beter de geografische, politieke en socioculturele context van hun afstand en adoptie, en zijn vaak beter in staat om met de emoties om te gaan die een terugreis oproept. Sommigen zoeken zelf adoptiespecifieke informatie of leggen contact met vroegere verzorgers of geboortefamilie.</p>
<p>
	Hoewel adolescenten zich bewuster zijn van hun emoties en motieven, verwerken ze die vaker buiten het gezin. Daarom is het belangrijk dat zij ook terechtkunnen bij leeftijdsgenoten - zowel tijdens de reis als in het dagelijks leven - die hun verhaal en vragen herkennen en begrijpen (Wilson & Summerhill-Coleman, 2013).</p>
<p>
	<strong>Bart:</strong> “Tijdens zo’n reis word je geconfronteerd met situaties waar je op voorhand niet bij hebt stilgestaan.</p>
<p>
	Zo bezochten we de tehuizen waar onze kinderen verbleven. Dat was een meerwaarde: we werden er ontvangen, kregen een rondleiding en mochten hun dossiers inkijken. Onze dochters ontmoetten er ook leeftijdsgenoten die niet geadopteerd waren en in het tehuis waren opgegroeid. Maar dat waren allemaal kinderen met een beperking. Dat roept onvermijdelijk vragen op:<em> waarom wij wel en zij niet, hoe zou hun leven eruit hebben gezien als …?</em></p>
<p>
	Ook daarbuiten kom je soms in onverwachte situaties terecht. Zo zaten we op een bepaald moment te rusten op een muurtje in een park. Een oudere man ging naast een van onze dochters zitten en begon spontaan tegen haar te praten. Toen onze tolk uitlegde dat onze dochter geadopteerd was en dus geen Chinees sprak, geloofde hij dat niet. Hij werd steeds kwader en kwader en dacht dat zij hem bewust negeerde. Dat was voor onze dochter en ook voor ons best heftig om mee te maken.”</p>
<p>
	<strong>Hulpverleners</strong> met kennis van ontwikkelingspsychologie kunnen een belangrijke, ondersteunende rol spelen in de afweging of - en op welk moment - een terugreis een waardevolle bijdrage kan leveren aan de ontwikkeling van het kind (Wilson & Summerhill-Coleman, 2013).</p>
<h5>
	Andere aandachtspunten</h5>
<h6>
	Verschillende perspectieven binnen eenzelfde terugreis</h6>
<p>
	Naast de mogelijke voordelen brengen terugreizen ook <strong>uitdagingen</strong> met zich mee voor adoptiegezinnen (Powers, 2011).</p>
<p>
	Ten eerste is het plannen van zo’n reis vaak een dynamisch proces dat <strong>samenwerking en compromissen</strong> tussen kinderen en ouders vraagt, waarbij de doelstellingen en betekenis van de terugreis voor beide partijen meestal <strong>verschillen </strong>(Gustafsson et al., 2019).</p>
<p>
	<strong>Adoptieouders</strong> grijpen bij het maken van de planning vaak terug naar hun eigen herinneringen aan de adoptie en aan het land van herkomst, terwijl geadopteerde kinderen daar dikwijls - door hun jonge leeftijd bij adoptie - weinig of geen persoonlijke herinneringen aan hebben. Wat voor ouders een ‘terugkeer’ is naar het <strong>herbeleven van oude herinneringen</strong>, is dat niet zozeer voor kinderen.</p>
<p>
	Toch zijn <strong>kinderen</strong> geen passieve deelnemers. Zij hebben <strong>invloed op de vorm en inhoud</strong> van de reis en brengen hun eigen wensen en perspectieven in. Sommige kinderen zetten hun eigen (geconstrueerde of echte) herinneringen in en gebruiken die actief in het meedenken over de reis (Gustafsson et al., 2019; Gustafsson, 2020).</p>
<p>
	Geadopteerden zijn vaak<strong> zowel nieuwsgierig als bang</strong> voor wat ze zullen ontdekken in het geboorteland (Miller, 2013). Waar ouders doorgaans enthousiast en hoopvol zijn, tonen kinderen soms juist terughoudendheid of afstand. Zo spraken adoptiekinderen in een Zweeds onderzoek met gezinnen die hadden geadopteerd uit Chili niet over een ‘terugkeer’, maar benadrukten ze dat ze zich volledig Zweeds voelden (Yngvesson, 2003, p. 14). En in het hierboven besproken onderzoek bij vijf Amerikaanse gezinnen met kinderen uit China, maakten de kinderen (tussen 8 en 11 jaar oud) zich vooral zorgen over praktische zaken, zoals de lange reis of het onbekende eten (Chin Ponte, Wang, & Pen-Shian Fan, 2010).</p>
<p>
	<strong>An:</strong> “We hebben ons aangepast aan zijn tempo en activiteiten afgestemd op zijn leefwereld: we bezochten een markt, het museum waar Lucy te vinden is en een nationaal park. We zijn ook één dag op stap geweest met de vrouw die ons begeleidde tijdens de adoptie.</p>
<p>
	We vroegen haar om ons terug mee te nemen naar enkele plekken waar we destijds ook waren geweest, op het moment van de adoptie, zoals het kindertehuis waar hij verbleven had. Dat bleek erg waardevol, omdat zij zich bepaalde dingen herinnerde die voor onze zoon belangrijk waren. Het feit dat hij die plek terug kon zien en er kon rondwandelen, was zichtbaar heel betekenisvol voor hem.</p>
<p>
	Het was voor ons als ouders ook emotioneel om bepaalde plekken terug te zien. Soms dachten wij: <em>Dit zal voor hem heel emotioneel zijn</em>, maar dat bleek dan niet zo. En omgekeerd: dingen waarvan wij het niet verwachtten, deden hem wél veel. Je vult veel in vanuit je eigen perspectief, en daar moet je je ook bewust van zijn. Wat voor jou betekenisvol is, hoeft dat voor je kind niet te zijn - en andersom.”</p>
<p>
	<strong>Bart:</strong> “In twee weken tijd hebben wij heel veel plekken bezocht: de geboortesteden van onze dochters, maar ook een stukje Beijing en Shanghai. De planning was op maat van ons gezin en we konden die grotendeels samenstellen dankzij de hulp van een Amerikaanse adoptiemoeder met wie we het tweede deel van de reis hebben afgelegd. Zij sprak zelf Chinees en had goede contacten. Daarnaast reisde er nog een andere adoptiemoeder mee, een sociaal werker die haar hele leven in de VS met pleeg- en adoptiekinderen had gewerkt.</p>
<p>
	Dankzij hun ervaring en begeleiding zat die reis heel goed in elkaar. Onze kinderen kregen bijvoorbeeld de kans om één van de tehuizen meermaals te bezoeken en er tijd door te brengen in groep, zonder dat wij erbij waren. Daar was allemaal goed over nagedacht.</p>
<p>
	Voor we vertrokken, hadden onze dochters een globaal idee van de planning en het doel, maar we hebben niet alles stap voor stap overlopen. Daar was ook geen vraag naar. Op hun leeftijd konden zij alles goed begrijpen, vragen stellen en met ons bespreken wat ze zagen.”</p>
<h6>
	Afstammingsvragen en -informatie</h6>
<p>
	Ten tweede gaan adoptiegezinnen tijdens een terugreis soms op zoek naar <strong>extra informatie</strong> over de achtergrond van het kind. Nieuwe informatie kan <strong>aanvullend</strong> zijn, maar ook <strong>tegenstrijdig</strong> zijn aan wat eerder bekend was of volledig uitblijven, wat verdriet en frustratie kan oproepen.</p>
<p>
	Ook kan het verblijf in het land van het herkomst <strong>vragen en emoties rond de geboortefamilie</strong> oproepen, zelfs wanneer kinderen niet expliciet geïnteresseerd zijn in hun geboortefamilie.</p>
<p>
	Hoe vaker er thuis al is gesproken over de geboortefamilie en de gevoelens die daarbij horen, hoe groter de kans dat kinderen tijdens de reis steun zoeken bij hun adoptieouder(s) (Wilson & Summerhill-Coleman, 2013). Wanneer kinderen goed worden ondersteund bij het omgaan met vragen en emoties die tijdens een terugreis naar boven komen, kan dit een moment van verbinding binnen het gezin zijn (Wilson & Summerhill-Coleman, 2013).</p>
<p>
	<strong>An:</strong> “Onze zoon is heel open in zijn communicatie en daardoor gemakkelijk af te lezen. Dat is voor elk kind anders, maar hij praat graag over Ethiopië en zijn adoptie. Iets wat ik als ouder heb geleerd - en wat ik iedereen aanraad - is: als je ergens over twijfelt, stel gewoon de vraag aan je kind. Ook als er op dat moment geen antwoord komt, komt het vaak op een later moment alsnog. Over het algemeen geloof ik heel sterk dat niets benoemen meer schade doet dan iets wél benoemen, zelfs als je je vergist.”</p>
<h6>
	Emotionele draagkracht van adoptieouders en kinderen</h6>
<p>
	Ten derde vraagt internationaal reizen, in combinatie met de emotionele lading van een terugreis, veel van de emotionele draagkracht van zowel kinderen als ouders. <strong>Copingmechanismen</strong> bij kinderen (zoals druk gedrag of terugtrekken in zichzelf), maar evengoed bij ouders, kunnen hierdoor <strong>intenser </strong>worden.</p>
<p>
	Het is daarom belangrijk dat adoptieouders zich vooraf bewust zijn van hun eigen noden (inclusief wensen, angsten en verwachtingen), zodat ze beter kunnen <strong>inspelen op de emotionele behoeften</strong> van hun kind tijdens en na de reis (zoals het herkennen van en kunnen omgaan met rouw) (Wilson & Summerhill-Coleman, 2013).</p>
<p>
	<strong>An: </strong>“Het bleef natuurlijk een heel spannende reis voor hem. Om te kijken hoe we de reis het best konden voorbereiden en wat aandachtspunten waren, nam ik contact op met Nele van Steunpunt Adoptie. Dat was voor ons heel waardevol.</p>
<p>
	We hebben zijn adoptieverhaal dan nog eens rustig doorgenomen met hem. En ik denk dat dat voor hem wel fijn was. Eens daar hebben we gezorgd voor voldoende rustmomenten zodat hij de tijd kon nemen om dingen te laten bezinken, om over dingen te praten ...</p>
<p>
	Voor ons was het allerbelangrijkste dat we goed letten op kleine signalen die onze zoon gaf. Het is daar natuurlijk warm, en er zijn veel prikkels: geuren, kleuren, geluiden ... In elk land is dat zo, maar voor hem zat daar een extra emotionele laag bij: het is zijn land. We vonden het belangrijk om daar gevoelig voor te zijn en wanneer hij signalen gaf daar echt op in te spelen. Tijdens de vakantie zagen we ook duidelijk wanneer het ‘genoeg’ was voor hem.</p>
<p>
	We maakten bijvoorbeeld veel gebruik van het openbaar vervoer, omdat we dat altijd doen op vakantie. Daardoor kwamen we ook voortdurende vriendelijke mensen tegen die ons wilden helpen. Ook voor onze zoon was dat een leuke ervaring: je had dan van die taxibusjes waarbij je ‘bolé bolé’ moest roepen, de eindbestemming van de ‘lijn’, om op te stappen. Dat mocht hij dan doen. Mensen reageerden daar heel positief op en je zag hem dan opfleuren. Maar op een gegeven moment was het te veel: het was heel druk en er waren te veel prikkels. Toen zijn we overgestapt op een privé-taxi, zodat hij wat meer rust en ruimte had, zonder al die indrukken steeds om zich heen."</p>
<h5>
	Na de terugreis</h5>
<p>
	Onderzoek naar de impact van terugreizen op het welzijn van geadopteerden op korte en lange termijn is nog beperkt. Het onderzoek dat er wel is, laat zien dat terugreizen <strong>meestal positieve gevoelens</strong> oproept bij geadopteerden ten opzichte van hun verleden en geboortecultuur (Santona et al., 2022; Wilson & Summerhill-Coleman, 2013). Ze bieden geadopteerden een kans om meer te leren over hun geboorteland en cultuur, en dragen bij aan hun <strong>identiteitsvorming</strong> door verleden en heden te verbinden en zo een vergroot gevoel van continuïteit en belonging te creëren (e.g. Bergquist, 2004; Day, 2018; Duval, 2003; Lee et al., 2007; Santona et al., 2022; Wilson & Summerhill-Coleman, 2013).</p>
<p>
	<strong>Bart:</strong> “Onze kinderen kenden China vooral van foto’s, video’s en boeken, maar dat is heel anders dan het zelf kunnen ervaren. Ik ben blij dat we hen door die reis een concreet beeld hebben kunnen meegeven. En ook bepaalde ervaringen, zoals het gevoel van opgaan in de massa, wat ze hier niet kennen. Het geeft hen ook een idee van hoe het is om terug te reizen, mochten ze dat ooit nog eens willen. Toen we in China waren, namen ze zich voor om Chinees te leren, maar eenmaal thuis is dat enthousiasme toch weer wat weggeëbd.”</p>
<p>
	<strong>An:</strong> “Hij is nog steeds ontzettend trots. Na de vakantie hield hij een spreekbeurt, waarbij hij foto’s liet zien van de reis. Hij wilde graag tonen hoe alles eruitzag: hoe mensen er woonden, hoe het bussysteem werkte, ... Voor de reis dacht hij heel stereotiep over Ethiopië. Het bleek voor hem heel goed om daar een meer concreet en realistisch beeld van te krijgen.</p>
<p>
	Hij zegt regelmatig dat hij over een paar jaar graag terug wil en zoekt zelf dingen op van wat hij dan wil doen. Als de politieke situatie het toelaat, verwachten we binnen vijf jaar terug te gaan. Ik denk dat hij, als je het hem vraagt, zou zeggen dat hij later in Ethiopië wil gaan wonen. En als dat niet lukt, dan zal hij er in elk geval vaak op vakantie gaan. Ethiopië is een belangrijk onderdeel van wie hij is. Dus dat betekent ook dat wij als gezin regelmatig terug zullen keren.”</p>
<p>
	<strong>Overweeg je zelf een terugreis te maken en zoek je emotionele ondersteuning bij eventuele vragen die dit teweegbrengt? Je bent welkom bij een van onze nazorgmedewerkers <a href="https://www.steunpuntadoptie.be/nl/adoptieouder/individuele-begeleiding-kandidaat-adoptieouders">voor een gesprek</a>!</strong></p>
<p>
	*In dit artikel gebruiken we de term 'terugreis' in plaats van 'rootsreis', omdat die term neutraler is en open laat welke reden of betekenis geadopteerden aan hun reis naar het herkomstland geven (bv. toerisme, geschiedenis, vragen over ‘wortels’ en identiteit).</p>
<p>
	<span style="font-family: "Open Sans", Helvetica, Arial, sans-serif; font-size: 14px; font-style: normal; font-variant-ligatures: normal; font-variant-caps: normal; font-weight: 400;">**</span>Om privacyredenen werden de namen in dit interview gewijzigd.</p>
<p>
	<strong>Bronnen:</strong></p>
<ul>
	<li>
		Gustafsson, J. (2020). Adoption return trips: Family tourism and the social meanings of money. <em>Tourist Studies, 21</em>(2), 219-234. doi: 10.1177/1468797620977543</li>
	<li>
		Gustafsson, J., Lind, J., & Sparrman, A. (2020). Family memory trips – children's and parents’ planning of adoption return trips. <em>Journal of Heritage Tourism,15</em>(5), 554-566, doi: 10.1080/1743873X.2019.1702666</li>
	<li>
		Ponte, I. C., Wang, L. K., & Fan, S. P. S. (2010). Returning to China: The Experience of Adopted Chinese Children and Their Parents.&nbsp;<em>Adoption Quarterly, 13</em>(2), 100–124. doi: 10.1080/10926755.2010.481039</li>
	<li>
		Wilson, S. L., & Summerhill-Coleman, L. (2013). Exploring birth countries: The mental health implications of heritage travel for children/adolescents adopted internationally. <em>Adoption Quarterly, 16</em>(3-4), 262-278. doi: 10.1080/10926755.2013.790865</li>
	<li>
		Yngvesson, B. (2003). Going "Home": Adoption, Loss of Bearings, and the Mythology of Roots. <em>Social Text, 21</em>(1), 7-27. https://muse.jhu.edu/article/41641.</li>
</ul>
<p>
	<strong>Tekst:</strong> Helen Duijvene de Wit & Kristien Wouters</p>
<p>
	<em>Publicatiedatum: oktober 2025</em></p>
<div class="meta">
	<p><a href="https://www.steunpuntadoptie.be/nl/kennisdatabank/detail/een-terugreis-naar-het-land-van-herkomst-als-adoptiegezin" title="Een terugreis naar het land van herkomst als adoptiegezin">Een terugreis naar het land van herkomst als adoptiegezin</a> geschreven door Kristina Vanremoortel in <a href="https://www.steunpuntadoptie.be/nl/kennisdatabank/categorie/identiteit-en-herkomst" title="Identiteit en herkomst">Identiteit en herkomst</a>.</p>
</div>

		]]>
	</description>
	<pubDate>Mon, 29 Sep 2025 15:51:00 +0200</pubDate>
	<author><![CDATA[kristina-vanremoortel@example.com (Kristina Vanremoortel)]]></author>
	<category><![CDATA[Identiteit en herkomst]]></category>
	<guid isPermaLink="true">https://www.steunpuntadoptie.be/nl/kennisdatabank/detail/een-terugreis-naar-het-land-van-herkomst-als-adoptiegezin</guid>
	</item>
<item>
	<title><![CDATA[Samenvatting onderzoek: Impact van adoptie op broers en zussen van geadopteerden (2021)]]></title>
	<link>https://www.steunpuntadoptie.be/nl/kennisdatabank/detail/samenvatting-onderzoek-impact-van-adoptie-op-broers-en-zussen-van-geadopteerden-2021?utm_source=feed&amp;utm_medium=rss&amp;utm_campaign=samenvatting-onderzoek-impact-van-adoptie-op-broers-en-zussen-van-geadopteerden-2021</link>
	<description>
		<![CDATA[
			<p>
	<strong>In een kwalitatief onderzoek van Hunsley, Ekas en Crawley (2021, Verenigde Staten) werden de ervaringen van broers en zussen van geadopteerden onderzocht. Het onderzoek toont aan dat ook zij de invloed van adoptie binnen het gezin ervaren. Hun ervaringen variëren van zeer positief tot zeer negatief en kunnen een blijvende invloed hebben op hun welzijn en levenskeuzes.</strong></p>
<p>
	De voorgeschiedenis van adoptiekinderen wordt vaak gekenmerkt door <strong>ingrijpende en traumatische gebeurtenissen</strong>, zoals prenataal trauma, een moeilijke geboorte, ziekenhuisopnames, misbruik, verwaarlozing en/of het verlies van een eerste zorgfiguur (van der Kolk, 2005).</p>
<p>
	Deze ervaringen kunnen de gezonde <strong>hersenontwikkeling verstoren</strong> en het <strong>stressresponssysteem ontregelen </strong>(o.a. Heim et al., 2008). Daardoor blijven risico’s op cognitieve, emotionele, gedragsmatige en sociale problemen vaak bestaan, ook na plaatsing in een adoptiegezin (o.a. Beckett et al., 2006; Merz et al., 2013; Juffer & Van IJzendoorn, 2005; Jaffari-Bimmel et al., 2006). Bovendien kan de adoptie zelf traumatiserend werken, omdat het raakt aan eerdere verlieservaringen (Lanyado, 2003). Adoptieouders krijgen hierdoor vaak te maken met <strong>zwaardere opvoedingsuitdagingen</strong> en verhoogde stress en onzekerheid (Sanchez-Sandoval & Palacious, 2012).</p>
<p>
	Volgens de <strong>familiesysteemtheorie</strong> (Bowen, 1978) beïnvloeden de emoties, behoeften en reacties van elk gezinslid zowel de andere gezinsleden als het gezin als geheel. Hoewel adoptiekinderen en -ouders vaak centraal staan in onderzoek, maken <strong>ook broers en zussen van geadopteerden</strong> deel uit van dit systeem. Hun ervaringen met adoptie en rol in het gezin zijn echter nauwelijks onderzocht. Deze studie wou daarin verandering brengen.</p>
<h3>
	Deelnemers</h3>
<p>
	Aan de studie namen <strong>182 niet-geadopteerde siblings</strong> deel (18-64 jaar, gemiddeld 29 jaar, 86% vrouw), m.a.w. biologische kinderen van de adoptieouders. De meesten hadden meerdere geadopteerde siblings (61%) en biologische siblings (85%). Het type adopties varieerde (33% interlandelijk, 13% binnenlands, 33% pleegkind, 4% kind van familie of 17% een combinatie), vaak met etnische verschillen (54%) en soms een verandering in geboorterij (26%). Gemiddeld waren de deelnemers 11 jaar bij de eerste adoptie in hun gezin (0-33 jaar).</p>
<p>
	De geadopteerde siblings hadden <strong>gemiddeld drie traumatische ervaringen </strong>meegemaakt voor de adoptie (bv. verwaarlozing, fysiek/emotioneel/seksueel misbruik, meerdere plaatsingen, prenatale blootstelling aan drugs, vroege ziekenhuisopnames), en 79% van de adopties betrof <strong>‘special needs’-adopties </strong>(de definitie van special needs in deze studie is vergelijkbaar met <a href="https://www.steunpuntadoptie.be/nl/faq/detail/welke-kinderen-hebben-een-special-need" target="_blank">de special needs die we kennen in Vlaanderen</a>, nvdr.). Ongeveer 64% van de gezinnen was vóór de adoptie op de hoogte van het trauma van het kind.</p>
<p>
	Deelnemers beantwoordden <strong>tien open vragen</strong> die peilden naar hun ervaring als sibling van een geadopteerde. Hun antwoorden werden <strong>thematisch</strong> geanalyseerd.</p>
<h3>
	Resultaten</h3>
<h4>
	Pre-adoptie</h4>
<p>
	De meeste deelnemers (69%) gaven aan <strong>positief</strong> te reageren op het nieuws dat hun ouders wilden adopteren. Een minderheid reageerde negatief (14%), geshockeerd (3%) of met gemengde gevoelens (7%).</p>
<p>
	Hun <strong>betrokkenheid in de procedure varieerde </strong>van helemaal niet betrokken (10%) tot actieve deelname aan het besluit (16%).</p>
<h4>
	Eerste jaar na adoptie</h4>
<p>
	In het eerste jaar na adoptie kwamen twee thema’s naar voren: aanpassing aan het nieuwe gezin en de relatie met hun ouders.</p>
<h6>
	Aanpassing aan het nieuwe gezin</h6>
<p>
	De deelnemers beschreven vijf verschillende ervaringen.</p>
<p>
	(1) Ten eerste namen sommigen (22%) een <strong>helpende rol </strong>op zich, hetzij uit eigen initiatief, hetzij omdat hun familie dit verwachtte:</p>
<blockquote>
	<p>
		<em>“Na elke adoptie voelde ik sterk de behoefte om mijn ouders te helpen met mijn siblings en op welke manier dan ook een soort leider in ons gezin te zijn. Hoe dat eruitzag verschilde per leeftijd, en ik was op veel gebieden nog erg onvolwassen, maar ik wilde echt helpen. Nu probeer ik mijn familie nog altijd zoveel mogelijk te helpen."</em></p>
</blockquote>
<p>
	(2) Ten tweede voelden anderen (8%) zich <strong>afgewezen, eenzaam of onzichtbaar</strong> op het moment dat de geadopteerde sibling(s) in het gezin kwam(en). Sommige deelnemers gaven aan <strong>minder ouderlijke aandacht</strong> te krijgen, wat als negatief of neutraal werd ervaren, afhankelijk van hun begrip van de noden van hun geadopteerde sibling(s):</p>
<blockquote>
	<p>
		<em>“Ik begon te worstelen met depressieve gevoelens en onzekerheid over mezelf, omdat ik het gevoel had dat mijn ouders een ander kind nodig hadden, omdat ik op de een of andere manier niet goed genoeg was.”</em></p>
</blockquote>
<p>
	(3) Ten derde gaf een kleine groep (7%) aan <strong>jaloersheid of wrok</strong> te voelen of <strong>bitter</strong> te staan tegenover hun geadopteerde sibling(s) of adoptie in het algemeen:</p>
<blockquote>
	<p>
		<em>“Ik was jaloers en niet erg aardig voor hen in het begin!”</em></p>
</blockquote>
<p>
	(4) Ten vierde beschreef 21% het eerste jaar als <strong>stressvol, moeilijk, chaotisch of frustrerend</strong>, vooral door traumagerelateerd gedrag, maar ook door het wennen aan een nieuw dagelijks leven of het omgaan met een taalbarrière bij interlandelijk geadopteerden.</p>
<p>
	(5) Ten slotte rapporteerde de meeste deelnemers (66%) ook <strong>positieve ervaringen</strong>, zoals plezier en opwinding over het krijgen van een nieuwe broer of zus.</p>
<h6>
	Relatie met ouders</h6>
<p>
	Wat betreft de relatie met hun ouders, kwamen twee patronen naar voren.&nbsp;</p>
<p>
	(1) Ongeveer 22% van de deelnemers ervoer een <strong>nauwere band met zijn/haar ouders</strong> als gevolg van de adoptie, vaak doordat ze een helpende rol op zich namen:&nbsp;</p>
<blockquote>
	<p>
		“Na de pleegzorg en adoptie van mijn zus, ben ik zeker dichter naar mijn ouders toegegroeid, omdat ik wilde dat ze erop konden vertrouwen dat ik voor haar zou zorgen en dat soort dingen.</p>
</blockquote>
<p>
	(2) Andere deelnemers (17%) voelden juist <strong>meer afstand tot hun ouders</strong> en gaven soms aan zich onzichtbaar te voelen, omdat hun ouders zich richtten op de noden van de nieuwe sibling(s).</p>
<h4>
	Post-adoptie</h4>
<p>
	In de periode van een jaar na de adoptie tot nu stonden vier thema’s centraal: de algemene ervaring na adoptie, de invloed van adoptie op het persoonlijke leven van broers en zussen van geadopteerden, de invloed op het gezin, en wat de broers en zussen anders zouden hebben gedaan.</p>
<h6>
	Algemene ervaring na adoptie</h6>
<p>
	Wat betreft de algemene ervaring beschreven de deelnemers zes verschillende uitdagingen en belevingen.</p>
<p>
	(1) Ten eerste nam ongeveer een kwart van de deelnemers (26%) <strong>ouderlijke of ondersteunende rollen</strong> op zich. Dit gebeurde zowel bewust als onbewust, en werd met wisselende gevoelens (plezier of ongenoegen) ervaren. Meestal ging het om het vervullen van een ouderlijke rol tegenover de geadopteerde sibling (=‘parentificatie’), maar soms namen ze ook een partnerrol op om hun ouders emotionele steun te bieden (=‘spousificatie’):</p>
<blockquote>
	<p>
		<em>“Mijn mama zei dat ze niet wist hoe ze het zonder mij zou redden. Ik voelde me tijdens mijn studiejaren erg schuldig, omdat ik niet thuis was om voor mijn gezin te zorgen. Vooral toen het gedrag van mijn siblings steeds problematischer werd en de ene in het ziekenhuis belandde en de andere van de kleuterschool werd gestuurd. Ik nam in hoge mate de rol van ouder en partner op mij, waarbij mijn moeder bij mij advies en steun zocht.”</em></p>
</blockquote>
<p>
	(2) Ten tweede gaf 15% aan zich <strong>onzichtbaar of genegeerd </strong>te voelen door de focus van hun ouders op de behoeften van de geadopteerde sibling(s), wat bij sommigen leidde tot<strong> gevoelens van eenzaamheid</strong>.</p>
<p>
	(3) Ten derde namen andere deelnemers (8%) de<strong> rol van bemiddelaar </strong>op zich om hun ouders te ontlasten en voelden daarbij druk om ‘perfect’ te zijn of een ‘people pleaser’ om de stress te verminderen:</p>
<blockquote>
	<p>
		<em>“Ik was enthousiast om een sibling te krijgen, maar ze leek vanaf het moment dat we haar thuisbrachten problemen te hebben die het leven van mijn ouders volledig in beslag namen. Ik voelde medelijden met mijn zus, maar ook voor mijn ouders. Ik probeerde perfect te zijn zodat mijn ouders zich geen zorgen over mij hoefden te maken, omdat mijn zus zoveel problemen had, maar het meeste van de tijd voelde ik me ook onzichtbaar.”</em></p>
</blockquote>
<p>
	(4) Ten vierde beschreef de meerderheid van de deelnemers (57%) de adoptie als <strong>zowel positief als negatief</strong>: moeilijk, maar ook voldoeninggevend.</p>
<p>
	(5) Ten vijfde ervoer ongeveer 19% de adoptie vooral als <strong>stressvol en zwaar</strong>, hoofdzakelijk door het gedrag van hun geadopteerde sibling(s).</p>
<p>
	(6) Tot slot beleefde 23% van de deelnemers de adoptie als een <strong>uitsluitend positieve ervaring</strong>:</p>
<blockquote>
	<p>
		<em>“De zus zijn van een geadopteerde sibling betekent alles voor mij. Ik zie mijn zussen doodgraag en zonder hen zou mijn leven niet hetzelfde zijn. Mijn geadopteerde zus was voorbestemd om deel uit te maken van ons gezin.”</em></p>
</blockquote>
<h6>
	Invloed van adoptie op het persoonlijke leven</h6>
<p>
	Wat betreft de invloed van adoptie op hun<em> persoonlijke leven</em>, kozen sommige deelnemers (25%) voor een <strong>carrière in de jeugdhulp </strong>of een ander vakgebied waarin zij van betekenis konden zijn voor kinderen. Anderen besloten <strong>zelf te adopteren</strong> of zich te engageren als pleegzorger (36%). Een minderheid (8%) besloot juist om nooit kinderen te krijgen of te adopteren vanwege hun negatieve ervaring met adoptie.</p>
<p>
	Qua <em>algemeen welzijn </em>ervoer bijna de helft van de deelnemers (47%) <strong>persoonlijke groei </strong>als gevolg van adoptie, zoals meer empathie, maturiteit, een bredere kijk op de wereld en een dieper begrip van het doel van het leven:&nbsp;</p>
<blockquote>
	<p>
		<em>“Het heeft me sneller volwassen gemaakt en bracht me op sommige vlakken ook wat uit balans. Het liet me zien hoe opofferingen te brengen, mijn klein wereldje te verlaten, er voor anderen te zijn en mezelf te herkennen in een ander. Het heeft me geleerd over racisme, trauma, institutionalisering, misbruik, verwaarlozing, armoede, maar ook over hoop, herstel, gehechtheid, liefde en toewijding. Het heeft mijn kijk op kinderen, moeders, geld en mijn toekomst veranderd. Alles.”</em></p>
</blockquote>
<p>
	Echter, voor een kleinere groep (12%) had adoptie juist <strong>negatieve gevolgen</strong>: zij kregen te maken met <strong>psychische problemen, moeizame relaties of (secundaire) trauma’s</strong> door de ervaringen met hun geadopteerde broer/zus:</p>
<blockquote>
	<p>
		<em>"Ik heb veel last van angst en depressie. Ik denk dat dit komt doordat ik in mijn jeugd nooit heb geleerd hoe ik met mijn emoties om moet gaan. Mijn zus schreeuwde en gilde alleen maar en werd erg gewelddadig. Dat was alles wat ik zag en kende. Ik heb al mijn frustraties opgekropt, zelfs tot op de dag van vandaag. Als ik boos of van streek ben, trek ik me terug in plaats van te communiceren. Het zit gewoon zo diep ingebakken in mij."</em></p>
</blockquote>
<h6>
	Invloed van adoptie op familierelaties en het gezin</h6>
<p>
	Adoptie heeft een uiteenlopende invloed op familiebanden. Voor sommige deelnemers versterkte adoptie de familierelaties, terwijl het bij anderen tot spanning of verdeeldheid leidde.</p>
<p>
	Wat betreft de <em>relatie met hun geadopteerde sibling(s)</em>, varieerde deze van <strong>zeer hecht</strong> (27%) <strong>tot geen contact meer</strong> (15%). Sommige deelnemers omschreven hun band als een typische broer-zusrelatie (20%), of als stressvol of gespannen (36%), wat het gevolg kan zijn van de complexe noden of het traumagerelateerd gedrag van de geadopteerde sibling(s). Een klein aantal (13%) ervoer een meer “oom/tante”-achtige band door het leeftijdsverschil.</p>
<blockquote>
	<p>
		<em>“Mijn relatie met mijn middelste broer is gespannen. Ik zie hem graag, maar zijn levenskeuzes zijn erg moeilijk geweest. Hij is verslaafd aan drugs en is twee keer in een afkickkliniek geweest, maar telkens hervallen. Hij heeft steeds weer problemen met justitie en zit regelmatig in de gevangenis. Momenteel is hij dakloos en zwerft hij van plek naar plek.”</em></p>
</blockquote>
<p>
	Voor de <em>relatie met hun ouders</em> als gevolg van adoptie gold dat 15% van de deelnemers <strong>meer</strong> <strong>spanning</strong> ervoer, 5% <strong>meer nabijheid</strong>, en 31% geen verandering.</p>
<blockquote>
	<p>
		<em>“Door de stress en trauma's die mijn drie geadopteerde broers en zussen hebben veroorzaakt, is mijn moeder zich … niet bewust van veel dingen die er spelen en van de gevoelens en emoties van andere mensen in het gezin, en raakt ze snel van streek als we het niet eens zijn met haar mening. Daardoor heb ik het gevoel dat mijn relatie met mijn moeder meer gespannen is dan vroeger en dat ik nu voorzichtiger moet zijn in mijn omgang met haar.”</em></p>
</blockquote>
<p>
	Wat het <em>gezin als geheel </em>betreft, vond 24% dat adoptie het<strong> gezin dichter bij elkaar </strong>had gebracht, terwijl 15% juist aangaf dat hun <strong>gezin uit elkaar gevallen</strong> was, bijvoorbeeld doordat geadopteerde kinderen terug waren gekeerd naar hun biologische familie of afstand namen van het adoptiegezin:</p>
<blockquote>
	<p>
		<em>"Het leven is nu erg moeilijk ... Mijn gezin is kapot. Mijn ouders zijn voortdurend uitgeput en erg afwezig. We doen niets samen als gezin ... Zelfs rond de feestdagen eten we niet samen of zo."</em></p>
</blockquote>
<h6>
	Verandering</h6>
<p>
	Tot slot gaven de deelnemers aan wat volgens hen had kunnen bijdragen aan een beter gezinsfunctioneren: (1) een <strong>betere voorbereiding</strong> van zowel henzelf als hun ouders op de traumagerelateerde behoeften van adoptiekinderen en de impact daarvan op de verschillende gezinsleden (25%), (2) <strong>meer zorg en ondersteuning</strong> na de adoptie voor zowel de geadopteerde siblings als alle gezinsleden (13%), en (3) <strong>meer</strong> <strong>open communicatie</strong> binnen het gezin, in de hoop dat dit de eenheid binnen het gezin zou versterken (11%).</p>
<blockquote>
	<p>
		<em>“Ik denk dat ik baat zou hebben gehad bij kennis over wat trauma kan doen met jonge kinderen. Mijn ouders waren ook niet op de hoogte, en als we allemaal eerder beter waren voorbereid, denk ik dat ik in ieder geval mijn broer of zus beter had kunnen begrijpen.”</em></p>
</blockquote>
<h3>
	Discussie en implicaties</h3>
<p>
	Deze studie toont dat de <strong>ervaringen van siblings van geadopteerden</strong> uiteenlopen van <strong>zeer positief tot zeer negatief</strong>. Thema’s zoals parentificatie en gevoelens van onzichtbaarheid komen terug, wat overeenkomt met eerder onderzoek bij deze groep en onderzoek naar siblings van pleegkinderen en kinderen met een beperking, waar ook een kind in het gezin aanwezig is met meer zichtbare noden. Ook laten de resultaten zien dat adoptie vaak een <strong>blijvende invloed </strong>heeft op het welzijn en de levenskeuzes van siblings van geadopteerden.</p>
<p>
	Belangrijk is dat siblings van geadopteerden <strong>meer gehoord en erkend</strong> worden. Dit helpt adoptiegezinnen en professionals om beter te begrijpen hoe adoptie hen beïnvloedt, welke rol zij spelen binnen het gezin en hoe zij ondersteund kunnen worden.</p>
<p>
	<strong>Aanbevelingen </strong>vanuit de siblings zelf, die aansluiten bij bevindingen uit onderzoek naar siblings van pleegkinderen en kinderen met een beperking, zijn alvast:</p>
<ol>
	<li>
		Meer <strong>voorbereiding</strong> vóór adoptie – het hele gezin zou meer kennis moeten krijgen over trauma en de mogelijke gevolgen voor het gezinssysteem;</li>
	<li>
		Meer <strong>zorg</strong> na adoptie – toegang tot vormen van ondersteuning voor alle gezinsleden om met mentale uitdagingen en moeilijkheden om te gaan;</li>
	<li>
		Meer <strong>open communicatie</strong> – meer openheid binnen het gezin over problemen kan leiden tot meer steun en verbondenheid.</li>
</ol>
<p>
	<strong>Bron: </strong>Hunsley, J.L., Ekas, N.V. & Crawley, R.D. (2021). An Exploratory Study of the Impact of Adoption on Adoptive Siblings. <em>Journal of Child and Family Studies, 30</em>(311–324). DOI: 10.1007/s10826-020-01873-4</p>
<p>
	<strong>Tekst:</strong> Kristien Wouters</p>
<div class="meta">
	<p><a href="https://www.steunpuntadoptie.be/nl/kennisdatabank/detail/samenvatting-onderzoek-impact-van-adoptie-op-broers-en-zussen-van-geadopteerden-2021" title="Samenvatting onderzoek: Impact van adoptie op broers en zussen van geadopteerden (2021)">Samenvatting onderzoek: Impact van adoptie op broers en zussen van geadopteerden (2021)</a> geschreven door Kristina Vanremoortel in <a href="https://www.steunpuntadoptie.be/nl/kennisdatabank/categorie/netwerk" title="Netwerk">Netwerk</a>.</p>
</div>

		]]>
	</description>
	<pubDate>Thu, 25 Sep 2025 16:09:00 +0200</pubDate>
	<author><![CDATA[kristina-vanremoortel@example.com (Kristina Vanremoortel)]]></author>
	<category><![CDATA[Netwerk]]></category>
	<guid isPermaLink="true">https://www.steunpuntadoptie.be/nl/kennisdatabank/detail/samenvatting-onderzoek-impact-van-adoptie-op-broers-en-zussen-van-geadopteerden-2021</guid>
	</item>
<item>
	<title><![CDATA[Samenvatting onderzoek: Ouderschap bij binnenlands geadopteerden: Confrontatie en herstel (2025)]]></title>
	<link>https://www.steunpuntadoptie.be/nl/kennisdatabank/detail/samenvatting-onderzoek-ouderschap-bij-binnenlands-geadopteerden-confrontatie-en-herstel-2025?utm_source=feed&amp;utm_medium=rss&amp;utm_campaign=samenvatting-onderzoek-ouderschap-bij-binnenlands-geadopteerden-confrontatie-en-herstel-2025</link>
	<description>
		<![CDATA[
			<p>
	<strong>Kinderen krijgen verandert een leven ingrijpend. Voor geadopteerden kan dit nog extra complexe dynamieken met zich meebrengen.&nbsp;In haar masterproef (2025) onderzocht Sarah Haemers de ervaringen van negen binnenlands geadopteerde moeders en drie binnenlands geadopteerde vaders. Hun getuigenissen tonen hoe het ouderschap zowel confronterend als helend kan zijn.</strong></p>
<h5>
	Een existentiële spiegel</h5>
<p>
	Ouder worden kan <strong>vragen, gevoelens en onderliggende thema’s</strong> die eerder naar de achtergrond verdwenen waren, <strong>opnieuw naar voren </strong>brengen. Bij geadopteerden gaat het bijvoorbeeld om verlies en rouw, vragen over de eigen herkomst en identiteit, loyaliteit en gehechtheid. Het eigen ouderschap maakt deze thema’s soms opnieuw (heel) tastbaar.</p>
<p>
	Uit de verhalen blijkt dat sommige geadopteerde ouders <strong>eenzaamheid </strong>ervaren tijdens de zwangerschap of periode als prille ouder, omdat ze hun ervaringen <strong>niet kunnen spiegelen</strong> aan hun adoptieouders (bijvoorbeeld: <em>“Die zwangerschap heb ik heel alleen gedragen. Ik kon niet aan een moeder vragen: ‘hoe was dat bij jou?’”</em>) en/of <strong>geen taal </strong>vinden om de complexe gevoelens die het ouderschap oproept te delen met hun omgeving. Dit laatste kan gezien kan worden als een verlengstuk van een bredere maatschappelijke stilte rond (moeilijkheden en ambivalentie die gepaard gaan bij) adoptie.</p>
<p>
	Voor sommigen wordt ook de <strong>eigen positie als afgestaan kind </strong>voor het eerst of opnieuw voelbaar, met gevoelens van mildheid of juist onbegrip (bijvoorbeeld: “<em>Hoe kan je ooit een kind afstaan?”</em>) tegenover hun biologische ouders tot gevolg.</p>
<p>
	Sommige geadopteerden geven daarnaast aan dat hun kinderen <strong>vergelijkbare gevoelens</strong> (bijvoorbeeld van angst, eenzaamheid) <strong>of hechtings- en identiteitsvragen </strong>(bijvoorbeeld vragen over biologische verwanten, verwarring en onbegrip rond identiteit) spiegelen, zonder dat de kinderen het volledige adoptieverhaal van hun ouder(s) kennen. Ook kan er bij geadopteerde ouders angst ontstaan voor een herhaling van het verleden, namelijk dat hun kinderen, net als zijzelf, ooit zullen worden ‘afgenomen’.</p>
<h5>
	Ouderschap als herstel</h5>
<p>
	Tegelijk geven geadopteerde ouders aan dat het ouderschap een bron van heling kan zijn.</p>
<p>
	De&nbsp;<strong>biologische verwantschap</strong> met hun kinderen, inclusief het herkennen van fysieke of karakteriële kenmerken, biedt sommige geadopteerden <strong>houvast en richting</strong> in hun zoektocht naar identiteit (bijvoorbeeld: <em>"Dat vind ik ook wel heel leuk om bepaalde karaktereigenschappen terug te zien in uw eigen kinderen zo en ik merk wel dat dat voor mij heel belangrijk is als een soort van anker eigenlijk omdat als geadopteerde voel je u eigenlijk nooit gegrond en je bent ook op zoek naar een eigen kader van ‘wie ben ik?’."</em>) Ook kan het een <strong>katalysator</strong> zijn om de zoektocht naar hun biologische ouders aan te gaan. Sarah Haemers wijst erop dat het belang van genetische verwantschap voor geadopteerden in de literatuur vaak wordt <strong>onderschat, zeker bij binnenlandse adoptie</strong> waar uiterlijke verschillen met de adoptiefamilie niet altijd zichtbaar zijn.</p>
<p>
	Daarnaast maken sommige geadopteerde ouders <strong>bewuste opvoedingskeuzes die contrasteren</strong> met hun eigen ervaringen. Uit de interviews blijkt dat dit bijvoorbeeld kan betekenen dat zij willen vermijden dat hun kinderen het gevoel krijgen te moeten voldoen aan impliciete of expliciete verwachtingen, zoals de druk om het ‘perfecte kind’ te zijn of ‘dankbaar’ te zijn (bijvoorbeeld:<em>&nbsp;"Het feit dat de adoptie er ook wel ergens iets mee te maken heeft, doordat ik mij altijd heel speciaal heb moeten voelen. […] Dus jij bent zo precies het uitverkoren kind dat hun wens eindelijk in vervulling laat gaan. […] Maar dat heeft bij mij ergens een druk opgelegd dat ik ook die perfecte dochter wil zijn."</em>). In de plaats daarvan benoemen de ouders het belang van onvoorwaardelijk aanwezig zijn, emotionele veiligheid bieden, ruimte laten voor het unieke zelf van het kind, en taboes doorbreken door openheid te creëren binnen het gezin.</p>
<p>
	De <strong>intergenerationele dynamieken</strong> tonen dat adoptie niet alleen een individueel verhaal is, maar vraagt om een <strong>systemische, gezinsgerichte blik</strong> - zeker ook bij binnenlandse adoptie, waar culturele of structurele breuklijnen vaak minder expliciet benoemd worden dan bij interlandelijke adoptie.</p>
<h5>
	Nood aan erkenning en steun</h5>
<p>
	De weg van geadopteerde ouders kan kwetsbaar en complex zijn. Steun uit het persoonlijke netwerk is belangrijk, maar <strong>niet altijd vanzelfsprekend.</strong></p>
<p>
	In verschillende getuigenissen komt naar voren dat adoptie vaak <strong>impliciet meespeelt </strong>in het leven van binnenlands geadopteerden, zonder echt benoemd of erkend te worden, onder andere doordat het vaak niet zichtbaar is dat men geadopteerd is (bijvoorbeeld:<em> “Je ziet het ook niet hé, dat je geadopteerd bent, dus het is onzichtbaar, wat een andere problematiek is dan een buitenlandse, interlandelijke adoptie waar natuurlijk het verhaal nog complexer is omwille van de roots die anders is en vaak het uiterlijk.</em>”). Sarah Haemers spreekt in dit verband over <strong>“een soort ‘vergeten’ anders-zijn” bij binnenlands geadopteerden</strong>.</p>
<p>
	Ook in professionele hulpverlening en maatschappelijke structuren wordt adoptie te vaak gezien als een afgesloten hoofdstuk, terwijl het in werkelijkheid eerder een <strong>dynamisch, levenslang proces</strong> is. <strong>Lotgenotencontact</strong>, bij voorkeur divers in vorm en inhoud (van luchtige ontmoetingsmomenten tot diepgaande reflectieve settings), kan daarom een belangrijke plek zijn om ervaringen te delen en betekenis te geven.</p>
<p>
	<strong>Bron: </strong>Haemers, S. (2025). <em>De onvertelde verhalen van binnenlandse adoptie: een kwalitatief onderzoek naar ouderschap</em> [Masterscriptie, Universiteit Gent]. Ghent University Library. Raadpleegbaar via <a href="https://libcatalog.ugent.be/nde/fulldisplay?query=haemers%20adoptie&tab=Everything&search_scope=MyInst_and_CI&searchInFulltext=false&vid=32RUG_INST:32RUG_INST&lang=en&docid=alma9937046427809161&adaptor=Local%20Search%20Engine&context=L&isFrbr=false&isHighlightedRecord=false&state=&repId=12318361300009161" target="_blank">deze link</a>.</p>
<p>
	<strong>Tekst: </strong>Kristien Wouters, geredigeerd door Sarah Haemers</p>
<div class="meta">
	<p><a href="https://www.steunpuntadoptie.be/nl/kennisdatabank/detail/samenvatting-onderzoek-ouderschap-bij-binnenlands-geadopteerden-confrontatie-en-herstel-2025" title="Samenvatting onderzoek: Ouderschap bij binnenlands geadopteerden: Confrontatie en herstel (2025)">Samenvatting onderzoek: Ouderschap bij binnenlands geadopteerden: Confrontatie en herstel (2025)</a> geschreven door Kristina Vanremoortel in <a href="https://www.steunpuntadoptie.be/nl/kennisdatabank/categorie/netwerk" title="Netwerk">Netwerk</a>.</p>
</div>

		]]>
	</description>
	<pubDate>Thu, 18 Sep 2025 11:40:00 +0200</pubDate>
	<author><![CDATA[kristina-vanremoortel@example.com (Kristina Vanremoortel)]]></author>
	<category><![CDATA[Netwerk]]></category>
	<guid isPermaLink="true">https://www.steunpuntadoptie.be/nl/kennisdatabank/detail/samenvatting-onderzoek-ouderschap-bij-binnenlands-geadopteerden-confrontatie-en-herstel-2025</guid>
	</item>
<item>
	<title><![CDATA[Wanpraktijken bij adoptie: ervaringen van adoptieouders]]></title>
	<link>https://www.steunpuntadoptie.be/nl/kennisdatabank/detail/wanpraktijken-bij-adoptie-ervaringen-van-adoptieouders?utm_source=feed&amp;utm_medium=rss&amp;utm_campaign=wanpraktijken-bij-adoptie-ervaringen-van-adoptieouders</link>
	<description>
		<![CDATA[
			<p>
	<strong>De voorbije jaren kwamen steeds meer schandalen van wanpraktijken bij adoptie aan het licht. Terwijl het besef groeit dat wanpraktijken een diepe psychosociale impact nalaten op geadopteerden en eerste ouders, is er veel minder aandacht voor adoptieouders. Ook zij worstelen vaak met een complexe mix van gevoelens: kwaadheid, machteloosheid, schuld, angst en verdriet. In dit artikel maken we ruimte voor deze ervaringen.</strong></p>
<p>
	Onderzoek naar hoe adoptieouders omgaan met (de mogelijkheid) dat hun adoptiekind slachtoffer werd van wanpraktijken is ontzettend <strong>schaars</strong>.</p>
<p>
	In wat volgt verkennen we de gevoelens en ervaringen van adoptieouders. Hiervoor baseren we ons op <strong>interviews</strong> van Steunpunt Adoptie met drie adoptieouders in Vlaanderen (twee van transnationale en een binnenlandse adoptie), op twee deelrapporten van het expertenpanel interlandelijke adoptie (Vanspauwen, Sermijn & Loots, 2021) en op 154 interviews met Amerikaanse adoptieouders van Chinese kinderen. Deze laatsten horen bij één van de weinige internationale onderzoeken waarin de emoties van adoptieouders bij wanpraktijken verkend worden (Marn & Tan, 2015).</p>
<p>
	De gevoelens die we hieronder van elkaar onderscheiden zijn in de praktijk vaak verstrengeld en versterken elkaar.</p>
<h4>
	Woede</h4>
<p>
	Een van de voornaamste gevoelens die naar boven komen tijdens gesprekken is <strong>woede</strong>, overwegend gelinkt aan het feit <strong>bedrogen of misleid</strong> te zijn door tehuizen, adoptiebureaus of de overheid, en aan een gebrek aan gerechtigheid en transparantie in het systeem. Ook individuele medewerkers worden verantwoordelijk geacht (Vanspauwen et al., 2021).</p>
<p>
	Maryse en haar man adopteerden in 2007 een baby binnen België met, zonder ervan op de hoogte gesteld te zijn, het Foetale Alcoholsyndroom (FAS). <a href="https://www.steunpuntadoptie.be/nl/nieuws/detail-2/foetaal-alcohol-syndroom-wat-is-het-precies-en-wat-zijn-de-gevolgen-interview-met-fas-steunpunt">Kinderen met FAS</a> vragen levenslange ondersteuning en zullen nooit volledig op eigen benen kunnen staan. Dat was niet wat Maryse en haar man hadden afgesproken met de toenmalige adoptiedienst. Voor hen was het net heel belangrijk een kind te kunnen zien opgroeien van baby naar zelfredzame volwassene. Dat hadden ze dan ook heel expliciet aangegeven bij de toenmalige binnenlandse adoptiedienst. Maar de dienst wist goed welk kind ze bij Maryse en haar man plaatsten. “Dat zijn morele wreedheden”, zegt Maryse. Op de vraag welk gevoel bij haar overheerst, antwoordt ze met “woest”.</p>
<blockquote>
	<p>
		“Woest is zelfs nog braaf uitgedrukt ten opzichte van de adoptiedienst. Dit is <strong>de leugen van ons leven</strong> geweest. Ik geloof wel dat ze op dat moment niet beseften wat een kind met FAS concreet betekent voor een normaal gezin. Je legt een bom onder een huwelijk, onder een gezin, onder normale mensen. Dat is wreedaardig.”</p>
</blockquote>
<p>
	Ze gaat verder:</p>
<blockquote>
	<p>
		“De show was ‘je bent <strong>uitverkoren</strong>’, maar uitverkoren waarvoor? Voor een kind dat 24/7 zorg nodig heeft voor de rest van haar leven?”</p>
	<p>
		“Ik voel me ongelofelijk<strong> in het zak gezet</strong>. Je hebt zelf heel je ziel blootgegeven. Je bent binnenstebuiten gekeerd. Je hebt allerlei onderzoeken doorlopen. En dan blijkt het engagement dat zij zeiden aan te gaan niet te kloppen. Dat is contractbreuk, maar begin er na twintig jaar maar eens aan. Op dat moment ben je zo <strong>oververmoeid</strong>. Je bent aan het <strong>overleven</strong>. Het is niet dat je zegt van ’nu gaan wij een proces aanspannen’.”</p>
</blockquote>
<p>
	Lisa adopteerde in 2010 een dochter uit Ethiopië. Veertien jaar later ontdekte ze dat het dossier niet klopt en dat haar dochter in werkelijkheid gekidnapt werd. Lisa voelt zich <strong>uitgebuit</strong>, zowel <strong>emotioneel als financieel</strong>. Het feit dat zulke schandalen konden plaatsvinden met <strong>medeweten van de overheid en adoptiediensten</strong> die bewust hun ogen sloten voor de schone schijn, zelfs na het in kracht treden van het Haags adoptieverdrag, noemt ze pervers en maakt haar kwaad. “Adoptie is kinderhandel op vraag van organisaties en overheden, maar dat wordt <strong>toegedekt</strong> met de mantel der schaamte en ongemak”, zegt ze.</p>
<h4>
	Machteloosheid</h4>
<p>
	Ook <strong>machteloosheid</strong> komt sterk op de voorgrond. Lisa vertelt helemaal <strong>gewrongen</strong> te zitten: “We worden niet geholpen, door niemand.” Ze legt uit hoe de herinneringen van haar dochter, toen die niet bleken te stroken met wat er in het dossier staat, door de adoptiedienst werden weggezet als kinderfantasie. Hoe ze mails stuurde naar de minister en VCA, waarop ze geen antwoord kreeg. Hoe alles geld kost: een proces aanspannen kost geld, degelijke hulp zoeken kost geld, een rootsreis kost geld. Dat allemaal voor een illegale praktijk waar ze nooit voor gekozen heeft.</p>
<blockquote>
	<p>
		“Mensenlevens worden kapotgemaakt. Mijn dochter is een prachtige jonge vrouw, die zich door haar verleden afgesloten heeft van haar innerlijke wereld. Niemand weet waar de sleutel ligt. We blijven zoeken, maar <strong>bestaat er geschikte hulp</strong> voor een trauma dat zo gigantisch is?”</p>
</blockquote>
<p>
	Meerdere ouders botsen op <strong>zorgstructuren</strong> in Vlaanderen <strong>die niet sterk genoeg zijn uitgebouwd</strong> voor kinderen met een zware rugzak. De wachtlijsten zijn eindeloos en de juiste diagnoses komen te laat door gebrek aan adoptiesensitiviteit en/of fouten in adoptiedossiers. Hoewel er bij een adoptie initieel heel wat instanties betrokken worden, hebben ouders vaak het gevoel er alleen voor te staan wanneer het moeilijk gaat.</p>
<blockquote>
	<p>
		“Als ouder wil je je kind helpen, maar de correcte zorg is er gewoon niet. Voordat je een kindje mag adopteren <strong>moet je door een hele rompslomp</strong>. In de cursus wordt mooi gezegd ‘de staat is verantwoordelijk voor de adoptie’. Maar <strong>wij hebben de staat nog nooit gezien voor hulp</strong>.” (Eva)</p>
</blockquote>
<blockquote>
	<p>
		“Ik heb niets tegen adoptie, maar zorg dat het klopt, niet alleen voor de kinderen maar ook voor de ouders. Want<strong> wij kunnen ze nu niet helpen</strong>: wat je weet, klopt niet.” (Eva)</p>
</blockquote>
<blockquote>
	<p>
		“Er zijn geen bedden en ook de instellingen zijn niet op maat van kinderen met het Foetaal Alcohol Syndroom. Het zorglandschap in Vlaanderen, wij kenden dat niet en we hebben dat de laatste jaren van dichtbij gezien. Zulke ogen hebben wij getrokken.” (Maryse)</p>
</blockquote>
<p>
	Deze ervaringen sluiten aan bij internationale bevindingen waaruit blijkt dat een gebrek aan transparantie (bv. over de leeftijd van het kind, medische gegevens, de aanwezigheid van ernstige socio-emotionele en psychologische problemen) ouders opzadelt met onverwachte ondersteuningsnoden, waardoor familiale stress, gevoelens van falen en machteloosheid verder toenemen (zie Vanspauwen et al., 2021).</p>
<p>
	Sommige adoptieouders ervaren daarnaast het besef dat ze <strong>nooit met zekerheid zullen weten</strong> wat er werkelijk met hun kind is gebeurd en dat het moeilijk is om ook hun kinderen hiermee te zien worstelen.</p>
<blockquote>
	<p>
		“Dit maakt het moeilijk om mijn kind haar verhaal eerlijk en correct te vertellen.” (interview in Marn & Tan, 2015)</p>
</blockquote>
<blockquote>
	<p>
		“Je weet eigenlijk niets van jouw kind, en ja, wie moet je op de duur geloven?” (Eva)</p>
</blockquote>
<blockquote>
	<p>
		“Ik probeer haar te doen begrijpen dat ze niet in de steek is gelaten. Dat dat niets met haar te maken heeft, maar dat is niet evident hé.” (interview in Vanspauwen et al., 2021)</p>
</blockquote>
<p>
	Ten slotte ervaren adoptieouders veel<strong> onbegrip</strong>, zowel in de <strong>bredere samenleving</strong>, waar adoptie nog te vaak als een sprookje wordt voorgesteld, als in hun <strong>directe omgeving</strong>, waar niet iedereen evenveel inzicht heeft in de complexiteit van adoptie. Vanspauwen en collega’s (2021) spreken in dit verband van ‘de verstikkende impact’ van dominante verhalen die adoptie eerst en vooral als een positieve maatregel benaderen.</p>
<h4>
	Schuldgevoel</h4>
<p>
	<strong>Schuldgevoel</strong> is een ander complex gevoel waar heel wat adoptieouders mee kampen. In het bijzonder speelt het dubbele gevoel in een frauduleus systeem te zijn gestapt en het daardoor mee in stand te houden, maar er tegelijk ook slachtoffer van te zijn. In het onderzoek van Marn en Tan (2015) vragen sommige ouders zich bijvoorbeeld af of hun kinderwens onbedoeld een markt heeft gecreëerd voor kinderontvoering en -handel.</p>
<blockquote>
	<p>
		“Het breekt mijn hart. Ik voel me medeplichtig aan een misdaad. Tegelijkertijd: wat kan ik er nu nog aan doen?” (Marn & Tan, 2015)</p>
</blockquote>
<p>
	Dit soort schuldgevoel speelt evengoed bij adoptieouders bij wie de adoptie van hun kind wel correct (lijkt) te zijn verlopen. Terwijl deze ouders misschien een kind adopteerden <strong>vanuit het geloof het juiste te doen</strong>, worden ze nu door de vele verhalen geconfronteerd met de tekortkomingen van het systeem. Dit kan allerlei existentiële vragen en onzekerheden oproepen, zoals bij Lisa.</p>
<blockquote>
	<p>
		“Transnationale adoptie kadert binnen een neokoloniaal denken en daar stond ik twintig jaar geleden niet bij stil. Je denkt één op één: je wil één kindje een warm nest bieden. Maar eigenlijk als je uitzoomt en het op meta-niveau bekijkt gaat dat om ‘arme kindjes redden’. Adoptieouders vandaag de dag moeten daaraan denken.” (Lisa)</p>
</blockquote>
<blockquote>
	<p>
		“Toen we inzagen dat het dossier niet klopte, kwam er eerst een schuldgevoel. Maar dan heb ik beseft dat we <strong>allemaal slachtoffer</strong> zijn. Mijn menslievend beeld was uitgebuit. Mijn wereldbeeld is op zijn grondvesten beginnen daveren. Het heeft een impact op hoe ik naar mensen kijk: ik denk nu snel dat ze niet authentiek handelen, dat ik in de maling word genomen.” (Lisa)</p>
</blockquote>
<p>
	Bij anderen is het schuldgevoel eerder gericht <strong>naar het adoptiekind zelf</strong>. Eva is moeder van een zoontje uit (vermoedelijk) Ethiopië van wie het adoptiedossier hoogstwaarschijnlijk niet van hem is. Zij adopteerde hem in 2016. De officiële leeftijd van haar zoon is altijd twee jaar ouder geweest dan zijn werkelijke, wat hem in heel wat verwarrende situaties bracht, bijvoorbeeld op school of op medisch vlak. Ze vraagt zich af:</p>
<blockquote>
	<p>
		“Als we hem niet geadopteerd hadden, <strong>had hij die ellende dan ook allemaal gehad</strong> of was het gewoon een gelukkig, onbezorgd manneke geweest in een weeshuis of pleeggezin? Daar zit je wel mee. Wij hebben hem hierheen gehaald. Hij heeft daar niet om gevraagd. Dat is echt wel iets om bij stil te staan.” (Eva)</p>
</blockquote>
<p>
	Schuldgevoel is vaak nauw verweven met <strong>schaamte</strong>, waardoor sommige adoptieouders de ‘vulkaan aan gevoelens’ waar ze mee worstelen voor zichzelf houden. Dit maakt het proces nog moeilijker en eenzamer.</p>
<h4>
	Angst</h4>
<p>
	Angst is een vierde prominente emotie bij adoptieouders van kinderen die (mogelijks) betrokken werden bij wanpraktijken. In het onderzoek van Marn en Tan (2015) maken de ouders zich over twee specifieke zaken zorgen. De eerste is de mogelijke schade die wanpraktijken aan <strong>hun kinderen</strong> zouden toebrengen, waarbij dit ook leidt tot moeilijkheden in de relatie ten aanzien van hun adoptiekind:</p>
<blockquote>
	<p>
		“We twijfelen aan de correctheid van de adoptie, maar we hebben geen bewijs. Ik wil mijn kind niet onnodig pijn doen, het gaat zo goed ermee. Het feit dat ge daar met uw kind niet open over kunt zijn, dat is pijnlijk. Ik zou willen dat ik oprechter kon zijn.” (interview in Vanspauwen et al., 2021)</p>
</blockquote>
<p>
	De tweede is de angst over wat dit zou betekenen voor hun eerste families. Een moeder deelt het volgende over de verlammende gedachte dat haar kind mogelijks werd ontvoerd:</p>
<blockquote>
	<p>
		“Het is te verschrikkelijk om te bevatten. Vaak probeer ik er gewoon niet aan te denken. Maar als ik het wel doe, en stel dat mijn dochter ontvoerd zou zijn, dan zou ik haar biologische moeder willen laten weten dat ze veilig is. Mijn hart zou volledig naar haar uitgaan. Het niet-weten is gewoonweg onbeschrijfelijk. Maar een ander deel van mij denkt dat als ik het ooit zou ontdekken, mijn eerste gedachte zou zijn: ‘Wat gebeurt er nu?’ Mijn dochter is al negen jaar bij mij. Ik ga haar niet opgeven. Daarna probeer ik weer gewoon niet aan de situatie te denken.” (interview in Marn & Tan, 2015)</p>
</blockquote>
<h4>
	Verdriet</h4>
<p>
	Verdriet bleek in het onderzoek van Marn en Tan (2015) de meest voorkomende emotie te zijn, geuit door 54 van de 154 adoptieouders. Het verdriet gaat niet zelden over <strong>eerste families</strong>:</p>
<blockquote>
	<p>
		“De situatie in China is al moeilijk genoeg, maar dat je kind van je wordt afgenomen en vervolgens zonder toestemming ter adoptie wordt afgestaan, is afschuwelijk. Ik kan alleen maar hopen dat dit niet het geval was bij mijn kind. <strong>Ik rouw om de geboorteouders</strong> van deze prachtige kinderen.”</p>
</blockquote>
<p>
	Ouders spraken in het onderzoek verder vooral hun verdriet uit over de pijn die <strong>hun adoptiekinderen</strong> mogelijks hebben doorgemaakt bij de scheiding van hun geboorteouders. Tijdens onze eigen gesprekken uitten ouders daarnaast verdriet <strong>over het besef dat zij onbewust deze mix van emoties</strong> doorgeven aan hun kinderen. Eva verwoordt het als volgt:</p>
<blockquote>
	<p>
		“De kinderen snappen dat nog niet, hoe we door de staat van het kastje naar de muur gestuurd worden en weer terug. Maar <strong>als ik daar verdriet over heb, hebben zij ook verdriet</strong>.”</p>
</blockquote>
<h4>
	Waakzaamheid</h4>
<p>
	Ook waakzaamheid (in het artikel “hypervigilance” genoemd) is een gevoel dat in het onderzoek van Marn en Tan (2015) naar boven komt. Sommige ouders gaven aan heel alert <strong>het nieuws</strong> te volgen, vrezend dat er ooit een artikel zou verschijnen waarin onthuld wordt dat het tehuis van hun kind betrokken was bij kinderontvoering.</p>
<p>
	“Elke keer dat ik een nieuw verhaal hoor over de ontvoering van baby’s in China, moet ik me schrap zetten om te lezen waar het gebeurd is of waar de baby’s uiteindelijk terecht zijn gekomen.<strong> Ik weet gewoon dat ik op een dag de naam van het weeshuis van mijn dochter in één van die verhalen ga tegenkomen.”</strong></p>
<p>
	Dit gevoel van extreme waakzaamheid kwam in onze eigen gesprekken <strong>niet</strong> naar voor, omdat er bij alle adoptieouders effectief wanpraktijken zijn vastgesteld. Ook in de deelrapporten van het expertenpanel komt dit niet ter sprake. Maar het is niet onmogelijk dat dit gevoel ook speelt bij sommige adoptieouders in Vlaanderen.</p>
<h4>
	Vastberadenheid</h4>
<p>
	Een laatste emotie die opgemerkt werd bij de adoptieouders in het onderzoek van Marn en Tan (2015) is het <strong>vastberaden geloof dat het hen niet is overkomen</strong>. 32 van de 154 ouders gaven aan geen twijfel te ervaren bij de correctheid van het adoptiedossier van hun kinderen.</p>
<blockquote>
	<p>
		“We waren er vrij zeker van dat onze dochter niet was ontvoerd met het doel om haar ter adoptie aan te bieden.”</p>
</blockquote>
<p>
	Deze ouders gaven meestal één van deze twee verklaringen: een gebrek aan twijfel, en het gevoel toch geen invloed te hebben op wat er in het verleden is gebeurd.</p>
<p>
	Die vastberadenheid lijkt echter ook gevoed te worden door een bredere context waarin twijfel sociaal wordt ingeperkt en ouders ontmoedigd worden om verontrustende signalen bespreekbaar te maken. Zo blijkt uit de gesprekken die Vanspauwen en collega’s (2021) hadden met adoptieouders dat andere adoptieouders hard kunnen reageren op het delen van negatieve ervaringen: <em>‘Hoe durft ge uw verhaal te brengen in de media? Daar kunnen wij onze kinderen niet tegen beschermen!’.</em></p>
<h4>
	Conclusie</h4>
<p>
	Niet alle adoptieouders ervaren dezelfde emoties, en ook niet in dezelfde intensiteit. Maar omgaan met dit kluwen is allesbehalve eenvoudig en daar wordt beslist <strong>te weinig erkenning</strong> voor gegeven. Ook wij, bij Steunpunt Adoptie, merken dat de noden van adoptieouders die geconfronteerd worden met (de mogelijkheid van) wanpraktijken bij de adoptie van hun kind minder zichtbaar zijn of uitgesproken worden.</p>
<p>
	Wanneer we vragen aan enkele ouders wat hen verder zou kunnen helpen, klinkt het antwoord steevast <strong>“dat mijn kind geholpen wordt”</strong>. Lisa voegt daaraan toe dat ze samen met anderen haar<strong> stem wil verheffen</strong>. Momenteel wordt er volgens haar te weinig de hand gereikt door geadopteerdengroepen naar adoptieouders. “Maar als iedereen op zijn eentje gaat strijden, geraken we niet verder”, zegt ze. “We moeten ons <strong>verenigen</strong> rond wat ons verbindt, en dat zijn de wanpraktijken. We zijn allemaal gejost door hetzelfde systeem. We zijn misbruikt. Laten we dat systeem aankaarten, los van al onze verschillen.”</p>
<p>
	Maryse zegt daar nog bij dat ze haar verhaal wil delen om <strong>toekomstige gezinnen te waarschuwen</strong>: “Zorg met alles van de wereld dat zoiets niet gebeurt als het niet hoeft te gebeuren.”</p>
<p>
	<strong>Heb je naar aanleiding van dit artikel behoefte aan een gesprek? Je bent welkom <a href="https://www.steunpuntadoptie.be/nl/adoptieouder/individuele-begeleiding-kandidaat-adoptieouders">bij een nazorgmedewerker voor een gesprek</a>. Ook als je je herkent in dit artikel en graag in contact wil komen met andere adoptieouders kan je ons contacteren.</strong></p>
<p>
	<strong>Heb je vermoedens van wanpraktijken bij de adoptieprocedure van jouw kind? <a href="https://www.steunpuntadoptie.be/nl/melding-aan-vca-twijfels-en-bezorgdheden-rond-afstand-adoptie">Maak hier melding</a>.</strong></p>
<p>
	<strong>Andere ideeën over wat wij voor jou kunnen betekenen? Stuur ons een mail via <a href="http://mailto:info@steunpuntadoptie.be?utm_source=feed&amp;utm_medium=rss&amp;utm_campaign=wanpraktijken-bij-adoptie-ervaringen-van-adoptieouders">info@steunpuntadoptie.be</a>.</strong></p>
<p>
	<strong>Bronnen:</strong></p>
<ul>
	<li>
		Marn, T. M., & Tan, T. X. (2015). Adoptive parents’ suspicion and coping with the possibility of child abduction for international adoption in China. <em>The Family Journal, 23</em>(4), 407-416.</li>
	<li>
		San Román, B., & Rotabi, K. S. (2019). Rescue, red tape, child abduction, illicit adoptions, and discourse: Intercountry adoption attitudes in Spain. <em>International Social Work, 62</em>(1), 198-211.</li>
	<li>
		Vanspauwen, N., Sermijn, J., & Loots, G. (2021). Rapport bevraging geadopteerden & adoptieouders. Expertenpanel Interlandelijke Adoptie.</li>
	<li>
		Vanspauwen, N., Sermijn J, & Loots, G. (2021). Rapport literatuurstudie. Expertenpanel Interlandelijke Adoptie.</li>
</ul>
<p>
	<strong>Tekst:</strong> Lise Dheedene</p>
<p>
	<em>Publicatiedatum: september 2025</em></p>
<div class="meta">
	<p><a href="https://www.steunpuntadoptie.be/nl/kennisdatabank/detail/wanpraktijken-bij-adoptie-ervaringen-van-adoptieouders" title="Wanpraktijken bij adoptie: ervaringen van adoptieouders">Wanpraktijken bij adoptie: ervaringen van adoptieouders</a> geschreven door Fork CMS in <a href="https://www.steunpuntadoptie.be/nl/kennisdatabank/categorie/sociale-ongelijkheid-en-wanpraktijken" title="Sociale ongelijkheid en wanpraktijken">Sociale ongelijkheid en wanpraktijken</a>.</p>
</div>

		]]>
	</description>
	<pubDate>Tue, 16 Sep 2025 10:39:00 +0200</pubDate>
	<author><![CDATA[fork-cms@example.com (Fork CMS)]]></author>
	<category><![CDATA[Sociale ongelijkheid en wanpraktijken]]></category>
	<guid isPermaLink="true">https://www.steunpuntadoptie.be/nl/kennisdatabank/detail/wanpraktijken-bij-adoptie-ervaringen-van-adoptieouders</guid>
	</item>
<item>
	<title><![CDATA[Window of tolerance: Kinderen helpen weer tot rust te komen]]></title>
	<link>https://www.steunpuntadoptie.be/nl/kennisdatabank/detail/window-of-tolerance-kinderen-helpen-weer-tot-rust-te-komen?utm_source=feed&amp;utm_medium=rss&amp;utm_campaign=window-of-tolerance-kinderen-helpen-weer-tot-rust-te-komen</link>
	<description>
		<![CDATA[
			<p>
	<strong>De 'window of tolerance' (WOT) is een model (Siegel, 1999; Ogden, 2000) dat helpt om stress- en traumareacties op een behapbare manier uit te leggen aan kinderen, ouders, leerkrachten ... en iedereen die meer wil weten over de impact van trauma op gedrag.</strong></p>
<p>
	We staan de hele dag onder een bepaalde vorm van opwinding of ‘arousal’. Wanneer alles rustig verloopt, blijft onze arousal binnen een <strong>optimaal bereik</strong>: ons tolerantievenster. Binnen dit venster kunnen we goed functioneren, omgaan met alledaagse stressoren en beslissingen nemen zonder overspoeld te raken of onszelf af te sluiten.</p>
<h5>
	De grootte van ons tolerantievenster</h5>
<p>
	Iedereen heeft een<strong> eigen&nbsp;boven- en ondergrens: een persoonlijke&nbsp;WOT</strong>. Bij kinderen is dit venster vaak kleiner, omdat hun hersenen nog in ontwikkeling zijn en hun vermogen tot zelfregulatie nog niet op punt staat. Ook mensen die een trauma hebben meegemaakt, bekend of onbekend (bv. verlieservaringen, misbruik/geweld, verblijf in een kindertehuis), hebben vaak een kleinere WOT en treden sneller buiten hun venster.</p>
<h5>
	Buiten het venster treden: hyper- of hypo-arousal</h5>
<p>
	<strong>Getraumatiseerde kinderen</strong> hebben dus een <strong>nog kleinere WOT,</strong> waardoor ze sneller worden getriggerd en extremer reageren op dingen die wij niet onmiddellijk als spannend of bedreigend ervaren. Hun alarmsysteem staat onnodig continu aan. Ze kunnen zich hyperactief, boos, agressief of hyperalert gedragen (hyper-arousal). Evengoed kunnen zij zich emotioneel terugtrekken in hun eigen innerlijke wereld en zich minder bewust worden van hun omgeving (hypo-arousal). Het kind lijkt dan even te ‘verdwijnen'.</p>
<p>
	De functie van arousal is duidelijk: het bereidt het lichaam voor op<strong> vechten of vluchten&nbsp;</strong>(hyper-arousal). Bij arousal neemt de hartslag toe, wordt er bloed naar de spieren gestuurd en komt adrenaline vrij.</p>
<p>
	<strong>Dissociatie</strong> (hypo-arousal)&nbsp;daarentegen stelt ons in staat om tot rust te komen, ons te herpakken en pijn te doorstaan. De hartslag vertraagt, bloed wordt in de romp gehouden (om mogelijk bloedverlies bij letsel te beperken), en er komen lichaamseigen pijnstillers (zoals enkefaline en endorfine) vrij. Bij jonge kinderen die trauma meemaken en niet kunnen vechten of vluchten, is <strong>dissocatie vaak de enige, adaptieve optie</strong>.</p>
<h5>
	Praktische tips voor ouders, leerkrachten en zorgfiguren</h5>
<p>
	Als ouder of zorgfiguur is het onze taak om kinderen te&nbsp;<strong>helpen&nbsp;</strong>terug in hun 'raampje' te komen. Welke <strong>strategieën</strong> hierbij werken, hangt af van de toestand waarin het kind zich bevindt (hyper- of hypo-arousal).&nbsp;Zo creëren we een veilige omgeving waarin het kind zich gehoord, gezien en begrepen voelt, vergroten we hun gevoel van veiligheid en veerkracht, en leren ze dat ze steun kunnen zoeken en niet alleen staan.</p>
<p>
	In het kader hieronder vind je verschillende voorbeelden van strategiëen.&nbsp;Zoek je meer strategieën bij een freeze-reactie? Lees ook <a href="https://www.steunpuntadoptie.be/nl/kennisdatabank/detail/freeze-reactie-bij-adoptiekinderen-wat-kan-je-doen" target="_blank">dit artikel</a>.</p>
<p>
	<img alt="" src="https://www.steunpuntadoptie.be/frontend/files/userfiles/images/WOT%20Siegel.png" style="width: 560px; height: 420px;" /></p>
<p>
	<em>Laatst aangepast: september 2025</em></p>
<p>
	<strong>Bron/leestip:</strong><em> </em></p>
<ul>
	<li>
		Wat is je overkomen? Gesprekken over trauma, veerkracht en herstel. - O. Winfrey & B. Perry (2023)</li>
	<li>
		Van kwetsuur naar litteken. Hulpverlening aan kinderen met complex trauma. -&nbsp;N. Vliegen, E. Tang, P. Meurs (2017)</li>
</ul>
<div class="meta">
	<p><a href="https://www.steunpuntadoptie.be/nl/kennisdatabank/detail/window-of-tolerance-kinderen-helpen-weer-tot-rust-te-komen" title="Window of tolerance: Kinderen helpen weer tot rust te komen">Window of tolerance: Kinderen helpen weer tot rust te komen</a> geschreven door Kristina Vanremoortel in <a href="https://www.steunpuntadoptie.be/nl/kennisdatabank/categorie/trauma" title="Trauma">Trauma</a>.</p>
</div>

		]]>
	</description>
	<pubDate>Thu, 04 Sep 2025 15:21:00 +0200</pubDate>
	<author><![CDATA[kristina-vanremoortel@example.com (Kristina Vanremoortel)]]></author>
	<category><![CDATA[Trauma]]></category>
	<guid isPermaLink="true">https://www.steunpuntadoptie.be/nl/kennisdatabank/detail/window-of-tolerance-kinderen-helpen-weer-tot-rust-te-komen</guid>
	</item>
<item>
	<title><![CDATA[Webinar: In Reunion]]></title>
	<link>https://www.steunpuntadoptie.be/nl/kennisdatabank/detail/webinar-in-reunion?utm_source=feed&amp;utm_medium=rss&amp;utm_campaign=webinar-in-reunion</link>
	<description>
		<![CDATA[
			<p>
	In dit webinar deelt <strong>Sara Docan-Morgan </strong>(PhD) haar onderzoek naar <strong>transnationale Koreaanse geadopteerden en hun relaties met hun geboortefamilies</strong>.</p>
<p>
	Ze baseert zich op haar boek <em>In Reunion: Transnational Korean Adoptees and the Communication of Family</em> (2024, Temple University Press), dat voortkomt uit longitudinale, kwalitatieve interviews met volwassen Koreaanse geadopteerden in de Verenigde Staten en Denemarken die herenigd zijn (of zijn geweest) met hun geboortefamilies.</p>
<p>
	Onderwerpen die aan bod komen zijn onder andere de <strong>eerste ontmoetingen</strong>, <strong>culturele en taalverschillen</strong>, en hoe adoptiebetrokkenen, professionals en anderen geadopteerden het beste kunnen <strong>ondersteunen tijdens een hereniging</strong>.</p>
<p>
	Deze webinar werd in het Engels gegeven (niet ondertiteld) op 8/05/2025 en kan je <a href="https://steunpuntadoptie.webinargeek.com/in-reunion-1?cst=channel" target="_blank">hier</a> herbekijken (€5).</p>
<div class="meta">
	<p><a href="https://www.steunpuntadoptie.be/nl/kennisdatabank/detail/webinar-in-reunion" title="Webinar: In Reunion">Webinar: In Reunion</a> geschreven door Kristina Vanremoortel in <a href="https://www.steunpuntadoptie.be/nl/kennisdatabank/categorie/identiteit-en-herkomst" title="Identiteit en herkomst">Identiteit en herkomst</a>.</p>
</div>

		]]>
	</description>
	<pubDate>Thu, 04 Sep 2025 14:44:00 +0200</pubDate>
	<author><![CDATA[kristina-vanremoortel@example.com (Kristina Vanremoortel)]]></author>
	<category><![CDATA[Identiteit en herkomst]]></category>
	<guid isPermaLink="true">https://www.steunpuntadoptie.be/nl/kennisdatabank/detail/webinar-in-reunion</guid>
	</item>
<item>
	<title><![CDATA[Een terugreis naar het land van herkomst als volwassen geadopteerde]]></title>
	<link>https://www.steunpuntadoptie.be/nl/kennisdatabank/detail/een-terugreis-naar-het-land-van-herkomst-als-volwassen-geadopteerde?utm_source=feed&amp;utm_medium=rss&amp;utm_campaign=een-terugreis-naar-het-land-van-herkomst-als-volwassen-geadopteerde</link>
	<description>
		<![CDATA[
			<p>
	<strong>Een terugreis* naar het land van herkomst kan een ingrijpende ervaring zijn. Aan de hand van de persoonlijke verhalen van geadopteerden en inzichten uit (nog beperkt) wetenschappelijk onderzoek, schetsen we een beeld van wat zo’n terugreis kan betekenen voor geadopteerden en welke overwegingen een rol kunnen spelen.</strong></p>
<h4 class="a">
	Motieven om terug te reizen</h4>
<p>
	De<strong> redenen van geadopteerden</strong> om terug te reizen zijn <strong>uiteenlopend</strong> en verschillen van persoon tot persoon. Sommigen willen het land en de cultuur beter leren kennen of toeristische plekken bezoeken. Anderen gaan op zoek naar plaatsen en contactpersonen die genoemd worden in hun adoptiedossier, of hopen in contact te komen met hun eerste familie.</p>
<p>
	Voor velen is het ook een manier om <strong>meer inzicht</strong> te krijgen in hun achtergrond en identiteit - om met eigen ogen te zien waar hun verhaal begonnen is.</p>
<p>
	In een <a href="https://www.steunpuntadoptie.be/nl/kennisdatabank/detail/samenvatting-onderzoek-psychologische-implicaties-van-een-terugreis-voor-interlandelijk-geadopteerden-2022">kwantitatief onderzoek van Santona et al.</a> (2022) gaven 34 transnationaal geadopteerden tussen de 12 en 40 jaar twee hoofdredenen aan voor hun terugreis:</p>
<ol>
	<li>
		De behoefte aan meer informatie over het eigen verleden (zoals het bezoeken van plaatsen waar ze verbleven of het ontmoeten van mensen van vroeger);</li>
	<li>
		De wens om beter te begrijpen wie ze zijn (zoals het omgaan met het gevoel dat er iets ontbreekt).</li>
</ol>
<p>
	Deze motieven herkennen we in de verhalen van de geadopteerden die wij spraken:</p>
<p>
	<strong>An Sheela</strong>: “In 2016 is mijn adoptievader onverwacht gestorven. Dat was voor mij een enorme trigger die ertoe leidde dat ik mezelf een beetje kwijt was. Ik begon daardoor bewust na te denken over adoptie en uiteindelijk heb ik een reeks van rootsreizen aangevat.</p>
<p>
	In 2022 begon ik de eerste fase van mijn rootsreizen. Ik besloot op zoek te gaan naar mijn familie en wilde vooral mijn bestaansrecht bevestigen: zijn mijn papieren correct? Welke informatie hebben ze daar? Klopt dat met wat ik hier heb?”</p>
<p>
	<strong>Lisa:</strong> “Op het moment dat ik erachter kwam dat mijn adoptie illegaal verlopen was, werd er een soort oerinstinct in mij wakker. Het gevoel dat ik mijn roots moest omarmen was heel intens. Maar ik wilde ook weten wat er gebeurd was: de waarheid kennen, mijn geschiedenis begrijpen.”</p>
<p>
	<strong>Noëmi:</strong> “Hoewel ik mijn adoptieverhaal lange tijd heb weggeduwd, had ik altijd al de wens om terug naar China te gaan. Vorig jaar was het dan zover. We waren veel onderweg, omdat ik alles wilde zien.</p>
<p>
	Deze zomer ga ik terug met mijn zus. We gaan er twee weken Chinese les volgen. Daarna reizen we samen nog wat verder. Wat ik fijn vind aan deze reis is dat we langer op één plek zullen blijven. Ik hoop nu meer rust te vinden en echt te kunnen voelen hoe het is om daar te wonen.”</p>
<h4 class="a">
	Timing van de terugreis</h4>
<p>
	Helaas bestaan er geen eenduidige richtlijnen of criteria om te bepalen of je ‘klaar’ bent voor een terugreis.</p>
<p>
	Bij onze interviewees en in gesprekken met andere geadopteerden merken we dat de timing in de praktijk vooral bepaald wordt door (1) de <strong>wens van de geadopteerde</strong> om terug te keren en (2) allerlei <strong>praktische overwegingen</strong>.</p>
<p>
	<strong>An Sheela</strong>: “Ik had al van jongs af aan een grote interesse in India en was vaak bezig met vragen zoals: wat betekent India eigenlijk, en wat betekent het om daar vandaan te komen? Ik was degene die steeds zei: Ik wil teruggaan.</p>
<p>
	Mijn ouders hielden dat echter altijd tegen, omdat ze met het hele gezin terug wilden reizen. Maar ik heb zes jaar leeftijdsverschil met mijn jongere zus, dus het werd steeds uitgesteld. Uiteindelijk heb ik tot mijn 23ste moeten wachten voordat ik voor het eerst terug kon.”</p>
<p>
	<strong>Noëmi:</strong> “Ik denk dat het vroeger altijd al de bedoeling was dat ik samen met mijn adoptieouders en mijn zus, die ook geadopteerd is, zou teruggaan. Maar nadat mijn ouders gescheiden zijn, is het er nooit meer van gekomen.</p>
<p>
	Ik had het plan om na mijn afstuderen te gaan, omdat ik dan veel tijd zou hebben. Maar toen kwam corona. Daarna ben ik gaan werken en was het niet makkelijk om zomaar een maand weg te zijn. Uiteindelijk dacht ik: ik ga het gewoon doen, anders komt het er nooit van.”</p>
<p>
	<strong>Lisa:</strong> “Voor ik wist dat mijn adoptie illegaal verlopen was, wilde ik er niks mee te maken hebben en hoefde ik er ook niet naartoe. Dan kwam ik erachter en kort erna boekte ik mijn ticket naar Brazilië.”</p>
<h4 class="a">
	Voorbereiding</h4>
<h5 class="a">
	Praktische voorbereiding</h5>
<p>
	Terugreizen kunnen <strong>verschillende vormen</strong> aannemen. Sommige geadopteerden plannen alles zelf. Anderen doen een beroep op externe ondersteuning, bijvoorbeeld via:</p>
<ol>
	<li>
		algemene reisorganisaties</li>
	<li>
		organisaties die gespecialiseerd zijn in rootsreizen</li>
	<li>
		belangenorganisaties voor en/of door geadopteerden die zich actief inzetten bij zoektochten ter plaatse. Voorbeelden van zulke organisaties zijn Global Overseas Adoptees’ Link (G.O.A.’L.) voor Koreaans geadopteerden of Des Racines Naissent des Ailes voor Ethiopisch geadopteerden.</li>
</ol>
<p>
	Hoe de planning er exact uitziet, hangt <strong>samen met de motieven</strong> om terug te keren. Vaak bevatten terugreizen <strong>elementen van ‘culturele onderdompeling’ </strong>(zoals museumbezoeken, authentieke eetervaringen en het bezoeken van erfgoedsites), zodat de geadopteerde meer begrip krijgt van diens culturele achtergrond. Soms bevatten ze ook <strong>adoptiespecifieke activiteiten</strong> (zoals het ontmoeten van voormalige verzorgers of het inkijken van adoptiedocumenten), om de persoonlijke geschiedenis te verkennen (Wilson & Summerhill-Coleman, 2013).</p>
<p>
	<strong>Noëmi:</strong> “Ik nam contact op met een bureau dat rootsreizen organiseert. Ik heb ook goed nagedacht of ik het weeshuis en mijn geboortestad wilde bezoeken - en dat wilde ik sowieso. Mijn partner is ook mee geweest. Zij heeft een kennis die in China woont. Met hem hebben we uiteindelijk veel praktische zaken geregeld, wat heel goed verlopen is.”</p>
<p>
	<strong>An Sheela:</strong> “De allereerste reis met mijn adoptiemoeder was oké. Toen was ik nog totaal niet bezig met identiteit. Het was eerder nieuwsgierigheid naar India. Een algemene kennismaking.</p>
<p>
	Later ben ik dan actief begonnen aan mijn zoektocht en heb ik mijn rootsreis samen met een vriendin voorbereid en ondernomen. De focus lag op het bezoeken van het kindertehuis; om te kijken welke informatie ze al hadden en wat ze bereid waren om te delen.</p>
<p>
	Datzelfde jaar maakte ik nog een reis. Toen nam ik mijn zoon mee en hebben we verdere stappen gezet in de zoektocht. In die regio heb ik ook een advocaat ontmoet.”</p>
<p>
	<strong>Lisa:</strong> “Inmiddels ben ik twee keer terug geweest, twee jaar op rij. De eerste keer ging ik zonder verwachtingen en met een open mindset: ik laat het op me afkomen en ik neem alles gewoon waar. Ik wilde zoveel mogelijk indrukken opdoen. De tweede keer was anders. Toen wilde ik bijvoorbeeld ook een Braziliaans paspoort en wilde ik de taal leren.”</p>
<h5 class="a">
	Emotionele voorbereiding</h5>
<p>
	Omdat een terugreis een sterke emotionele lading kan hebben, is het waardevol om vooraf stil te staan bij de mogelijke impact ervan. Dit kan bijvoorbeeld betekenen dat je tijd neemt om je eigen <strong>verwachtingen te verkennen</strong>: wat hoop je te vinden? Waar ben je bang voor? Wat als het niet lukt?</p>
<p>
	Terugreizen brengt vaak confrontaties met zich mee: niet alleen met de lokale cultuur - gewoontes, taal, omgangsvormen, eten - maar ook met persoonlijke vragen rond afkomst, identiteit en verbondenheid. Een open blik en ruimte laten voor onverwachte ervaringen kan helpend zijn.</p>
<p>
	<strong>An Sheela:</strong> “Ondertussen besef ik dat ik uit een regio kom waar de administratie pure chaos is. Administratief iets bereiken is daar bijna onmogelijk. Na twee, drie reizen besefte ik dat ik eigenlijk nog geen stap verder was. Dus ik dacht: wat kan ik dan doen? Wat kan ik voor mezelf wél uit deze reizen halen? Ik besloot dat gewoon een week in de regio verblijven waar ik vandaan kom voor mij al een hoofddoel is. Ik vertrek niet meer met het idee: ik móet nu mijn familie vinden. Dat is gewoon niet realistisch. Als het ooit lukt: oké. En als het niet lukt, dan zal ik dat moeten accepteren.”</p>
<p>
	<strong>Lisa:</strong> “Ik zou iedereen aanraden om niet te veel verwachtingen te hebben en het echt dag per dag te bekijken. De tweede keer had ik veel hogere verwachtingen en die zijn lang niet allemaal uitgekomen. Die tweede reis was dan ook veel pijnlijker.”</p>
<p>
	Sommigen vinden steun bij <strong>professionele hulpverlening</strong> zowel voor, tijdens als na de reis. Maar ook het delen van gevoelens en gedachten met mensen die dicht bij je staan, kan helpen.</p>
<p>
	<strong>Noëmi</strong>: “Ik heb vooral mijn adoptiedocumenten opnieuw bekeken en ook het fotoalbum van mijn ouders toen zij in China waren. Ik heb ook veel gepraat met vrienden, collega’s en familie over de reis, wat erg hielp. Het was enorm waardevol voor mij om omringd te zijn door mensen die meeleven en die het net zo spannend vonden als ik. Het was fijn om me daarin gehoord te voelen.”</p>
<p>
	Sommige geadopteerden kiezen ervoor om de terugreis in groepsverband te doen, al dan niet met andere geadopteerden vanuit een behoefte aan (h)erkenning (ICAV, 2024; Ponting, 2022; Wilson & Summerhill-Coleman, 2013). Deze (h)erkenning en emotionele steun kunnen evenwel komen van reispartners zonder adoptieverleden. De geadopteerden die wij spraken, reisden bijvoorbeeld met een partner, vriend(in) of familielid. Zij benadrukten dat het <strong>ervaren van begrip</strong> belangrijk is voor het omgaan met en verwerken van ervaringen ter plaatse.</p>
<p>
	<strong>An Sheela</strong>: “Omdat het voor mij zo'n emotionele rollercoaster was, heeft mijn vriendin op een gegeven moment het woord overgenomen. Dat was zó waardevol. Iemand meenemen die je opvangt en eventueel het gesprek kan overnemen als het je te veel wordt, is echt een must. Die ondersteuning was ontzettend welkom.”</p>
<p>
	<strong>Noëmie</strong>: “Het is belangrijk om goed omringd te zijn. Er komt zoveel op je af, dan is het echt fijn om iemand te hebben bij wie je terecht kan.”</p>
<h4 class="a">
	Na de terugreis</h4>
<h5 class="a">
	Verbinding en identiteit</h5>
<p>
	Ondanks individuele verschillen toont onderzoek aan dat terugreizen meestal <strong>positieve gevoelens</strong> oproept bij geadopteerden ten opzichte van hun verleden en geboortecultuur, zoals trots en voldoening bij het terugkeren naar belangrijke plaatsen (Santona et al., 2022; Wilson & Summerhill-Coleman, 2013).</p>
<p>
	<strong>Noëmi:</strong> “Het meest waardevol vond ik het bezoek aan het weeshuis; vooral omdat ik er geen foto's van had en mijn ouders er ook niet zijn geweest.”&nbsp;</p>
<p>
	<strong>Lisa:</strong> “We gingen naar het gemeentehuis waar mijn geboortecertificaat is opgemaakt. Ook al konden de medewerkers niets voor mij doen, ik ben blij dat ik er geweest ben. Ik wou dat met eigen ogen zien.”&nbsp;</p>
<p>
	Terugreizen bieden geadopteerden een kans om meer te leren over hun geboorteland en cultuur, en dragen bij aan hun <strong>identiteitsvorming</strong> door verleden en heden te verbinden en zo een vergroot <strong>gevoel van continuïteit en <em>belonging</em></strong> te creëren (e.g. Day, 2018; Lee et al., 2007; Santona et al., 2022; Ponting, 2022; Wilson & Summerhill-Coleman, 2013).</p>
<p>
	Een groot deel van de volwassen geadopteerden geeft ook aan dat terugreizen een belangrijke invloed heeft gehad op de ontwikkeling van een <strong>positieve etnische identiteit</strong> (McGinnis et al., 2009; Song & Lee, 2009; Suh, 2020).</p>
<p>
	<strong>An Sheela:</strong> “Ondertussen heb ik een heel hechte connectie kunnen ontwikkelen met mijn geboorteland. De reizen die ik heb gemaakt, gingen niet alleen over de zoektocht naar familie, maar ook over het terug toe-eigenen van een identiteit die ik kwijt was, het gevoel ergens bij te horen. Telkens wanneer ik terugga, kan ik een stukje van de puzzel erbij leggen. Elke beleving is voor mij een verrijking. Ik zie het als een vorm van therapie.”</p>
<p>
	<strong>Noëmi:</strong> “Er zijn veel vooroordelen over China, maar ik heb ervaren dat de mensen daar juist heel warm en hartelijk zijn. Het was de eerste keer dat ik echt het gevoel had: ik voel me verbonden met deze mensen, ik voel dat ik hier vandaan kom. Ook het eten, de geuren … Het was gewoon fijn om daar te zijn en echt te voelen: hier kom ik vandaan.”</p>
<p>
	<strong>Lisa:</strong> “Na de eerste terugreis wilde ik ineens heel veel Braziliaans koken en luisterde ik heel veel naar Portugese en Braziliaanse muziek. Ik ben er echt helemaal in gedoken. Na de tweede keer, nu enkele maanden geleden, is de intensiteit veel minder. Het is niet dat ik er afstand van heb genomen, ik laat het meer op me afkomen. Als ik er zin in heb, dan doe ik het.”</p>
<p>
	Identiteitsvorming bij geadopteerden blijft echter <strong>complex</strong>: sommigen kunnen zich identificeren met twee verschillende culturen, zonder een echt gevoel van verbondenheid met één van beide (Baden et al., 2021; Goss, Byrd & Hughey, 2017; Meyers, 2020).</p>
<p>
	<strong>Noëmi:</strong> “Mijn gevoel van thuis horen in China was eigenlijk zoals ik had verwacht: dat ik me hier in België nooit 100% thuis voel, maar daar ook niet helemaal. Vooral omdat ik de taal niet spreek, wat het moeilijk maakt om echt contact te maken - dat vind ik jammer. Maar wat ik niet had verwacht, is dat ik daar het gevoel had: ik had hier kunnen wonen. Het is moeilijk om nu definitief naar China te gaan, maar het gevoel blijft wel hangen.”</p>
<p>
	<strong>Lisa</strong>: “Mijn neef was mee tijdens de eerste reis - hij is tweetalig opgevoed - en hij sprak veel Portugees. Ik liet me een beetje leiden door hem. Hij is heel sociaal en had contact met iedereen. Daardoor voelde ik me heel betrokken.</p>
<p>
	De tweede keer was hij er niet bij en was ik er alleen met mijn huidige vriend, die geen woord Portugees sprak. Daardoor voelde ik me totaal niet meer verbonden met de mensen. Dat maakt echt een verschil wanneer je naar een land gaat waar geen Engels gesproken wordt. Het heeft er zeker mee te maken dat die tweede reis zo is tegengevallen.”</p>
<h5 class="a">
	Emotionele verwerking</h5>
<p>
	Ook na de reis kan er nog veel loskomen. De reis zelf is misschien afgerond, maar de emotionele verwerking ervan is vaak een langer proces.</p>
<p>
	<strong>Noëmi:</strong> “Ik voel dat er iets veranderd is sinds ik terug in België ben. Het raakt me meer als het over adoptie, China of identiteit gaat.</p>
<p>
	Nu, een half jaar later, merk ik dat ik met een sterk gevoel zit dat ik heel graag terug wil. Dat had ik niet verwacht. Ik dacht wel dat ik ooit nog eens terug zou willen, maar nu is het echt een diep, innerlijk gevoel van: ik moet terug.</p>
<p>
	Ook merk ik dat er een onderstroom van verdriet naar boven is gekomen. Dat was er misschien altijd al, maar is door die reis duidelijker geworden. Er zitten gevoelens die ik eerder niet echt voelde, maar nu wel. Een stukje adoptietrauma dat nu voelbaarder is geworden.”</p>
<p>
	<strong>Lisa:</strong> “Ik denk dat ik er de eerste keer te hard in ben gegaan. Toen had ik het gevoel dat ik 28 jaar moest inhalen, dat ik alles wat ik gemist had, moest goed maken. Ik wilde ook niks met België te maken hebben. Ik vond frieten vies en wilde niks van Belgische chocolade. Maar toen ik de tweede keer terugkwam, was het eerste dat ik at: frietjes. Die werelden blenden nu wat meer met elkaar.”</p>
<p>
	<strong>An Sheela: </strong>“Vanaf het moment dat ik echt actief aan mijn zoektocht begon – dus die eerste reis met mijn vriendin - was het bij thuiskomst alsof ik compleet verloren was. Je zit met je hoofd nog in India, maar je lichaam is weer hier. Terug landen was enorm moeilijk. Je draait wel weer mee in het dagelijkse ritme, maar dat gaat op automatische piloot. Het duurde lang voordat ik weer echt ‘hier’ was.</p>
<p>
	De reis daarna had ik daar ook nog last van, maar minder lang. En dat is gelukkig blijven verbeteren. Het is een knop die je op de duur leert omdraaien.”</p>
<p>
	<strong>Overweeg je zelf een terugreis te maken en zoek je emotionele ondersteuning bij vragen die dit teweegbrengt? Je bent welkom bij een van onze nazorgmedewerkers voor <a href="https://www.steunpuntadoptie.be/nl/geadopteerd/individuele-begeleiding-geadopteerden">een gesprek</a>. Of <a href="https://www.a-buddy.be/nl">chat met onze buddy’s</a>!&nbsp;</strong></p>
<p>
	<strong>Bronnen:</strong></p>
<ul>
	<li>
		Ponting, S. (2022). Birth country travel and adoptee identity (2022). <em>Annals of Tourism Research, 93(C)</em>.&nbsp;doi.org/10.1016/j.annals.2022.103354</li>
	<li>
		Santona, A., Tognasso, G., Carella, C., Gorla, L., Raymondi, M., & Chistolini, M. (2022). Psychological implications of the ‘Back to the Origins’ journey for intercountry adoptees. <em>Adoption & Fostering, 46</em>(1), 60-72. doi.org/10.1177/03085759221080216</li>
	<li>
		Wilson, S. L., & Summerhill-Coleman, L. (2013). Exploring birth countries: The mental health implications of heritage travel for children/adolescents adopted internationally. <em>Adoption Quarterly, 16(3-4)</em>, 262-278. doi.org/10.1080/10926755.2013.790865</li>
</ul>
<p>
	<strong>Tekst:</strong> Helen Duijvene de Wit & Kristien Wouters</p>
<p>
	*In dit artikel gebruiken we de term 'terugreis' in plaats van 'rootsreis', omdat die term neutraler is en open laat welke reden of betekenis geadopteerden aan hun reis naar het herkomstland geven (bv. toerisme, geschiedenis, vragen over ‘wortels’ en identiteit) (Yngvesson, 2003; Bex, 2016).</p>
<p>
	<em>Publicatiedatum: juli 2025</em></p>
<div class="meta">
	<p><a href="https://www.steunpuntadoptie.be/nl/kennisdatabank/detail/een-terugreis-naar-het-land-van-herkomst-als-volwassen-geadopteerde" title="Een terugreis naar het land van herkomst als volwassen geadopteerde">Een terugreis naar het land van herkomst als volwassen geadopteerde</a> geschreven door Inge Demol in <a href="https://www.steunpuntadoptie.be/nl/kennisdatabank/categorie/identiteit-en-herkomst" title="Identiteit en herkomst">Identiteit en herkomst</a>.</p>
</div>

		]]>
	</description>
	<pubDate>Tue, 08 Jul 2025 09:00:00 +0200</pubDate>
	<author><![CDATA[inge-demol@example.com (Inge Demol)]]></author>
	<category><![CDATA[Identiteit en herkomst]]></category>
	<guid isPermaLink="true">https://www.steunpuntadoptie.be/nl/kennisdatabank/detail/een-terugreis-naar-het-land-van-herkomst-als-volwassen-geadopteerde</guid>
	</item>
<item>
	<title><![CDATA[Wanpraktijken bij adoptie: het herstelbeleid door de lens van “transitionele rechtvaardigheid”]]></title>
	<link>https://www.steunpuntadoptie.be/nl/kennisdatabank/detail/wanpraktijken-bij-adoptie-het-herstelbeleid-door-de-lens-van-%E2%80%9Ctransitionele-rechtvaardigheid%E2%80%9D?utm_source=feed&amp;utm_medium=rss&amp;utm_campaign=wanpraktijken-bij-adoptie-het-herstelbeleid-door-de-lens-van-%25E2%2580%259Ctransitionele-rechtvaardigheid%25E2%2580%259D</link>
	<description>
		<![CDATA[
			<p>
	<strong>Vanuit de hardnekkige overtuiging dat adoptie kinderen uit een schadelijke omgeving redt, zag België het plaatsvinden van wanpraktijken bij adoptie decennialang door de vingers. In 2019 brachten getuigenissen van Ethiopisch geadopteerden echt de bal aan het rollen. Welke stappen zijn er anno mei 2025 gezet in het herstelbeleid rond illegale adoptie in Vlaanderen? Welke nog niet? In dit artikel nemen we de huidige stand van zaken onder de loep. We toetsen deze af tegenover principes van de “overgangsjustitie”, zoals aangenomen door de Verenigde Naties.</strong></p>
<p>
	Wanpraktijken bij adoptie omvatten onder andere de ontvoering en verkoop van kinderen, het vervalsen van adoptiedocumenten en het onder druk zetten van geboorteouders. Deze praktijken vormen schendingen van fundamentele mensen- en kinderrechten, waaronder het recht op identiteit, het recht op afstammingskennis, en het recht op opgroeien in de eigen gemeenschap (art. 7 & 8 EVRM, art. 8 IVRK). Maar terwijl vaststaat dat slachtoffers van mensenrechtenschendingen recht hebben op herstel, bieden internationale verdragen, zoals het Haags adoptieverdrag (1993), weinig <em>concrete</em> instrumenten.</p>
<p>
	Het <strong>kader van “overgangsjustitie”</strong> (“transitional justice”) biedt wat dit betreft een leidraad. Deze benadering focust op de nasleep van conflicten en grootschalige mensenrechtenschendingen. Het wordt, onder andere door de <a href="https://www.ohchr.org/en/transitional-justice">Verenigde Naties</a>, gezien als een <strong>toolbox</strong> <strong>van maatregelen</strong> <strong>om historische misstanden aan te pakken</strong>. Deze maatregelen worden meestal onderverdeeld in <strong>instrumenten van vergeldende en herstellende rechtvaardigheid</strong>. Waar de eerste overtreders <em>juridisch</em> verantwoordelijk stellen, komen de laatste tegemoet aan de<em> huidige belangen en noden </em>van slachtoffers. In wat volgt toetsen we het huidige herstelbeleid af tegenover deze richtlijnen.</p>
<h4 class="a">
	Vergeldende rechtvaardigheid</h4>
<p>
	Vergeldende rechtvaardigheid heeft betrekking op de <strong>strafrechtelijke of administratieve bestraffing</strong> van wetsovertreders.</p>
<p>
	Het juridisch verantwoordelijk stellen van wanpraktijken bij illegale adoptie botst op heel wat <strong>obstakels:</strong></p>
<ul>
	<li>
		Wanpraktijken zijn het resultaat van een <strong>complexe (transnationale) keten</strong> van betrokken actoren. Uitvissen wie waarvoor aansprakelijk gesteld moet worden is alles behalve eenvoudig (Loibl 2021).</li>
	<li>
		Veel illegale adopties worden&nbsp;<strong>pas jaren na de plaatsing</strong>&nbsp;ontdekt, doordat de kinderen door het adoptiesysteem werden <strong>witgewassen</strong>&nbsp;en bijgevolg moeilijk te traceren zijn (Loibl 2019; Smolin 2006).</li>
	<li>
		Na 20 of 30 jaar is het niet alleen uiterst moeilijk vast te stellen wat er precies is gebeurd; ook de <strong>verjaringstermijnen</strong> zijn vaak al verstreken, wat de mogelijkheid om te onderzoeken en vervolgen uitsluit.</li>
	<li>
		Bovendien zijn vele van de aansprakelijke instanties <strong>niet langer werkzaam</strong> en zijn de meeste betrokken individuen intussen <strong>overleden</strong>.</li>
</ul>
<p>
	Het schenden van fundamentele mensenrechten zou nochtans nooit zonder strafrechtelijke gevolgen mogen kunnen blijven. De laatste jaren zijn er op juridisch vlak enkele wegen geopend, zoals:</p>
<ul>
	<li>
		Op 29 september 2022 publiceerden de Verenigde Naties een <a href="https://digitallibrary.un.org/record/4002748?v=pdf" target="_blank">gezamenlijke verklaring inzake illegale interlandelijke adoptie</a>. Daarin wordt gesteld dat dergelijke adopties in bepaalde omstandigheden als <strong>misdaden tegen de mensheid</strong> kunnen worden beschouwd. Dit opent deuren om bepaalde praktijken die wettelijk waren op het moment van de feiten, nu strafbaar te stellen. Ook biedt het mogelijkheden om verjaringstermijnen te overbruggen; misdaden tegen de mensheid kennen immers geen verjaringstermijn.</li>
	<li>
		In het <a href="https://www.ejustice.just.fgov.be/eli/wet/2024/02/29/2024002088/staatsblad" target="_blank">nieuwe Belgische Strafwetboek</a> dat in werking treedt op 8 april 2026 werd opgenomen dat slachtoffers van illegale adoptie erkend worden als <strong>slachtoffers van mensenhandel</strong> (art. 258).</li>
	<li>
		Op 27 mei 2024 nam de Europese Raad <a href="https://www.consilium.europa.eu/nl/press/press-releases/2024/05/27/fight-against-human-trafficking-council-strengthens-rules/" target="_blank">een richtlijn</a> aan waardoor illegale adoptie onder de EU-wetgeving<strong> ter bestrijding van mensenhandel</strong> valt.</li>
</ul>
<p>
	<strong>Diepgaand onderzoek</strong> naar de mogelijkheden binnen het strafrecht is essentieel. Zo stelt ook een <a href="https://www.dekamer.be/FLWB/PDF/56/0461/56K0461002.pdf">recent goedgekeurde resolutie</a>, die specifiek oproept tot het onderzoeken van manieren om verjaringstermijnen te verlengen of op te heffen om het herstelrecht van slachtoffers te kunnen garanderen.</p>
<p>
	Enkele rechtszaken stemmen alvast hoopvol:</p>
<ul>
	<li>
		De recente uitspraak in <a href="https://www.vrt.be/vrtnws/nl/2024/12/02/hof-van-beroep-veroordeelt-belgische-staat-alsnog-voor-ontvoerin/">de zaak rond Metissenkinderen</a>, die gelijkenissen vertoont met cases van illegale adoptie. In 2021 stapten vijf vrouwen naar de Brusselse rechtbank van eerste aanleg met een vraag tot een schadevergoeding voor het leed dat hen als kind werd aangedaan in koloniaal Congo. Initieel wees de rechtbank hun vordering af, maar volgens het hef van beroep gaat het om een misdaad tegen de mensheid. Daardoor is verjaring niet van toepassing. De Belgische staat betaalde de vijf vrouwen een schadevergoeding.</li>
	<li>
		De aanklacht van&nbsp;<a href="https://www.vrt.be/vrtnws/nl/2025/03/27/geadopteerden-zuid-korea-klacht-belgische-staat/">acht Zuid-Koreaans geadopteerden</a> tegen twee adoptiediensten en de Belgische staat voor wanpraktijken in hun adoptieprocedure en voor nalatigheid en medeplichtigheid. Op uitspraken is het nog wachten, maar deze rechtszaak is alvast de eerste in zijn soort in België.</li>
</ul>
<h4 class="a">
	Herstellende rechtvaardigheid</h4>
<p>
	Herstellende rechtvaardigheid richt zich op de <strong>huidige behoeften</strong> <strong>en belangen van slachtoffers</strong>.<br />
	De Verenigde Naties delen deze rechtvaardigheid op in <a href="https://digitallibrary.un.org/record/682111?v=pdf">4 categorieën</a>: restitutie, genoegdoening, compensatie en rehabilitatie, en garanties tegen herhaling.&nbsp;</p>
<h5 class="a">
	<em>1. Restitutie</em></h5>
<p>
	Restitutie verwijst naar maatregelen die, voor zover dat mogelijk is, <strong>slachtoffers terugbrengen naar de situatie voordat de mensenrechtenschendingen plaatsvonden</strong>. Dit omvat het “herstel van vrijheid, identiteit, gezinsleven en burgerschap, terugkeer naar de woonplaats, herstel van werk en terugkeer van eigendommen” (<a href="https://www.ohchr.org/en/instruments-mechanisms/instruments/basic-principles-and-guidelines-right-remedy-and-reparation">principe 19</a> VN Basisprincipes en richtlijnen).</p>
<p>
	Volgens onderzoekster Elvire Loibl (2021) zou een beleid voor herstelmaatregelen <strong>aspecten van de oorspronkelijke identiteit moeten herstellen</strong>, terwijl <strong>elementen van de adoptie identiteit behouden</strong> blijven wanneer dit in het beste belang van het kind of volgens de wensen van de volwassen geadopteerde is.</p>
<p>
	Wat dit betreft zijn er in België al wel enkele stappen gezet:</p>
<ul>
	<li>
		In 2024 is de procedure voor <strong>naamsverandering</strong> versoepeld voor slachtoffers van illegale adoptie (<a href="https://www.ejustice.just.fgov.be/cgi_loi/change_lg.pl?language=nl&la=N&cn=1804032130&table_name=wet#Art.370/5">art 370/4 Burgerlijk Wetboek</a>). Slachtoffers kunnen hun naam nu gemakkelijker en kosteloos veranderen.</li>
	<li>
		Ook is toen vastgelegd dat slachtoffers hun <strong>Belgische nationaliteit</strong> <strong>kunnen behouden</strong> na een herziening of herroeping (<a href="https://www.ejustice.just.fgov.be/cgi_loi/change_lg.pl?language=nl&la=N&table_name=wet&cn=1804032130#Art.335">art 334quater Burgerlijk Wetboek</a>).</li>
	<li>
		Of slachtoffers <strong>dubbele nationaliteit</strong> kunnen verwerven hangt af van het nationaliteitsrecht van het land van herkomst. België heeft hierop, behalve op diplomatiek niveau, geen invloed.</li>
</ul>
<p>
	Desondanks is er in Vlaanderen&nbsp;<strong>ruimte voor verbetering</strong>:</p>
<ul>
	<li>
		Zo gaan meerdere stemmen op voor het oprichten van een <strong>laagdrempelig, toegankelijk</strong> <strong>meldpunt</strong> dat kan ondersteunen bij het<strong> rechtzetten van juridisch-administratieve fouten</strong> (vb. <a href="https://media.dekamer.be/meeting/56-017611-U0215">Parlementaire hoorzitting 10/12/2024</a>; expertenpanel interlandelijke adoptie).</li>
	<li>
		Ook wordt erop gewezen dat <strong>herziening van de adoptie </strong>in geval van ontvoering, verkoop of handel in kinderen (art 351 Burgerlijk Wetboek) een <strong>te ingrijpende maatregel</strong> is. Deze aanpak maakt de adoptie ongedaan en zou daarmee afbreuk doen aan de betekenisvolle rol die adoptiefamilies - vaak te goeder trouw - zijn gaan vervullen in het leven van de geadopteerde&nbsp;(<a href="https://media.dekamer.be/meeting/56-017611-U0215">Parlementaire hoorzitting 10/12/2024</a>).</li>
</ul>
<h5 class="a">
	<em>2. Genoegdoening</em></h5>
<p>
	Genoegdoening omvat maatregelen die gericht zijn op het<strong> bieden van symbolisch herstel</strong> (<a href="https://www.ohchr.org/en/instruments-mechanisms/instruments/basic-principles-and-guidelines-right-remedy-and-reparation">principe 22 VN basisprincipes en richtlijnen</a>).</p>
<p>
	Belangrijk hierbij is de <strong>publieke erkenning van en excuses voor de onrechtmatige praktijken</strong>. Op 8 mei 2024 erkende premier De Croo namens de federale regering dat er illegale adopties in België plaatsvonden tussen 1950 en vandaag (<a href="https://media.dekamer.be/meeting/55-017297-P309">tijdstip 2:02:16 “Verklaring van de regering over illegale adopties”</a>). Daarin betuigde hij eer aan de strijd en de doorzetting van slachtoffers. Officiële excuses vanuit de Belgische Staat kwamen er nog niet. Ook op Vlaams niveau is er tot nu toe nog geen erkenning geboden, en kwamen er dus nog geen excuses.</p>
<p>
	<strong>Waarheidscommissies</strong> zijn een ander onmisbaar onderdeel geworden van genoegdoening. Deze zijn tijdelijke, niet-gerechtelijke onderzoeksorganen die met de officiële steun van een staat zijn opgericht om de feiten, de oorzaken en de gevolgen van mensenrechtenschendingen en misbruiken te onderzoeken. Ze bieden enige verantwoording voor het verleden en zijn <strong>van bijzonder belang </strong>in gevallen waarbij<strong> vervolgingen onmogelijk zijn </strong>(Loibl 2021). De eindrapporten van waarheidscommissies bevatten bovendien vaak specifieke aanbevelingen voor maatregelen.</p>
<p>
	In Vlaanderen werden er sinds 2015 enkele onderzoeken op poten gezet. Drie ervan werden door toenmalig Vlaams minister van Welzijn Jo Vandeurzen (CD&V) in het leven geroepen:</p>
<ul>
	<li>
		De eerste werd opgericht in 2015 om onderzoek te doen naar en beleidsaanbevelingen te formuleren over <strong>gedwongen adopties</strong> <strong>in het verleden</strong>, zoals was aangekaart door verschillende geboortemoeders van de vereniging “Mater Matuta”. Het rapport lees je <a href="https://www.opgroeien.be/sites/default/files/documenten/eindrapport-expertenpanel.pdf">hier</a>.</li>
	<li>
		De tweede moest in 2019 <strong>twaalf individuele</strong> <strong>Ethiopische adopties</strong> onder de loep nemen in de periode 1997-2015. De uitkomst bevestigde het vermoeden dat de inhoud van sommige Ethiopische dossiers niet strookt met de werkelijkheid.</li>
	<li>
		In datzelfde jaar werd vanuit de Vlaamse overheid een <strong>onafhankelijk expertenpanel</strong> opgericht met de opdracht onderzoek te verrichten naar <strong>onrechtmatigheden bij interlandelijke adopties in het verleden</strong> en aanbevelingen te formuleren voor toekomstig beleid. Initieel waren er bij dit onderzoek geen geadopteerden betrokken. Pas nadat 23 geadopteerden dit gemis aankaartten in een open brief, werden twee geadopteerde experts aan het panel toegevoegd. De rapporten lees je <a href="https://www.opgroeien.be/sites/default/files/documenten/expertenpanel-interlandelijke-adoptie-eindrapport-met-aanbevelingen.pdf">hier</a>.</li>
</ul>
<p>
	Sinds november 2023 kunnen geboorteouders, geadopteerden en/of adoptieouders bovendien bij het Vlaams Centrum voor Adoptie (VCA) <a href="https://www.steunpuntadoptie.be/nl/melding-aan-vca-twijfels-en-bezorgdheden-rond-afstand-adoptie" target="_blank">melding maken</a> van (vermoedens van) fouten in hun adoptie- of afstandsprocedure. Meldingen kunnen betrekking hebben op binnenlandse en interlandelijke adopties, zowel voor als na de inwerkingtreding van het Haags Adoptieverdrag in België in 2005. Dit gaat, voor wie wil, <strong>gepaard met bijkomend onderzoek</strong> naar fouten in zijn/haar/hun procedure. Wat betreft dat laatste, selecteert VCA via een onafhankelijke screeningsorganisatie (International Social Services) lokale zoekinstanties die betrouwbaar en geschikt zijn om mee samen te werken.</p>
<p>
	Ten slotte wordt er al langer geopperd om een <strong>onafhankelijk sociaalhistorisch onderzoek</strong>&nbsp;in te stellen dat niet stopt aan de taalgrens en verder bouwt op de expertise van slachtoffers zelf (vb. <a href="https://media.dekamer.be/meeting/56-017611-U0215">parlementaire hoorzitting 10/12/24</a>). Voor slachtoffers die met lege handen terugkeren na individueel onderzoek biedt zo’n onderzoek mogelijk een vorm van heling en erkenning. Het <a href="https://www.belgium.be/sites/default/files/resources/publication/files/Regeerakkoord-Bart_De_Wever_nl.pdf">huidige federaal regeerakkoord</a>&nbsp;(p. 196) bevestigt dat er deze legislatuur een historisch onderzoek naar illegale interlandelijke adopties in de periode 1960-2005 wordt opgestart. De publicatie van dat onderzoeksrapport zou, zoals voorgesteld in <a href="https://www.dekamer.be/FLWB/PDF/56/0461/56K0461001.pdf">punt 4</a> van de resolutie van De Maegd, gepaard kunnen gaan met het bieden van officiële excuses in naam van België.</p>
<p>
	Kortom, erkenningen en waarheidscommissies zijn waardevol en kunnen bijdragen aan het helingsproces van slachtoffers. Maar willen ze geen holle woorden en loze beloften blijven, zo stelt Elvire Loibl, dan moeten ze steeds worden <strong>gecombineerd met materiële vormen van genoegdoening </strong>(zie ook Smolin & Loibl 2024, p. 216).</p>
<h5 class="a">
	<em>3. Compensatie en rehabilitatie</em></h5>
<p>
	Eén materiële vorm is het<strong> bieden van compensatie </strong>voor “alle economisch in te schatten schade, indien passend en in verhouding tot de ernst van de schending en de omstandigheden van elke zaak” (<a href="https://www.ohchr.org/en/instruments-mechanisms/instruments/basic-principles-and-guidelines-right-remedy-and-reparation" target="_blank">principe 20 VN basisprincipes en richtlijnen</a>). Dit gaat volgens Loibl zowel om <strong>compensatie voor de mensenrechtenschendingen zelf</strong>, als (of op zijn minst) voor de <strong>kosten die slachtoffers hebben gemaakt </strong>als gevolg van de geleden schade, waaronder zoek- en herenigingskosten.</p>
<p>
	Loibl stelt in dit opzicht de <strong>oprichting van een herstelfonds</strong> voor (Loibl 2021, p. 487), waaraan de staat, net als de instanties die betrokken waren bij wanpraktijken, financiële bijdragen levert. Dit fonds zou bijvoorbeeld de kosten (gedeeltelijk) kunnen dekken van slachtoffers in het kader van:</p>
<ul>
	<li>
		Visums</li>
	<li>
		DNA-kits</li>
	<li>
		Terugreizen, zoektochten of andere reculturatie- of identiteitsherstellende activiteiten</li>
	<li>
		Medische ingrepen als gevolg van fouten, onzorgvuldigheden of gaten in adoptiedossiers</li>
	<li>
		Preventieve medische onderzoeken en tests op genetische aandoeningen</li>
	<li>
		Verplaatsingskosten, bijvoorbeeld voor meldingsgesprekken en dossierinzages</li>
	<li>
		Gespecialiseerde psychosociale hulp</li>
	<li>
		Het aanvragen van een <a href="https://www.steunpuntadoptie.be/nl/kennisdatabank/detail/wat-als-je-geen-geboorteakte-kan-voorleggen" target="_blank">geboorteakte</a> voor wie geen geboorteakte kan voorleggen en in de onmogelijkheid verkeert om deze te verkrijgen</li>
	<li>
		Cultuursensitieve bemiddelingstrajecten voor familiereünies (dit wordt specifiek voorgesteld door geadopteerden in de parlementaire hoorzitting 10/12/24)&nbsp;</li>
</ul>
<p>
	Verder wordt er vanuit meerdere hoeken gepleit voor <strong>een betere</strong> <strong>toegang tot en bescherming van adoptiedossiers</strong> (parlementaire hoorzitting 10/12/24; <a href="https://www.dekamer.be/FLWB/PDF/56/0461/56K0461002.pdf">resolutie van De Maegdt</a> Verzoek 2.2.9; <a href="https://www.opgroeien.be/sites/default/files/documenten/expertenpanel-interlandelijke-adoptie-eindrapport-met-aanbevelingen.pdf">Expertenpanel inzake Interlandelijke adoptie: Eindrapport 2021, p. 36</a>). Deze dossiers zouden moeten worden gecentraliseerd en opgeslagen in een <strong>gedeeld (digitaal) archief</strong>, waarin alle documenten van zowel herkomst- als aankomstland geraadpleegd kunnen worden. Om dit te vergemakkelijken moet er over communautaire grenzen heen gewerkt kunnen worden. Het moet mogelijk zijn dat een Nederlandstalig dossier die in Wallonië is beland, overgeheveld wordt naar Vlaanderen.</p>
<h5 class="a">
	<em>4. Garantie van non-herhaling</em></h5>
<p>
	Ten slotte moeten er maatregelen komen die de <strong>herhaling van mensenrechtenschendingen voorkomen</strong> (<a href="https://www.opgroeien.be/sites/default/files/documenten/expertenpanel-interlandelijke-adoptie-eindrapport-met-aanbevelingen.pdf">principe 23 VN basisprincipes en richtlijnen</a>). Deze vormen een essentieel onderdeel van een strategie voor overgangsrechtvaardigheid, omdat ze door<strong>&nbsp;beleids- en institutionele hervormingen een breder sociaal effect creëren</strong>. Het heeft weinig zin om historische misstanden te onderzoeken en publiekelijk te erkennen als de structuren die toekomstige misbruiken mogelijk maken intact blijven.</p>
<p>
	Adoptie is en blijft fraudegevoelig. Velen vragen zich terecht af: “Is dit een beleid waar we op willen inzetten?” (vb. Parlementaire hoorzitting 10/12/2024). Zeker wat betreft <em>interlandelijke</em> adopties is een <strong>adoptiestop</strong> volgens velen de enige garantie tegen non-herhaling. Anderzijds, zo stelt het <a href="https://www.opgroeien.be/sites/default/files/documenten/expertenpanel-interlandelijke-adoptie-juridisch-deelrapport.pdf">juridisch deelrapport van het expertenpanel</a> (2021, p. 17), zouden adopties zonder kader “ondergronds” in de illegaliteit kunnen plaatsvinden met alweer risico’s op wanpraktijken en kinderhandel. Het rapport stelt: “Minstens zou het noodzakelijk zijn om rekening te blijven houden met bepaalde adopties, in het bijzonder intrafamiliale adopties en adopties waarbij reeds familieleven tot stand is gekomen. Dit niet erkennen zou immers in strijd zijn met artikel 8 EVRM (respect voor familie- en gezinsleven)”.</p>
<p>
	Sinds de publicatie van het eindrapport van het expertenpanel interlandelijke adoptie in september 2021, waarin werd aanbevolen om het huidige adoptiesysteem grondig te hervormen, is het adoptielandschap in volle verandering. Alle herkomstlanden werden opnieuw gescreend via onafhankelijke screeningsorganisaties (International Social Services, Child Identity Protection en UNICEF) en inmiddels werd de samenwerking stopgezet met vijf zendende landen stopgezet. Bovendien besloot de Vlaamse regering op 15 december 2023 om voorlopig geen interlandelijke adoptiedienst te erkennen. Het gevolg is een adoptiepauze: er worden voorlopig geen nieuwe adoptiedossiers opgestart, enkel de lopende dossiers worden verder opgevolgd.</p>
<p>
	Binnenlandse en intrafamiliale adopties vinden wel nog plaats in Vlaanderen. Ook hierbij is <strong>waakzaamheid</strong> geboden en moet er nauwgezet volgens de principes van het Haags Adoptieverdrag worden gewerkt. De <a href="https://assets.hcch.net/docs/f7936287-cd01-4256-a42f-c3ac53393ee1.pdf">“Toolkit for Preventing and Addressing Illicit Practices in Intercountry Adoption”</a> kan hierbij voor autoriteiten zoals VCA en adoptiediensten een hulpmiddel vormen. Deze toolkit, die bedoeld is voor interlandelijke adopties, maar ook voor binnenlandse adopties kan gebruikt worden, biedt concrete instrumenten voor het opmerken van onrechtmatigheden en illegale praktijken in een adoptie. Deze moet met andere woorden helpen om ten alle koste te <strong>voorkomen</strong> <strong>dat dezelfde fouten opnieuw worden gemaakt</strong> en moet het <strong>plaatsvinden van wanpraktijken op elk niveau uitsluiten</strong>.</p>
<h3 class="a">
	Bronnen</h3>
<ul>
	<li>
		<a href="https://media.dekamer.be/meeting/56-017611-U0215">https://media.dekamer.be/meeting/56-017611-U0215&nbsp;</a></li>
	<li>
		Loibl, E. (2019). The transnational illegal adoption market: A criminological study of the German and Dutch intercountry adoption systems.</li>
	<li>
		Loibl, E. C. (2021). The aftermath of transnational illegal adoptions: Redressing human rights violations in the intercountry adoption system with instruments of transitional justice. <em>Childhood, 28</em>(4), 477-491.</li>
	<li>
		Smolin, D. M., & Loibl, E. (2024). Facing the Past: Policies and Good Practices for Responses to Illegal Intercountry Adoptions.</li>
	<li>
		Smolin, D. M. (2006). Child laundering: How the intercountry adoption system legitimizes and incentivizes the practices of buying, trafficking, kidnaping, and stealing children. Wayne L. Rev., 52, 113.</li>
	<li>
		Withaeckx, S., Cawayu, A., & Candaele, C. (2023). Voorbij transnationale adoptie: een kritische en meerstemmige dialoog. ASP-Academic & Scientific Publishers.</li>
	<li>
		<a href="https://www.opgroeien.be/sites/default/files/documenten/expertenpanel-interlandelijke-adoptie-juridisch-deelrapport.pdf">https://www.opgroeien.be/sites/default/files/documenten/expertenpanel-interlandelijke-adoptie-juridisch-deelrapport.pdf</a></li>
</ul>
<p>
	<strong>Tekst:</strong> Lise Dheedene</p>
<p>
	<em>Publicatiedatum: mei 2025</em></p>
<div class="meta">
	<p><a href="https://www.steunpuntadoptie.be/nl/kennisdatabank/detail/wanpraktijken-bij-adoptie-het-herstelbeleid-door-de-lens-van-%E2%80%9Ctransitionele-rechtvaardigheid%E2%80%9D" title="Wanpraktijken bij adoptie: het herstelbeleid door de lens van “transitionele rechtvaardigheid”">Wanpraktijken bij adoptie: het herstelbeleid door de lens van “transitionele rechtvaardigheid”</a> geschreven door Inge Demol in <a href="https://www.steunpuntadoptie.be/nl/kennisdatabank/categorie/sociale-ongelijkheid-en-wanpraktijken" title="Sociale ongelijkheid en wanpraktijken">Sociale ongelijkheid en wanpraktijken</a>.</p>
</div>

		]]>
	</description>
	<pubDate>Tue, 13 May 2025 09:26:00 +0200</pubDate>
	<author><![CDATA[inge-demol@example.com (Inge Demol)]]></author>
	<category><![CDATA[Sociale ongelijkheid en wanpraktijken]]></category>
	<guid isPermaLink="true">https://www.steunpuntadoptie.be/nl/kennisdatabank/detail/wanpraktijken-bij-adoptie-het-herstelbeleid-door-de-lens-van-%E2%80%9Ctransitionele-rechtvaardigheid%E2%80%9D</guid>
	</item>
<item>
	<title><![CDATA[Meer info rond traumabehandeling bij personen met een verstandelijke beperking en/of ASS]]></title>
	<link>https://www.steunpuntadoptie.be/nl/kennisdatabank/detail/meer-info-rond-traumabehandeling-bij-personen-met-een-verstandelijke-beperking-en-of-ass?utm_source=feed&amp;utm_medium=rss&amp;utm_campaign=meer-info-rond-traumabehandeling-bij-personen-met-een-verstandelijke-beperking-en-of-ass</link>
	<description>
		<![CDATA[
			<p>
	Liesbeth Mevissen is klinisch psycholoog, orthopedagoog, psychotraumatherapeut en EMDR supervisor. Daarnaast is zij als onderzoeker verbonden aan verschillende onderzoeksprojecten. Haar specialisatie is diagnostiek en behandeling van (complex) trauma bij kwetsbare doelgroepen zoals mensen met een verstandelijke beperking of zwakbegaafdheid en mensen met autisme.&nbsp;</p>
<p>
	Op <a href="https://www.mevissenpsychotrauma.nl/blog/" target="_blank">haar website</a> vind je verschillende interessante artikels en interviews terug over traumabehandeling bij personen met een verstandelijke beperking en/of personen met ASS.</p>
<div class="meta">
	<p><a href="https://www.steunpuntadoptie.be/nl/kennisdatabank/detail/meer-info-rond-traumabehandeling-bij-personen-met-een-verstandelijke-beperking-en-of-ass" title="Meer info rond traumabehandeling bij personen met een verstandelijke beperking en/of ASS">Meer info rond traumabehandeling bij personen met een verstandelijke beperking en/of ASS</a> geschreven door Kristina Vanremoortel in <a href="https://www.steunpuntadoptie.be/nl/kennisdatabank/categorie/trauma" title="Trauma">Trauma</a>.</p>
</div>

		]]>
	</description>
	<pubDate>Tue, 15 Apr 2025 09:23:00 +0200</pubDate>
	<author><![CDATA[kristina-vanremoortel@example.com (Kristina Vanremoortel)]]></author>
	<category><![CDATA[Trauma]]></category>
	<guid isPermaLink="true">https://www.steunpuntadoptie.be/nl/kennisdatabank/detail/meer-info-rond-traumabehandeling-bij-personen-met-een-verstandelijke-beperking-en-of-ass</guid>
	</item>
<item>
	<title><![CDATA[Webinar: Wat is identiteit?]]></title>
	<link>https://www.steunpuntadoptie.be/nl/kennisdatabank/detail/webinar-wat-is-identiteit?utm_source=feed&amp;utm_medium=rss&amp;utm_campaign=webinar-wat-is-identiteit</link>
	<description>
		<![CDATA[
			<p>
	Wie ben ik? Het is een vraag die voor geadopteerden soms extra moeilijk is om te beantwoorden.<br />
	Hoe komt dat? En welke rol speelt het hebben van informatie over je afstamming hierin?</p>
<p>
	In dit webinar staan we samen met <strong>Leen Bastiaansen</strong>, klinisch psycholoog en verbonden aan de stuurgroep van het Afstammingscentrum, stil bij identiteitsvorming. Aan de hand van onderzoek en voorbeelden uit de praktijk neemt ze ons mee in de boeiende, maar soms uitdagende interactie tussen (het ontbreken van informatie over) afstamming en identiteit.</p>
<p>
	Deze webinar werd georganiseerd op 10/10/2024 en kan je <a href="https://steunpuntadoptie.webinargeek.com/wat-is-identiteit-1?cst=channel" target="_blank">hier</a> herbekijken (€ 5).</p>
<div class="meta">
	<p><a href="https://www.steunpuntadoptie.be/nl/kennisdatabank/detail/webinar-wat-is-identiteit" title="Webinar: Wat is identiteit?">Webinar: Wat is identiteit?</a> geschreven door Kristina Vanremoortel in <a href="https://www.steunpuntadoptie.be/nl/kennisdatabank/categorie/identiteit-en-herkomst" title="Identiteit en herkomst">Identiteit en herkomst</a>.</p>
</div>

		]]>
	</description>
	<pubDate>Mon, 24 Feb 2025 13:44:00 +0100</pubDate>
	<author><![CDATA[kristina-vanremoortel@example.com (Kristina Vanremoortel)]]></author>
	<category><![CDATA[Identiteit en herkomst]]></category>
	<guid isPermaLink="true">https://www.steunpuntadoptie.be/nl/kennisdatabank/detail/webinar-wat-is-identiteit</guid>
	</item>
<item>
	<title><![CDATA[Vijf tips om antiracistisch te zijn]]></title>
	<link>https://www.steunpuntadoptie.be/nl/kennisdatabank/detail/vijf-tips-om-antiracistisch-te-zijn?utm_source=feed&amp;utm_medium=rss&amp;utm_campaign=vijf-tips-om-antiracistisch-te-zijn</link>
	<description>
		<![CDATA[
			<p>
	<strong>Hoe reageer je als iemand een racistische uitspraak doet? En hoe kan jij bijdragen aan een inclusieve samenleving als antiracist? Hieronder lees je vijf tips om antiracistisch te zijn!</strong></p>
<h6>
	1. Spreek iemand erover aan als die een racistische uitspraak doet of een racistische handeling stelt</h6>
<p>
	Als je iemand op een racistische uitspraak of handeling wil aanspreken, kan je de <strong>4G-feedbackmethode</strong> gebruiken (gebeurtenis, gevoel, gevolg, gewenst gedrag). Deze is <strong>gericht op verandering</strong> en zorgt ervoor dat de feedback<strong> constructief </strong>blijft.</p>
<p>
	Een voorbeeld:</p>
<ol>
	<li>
		<strong>Gebeurtenis</strong> - wat gebeurde er concreet? "Tijdens de lunchpauze zei je dat mensen van [bepaalde etniciteit] [veralgemenende, beledigende term] zijn."</li>
	<li>
		<strong>Gevoel</strong> - hoe voelde je je daarbij? "Ik voelde me daar ongemakkelijk door, omdat ik vind dat iedereen respectvol behandeld moet worden."</li>
	<li>
		<strong>Gevolg</strong> - welk effect had dit? "Door die opmerking sloeg de sfeer in de groep om."</li>
	<li>
		<strong>Gewenst gedrag</strong> - wat zou je graag anders zien? "Ik zou het fijn vinden als je voortaan bewust bent van de impact van zulke uitspraken en ze niet meer doet."</li>
</ol>
<p>
	Een ander voorbeeld:</p>
<ol>
	<li>
		<strong>Gebeurtenis</strong>: "Als [X] mij [veralgemenende, beledigende term] noemen, merk ik dat je dat weglacht en er niet te zwaar aan tilt."</li>
	<li>
		<strong>Gevoel</strong>: "Maar dat kwetst mij, want ik word aangesproken op hoe ik eruit zie, terwijl ik daar niets aan kan veranderen."</li>
	<li>
		<strong>Gevolg</strong>: "Wanneer zulke opmerkingen zomaar kunnen passeren, voelt het alsof ik er alleen in sta en dat maakt het nog moeilijker."</li>
	<li>
		<strong>Gewenst gedrag</strong>: "Ik zou het fijn vinden als je dat niet meer weglacht, maar er iets van zegt."</li>
</ol>
<p>
	Andere <strong>strategieën </strong>om iemand te wijzen op een racistische uitspraak of actie zijn:</p>
<p>
	<strong>Doorvragen</strong> om de ander kritisch te laten kijken naar de impact van zijn woorden/daden:</p>
<ul>
	<li>
		“Wat bedoel je daar precies mee?”</li>
	<li>
		“Hoe kom je daarbij?”</li>
	<li>
		“Hoe zou jij je voelen als iemand dat over jou zei?”</li>
</ul>
<p>
	<strong>Educatief reageren </strong>om de ander te laten inzien waarom een uitspraak/handeling problematisch is, zonder direct te beschuldigen:</p>
<ul>
	<li>
		“Wist je dat die opmerking eigenlijk gebaseerd is op een stereotype? In werkelijkheid is [feitelijke uitleg].”</li>
	<li>
		“Wist je dat die term niet meer gebruikt wordt? Het is niet inclusief, omdat …”</li>
</ul>
<p>
	<strong>Humor gebruiken </strong>om de ander te laten merken dat een uitspraak/handeling ongepast is, zonder direct in de verdediging te schieten:</p>
<ul>
	<li>
		“Ahja, en jij zegt dat omdat jij iedereen uit [groep] kent?”</li>
</ul>
<p>
	Het <strong>persoonlijk maken </strong>om de ander te laten inzien dat woorden/acties effect hebben op echte mensen:</p>
<ul>
	<li>
		“Ik vind het pijnlijk dat je dat zegt/doet, want ik ken mensen uit die groep en dat beeld klopt niet.”</li>
</ul>
<p>
	<strong>Grenzen stellen</strong> om duidelijk te maken dat je het niet oké vindt:</p>
<ul>
	<li>
		“Zo’n opmerking is niet oké.”</li>
	<li>
		“Dat is niet grappig.”</li>
</ul>
<p>
	Houd er rekening mee dat je feedback op <strong>weerstand </strong>kan botsen bij de ontvanger: ‘Ik bedoelde dat niet slecht’, ‘Zo erg is dat toch niet’, ‘Je moet niet zo kwaad worden’, ‘Een mens mag al niets meer zeggen’, 'Niet alles is racisme' …</p>
<p>
	Dat brengt ons meteen bij de volgende tip!</p>
<h6>
	2. Als iemand jou aanspreekt op een vorm van racisme, zeg dan: ‘Zo had ik het nog niet bekeken, bedankt om dit te zeggen.’</h6>
<p>
	Het is logisch dat je in de verdediging wil schieten als je op een racistische uitspraak of actie wordt aangesproken. Maar de manier waarop jij reageert als je aangesproken wordt op racisme, laat zien hoe antiracistisch je bent.</p>
<p>
	Weerhoud je van <em>gaslighting </em>(= psychologische manipulatie waar je de ander doet twijfelen aan diens gezond verstand, bv. ‘Je denkt dat alles racisme is’) en <em>tone policing</em> (= antidebattactiek waarbij je de focus legt op de manier waarop iemand iets zegt in plaats van wat die zegt, bv. ‘Je moet niet zo gepikeerd doen’) (Lodik, 2021).</p>
<p>
	<strong>Luister naar de inhoud </strong>en zie het als een <strong>kans om iets bij te lere</strong>n. Zelfs als je er op dat moment niet helemaal mee eens bent.</p>
<p>
	Mogelijke reacties als antiracist zijn (Lodik, 2021):</p>
<ul>
	<li>
		“Goed punt, daar had ik niet bij stilgestaan.”</li>
	<li>
		“Bedankt om me daarop te wijzen, ik zal dat niet meer zeggen/doen.”</li>
	<li>
		“Sorry, dat is waarschijnlijk ook niet zo fijn voor jou om mij daarop te moeten wijzen.”</li>
	<li>
		“Interessant, dat wist ik niet. Ik ga me daarin verdiepen.”</li>
</ul>
<p>
	En denk aan de uitspraak van Albert Einstein: “The more I learn, the more I realize how much I don’t know.” Fouten maken hoort erbij en het stelt je in staat om het de volgende keer anders aan te pakken.</p>
<h5>
	3. Kies voor een taal die inclusief en respectvol is</h5>
<p>
	<strong>Woordgebruik evolueert</strong> doorheen de tijd. Vaak als reactie op nieuwe inzichten en maatschappelijke veranderingen, en vooral wanneer het om groepen mensen gaat. Soms wordt een nieuw woord bedacht om een term die negatieve connotaties heeft te vervangen, maar raakt ook dat nieuwe woord later weer in onbruik (Mesman, 2021). Denk bijvoorbeeld aan de verschillende benamingen die er zijn geweest voor ouders die (gedwongen) afstand deden van hun kind.</p>
<p>
	De <a href="https://www.unia.be/nl/kennis-aanbevelingen/inclusieve-communicatie-woordenlijst" target="_blank">Inclusieve Woordenlijst</a> van UNIA, de <a href="https://diversewoordenlijstvrt.wordpress.com/" target="_blank">Woordenlijst Inclusief Taalgebruik</a> van de VRT en het <a href="https://www.standaard.be/gevoelig-lexicon">Gevoelig Lexicon</a> van De Standaard geven advies over welke woorden je kan gebruiken om bepaalde groepen, mensen of werelddelen aan te duiden.</p>
<p>
	Daarnaast kunnen<strong> sommige</strong> <strong>uitdrukkingen </strong>in de Nederlandse taal, los van de intentie, als kwetsend of ongepast worden ervaren. Vermijd daarom taal die bepaalde bevolkingsgroepen <strong>stereotyperen of in een negatieve context plaatsen</strong>, zoals <em>Chinese vrijwilliger, spreek ik Chinees?, met alle Chinezen maar niet met den deze, Oost-Indisch doof zijn</em> of <em>roken als een Turk</em>.</p>
<p>
	Ook uitdrukkingen waarin de kleur zwart een <strong>negatieve of criminele lading </strong>krijgt, kunnen beter vermeden worden, stelt Unia. Denk aan <em>het zwarte schaap van de familie, de zwarte piet toeschuiven, iemand zwart maken, zwartkijken, zwart geld</em> en <em>zwartrijden</em>. Dit laat zien hoe diepgeworteld bepaalde denkpatronen in onze taal zitten.</p>
<h6>
	4. Let op het perspectief van de media die je volgt</h6>
<p>
	Verhalen en nieuwsitems worden vaak gemaakt <strong>door witte personen vanuit een wit perspectief</strong>. Hoewel mensen van kleur steeds vaker op het scherm verschijnen, blijft hun representatie beperkt in zowel schermtijd als thema’s, en wordt het verhaal vaak verteld vanuit een wit hoofdpersonage. Denk aan films zoals 'The Blind Side' en 'The Help', waarin mensen van kleur centraal staan, maar het verhaal vooral door een wit personage wordt gestuurd.</p>
<p>
	Dichter bij huis archiveert en analyseert <a href="https://www.uantwerpen.be/en/research-groups/m2p/ena/" target="_blank">Het Elektronisch Nieuwsarchief </a>(ENA) van de Universiteit Antwerpen sinds 2003 alle nieuwsuitzendingen van 19 uur van VRT en VTM. ENA stelde vast dat de spreektijd van personen van kleur in het nieuws op beide omroepen laag is met 6 à 7 procent, terwijl ongeveer 16 procent van de Vlaamse bevolking bestaat uit personen met een afkomst buiten de EU. Bovendien komen personen van kleur vooral aan het woord als burger en zelden in de functie van politicus, expert of middenveld. Tenslotte ging het ENA na over welke thema’s het nieuwsitem gaat waarin personen van kleur aan het woord komen. Enkele stereotype thema’s zoals migratie, rechten en vrijheden, godsdienst en oorlog scoorden duidelijk hoger.</p>
<p>
	Wees dus <strong>kritisch </strong>op de media die je consumeert. Kijk bij voorkeur naar dingen waar er <strong>representatie</strong> is <strong>voor en achter de schermen</strong>. Zo krijg je een breder en genuanceerder beeld van de wereld.</p>
<h6>
	5. Vermijd microkwetsingen</h6>
<p>
	Microkwetsingen zijn kleine, alledaagse, soms <strong>heel subtiele vormen</strong> van racisme (Charkaoui, 2019). Het kan zowel om uitspraken als gedrag gaan. In de term 'microkwetsingen' staat de ervaring van de slachtoffers centraal. Ze worden echter ook 'microagressies' genoemd, waarbij de focus meer ligt op de (intentie van) dader.</p>
<p>
	Voorbeelden van microkwetsingen zijn:</p>
<ul>
	<li>
		“Van waar ben je (echt)?”</li>
	<li>
		“Je spreekt al goed Nederlands.”</li>
	<li>
		“Jij bent een van de goei.”</li>
	<li>
		Iemand in het Engels aanspreken vanuit de veronderstelling dat die geen Nederlands begrijpt</li>
	<li>
		De straat oversteken als een persoon van kleur je pad kruist</li>
</ul>
<p>
	Microkwetsingen zijn vaak niet slecht bedoeld en lijken onschuldig. Ook de uitdrukkingen in onze vierde tip kunnen beschouwd worden als microkwetsingen. Opgeteld kunnen ze echter een grote impact hebben op de persoonlijke ontwikkeling. Ze vormen voor de ontvanger telkens een bevestiging dat men er niet bijhoort. Het is een subtiele vorm van uitsluiting (Charkaoui, 2019).</p>
<p>
	<strong>Bronnen:</strong></p>
<ul>
	<li>
		Charkaoui, N. (2019). Racisme: Over wonden en veerkracht.</li>
	<li>
		Lodik, C. M. (2021). Het antiracismehandboek.</li>
	<li>
		Mesman, J. (2021). Opgroeien in kleur: Opvoeden zonder vooroordelen.</li>
</ul>
<p>
	<strong>Tekst: </strong>Kristien Wouters</p>
<p>
	<em>Publicatiedatum: februari 2025</em></p>
<div class="meta">
	<p><a href="https://www.steunpuntadoptie.be/nl/kennisdatabank/detail/vijf-tips-om-antiracistisch-te-zijn" title="Vijf tips om antiracistisch te zijn">Vijf tips om antiracistisch te zijn</a> geschreven door Kristina Vanremoortel in <a href="https://www.steunpuntadoptie.be/nl/kennisdatabank/categorie/racisme-en-vooroordelen" title="Racisme en vooroordelen">Racisme en vooroordelen</a>.</p>
</div>

		]]>
	</description>
	<pubDate>Fri, 21 Feb 2025 14:12:00 +0100</pubDate>
	<author><![CDATA[kristina-vanremoortel@example.com (Kristina Vanremoortel)]]></author>
	<category><![CDATA[Racisme en vooroordelen]]></category>
	<guid isPermaLink="true">https://www.steunpuntadoptie.be/nl/kennisdatabank/detail/vijf-tips-om-antiracistisch-te-zijn</guid>
	</item>
<item>
	<title><![CDATA[Veelgestelde vragen over (anti)racisme]]></title>
	<link>https://www.steunpuntadoptie.be/nl/kennisdatabank/detail/veelgestelde-vragen-over-anti-racisme?utm_source=feed&amp;utm_medium=rss&amp;utm_campaign=veelgestelde-vragen-over-anti-racisme</link>
	<description>
		<![CDATA[
			<p>
	<strong>Wat is racisme? Wat is <em>omgekeerd</em> racisme? En wat is antiracisme? We lichten hieronder een aantal veelgestelde vragen en inzichten rond racisme toe. Hiervoor lieten we ons inspireren door een aantal goede Nederlandstalige boeken over het thema van auteurs Naima Charkaoui, Chanel Matil Lodik en Judi Mesman.</strong></p>
<h6>
	Wat is racisme?</h6>
<p>
	Racisme is een <strong>brede, overkoepelende term</strong> met verschillende dimensies (bv. institutioneel, interpersoonlijk, geïnternaliseerd racisme) en diverse uitingsvormen (bv. vooroordelen, stereotypes, microkwetsingen, geweld), soms verwijzend naar een specifiek kenmerk (bv. antisemitisme, anti-Zwart racisme, azianisme).</p>
<p>
	Er is niet een welomlijnde definitie die alles omvat (Charkaoui, 2019). In haar boek ‘Opgroeien in kleur’ (2021) stelt de Nederlandse professor Judi Mesman dat er grofweg een onderscheid gemaakt kan worden tussen drie typen definities:</p>
<ul>
	<li>
		Een <strong>ideologische </strong>definitie verwijst naar de <strong>overtuiging </strong>dat mensen met een bepaald ‘ras’ superieur zijn aan anderen. Zoals Mesman (2021) zetten wij het woord ‘ras’ bewust tussen aanhalingstekens. In het Engels is de term ‘race’ gebruikelijk om groepen met een bepaald uiterlijk en een specifieke regionale herkomst aan te duiden. In het Nederlands heeft dit woord echter een negatievere, historische connotatie die geassocieerd is met achterhaalde ideologieën over de superioriteit van bepaalde bevolkingsgroepen, waarvan we ons willen distantiëren.</li>
	<li>
		Een <strong>juridische </strong>definitie richt zich op wat de wet als <strong>strafbaar</strong> beschouwt. De <a href="https://www.ejustice.just.fgov.be/cgi_loi/change_lg.pl?language=nl&la=N&cn=1981073035&table_name=wet" target="_blank">Antiracismewet</a> (30 juli 1981) verbiedt discriminatie (= ongelijke behandeling) en haatspraak (= uitspraken en communicatie) op grond van <a href="https://www.unia.be/nl/discriminatie-in-de-wet" target="_blank">vijf beschermde kenmerken</a>: ‘ras’, huidskleur, nationaliteit, afkomst (bv. joodse afkomst) en nationale of etnische afstamming (bv. Roma). In het Strafwetboek werden daarnaast bepalingen opgenomen over haatmisdrijven (= misdrijf met een haatmotief).</li>
	<li>
		Een <strong>institutionele</strong> definitie is wat abstracter. Het beschrijft racisme als een diepgeworteld, <strong>systematisch probleem </strong>dat verankerd is in de dagelijkse praktijk en structuur van een samenleving. De definitie gaat uit van een lange geschiedenis van racisme die geleidelijk in de samenleving gekropen is en de daarbij horende organisaties en instituties. Het is niet altijd direct zichtbaar, maar uit zich in de structurele benadeling of uitsluiting van bepaalde groepen.</li>
</ul>
<p>
	Als we deze definities samennemen, kunnen we concluderen dat racisme gaat om een <strong>onderscheid tussen mensen</strong> op basis van (veronderstelde) raciale kenmerken én dat er sprake is van een <strong>ongelijke machtsverhouding</strong> die verankerd is in de maatschappij.</p>
<p>
	Met andere woorden: racisme is <strong>maatschappelijke macht</strong> in combinatie met <strong>raciale vooroordelen </strong>(Lodik, 2021).</p>
<h6>
	Bestaat ‘omgekeerd racisme’ of racisme tegen witte mensen?</h6>
<p>
	Hierover wordt veel gediscussieerd, maar het antwoord is ‘<strong>neen</strong>’.</p>
<p>
	Zoals voormalig kinderrechtencommissaris Naima Charkaoui schrijft in haar boek ‘Racisme: Over wonden en veerkracht’ (2019) moet er mede sprake zijn van een <strong>ongelijke machtsverhouding</strong> om te kunnen spreken van racisme in zijn volle betekenis.&nbsp;&nbsp;</p>
<p>
	Mensen van kleur kunnen uiteraard raciale vooroordelen hebben over witte mensen. Ze missen echter maatschappelijke macht om veel invloed te hebben: ze vormen een minderheidsgroep waardoor hun vooroordelen minder luid klinken, ze zitten minder vaak in de positie om witte mensen kansen te ontzeggen en de vooroordelen tegenover witte mensen zijn niet verankerd in de politieke, sociale, economische en juridische structuren van een maatschappij.</p>
<h6>
	Witte mensen worden in het buitenland soms anders behandeld op basis van hun status als ‘buitenlander’. Is dit geen omgekeerd racisme?&nbsp;</h6>
<p>
	Wanneer witte mensen in het buitenland anders behandeld worden op basis van raciale vooroordelen, dan kan dit vervelend en kwetsend zijn en inderdaad leiden tot ongelijkheid. Charkaoui (2019) stelt ook duidelijk dat pesterijen tegen witte mensen op persoonlijk niveau niet <em>minder</em> erg zijn dan racisme. Het is echter geen 'omgekeerd racisme'.</p>
<p>
	Het verschil zit in het feit dat racisme in westerse samenlevingen niet alleen gebaseerd is op raciale vooroordelen, maar ook op een geschiedenis van macht die witte mensen structureel bevoordeelt (denk aan toegang tot woning, werk, onderwijs). In andere landen, hoewel er vooroordelen tegen witte mensen kunnen bestaan, zijn de machtsstructuren van dat land niet gebouwd op een historisch systeem dat witte mensen onderdrukt.</p>
<p>
	Dit gezegd zijnde, is racisme niet alleen een westers fenomeen. Ook in andere delen van de wereld bestaan historische en actuele machtsverhoudingen tussen bevolkingsgroepen waarbij bepaalde etnische of raciale groepen structureel worden bevoordeeld of benadeeld op basis van een hiërarchie.</p>
<h6>
	Kan je op een eenvoudige manier uitleggen hoe machtsverhoudingen een rol spelen bij racisme?</h6>
<p>
	Professor Mesman (2021) gebruikt hiervoor een simpele analogie die ook jonge kinderen begrijpen.</p>
<p>
	Stel je voor dat je moet kiezen: wat is erger, een arme persoon die steelt van een rijke of een rijke die steelt van een arme? Of is het even erg?</p>
<p>
	We kunnen stellen dat stelen nooit oké is (net als raciale vooroordelen), maar we kunnen ook stellen dat de arme persoon veel meer last ondervindt dan de rijke persoon als die bestolen worden. Bovendien kan de arme persoon veel minder doen om wat gestolen is weer terug te verdienen, omdat die maar weinig verdient.</p>
<p>
	De boodschap is hier niet dat witte mensen rijk zijn en mensen van kleur arm, schrijft Mesman, maar dat wanneer er een machtsverschil is, hetzelfde gedrag een heel andere betekenis en effect krijgt.</p>
<h6>
	Wat is antiracisme?</h6>
<p>
	Antiracisme betekent dat je racisme, zowel op individueel als institutioneel niveau, (h)erkent en er <strong>actief</strong> tegen ingaat (Mesman, 2021). Het vraagt om handelen op het moment dat je racisme tegenkomt (Lodik, 2021).</p>
<h6>
	Is antiracistisch zijn hetzelfde als niet-racistisch zijn?</h6>
<p>
	Nee, het is niet genoeg om ‘niet racistisch’ te zijn als je racisme tégen wil gaan. Zoals Desmond Tutu zei: "If you are neutral in situations of injustice, you have chosen the side of the oppressor."</p>
<p>
	Een passieve houding houdt institutioneel racisme in stand en draagt zo onrechtstreeks bij aan het probleem. Antiracisme vraagt om actie: het bewust bestrijden van racisme in je omgeving (Kendi, 2019).</p>
<h6>
	Hebben mijn acties wel zin als racisme zich op maatschappelijk niveau bevindt?</h6>
<p>
	Ja, zeker! Subtiele of ogenschijnlijk onschuldige vormen van racisme maken het bestaan van de meeste extreme vormen van racisme mogelijk (Lodik, 2021). Daarom is het belangrijk om ook op individueel niveau in te grijpen. Kleine acties kunnen bijdragen aan grote veranderingen.</p>
<p>
	<strong>Bronnen:</strong></p>
<ul>
	<li>
		Charkaoui, N. (2019). Racisme: Over wonden en veerkracht.</li>
	<li>
		Lodik, C. M. (2021). Het antiracismehandboek.</li>
	<li>
		Mesman, J. (2021). Opgroeien in kleur: Opvoeden zonder vooroordelen.</li>
</ul>
<p>
	<strong>Tekst: </strong>Kristien Wouters</p>
<p>
	<em>Publicatiedatum: februari 2025</em></p>
<div class="meta">
	<p><a href="https://www.steunpuntadoptie.be/nl/kennisdatabank/detail/veelgestelde-vragen-over-anti-racisme" title="Veelgestelde vragen over (anti)racisme">Veelgestelde vragen over (anti)racisme</a> geschreven door Kristina Vanremoortel in <a href="https://www.steunpuntadoptie.be/nl/kennisdatabank/categorie/racisme-en-vooroordelen" title="Racisme en vooroordelen">Racisme en vooroordelen</a>.</p>
</div>

		]]>
	</description>
	<pubDate>Fri, 21 Feb 2025 13:51:00 +0100</pubDate>
	<author><![CDATA[kristina-vanremoortel@example.com (Kristina Vanremoortel)]]></author>
	<category><![CDATA[Racisme en vooroordelen]]></category>
	<guid isPermaLink="true">https://www.steunpuntadoptie.be/nl/kennisdatabank/detail/veelgestelde-vragen-over-anti-racisme</guid>
	</item>
<item>
	<title><![CDATA[Samenvatting onderzoek: Het welzijn en de ondersteuningsbehoeften van moeders die een baby ter adoptie afstonden (2014)]]></title>
	<link>https://www.steunpuntadoptie.be/nl/kennisdatabank/detail/samenvatting-onderzoek-het-welzijn-en-de-ondersteuningsbehoeften-van-moeders-die-een-baby-ter-adoptie-afstonden-2014?utm_source=feed&amp;utm_medium=rss&amp;utm_campaign=samenvatting-onderzoek-het-welzijn-en-de-ondersteuningsbehoeften-van-moeders-die-een-baby-ter-adoptie-afstonden-2014</link>
	<description>
		<![CDATA[
			<p>
	<strong>Deze studie onderzoekt het welzijn van vrouwen die een baby hebben afgestaan ter adoptie, zowel in het eerste jaar na de plaatsing voor adoptie (‘first year post-placement’) als in hun huidige leven. Onderzoekers Brodzinsky en Livingston Smith (2014) verzamelden hiervoor gegevens van 235 geboortemoeders in de VS, gemiddeld 3,5 jaar na de afstandsname. Ongeveer 75% van de vrouwen beoordeelde hun mentale gezondheid in dat eerste jaar als ‘zeer zwak’, ‘zwak’ of ‘neutraal’. Hoewel hun mentale gezondheid in de loop der tijd verbeterde, rapporteerde meer dan een derde nog steeds aanzienlijke problemen in hun huidige leven. Het aanpassingsvermogen ('adjustment') van de moeders bleek positief samen te hangen met de mate van gekregen ondersteuning en de tevredenheid over die ondersteuning.</strong></p>
<p>
	Hoewel er veel onderzoek bestaat over adoptie, is er relatief weinig onderzoek verricht naar geboorteouders. Deze studie werd dan ook uitgevoerd, specifiek bij geboortemoeders, om een beter zicht te krijgen op:</p>
<ol>
	<li>
		de impact van het verlies van een kind op geboortemoeders</li>
	<li>
		factoren die een impact hebben op hun aanpassingsvermogen (‘post-placement adjustment’)</li>
	<li>
		hun ondersteuningsnoden in de jaren na plaatsing</li>
</ol>
<h5>
	Introductie</h5>
<h6>
	<em>Enkele cijfers in de VS</em></h6>
<p>
	Hoewel de meeste vrouwen die ongewenst zwanger zijn, beslissen om hun kind zelf op te voeden of door familie te laten opvoeden, maakt een kleine groep de keuze om hun baby af te staan.<br />
	<br />
	Er zijn in de VS geen accurate cijfers over het aantal kinderen dat binnen de 6 maanden na de geboorte wordt afgestaan voor adoptie, maar men schat dat het om 14 000 kinderen per jaar gaat (Smith, 2010). Ook weet men dat ongeveer 2,5% van de kinderen in de VS geadopteerd zijn, waardoor er in de VS miljoenen geboortemoeders (en geboortevaders) moeten zijn (Krieder, 2003).<br />
	<br />
	Terwijl vorige generaties van geboortemoeders vooral tieners waren, is de meerderheid van de moeders die hun kind nu ter adoptie afstaan geen tiener meer en hebben vele moeders al kinderen (Smith, 2006).</p>
<h6>
	<em>Impact van verlies</em></h6>
<p>
	Vroeger werd er gezegd tegen geboortemoeders om voort te gaan met hun leven alsof er niets was gebeurd (Fessler, 2006). Maar onderzoek toont dat de realiteit van de impact van dit verlies op geboortemoeders helemaal anders is. Het afstaan van een kind voor adoptie en de verlieservaring die ermee verbonden is, is een <strong>ingrijpende levensgebeurtenis.</strong><br />
	<br />
	Je kind afstaan ter adoptie is een <strong>ambigu verlies</strong>, ook wel een dubbelzinnig of levend verlies genoemd. Pauline Boss (1999) beschrijft een ambigu verlies als een verlies dat niet definitief is, omdat de geliefde nog psychologisch aanwezig is ondanks de fysieke afwezigheid. Ze stelt dat dit type verlies moeilijker te verwerken is dan een permanent verlies en dat hoe groter de onzekerheid rond het verlies is, hoe lastiger het wordt om ermee om te gaan. Uit onderzoek blijkt dat afgestane kinderen voor geboortemoeders inderdaad nog psychologisch aanwezig zijn. De meeste vrouwen denken aan hun kinderen, niet alleen bij bijzondere gelegenheden, maar in hun dagdagelijks leven (Fravel, McRoy & Grotevant, 2000). Deze ambiguïteit bemoeilijkt rouwverwerking.<br />
	<br />
	Wat rouwverwerking verder bemoeilijkt, is de vaak <strong>voortdurende ambivalentie</strong> die geboortemoeders ervaren rond de gegrondheid (‘soundness’) van hun beslissing (Weiss, 1988). Geboortemoeders kunnen gevoelens van schuld, spijt, zelfverwijt en blijvende verantwoordelijkheid en beschermingsdrang voor hun kinderen ervaren. Deze gedachten en gevoelens kunnen op hun beurt een negatieve impact hebben op hun zelfvertrouwen en gevoelens van hopeloosheid, machteloosheid en wanhoop versterken. Voor sommige geboortemoeders voelt 'herstellen van het verlies' (‘recovery from the loss’) daarenboven niet loyaal tegenover hun kind.<br />
	<br />
	Tot slot wordt rouwverwerking bemoeilijkt doordat het verlies van geboorteouders vaak <strong>niet erkend</strong> wordt of mag worden (Aloi, 2009). Verlies is niet alleen een psychologisch, maar ook een sociaal proces. Als een individu geen begrip en ondersteuning krijgt van anderen maakt dit het rouwproces moeilijker (Doka, 1989).</p>
<h6>
	<em>Eerdere studies</em></h6>
<p>
	Uit tal van studies (o.a. Bouchier et al., 1991; Brodzinsky, 1990, 1992; Christian et al., 1997) blijkt dat een significant deel van de vrouwen die hun kind ter adoptie heeft afgestaan, vooral in tijden van strikte geheimhouding, <strong>langdurige en complexe rouw</strong> ervaart. Dit gaat gepaard met<strong> psychische problemen</strong> zoals depressie, verminderd zelfvertrouwen, angst, woede, schuld- en schaamtegevoelens en symptomen van PTSS.<br />
	<br />
	Daarnaast beïnvloedt het afstand doen van een kind hun <strong>sociale relaties</strong>, waaronder die met ouders, vrienden, romantische partners en toekomstige kinderen (bv. extreme angst om hun kind te verliezen, overbeschermend zijn, onrealistisch hoge verwachtingen voor zichzelf stellen als ouder (Howe et al., 1992)).<br />
	<br />
	Verder bevestigt onderzoek dat <strong>onder druk</strong> gezet worden om afstand te doen, geassocieerd is met meer gevoelens van spijt, zorgen en rouw (De Simone, 1996; Cushman, Kalmuss & Namerow, 1997). Het uitoefenen van <strong>zelfbeschikking</strong> door deel te nemen aan de keuze van een adoptiegezin hangt daarentegen samen met lagere niveaus van rouw, spijt, zorgen en droefheid en met hogere niveaus van opluchting en vrede met hun beslissing (Cushman et al., 1997).<br />
	<br />
	Een van de belangrijkste factoren die geboortemoeders helpt gemoedsrust te vinden met hun beslissing is <strong>informatie over het welzijn</strong> van hun kind (Field, 1992; Wells, 1993). De wens om te weten hoe het met hun kind gaat, is vrijwel <strong>universeel</strong>.<br />
	<br />
	Een andere consistente onderzoeksbevinding is dat <strong>openheid</strong> geassocieerd is met positieve uitkomsten voor geboortemoeders. Op vlak van rouwverwerking stellen geboortemoeders het bij open adopties beter dan bij gesloten adopties (Christian et al., 1977; Henney et al., 2007).</p>
<h5>
	Opzet van deze studie</h5>
<p>
	Deze studie onderzoekt via een <strong>landelijke enquête in de VS</strong> hoe vrouwen zich aanpassen na het afstaan van een kind ('adjustment outcomes') en welke ondersteuning zij nodig hebben. De studie werpt hiermee licht op hiaten in eerder onderzoek, zoals de ervaringen van ‘hedendaagse’ geboortemoeders, hun perceptie van de nodige ondersteuning en de invloed van verschillende adoptievormen op hun welzijn.</p>
<h6>
	<em>Deelnemers</em></h6>
<p>
	In totaal namen <strong>235 geboortemoeders</strong> tussen 16 en 65 jaar deel (M = 29,95 jaar). Zij stonden hun kind bij of kort na de geboorte af ter adoptie.<br />
	<br />
	De meerderheid van de deelnemers was wit (69%), gevolgd door multiraciaal (10%), Hispanic (7%), Afro-Amerikaans (8%), Aziatisch (4%), Native American (1%) en Pacific Islander (1%). Bijna de helft was alleenstaand (49%), terwijl de anderen getrouwd (26%), samenwonend (13%), gescheiden (10%) of weduwe (1%) waren. Wat opleidingsniveau betreft, had 16% geen middelbaar diploma. 17% behaalde een middelbaar diploma, 43% volgde hoger onderwijs zonder het af te ronden en 24% had een diploma hoger onderwijs.</p>
<h6>
	<em>Vragenlijst</em></h6>
<p>
	De deelnemers vulden een vragenlijst in met <strong>50 vragen</strong> over (1) hun demografische gegevens, (2) informatie over de geboorte en adoptieplaatsing (‘adoption placement’), (3) de mate van openheid bij de adoptie en hun tevredenheid hierover, (4) hun fysieke en mentale gezondheid in het eerste jaar na plaatsing en in hun huidige leven nu, (5) ervaren symptomen en levensstressoren (‘life stressors’) in het eerste jaar na plaatsing en nu, (6) ontvangen ondersteuning in het eerste jaar na plaatsing en nu; en (7) onvervulde ondersteuningsbehoeften in het eerste jaar na plaatsing en nu.</p>
<h5>
	Resultaten</h5>
<h6>
	<em>Informatie over de geboorte en adoptieplaatsing en de mate van openheid bij adoptie</em></h6>
<p>
	De meeste vrouwen (87%) stonden een kind voor adoptie af, maar sommige vrouwen hadden ook twee (10%) of meerdere (3%) kinderen afgestaan.<br />
	<br />
	Hun leeftijd op het moment van de adoptieplaatsing ('adoption placement') van hun (eerste) kind varieerde van 12 tot 45 jaar (mediaan = 21 jaar). De (laatste) adoptieplaatsing vond voor 50% van de vrouwen plaats in de afgelopen 3,5 jaar; voor 65% in de laatste vijf jaar en voor 80% in de laatste tien jaar, met een bereik van 2 maanden tot 43 jaar geleden.<br />
	<br />
	<strong>Slechts 37%</strong> van de vrouwen gaf aan dat de <strong>vader van het kind betrokken </strong>was bij het adoptieproces. Soms was de geboortevader niet op de hoogte van de zwangerschap en/of hun beslissing om het kind af te staan. Soms was de geboortevader wel op de hoogte, maar wou die niets met de zwangerschap of het adoptieproces ('adoption plan') te maken hebben. Van de geboortevaders die op de hoogte waren, steunde 58% de beslissing om het kind af te staan.<br />
	<br />
	Bij de <strong>meerderheid van de geboortemoeders (83%)</strong> was er sprake van een <strong>vorm van open adoptie</strong>. Voor 44% betekende dit ononderbroken, regelmatig contact via een of meerdere kanalen, zoals persoonlijke ontmoetingen, e-mail, sociale media of telefoon. Bij andere vrouwen was er sprake van beperkt en onregelmatig contact (12%), beëindigd contact na een eerdere periode van contact (12%) of geen verder contact na de plaatsing ondanks de uitwisseling van identificerende informatie (5%). Bij 10% was de exacte aard van het contact niet duidelijk. Tot slot was er bij 6% sprake van een gesloten adoptie (zonder informatie-uitwisseling en contact, noch voor als na de plaatsing) en bij 11% was er sprake van gemedieerd contact (enkel uitwisseling van niet-identificerende informatie via een adoptiedienst of andere tussenpersoon). Ongeacht de vorm van adoptie was <strong>meer dan 70%</strong> van de vrouwen <strong>'tevreden' of 'zeer tevreden' met de mate van informatie en contact </strong>die ze hadden met het adoptiegezin.</p>
<h6>
	<em>Fysieke en mentale gezondheid</em></h6>
<p>
	Geboortemoeders rapporteerden <strong>meer uitdagingen op het vlak van mentale gezondheid</strong> dan fysieke gezondheid.</p>
<p>
	Slechts 25% beoordeelde hun mentale gezondheid als 'goed' of 'uitstekend' in het eerste jaar na plaatsing ('first year post-placement'). Dit percentage steeg tot 63% op dit moment ('currently'). Hoewel deze verbetering significant is, <strong>blijft 37%</strong> van de geboortemoeders <strong>mentale moeilijkheden ervaren</strong>.<br />
	<br />
	Op vlak van fysieke gezondheid gaf 64% aan zich ‘goed’ of ‘uitstekend’ te voelen in het eerste jaar na plaatsing, terwijl dit nu 75% was. Ook hier was de stijging significant.</p>
<p>
	<em>TABEL 1 Gepercipieerde fysieke en mentale gezondheid: eerste jaar na plaatsing en nu</em></p>
<p>
	<img alt="" src="https://www.steunpuntadoptie.be/frontend/files/userfiles/images/tabel%201.png" style="width: 495px; height: 103px;" /></p>
<h6>
	<em>Symptomen en levensstressoren</em></h6>
<p>
	Aan de deelnemers werd gevraagd of ze onderstaande emotionele symptomen of levensstressoren (‘life stressors’) ondervonden, zowel in het eerste jaar na plaatsing als in hun huidige leven nu. De geboortemoeders ervaarden significant <strong>meer levensstressoren in het eerste jaar na plaatsing dan nu</strong>.</p>
<p>
	<em>TABEL 2 Symptomen en levensstressoren: eerste jaar na plaatsing en nu</em></p>
<p>
	<img alt="" src="https://www.steunpuntadoptie.be/frontend/files/userfiles/images/tabel%202.png" style="width: 595px; height: 356px;" /></p>
<p>
	De meest gerapporteerde levensstressoren<strong> in</strong> <strong>het eerste jaar</strong>, ervaren door een derde of meer van de vrouwen, waren: depressie (71%), rouw (67%), schuld (64%), verminderd zelfvertrouwen (55%), slaapproblemen (51%), angst (48%) en problemen met ouders/broers/zussen (33%). Daarentegen zijn de moeilijkheden die minstens een derde van de vrouwen <strong>nu</strong>&nbsp;ervaren: depressie (38%) en problemen met zelfwaardering (35%). Ook schuldgevoelens blijven spelen bij 30% van de geboortemoeders.<br />
	<br />
	28% van de vrouwen gaf aan <strong>op dit moment</strong> geen grote levenstressoren te ervaren, vergeleken met slechts 6% <strong>in het eerste jaar </strong>na plaatsing.</p>
<p>
	Tot slot geloofde 43% van de deelnemers dat een of meer van de <strong>momenteel</strong> ervaren moeilijkheden adoptiegerelateerd waren, tegenover 80% <strong>in het eerste jaar</strong>.&nbsp;</p>
<h6>
	<em>Ervaren steun en onvervulde ondersteuningsbehoeften</em></h6>
<p>
	Minstens een derde van de vrouwen gaf aan <strong>in het eerste jaar</strong> na plaatsing financiële steun van familie (35%) ontvangen te hebben, naast emotionele steun van familie (51%), het adoptiegezin (47%) en vrienden (53%). <strong>Nu</strong> krijgen vrouwen vooral steun van familie (45%), vrienden (47%) en/of een partner (37%).<br />
	<br />
	Op veel gebieden ervaren de vrouwen <strong>minder steun dan voorheen,</strong> met <strong>uitzondering</strong> van de <strong>steun van hun partner</strong>, die significant toenam. De <strong>effectiviteit </strong>('effectiveness')&nbsp;van de steun <strong>verbeterde </strong>wel: waar slechts 45% van de vrouwen de gekregen steun in het eerste jaar als ‘redelijk’ tot ‘extreem effectief’ beoordeelde, gaat het nu om 57%.<br />
	<br />
	<em>TABEL 3 Ontvangen steun en onvervulde ondersteuningsbehoeften: eerste jaar na plaatsing en nu</em></p>
<p>
	<img alt="" src="https://www.steunpuntadoptie.be/frontend/files/userfiles/images/tabel%203.png" style="width: 611px; height: 394px;" /></p>
<p>
	De deelnemers werd ook gevraagd welke ondersteuning ze nodig hadden maar niet kregen, zowel in het eerste jaar na plaatsing als nu.<br />
	<br />
	<strong>In het eerste jaar</strong> na plaatsing gaf minstens een derde van geboortemoeders aan financiële (34%) en emotionele steun (42%) van familie gemist te hebben, evenals steun van een sociaal werker of hulpverlener (34%). Daarnaast gaven zij aan loopbaanbegeleiding (29%), steun van de geboortevader (29%), andere geboortemoeders (26%) en vrienden (27%) te missen.<br />
	<br />
	Op de meeste vlakken was er een <strong>daling in onvervulde ondersteuningsbehoeften</strong>. Toch missen geboortemoeders <strong>nu</strong> nog vaak financiële steun (27%), loopbaanbegeleiding (24%) en emotionele steun van andere geboortemoeders (23%), hulpverleners (22%) en familie (21%).</p>
<h6>
	<em>Onderlinge relaties</em></h6>
<p>
	Significante relaties die gevonden werden op vlak van <strong>fysieke en mentale gezondheid</strong> waren:</p>
<ul>
	<li>
		Geboortemoeders met een <strong>hogere opleiding</strong> beoordeelden hun huidige mentale gezondheid positiever dan lager opgeleide geboortemoeders.</li>
	<li>
		Meer <strong>informatie-uitwisseling en contact</strong> waren geassocieerd met betere gezondheidsuitkomsten (= zowel fysieke als mentale gezondheid) in het eerste jaar na plaatsing.</li>
	<li>
		<strong>Tevredenheid met de mate van informatie-uitwisseling en contact </strong>was geassocieerd met betere gezondheidsuitkomsten, zowel in het eerste jaar na plaatsing als nu.</li>
	<li>
		Hoe meer levensstressoren (‘life stressors’) geboortemoeders rapporteerden, hoe slechter - logischerwijs - hun gezondheidsuitkomsten, zowel in het eerste jaar na plaatsing als nu. Daarenboven: hoe meer levensstressoren in het eerste jaar na plaatsing, hoe slechter ook hun huidige gezondheidsuitkomsten.</li>
	<li>
		Hoe meer <strong>steun </strong>en hoe hoger de <strong>gepercipieerde effectiviteit </strong>van die steun, hoe beter de gezondheidsuitkomsten voor geboortemoeders. Alleen werd er geen verband gevonden tussen huidige ondersteuning en mentale gezondheid.</li>
	<li>
		Hoe meer <strong>onvervulde ondersteuningsbehoeften</strong>, zowel in het eerste jaar na plaatsing als nu, hoe slechter de gezondheidsuitkomsten op beide momenten.</li>
</ul>
<p>
	Significante relaties die gevonden werden op vlak van <strong>openheid</strong> waren:</p>
<ul>
	<li>
		Geboortemoeders met <strong>open adopties</strong> waren over het algemeen <strong>meer tevreden met de adoptieregeling</strong>&nbsp;('adoption arrangement') dan geboortemoeders met minder open adopties. Vrouwen die ononderbroken, regelmatig contact hadden met het adoptiegezin, waren significant meer tevreden dan de andere groepen, maar niet meer tevreden dan de groep met beperkt en onregelmatig contact. Geboortemoeders die voorheen contact hadden, maar nu niet meer, waren het minst tevreden, gevolgd door vrouwen met gesloten adopties en adopties waar er identificerende informatie was gedeeld, maar er geen contact was.</li>
	<li>
		<strong>In het eerste jaar</strong> na plaatsing beoordeelden geboortemoeders die ononderbroken, regelmatig contact hadden met het adoptiegezin hun <strong>fysieke gezondheid</strong> beter dan vrouwen met identificerende informatie maar zonder contact, en vrouwen die geen contact meer hadden. Op het vlak van <strong>mentale gezondheid</strong> beoordeelden geboortemoeders met regelmatig contact zichzelf beter dan vrouwen bij wie er geen contact meer was.</li>
	<li>
		Wat betreft hun <strong>huidige fysieke en mentale gezondheid</strong>, beoordelen geboortemoeders met identificerende informatie maar zonder contact zichzelf als minder gezond dan de vrouwen in de andere groepen, met uitzondering van de geboortemoeders die geen contact meer hadden.</li>
	<li>
		<strong>In het eerste jaar</strong> na plaatsing rapporteerden geboortemoeders met ononderbroken, regelmatig contact <strong>meer steunbronnen, minder onvervulde ondersteuningsbehoeften en meer effectieve steun</strong> dan de vrouwen in de andere groepen, met uitzondering van de geboortemoeders met beperkt en onregelmatig contact.</li>
	<li>
		Geboortemoeders met identificerende informatie maar zonder contact en geboortemoeders die geen contact meer hadden, rapporteerden <strong>minder tevredenheid met de effectiviteit van de huidige steun</strong> dan de vrouwen in de andere groepen.</li>
</ul>
<h5>
	Discussie en conclusie</h5>
<p>
	De bevindingen van deze studie zijn consistent met eerder onderzoek en klinische waarnemingen dat het verlies van een kind aan adoptie een <strong>ingrijpende levensgebeurtenis </strong>is voor vrouwen, met een <strong>negatieve impact</strong> op hun <strong>fysieke en mentale welzijn</strong>.<br />
	<br />
	Zo gaf 44% van de vrouwen in deze studie aan hun mentale gezondheid in het eerste jaar na plaatsing als ‘zwak’ tot ‘zeer zwak’ te ervaren, en meer dan een derde van de vrouwen merkte negatieve effecten op hun fysieke gezondheid. Daarnaast rapporteerden meer dan 90% van de vrouwen een of meer levensstressoren (o.a. gevoelens van depressie, rouw en angst) na het afstaan van hun kind. Van deze vrouwen gaf 80% aan dat deze problemen direct gerelateerd waren aan de adoptie.<br />
	<br />
	De bevindingen laten zien dat geboortemoeders <strong>in de loop der tijd en met de juiste steun </strong>beginnen te '<strong>herstellen</strong> van hun verlies' ('recover from their loss'). De meeste vrouwen ervaren minder levensstressoren nu dan in het jaar na de plaatsing. En terwijl 75% van de vrouwen hun mentale gezondheid als ‘neutraal tot ‘zeer zwak’ beoordeelde in dat eerste jaar, daalde het percentage tot 37% nu.&nbsp;&nbsp;<br />
	<br />
	Echter, een <strong>aanzienlijk aantal </strong>geboortemoeders blijft <strong>gevoelens van depressie, rouw, schuld en verminderd zelfvertrouwen</strong> ervaren, die ze direct koppelen aan de adoptieplaatsing. Dit sluit aan bij eerdere bevindingen die wijzen op de <strong>blijvende negatieve impact </strong>van het afstaan van een kind op geboortemoeders.<br />
	<br />
	De bevindingen benadrukken ook het <strong>cruciale belang van ondersteuning</strong>, waarbij de beschikbaarheid, het gebruik en de ervaren effectiviteit ervan een grote rol spelen. Het gebrek aan emotionele steun van familie werd het vaakst genoemd als onvervulde ondersteuningsbehoefte, terwijl <strong>steun van familie en vrienden </strong>de kans op niet-erkend verlies minimaliseert. Eerder onderzoek (Brodzinsky, 1992) toont aan dat steun van de eigen moeder een sleutelrol speelt in het aanpassingsvermogen van geboortemoeders, met minder vermijdende copingstrategieën, rouw en depressie en meer tevredenheid met de beschikbare steun.</p>
<p>
	Hoewel de vrouwen nu minder steun ervaren dan in het jaar na plaatsing, zijn ze wel <strong>meer tevreden met de huidige steun</strong> en rapporteren ze minder onvervulde ondersteuningsbehoeften en een betere mentale gezondheid. Deze bevindingen suggereren dat de mate van steun wellicht minder belangrijk is dan hoe effectief geboortemoeders de steun ervaren.<br />
	<br />
	Dit alles onderstreept het <strong>belang van professionals</strong> die echt begrijpen wat het betekent om een kind af te staan en die l<strong>evenslang zorg op maat </strong>bieden. Daarnaast kan het waardevol zijn om vrouwen die overwegen om hun kind af te staan te ondersteunen bij het opbouwen van een <strong>post-adoptienetwerk</strong>. Ook trainingen voor vrienden en familie, zodat zij beter in staat zijn steun te bieden na de plaatsing, kunnen een waardevolle bijdrage leveren. Daarnaast kan <strong>contact met andere geboortemoeders</strong> helpen om stigma te verminderen en een informeel, ondersteunend netwerk te bieden in stressvolle periodes.<br />
	<br />
	Tot slot heeft de <strong>mate van openheid</strong> een impact op het fysieke en mentale welzijn van geboortemoeders. Vrouwen in meer open adopties zijn over het algemeen meer tevreden met de adoptieregeling dan zij met minder informatie over en contact met hun kind en het adoptiegezin. Niet zozeer geboortemoeders in gesloten adopties, maar wel vrouwen waarbij er identificerende informatie is maar geen contact en vrouwen waarbij het contact gestopt is, hebben het vooral moeilijk. Mogelijk ligt dit aan <strong>niet ingeloste verwachtingen rond contact</strong>.</p>
<p>
	Hoewel openheid dus belangrijk is voor het welzijn van geboortemoeders en waar mogelijk aangemoedigd moet worden, lijken <strong>tevredenheid met de adoptieregeling en het waarmaken van verwachtingen</strong> nog belangrijker. Adoptiediensten, onafhankelijke adoptieprofessionals en andere professionals binnen de geestelijke gezondheid moeten alle betrokkenen helpen de complexe manier te begrijpen waarop adoptieplaatsingen zich in de loop van de tijd kunnen ontwikkelen en voorbereid zijn om hen te <strong>ondersteunen</strong> tijdens periodes van verandering.</p>
<p>
	<strong>Bron:</strong> Brodzinsky, D. & Livingston Smith, S. (2014). Post-Placement Adjustment and<br />
	the Needs of Birthmothers Who Place an Infant for Adoption.&nbsp;<em>Adoption Quarterly, 17</em>(3), 165-184. DOI: 10.1080/10926755.2014.891551</p>
<p>
	<strong>Tekst:</strong> Kristien Wouters</p>
<p>
	<em>*Het oorspronkelijke artikel is geschreven in het Engels. Sommige begrippen laten zich lastig vertalen of klinken in het Nederlands minder natuurlijk als het over afstand en adoptie gaat. Uit gemak en voor de correctheid blijven we in onze vertalingen zo dicht mogelijk bij het origineel wetenschappelijk artikel, maar voor de duidelijkheid hebben we soms de Engelse term tussen haakjes toegevoegd.</em></p>
<div class="meta">
	<p><a href="https://www.steunpuntadoptie.be/nl/kennisdatabank/detail/samenvatting-onderzoek-het-welzijn-en-de-ondersteuningsbehoeften-van-moeders-die-een-baby-ter-adoptie-afstonden-2014" title="Samenvatting onderzoek: Het welzijn en de ondersteuningsbehoeften van moeders die een baby ter adoptie afstonden (2014)">Samenvatting onderzoek: Het welzijn en de ondersteuningsbehoeften van moeders die een baby ter adoptie afstonden (2014)</a> geschreven door Kristina Vanremoortel in <a href="https://www.steunpuntadoptie.be/nl/kennisdatabank/categorie/afstand" title="Afstand">Afstand</a>.</p>
</div>

		]]>
	</description>
	<pubDate>Fri, 21 Feb 2025 11:48:00 +0100</pubDate>
	<author><![CDATA[kristina-vanremoortel@example.com (Kristina Vanremoortel)]]></author>
	<category><![CDATA[Afstand]]></category>
	<guid isPermaLink="true">https://www.steunpuntadoptie.be/nl/kennisdatabank/detail/samenvatting-onderzoek-het-welzijn-en-de-ondersteuningsbehoeften-van-moeders-die-een-baby-ter-adoptie-afstonden-2014</guid>
	</item>
<item>
	<title><![CDATA[Samenvatting onderzoek: Geadopteerden die hun erfgoedtaal opnieuw leren: Een postkoloniale lezing van taal en dialoog in transnationale adoptie (2023)]]></title>
	<link>https://www.steunpuntadoptie.be/nl/kennisdatabank/detail/samenvatting-onderzoek-geadopteerden-die-hun-erfgoedtaal-opnieuw-leren-een-postkoloniale-lezing-van-taal-en-dialoog-in-transnationale-adoptie-2023?utm_source=feed&amp;utm_medium=rss&amp;utm_campaign=samenvatting-onderzoek-geadopteerden-die-hun-erfgoedtaal-opnieuw-leren-een-postkoloniale-lezing-van-taal-en-dialoog-in-transnationale-adoptie-2023</link>
	<description>
		<![CDATA[
			<p>
	<strong>Meer en meer keren transnationale geadopteerden terug naar hun landen van herkomst en leren ze opnieuw hun erfgoedtaal. In het kader daarvan zijn West-Europese adoptie- en geadopteerdenorganisaties begonnen met het organiseren van erfgoedtaallessen voor transnationale geadopteerden. In dit artikel (2023) bekijken de onderzoekers Prasad Sacré, Cawayu en Clemente-Martinez deze ontwikkelingen vanuit een postkoloniaal perspectief.&nbsp;</strong></p>
<p>
	Terugkeerpraktijken zijn zeer <strong>divers</strong> en omvatten onder andere terugreizen door adoptiefamilies en geadopteerden, zoektochten naar en herenigingen met eerste families, en geadopteerden die remigreren naar het land van herkomst voor een langdurig verblijf.</p>
<p>
	Deze praktijken verdienen onze aandacht omdat ze de<strong> waarde van de erfgoedtaal verschuiven</strong> van een verloren taal naar een gewenste taal met hoge navigatiewaarde. Meer nog, ze heronderhandelen de waarde van de erfgoedtaal <strong>binnen de Noord-Zuid asymmetrie</strong>. De geletterdheidspraktijken van teruggekeerde geadopteerden tonen namelijk hoe burgers uit het globale Noorden talen en kennis kunnen leren van het globale Zuiden. Tegelijkertijd laten hun ervaringen <strong>bijkomende complexiteiten</strong> zien, waarbij ongelijke machtsverhoudingen tussen Noord en Zuid net in stand worden gehouden.</p>
<p>
	De drie onderzoekers bekijken dit fenomeen vanuit hun positie als in Europa gevestigde wetenschappers in geletterdheid en adoptie (Adhikari-Sacré, 2020; Cawayu & De Graeve, 2020; Clemente Martinez, 2022). Ze bespreken het af- en herleren van de erfgoedtaal in <strong>drie delen</strong>.</p>
<p>
	<strong>Ten eerste</strong> bekijken ze het verlies van de erfgoedtaal vanuit het perspectief van 'transnationale geletterdheid'. Deze postkoloniale benadering onderzoekt de dynamiek van globalisering in taal- en geletterdheidsprogramma’s. Het ziet geletterdheid en taal als middelen voor wederzijds leren over de Noord-Zuid asymmetrie heen.</p>
<p>
	<strong>Ten tweede</strong> verkennen ze hoe het afleren van de erfgoedtaal de mogelijkheden voor wederzijds&nbsp; leren met eerste families en gemeenschappen belemmert. Dit gedeelte beschouwt het beheersen van een tweede taal bij transnationale geadopteerden als een voorbeeld van wat Spivak 'enabling violation' noemt.</p>
<p>
	<strong>Ten derde</strong> bespreken ze de reactie van Westerse adoptie- en geadopteerdenorganisaties om erfgoedtaallessen te organiseren. Ze stellen dat het institutionaliseren hiervan transnationaal leren verder zou kunnen vergemakkelijken.</p>
<h5 class="a">
	Teruggekeerde geadopteerden&nbsp; en transnationale geletterdheid</h5>
<p>
	Voor de auteurs doet de dynamiek van het verlies van de erfgoedtaal bij transnationaal geadopteerden denken aan deze van globalisering, waarbij talen het risico lopen verdrongen of zelfs uitgeroeid te worden door de uitbreiding van krachtigere talen. Daarom geloven ze dat het concept van <strong>transnationale geletterdheid</strong> geschikt is om dit fenomeen te begrijpen.</p>
<p>
	“Transnationale geletterdheid onderzoekt de <strong>globale dynamieken</strong> binnen de relaties tussen taal, kennis, macht en subjectiviteit" (Andreotti, 2015, p. 39). Het daagt dominante eenzijdige narratieven van de geschiedenis uit door alternatieve verhalen te bieden (Spivak, 1992).</p>
<p>
	Het volgende gedeelte bekijkt hoe <strong>het verlies van de erfgoedtaal en het verwerven van de tweede taal samen bestaan als twee dynamieken van globalisering</strong>. Spivak integreert deze twee dynamieken in één concept: 'enabling violation'. De 'mogelijkmakende' dimensie verwijst naar het verwerven van een tweede taal, terwijl de 'schendende' dimensie betrekking heeft op het verlies of het afleren van de erfgoedtaal.</p>
<h5 class="a">
	Enabling violation van de tweede taal</h5>
<p>
	Op enkele uitzonderingen na zijn eerste families niet aanwezig in de opvoeding van het geadopteerde kind. Hun <strong>afwezigheid rechtvaardigt het afleren</strong> van de erfgoedtaal. Geadopteerden worden <strong>geconfronteerd met het verlies</strong> van deze taal wanneer ze in contact komen met leden van de diaspora. Het kan hen bijvoorbeeld in de weg staan bij het organiseren van een hereniging met eerste familie.</p>
<p>
	Als we het breder bekijken, verplaatst transnationale adoptie kinderen van een sociaal-linguïstische gemeenschap in het globale Zuiden naar een welvarendere sociaal-linguïstische gemeenschap in het globale Noorden. Deze beweging naar een <strong>meer dominante tweede taal</strong> rechtvaardigt dan het verlies van de erfgoedtaal in de opvoeding van het geadopteerde kind en wordt gezien als een onvermijdelijk aspect van adoptie. Hierdoor wordt de transnationale geadopteerde vaak uitsluitend opgevoed als een <strong>ééntalige burger in de tweede taal.</strong></p>
<p>
	Filosoof Jacques Derrida legt uit dat zo’n ééntaligheid de interpretatie van een gedeelde wereld beperkt tot de woorden en logica van slechts één taal (Derrida, 1998). Een gevolg is dat <strong>geadopteerden geneigd zijn hun transnationale geschiedenis te herzien via de tweede taal</strong> <strong>en het perspectief van de adoptieouders</strong>. We wenden ons tot Spivak’s conceptualisering van “enabing violation” om de relatie tussen een 'enabling' tweede taal en een 'violated' erfgoedtaal te begrijpen.</p>
<h5 class="a">
	Spivak's enabling violation</h5>
<p>
	Gayatri Chakravorty Spivak introduceerde het concept 'enabling violation' in haar boek <em>An Aesthetic Education in the Era of Globalization</em> (2013). Ze gebruikt dit om de <strong>paradoxale rol</strong> van de Engelse taal in de politieke emancipatie van postkoloniaal India te bespreken. Spivak stelt dat de taal van geweld, het Engels, hergebruikt moest worden als de taal van mogelijkheden. Ze noemt deze tegenstrijdigheid de 'double bind'. <strong>Enerzijds</strong> is het onmogelijk om politieke emancipatie te voltooien in het Engels, omdat deze taal toebehoort aan de gewelddadige indringer. <strong>Anderzijds</strong> zou het niet toe-eigenen van de Engelse taal betekenen dat de Britse koloniale structuur de Indiase postkoloniale samenleving verder zou kunnen onderdrukken. Door zich de Engelse taal eigen te maken, kon de Indiase postkoloniale samenleving haar plaats onderhandelen binnen de taal van geweld.</p>
<p>
	Voor Spivak zit emancipatie in het herstellen van een gelijkwaardigheid tussen beide werelden (Spivak, 2002a). De Indiase postkoloniale samenleving zou kunnen emanciperen door kennis uit de erfgoedtaal te <strong>vertalen in de taal van macht</strong>, het Engels. Die kennis, geuit in het Engels, zou gebruikt kunnen worden om de politieke infrastructuur die de rechten van de niet-Engelssprekende bevolkingsgroepen van India schond, <strong>opnieuw te schrijven</strong> (Spivak, 2013, p. 28 ).</p>
<h5 class="a">
	Enabling violation in transnationale adoptie</h5>
<p>
	Om Spivak’s concept van 'enabling violation' toe te passen op transnationale adoptie moeten we begrijpen hoe adoptie (bewust of onbewust) de erfgoedtaal van transnationale geadopteerden <strong>ontneemt</strong>. Dit begint vanuit de macht van het <strong>adoptiegezin</strong> om, al dan niet opzettelijk, Europese geletterdheid te gebruiken om de erfgoedtaal af te leren, te negeren of te vervangen.</p>
<p>
	Volgens socioloog Richey Wyver (2020) ondergaat de transnationale geadopteerde de<strong> meest gewelddadige vorm van gedwongen beschaving</strong>. Geadopteerden worden gezien als subjecten die gered moeten worden en worden uiteindelijk beroofd van hun taal, culturele erfgoed en zowel familie- als nationale geschiedenis.</p>
<p>
	Maar, stellen de auteurs, deze schending draagt ook een <strong>mogelijkheid tot emancipatie in zich</strong>. Europees geletterd zijn stelt de geadopteerde bijvoorbeeld in staat toegang te krijgen tot intra-nationale mobiliteitsinfrastructuren (zoals een Europees paspoort, visum, ...) die nodig zijn om terug te keren naar het land van herkomst.</p>
<p>
	Tegelijk worden teruggekeerde geadopteerden geconfronteerd met <strong>vervreemding</strong>. Zij moeten zich hun eigen erfgoedtaal opnieuw eigen maken als vreemdeling, wat een diep ingrijpende ervaring is. De erfgoedtaal is een <strong>gebroken thuis</strong>. In het adoptieland klinkt de geadopteerde vertrouwd, maar ziet er vreemd uit. In het land van herkomst ziet de teruggekeerde geadopteerde er vertrouwd uit, maar klinkt vreemd. In beide contexten zorgt de politiek van ras (race) ervoor dat taal een fragiel en gebroken thuis wordt voor de geadopteerde.</p>
<h5 class="a">
	Wederzijds leren met de eerste families</h5>
<p>
	In welke taal kan de teruggekeerde geadopteerde een thuis claimen? Volgens Spivak’s concept van de 'double bind' kan de transnationale geadopteerde <strong>nooit</strong> eenduidig kiezen tussen de tweede taal en de erfgoedtaal. Het kiezen tussen deze talen creëert de illusie dat men kan kiezen tussen de adoptiewereld en de wereld van herkomst. Maar geadopteerden kunnen het niet ongedaan maken dat hun twee families zich aan ongelijke zijden van de wereld bevinden.</p>
<p>
	Transnationale geadopteerden hebben <strong>wel</strong> de mogelijkheid om hun macht vanuit het Globale Noorden te gebruiken om de relatie met hun gemeenschap van herkomst te onderzoeken. Ze <strong>beschikken over de middelen die nodig zijn om onrecht recht te zetten</strong>. Spivak stelt dat de geadopteerde in het Globale Noorden de talen en culturen van het Globale Zuiden kan leren om deze sociaal-linguïstische gemeenschappen toegang te geven tot macht. Leren van gemarginaliseerde gemeenschappen kan zo een manier zijn om macht, kapitaal en invloed <strong>opnieuw te verdelen</strong>.</p>
<h5 class="a">
	Het belang van volwassenonderwijs</h5>
<p>
	Op Europees niveau is er een beleidskader dat de rechten van minderheidstalen in het basisonderwijs beschermt via het recht op onderwijs in de moedertaal. In de Europese lidstaten die dit kader hebben goedgekeurd en geïmplementeerd, zoals Zweden, is recht op onderwijs in de moedertaal gegarandeerd. Er is echter geen bewijs dat transnationale geadopteerden gebruikmaken van dit recht. De weinige gevallen ervan hangen af van persoonlijke keuzes van adoptieouders. Terwijl transnationale geadopteerden in hun jeugd afhankelijk zijn van het taalbeleid van hun adoptieouders, nemen ze <strong>tijdens de adolescentie en volwassenheid meer controle over hun taalkeuze</strong>.</p>
<p>
	Het <strong>pionierswerk van Koreaanse teruggekeerde geadopteerden</strong> in de jaren 1990 heeft een keten van initiatieven op gang gebracht die zich richten op het onderwijzen van de erfgoedtaal aan volwassen geadopteerden. Global Overseas Adoptees’ Link (GOA’L), opgericht in Seoul in 1998 door 11 geadopteerden, ondersteunt geadopteerden bij het vinden van hun biologische families en het opbouwen van een leven in Zuid-Korea. Koreaanse taalcursussen voor teruggekeerde geadopteerden vormen een belangrijk onderdeel van hun diensten, variërend van beginnerscursussen tot volledige semesters. GOA'L benadrukt dat taalverwerving noodzakelijk is om een plek in de Koreaanse samenleving te veroveren. Het bevordert wederzijds leren tussen teruggekeerde geadopteerden en Koreaanse burgers. Het toont hoe essentieel de erfgoedtaal is om terug verbinding te maken met het land van herkomst, de bevolking en mogelijk de eerste families.</p>
<p>
	Intussen ontstonden er ook initiatieven in Europa. In <strong>België</strong> bijvoorbeeld besloot de voormalige interlandelijke adoptiedienst FIAC Horizon de eerste reeks cursussen te organiseren, waarin Spaans, Thais, Tagalog en Amhaars worden onderwezen aan transnationale geadopteerden van Thaise, Filippijnse, Ethiopische en Zuid-Amerikaanse afkomst.</p>
<p>
	De groeiende vraag naar zulke initiatieven laat zien dat ze <strong>institutionele ondersteuning</strong> nodig hebben. De huidige middelen van deze organisaties zijn onvoldoende om structurele veranderingen door te voeren. Daarom kijken de auteurs naar <strong>centra voor volwassenenonderwijs</strong> om samen te werken met geadopteerdengroepen. <strong>Leden van de diaspora, taalfaculteiten aan universiteiten en ambassades van de landen van herkomst</strong> kunnen een belangrijke rol spelen in het uitwerken van zo’n leeromgevingen.</p>
<p>
	Als we naar het grotere plaatje kijken, kunnen deze erfgoedtaalcursussen ook een belangrijke rol spelen in het <strong>herwerken van de hiërarchie</strong> tussen Europese en niet-Europese talen.</p>
<p>
	De auteurs benadrukken dat <strong>aankomstlanden nooit het verlies van de erfgoedtaal zouden mogen legitimeren door te verwijzen naar het wereldwijde belang van de tweede taal</strong>. Kritische pedagogen en geletterdheidsonderwijzers zouden moeten erkennen dat dialoog en wederzijds leren essentieel zijn voor onze transnationaal verbonden democratische samenlevingen. Het verlies van een erfgoedtaal beschadigt deze dialogische structuur ernstig.</p>
<h5 class="a">
	Conclusie</h5>
<p>
	Dit artikel besprak de gevolgen van het verlies van de erfgoedtaal van geadopteerden die terugkeren naar hun land van herkomst. Hun ervaringen brengen een belangrijk probleem aan het licht in ons dominante taalbeleid.</p>
<p>
	Eéntalige opvoeding bereidt geadopteerden niet voor op het omgaan met talen en kennis uit hun land van herkomst. <strong>We moeten transnationale geadopteerden herdenken van ééntalige naar tweetalige burgers.</strong> Deze verschuiving kan hen in staat stellen om te bewegen tussen de werelden van hun eerste en adoptiefamilies.</p>
<p>
	De auteurs wijzen op de rol van geadopteerdengroepen, adoptiebureaus en centra voor volwassenenonderwijs in deze taalkundige en culturele verschuiving. Ze nodigen taaldeskundigen uit om deel te nemen aan de <strong>institutionalisering</strong> van erfgoedtaalcursussen voor transnationale geadopteerden. Deze cursussen zouden georganiseerd kunnen worden in de adoptielanden en de landen van herkomst door <strong>samenwerkingen</strong> van centra voor volwassenonderwijs en adoptieorganisaties.</p>
<p>
	Maar ze roepen ook op tot voorzichtig zijn met initiatieven die profiteren van het verlies van erfgoedtalen. We moeten leeromgevingen faciliteren waarin transnationale geadopteerden de erfgoedtaal kunnen <strong>inzetten</strong> om opnieuw contact te maken met hun eerste families en gemeenschappen.</p>
<p>
	<strong>Bron</strong>: Sacré, H. P., Cawayu, A., & Clemente‐Martínez, C. K. (2023). Adoptees relearning their heritage languages : a postcolonial reading of language and dialogue in transnational adoption. <em>Journal of Adolescent & Adult Literacy</em>, <em>66</em>(4), 267–272. https://doi.org/10.1002/jaal.1275</p>
<p>
	<strong>Tekst</strong>: Lise Dheedene</p>
<div class="meta">
	<p><a href="https://www.steunpuntadoptie.be/nl/kennisdatabank/detail/samenvatting-onderzoek-geadopteerden-die-hun-erfgoedtaal-opnieuw-leren-een-postkoloniale-lezing-van-taal-en-dialoog-in-transnationale-adoptie-2023" title="Samenvatting onderzoek: Geadopteerden die hun erfgoedtaal opnieuw leren: Een postkoloniale lezing van taal en dialoog in transnationale adoptie (2023)">Samenvatting onderzoek: Geadopteerden die hun erfgoedtaal opnieuw leren: Een postkoloniale lezing van taal en dialoog in transnationale adoptie (2023)</a> geschreven door Fork CMS in <a href="https://www.steunpuntadoptie.be/nl/kennisdatabank/categorie/sociale-ongelijkheid-en-wanpraktijken" title="Sociale ongelijkheid en wanpraktijken">Sociale ongelijkheid en wanpraktijken</a>.</p>
</div>

		]]>
	</description>
	<pubDate>Wed, 12 Feb 2025 11:48:00 +0100</pubDate>
	<author><![CDATA[fork-cms@example.com (Fork CMS)]]></author>
	<category><![CDATA[Sociale ongelijkheid en wanpraktijken]]></category>
	<guid isPermaLink="true">https://www.steunpuntadoptie.be/nl/kennisdatabank/detail/samenvatting-onderzoek-geadopteerden-die-hun-erfgoedtaal-opnieuw-leren-een-postkoloniale-lezing-van-taal-en-dialoog-in-transnationale-adoptie-2023</guid>
	</item>
<item>
	<title><![CDATA[Wat is adoptie?]]></title>
	<link>https://www.steunpuntadoptie.be/nl/kennisdatabank/detail/wat-is-adoptie?utm_source=feed&amp;utm_medium=rss&amp;utm_campaign=wat-is-adoptie</link>
	<description>
		<![CDATA[
			<p>
	<strong>Elk kind heeft het recht om op te groeien bij zijn ouders. Dit recht is vastgelegd in artikel 9 van het Verdrag inzake de Rechten van het Kind. Als dit niet mogelijk is en enkel <a href="https://www.steunpuntadoptie.be/nl/kennisdatabank/detail/het-belang-van-het-kind-hoe-kunnen-we-dit-begrip-invullen" target="_blank">in het belang van het kind,</a> kan adoptie als jeugdbeschermingsmaatregel een gezin bieden aan een kind dat niet bij zijn eerste of geboorteouders kan opgroeien. Hierbij kan adoptie naar het buitenland pas overwogen worden als opvang door naaste familie of een geschikt pleeg- of adoptiegezin in eigen land niet mogelijk is (<a href="https://kinderrechten.be/sites/default/files/kinderrechtenverdrag_nederlandse_vertaling.pdf" target="_blank">artikel 21</a>, Kinderrechtenverdrag).</strong></p>
<h5>
	Volle en gewone adoptie</h5>
<p>
	Juridisch gezien is adoptie 'het aannemen van een kind'. Door adoptie wordt er een <strong>nieuwe, juridische afstammingsband</strong> gecreëerd tussen het adoptiekind (en zijn afstammelingen) en de adoptieouder(s) (en - in geval van volle adoptie - de aanverwanten van de adoptieouder(s)). Na het adoptievonnis van de rechter is een adoptiekind dus het kind van zijn adoptieouders, met <strong>alle rechten en plichten</strong> die daarbij horen.</p>
<p>
	In België bestaan er <strong>twee juridische vormen</strong> van adoptie: een volle en gewone adoptie. Bij een volle adoptie krijgt het kind (en zijn afstammelingen) dezelfde rechten en plichten als was het kind geboren uit en binnen de familie van de adoptieouder(s). De wettelijke band met de oorspronkelijke familie wordt dan volledig verbroken. Deze vorm van adoptie is enkel mogelijk bij minderjarigen.</p>
<p>
	De gewone adoptie creëert tussen het kind (en zijn afstammelingen) en de adoptieouders dezelfde band als bij een volle adoptie, maar niet met de familieleden van de adoptieouders. Het kind behoudt daarnaast rechten en plichten in zijn oorspronkelijke familie. Deze vorm van adoptie is mogelijk voor minderjarigen en meerderjarigen.</p>
<p>
	Lees <a href="https://www.steunpuntadoptie.be/nl/faq/detail/wat-is-het-verschil-tussen-gewone-adoptie-en-volle-adoptie" target="_blank">hier</a> meer over het verschil tussen volle en gewone adoptie.</p>
<h5>
	Adoptie van een gekend en ongekend kind</h5>
<p>
	De meeste kandidaat-adoptanten starten een adoptieprocedure zonder te weten welk kind ze zullen adopteren. Dat noemen we de adoptie van een ongekend kind.</p>
<p>
	Je kan echter ook een gekend kind adopteren, bijvoorbeeld een kind van familie (neefje, nichtje) of een kind van een partner (de zogenaamde 'stiefouderadoptie').</p>
<h5>
	Gesloten en open adoptie</h5>
<p>
	Wanneer men spreekt over een ‘open of gesloten adoptie’, doelt men meestal op de <strong>mate van openheid</strong> die er bestaat in de adoptie. Het kan hierbij gaan van toegang tot gegevens over geregeld contact tussen het kind en zijn eerste ouders tot eerste ouders die een deel van de opvoeding van het kind voor hun rekening nemen.</p>
<p>
	Openheid in adoptie is in België <strong>niet juridisch geregeld</strong>. De mate van openheid wordt individueel ingevuld van adoptiegezin tot adoptiegezin.&nbsp;</p>
<p>
	Momenteel wordt er gewerkt aan een hervorming van de adoptiewetgeving. De Vlaamse Regering stelt hierbij dat het <strong>concept van ‘meerouderschap’</strong> (waarbij de eerste ouders voor zover mogelijk betrokken blijven) een belangrijke basisgedachte moet zijn bij adoptie. Mogelijk zal openheid binnen adoptie in de toekomst een sterkere verankering kennen in de Vlaamse wetgeving.</p>
<p>
	Lees meer over het belang van openheid op onze <a href="https://www.steunpuntadoptie.be/nl/kennisdatabank" target="_blank">kennisdatabank</a>&nbsp;onder het thema 'openheid'.</p>
<h5>
	<strong>Interlandelijke en binnenlandse adoptie</strong></h5>
<p>
	Binnenlandse adoptie gaat om de adoptie van een in België verblijvend kind door personen die ook in België verblijven.</p>
<p>
	Bij interlandelijke, transnationale of buitenlandse adoptie gaat het om de adoptie van een kind dat in het buitenland verblijft door personen die in België verblijven.</p>
<p>
	De Belgische wetgeving omtrent adoptie kent een <a href="https://www.steunpuntadoptie.be/nl/kennisdatabank/detail/korte-geschiedenis-van-interlandelijke-adoptie" target="_blank">lange geschiedenis</a>&nbsp;en wordt bepaald door het Haags Adoptieverdrag dat sinds 1 september 2005 volledig uitwerking kreeg in de Belgische wetgeving. Lees <a href="https://www.steunpuntadoptie.be/nl/kennisdatabank/detail/het-haags-adoptieverdrag" target="_blank">hier</a> meer over het Haags Adoptieverdrag.</p>
<p>
	<em>Publicatiedatum: juli 2018 - Laatst gewijzigd: februari 2025</em></p>
<div class="meta">
	<p><a href="https://www.steunpuntadoptie.be/nl/kennisdatabank/detail/wat-is-adoptie" title="Wat is adoptie?">Wat is adoptie?</a> geschreven door Kristina Vanremoortel in <a href="https://www.steunpuntadoptie.be/nl/kennisdatabank/categorie/adoptiebeleid-kader" title="Adoptiebeleid kader">Adoptiebeleid kader</a>.</p>
</div>

		]]>
	</description>
	<pubDate>Mon, 10 Feb 2025 12:21:00 +0100</pubDate>
	<author><![CDATA[kristina-vanremoortel@example.com (Kristina Vanremoortel)]]></author>
	<category><![CDATA[Adoptiebeleid kader]]></category>
	<guid isPermaLink="true">https://www.steunpuntadoptie.be/nl/kennisdatabank/detail/wat-is-adoptie</guid>
	</item>
<item>
	<title><![CDATA[Samenvatting onderzoek: Psychologische implicaties van een terugreis voor interlandelijk geadopteerden (2022)]]></title>
	<link>https://www.steunpuntadoptie.be/nl/kennisdatabank/detail/samenvatting-onderzoek-psychologische-implicaties-van-een-terugreis-voor-interlandelijk-geadopteerden-2022?utm_source=feed&amp;utm_medium=rss&amp;utm_campaign=samenvatting-onderzoek-psychologische-implicaties-van-een-terugreis-voor-interlandelijk-geadopteerden-2022</link>
	<description>
		<![CDATA[
			<p>
	<strong>In deze kwantitatieve studie onderzochten Santona et al. (2022) hoe een terugreis naar het geboorteland (return travel) de etnische identiteit en het psychologisch welzijn van interlandelijk geadopteerden in Italië beïnvloedt. Hiervoor bevroegen ze 34 geadopteerden tussen 12 en 40 jaar die een terugreis maakten tussen 2000 en 2013.</strong></p>
<p>
	<strong>De bevindingen tonen dat de emotionele ervaringen van geadopteerden tijdens de terugreis een impact hadden op hun gevoelens over adoptie. Ook veranderde de terugreis hun gevoel van verbondenheid (sense of belonging) met zowel Italië als hun herkomstland. Tot slot zagen de meeste geadopteerden de terugreis als een gedenkwaardige gebeurtenis die bijdroeg aan hun algemene kennis over hun herkomstland en -cultuur.</strong></p>
<h5>
	Etnische identiteit en welzijn</h5>
<p>
	Een belangrijk aspect bij interlandelijke adoptie is de ontwikkeling van “<strong>etnische identiteit</strong>”. Dit verwijst naar een <strong>gevoel van verbondenheid </strong>met een specifieke etnische groep en de aanvaarding van de bijbehorende overtuigingen, gedragingen en waarden (Phinney, 1996; Phinney & Ong, 2007).</p>
<p>
	Verschillende studies hebben het belang hiervan benadrukt voor het welzijn, het zelfvertrouwen en de mentale gezondheid van kinderen.</p>
<h5>
	Terugreizen</h5>
<p>
	Er zijn verschillende redenen waarom interlandelijk geadopteerden een terugreis maken. Tot nu toe gebeurde er vooral <em>kwalitatief </em>onderzoek naar terugreizen in het kader van zoektochten en reünies met geboorteouders. Deze studie neemt een <strong>kwantitatieve benadering</strong>.</p>
<h6>
	Impact van leeftijd</h6>
<p>
	Hoewel een terugreis waarschijnlijk een <strong>intense ervaring</strong> is voor alle geadopteerden, hangt de psychologische impact af van de <strong>leeftijd van de geadopteerde</strong> op het moment van de terugreis (Wilson & Summerhill-Coleman, 2013).<br />
	<br />
	<strong>Oudere kinderen</strong> zijn beter in staat om hun gedachten, overtuigingen, bezorgdheden en emoties uiten en gaan doorgaans gemakkelijker om met de<strong> intense gevoelens en stress </strong>die de terugreis kan oproepen (Wilson & Summerhill-Coleman, 2013). Adolescenten slagen er vaak beter in de verschillende aspecten van hun adoptie te begrijpen en kunnen beter omgaan met complexe emoties. Ze zijn mogelijk ook meer geneigd om gedetailleerde informatie over zichzelf te zoeken en hun gevoelens te delen met vrienden en ouders (Mazzonis, 2010; Vadilonga, 2010).<br />
	<br />
	<strong>Jongere kinderen </strong>daarentegen vinden de ervaring vaak <strong>verwarrend</strong>. Ze kunnen moeite hebben om zich aan te passen aan een nieuwe routine, een onbekende keuken en onbekende plaatsen. Sommige kinderen kunnen zelfs het doel van de terugreis verkeerd begrijpen en denken dat ze worden 'teruggestuurd' (Wilson en Summerhill-Coleman, 2013). Als de terugreis echter <strong>zorgvuldig </strong>wordt gepland, kan deze evenwel hun herinneringen versterken en <strong>bijdragen aan de integratie </strong>van hun vroegere en huidige identiteit.</p>
<h6>
	Impact op gevoel van verbondenheid</h6>
<p>
	Ongeacht de leeftijd van de geadopteerde dragen terugreizen doorgaans bij aan een beter <strong>begrip van de geboortecultuur</strong>. Hierdoor ontwikkelen sommige geadopteerden een <strong>versterkt “gevoel van verbondenheid”</strong> (sense of belonging). Dit verwijst naar het gevoel van persoonlijke betrokkenheid bij een omgeving of systeem waarvan men zichzelf als een essentieel onderdeel beschouwt (Hagerty et al., 1996), en uit zich in een gevoel van trots op afkomst en een sterk gevoel van nauwe connectie met een etnische of culturele groep.</p>
<p>
	Niet voor alle geadopteerden is het gevoel van verbondenheid vrij van ambiguïteit. Sommigen kunnen zich identificeren met twee verschillende culturen, maar zonder een echt gevoel van verbondenheid met één van beide (Goss, Byrd & Hughey, 2017; Meyers, 2020).</p>
<h6>
	Terugreizen voor het adoptiegezin</h6>
<p>
	Terugreizen zijn tegelijk ook een <strong>uitdaging voor adoptiegezinnen</strong> (Powers, 2011). Het plannen van zulke reizen vraagt compromissen en samenwerking tussen kinderen en ouders, waardoor de terugreis niet noodzakelijk op dezelfde manier ervaren wordt door beide partijen. Verleden, heden en toekomst worden met elkaar verweven, wat leidt tot een situatie met <strong>sterke emotionele connotaties </strong>(Gustafsson, et al., 2020), waarbij geadopteerden vaak zowel nieuwsgierig als bang zijn voor wat ze zullen ontdekken in het geboorteland (Miller, 2013).</p>
<h5>
	Huidige studie</h5>
<p>
	Deze studie onderzoekt hoe de <strong>ervaring van de terugreis</strong> samenhangt met <strong>de identiteitsbeleving en het psychologisch welzijn</strong> van interlandelijk geadopteerden in Italië.</p>
<h6>
	Deelnemers</h6>
<p>
	Hiertoe werden <strong>34 geadopteerden</strong> (14 vrouwen en 20 mannen) tussen 12 en 40 jaar oud in 2017 en 2018&nbsp;<strong>retroactief</strong> bevraagd over hun gevoelens voor, tijdens en na de terugreis. De deelnemers waren tussen de 0 en 12 jaar op het moment van de adoptie, waarbij de meerderheid (n=26) max. 5 jaar was.</p>
<p>
	De terugreizen vonden plaats tussen 2000 en 2013 met adoptieouders, siblings of vrienden naar Brazilië (n=1), Cambodja (n=2), Colombia (n=6), Ethiopië (n=10), India (n=10), Peru (n=2), Sri Lanka (n=1), Thailand (n=2).</p>
<p>
	Vijftien deelnemers maakten de terugreis als jongvolwassene (19-27j), 8 als adolescent (14-18j), 5 als pre-adolescent (11-12j), 3 als kind (6-10j) en 3 als volwassene (28-30j). De gemiddelde leeftijd bij de terugreis was 18,7 jaar.<br />
	<br />
	Op het moment dat de vragenlijst werd ingevuld, varieerden de leeftijden van de deelnemers tussen 12 en 40 jaar, met een gemiddelde leeftijd van 24 jaar. De verdeling was als volgt: 12 volwassenen (28-40j), 11 jongvolwassenen (19-27j), 9 adolescenten (14-18j) en 2 pre-adolescenten (12-13j).<br />
	<br />
	Achttien deelnemers waren student, 11 gaven aan fulltime te werken en 5 waren werkloos. De meerderheid (n=26; 77%) had geen relatie, terwijl slechts 6 deelnemers (19%) getrouwd waren.</p>
<h6>
	Vragenlijst en meetinstrumenten</h6>
<p>
	De vragenlijst was speciaal ontworpen om de <strong>herinneringen van de deelnemers aan hun terugreis</strong> te verzamelen. Deze peilde naar de praktische organisatie van de terugreis, het doel ervan, het gedrag van reisgezellen tijdens de terugreis, de betekenis die iedereen aan de ervaring gaf, de emotionele impact van de terugreis en andere effecten die de deelnemers wilden beschrijven.</p>
<p>
	Daarnaast werd er specifiek gekeken naar <strong>twee effecten</strong> die in de literatuur vaak worden genoemd, namelijk etnische identiteit en psychologisch welzijn.</p>
<p>
	De Multigroup Ethnic Identity Measure - Revised (MEIM-R) (Phinney, 1992) werd gebruikt om de <strong>etnische identiteit</strong> van de deelnemers te meten. Dit instrument bevat twee subschalen:</p>
<ol>
	<li>
		<em>ethnic identity exploration</em>: dit meet de mate waarin de geadopteerde zijn of haar <strong>etnische identiteit verkent</strong> (bv. "I have spent time trying to find out more about my ethnic group, such as its history, traditions, and customs");</li>
	<li>
		<em>ethnic identity commitment</em>: dit meet de <strong>mate van cognitieve en emotionele betrokkenheid</strong> bij de eigen etnische identiteit (bv. "I have a strong sense of belonging to my own ethnic group”).</li>
</ol>
<p>
	Het <strong>psychologisch welzijn</strong> van de deelnemers werd gemeten met de Psychological Well-Being Scale (PWB) (Ryff & Keyes, 1995). Deze zelfrapportagevragenlijst bevat 84 items, verdeeld over zes dimensies: (1) autonomie, (2) omgevingsbeheersing, (3) persoonlijke groei, (4) positieve relaties met anderen, (5) doel in het leven en (6) zelfacceptatie.</p>
<h5>
	Resultaten</h5>
<h6>
	Motivatie</h6>
<p>
	Om te peilen naar de <strong>algemene motivatie </strong>van de deelnemers voor het maken van de terugreis werd hen gevraagd om op een vijfpuntenschaal aan te geven in welke mate zij de terugreis wilden maken (1 = niet gewenst; 5 = sterk gewenst). De resultaten toonden aan dat de algemene motivatie <strong>hoog</strong> was (M = 3,81) waarbij slechts 8% van de deelnemers aangaf onverschillig te staan tegenover het maken van de terugreis.<br />
	<br />
	Daarnaast werd er gevraagd naar <strong>specifieke motieven</strong> voor de terugreis. Deze motieven werden beoordeeld op een vierpuntenschaal (1 = helemaal niet akkoord; 4 = helemaal akkoord). De antwoorden vielen in <strong>twee categorieën</strong>:</p>
<ol>
	<li>
		de behoefte aan meer <strong>informatie over het verleden </strong>(bv. het bezoeken van plaatsen waar de deelnemers als kind verbleven)</li>
	<li>
		de wens om beter te <strong>begrijpen wie ze zijn </strong>(bv. het overwinnen van het gevoel van onvolledig te zijn)<br />
		&nbsp;</li>
</ol>
<table style="width: 100%;">
	<tbody>
		<tr>
			<td>
				<strong>MOTIVATIE</strong></td>
			<td>
				<strong>GEMIDDELDE (M)</strong></td>
			<td>
				<strong>STANDAARDDEVIATIE (SD)</strong></td>
		</tr>
		<tr>
			<td>
				Ik had de behoefte om te begrijpen wie ik echt ben</td>
			<td>
				3,19</td>
			<td>
				1,17</td>
		</tr>
		<tr>
			<td>
				Ik voelde me onvolledig</td>
			<td>
				3,03</td>
			<td>
				1,40</td>
		</tr>
		<tr>
			<td>
				Ik had twijfels over mezelf</td>
			<td>
				2,78</td>
			<td>
				1,43</td>
		</tr>
		<tr>
			<td>
				Ik ben altijd trots op mezelf geweest, maar wilde dit gevoel versterken</td>
			<td>
				3,03</td>
			<td>
				1,20</td>
		</tr>
		<tr>
			<td>
				Ik voelde me altijd niet alleen Italiaans, maar alsof ik ook bij een andere cultuur hoorde</td>
			<td>
				3,50</td>
			<td>
				1,34</td>
		</tr>
		<tr>
			<td>
				Ik hield van mijn geboorteland vóór de reis en voelde me ermee verbonden</td>
			<td>
				3,03</td>
			<td>
				1,20</td>
		</tr>
		<tr>
			<td>
				Ik was nieuwsgierig om te begrijpen wat ik gemeen had met mensen die in mijn geboorteland wonen</td>
			<td>
				3,69</td>
			<td>
				1,20</td>
		</tr>
		<tr>
			<td>
				Ik was nieuwsgierig om te begrijpen wat ik zou voelen bij het ontmoeten van mensen die in mijn geboorteland wonen</td>
			<td>
				3,66</td>
			<td>
				1,15</td>
		</tr>
		<tr>
			<td>
				Ik wilde de plaatsen van mijn kindertijd zien</td>
			<td>
				4,16</td>
			<td>
				1,11</td>
		</tr>
		<tr>
			<td>
				Ik wilde de mensen zien die belangrijk zijn geweest in mijn kindertijd</td>
			<td>
				3,31</td>
			<td>
				1,37</td>
		</tr>
		<tr>
			<td>
				Ik wilde meer informatie over mijn geschiedenis</td>
			<td>
				3,97</td>
			<td>
				1,30</td>
		</tr>
		<tr>
			<td>
				Ik wilde gewoon op vakantie gaan</td>
			<td>
				1,84</td>
			<td>
				1,24</td>
		</tr>
	</tbody>
</table>
<p>
	<br />
	Om inzicht te verkrijgen in de<strong> emotionele ervaringen </strong>van de geadopteerden tijdens de terugreis, werd hen gevraagd om via een vijfpuntenschaal (1 = helemaal niet akkoord; 5 = helemaal akkoord) aan te geven in welke mate ze specifieke emoties ervaren hadden. Het ging om emoties zoals blijdschap, verrassing, nostalgie, verdriet, verwarring, woede, angst, minachting en spijt.<br />
	<br />
	De <strong>twee meest gerapporteerde emoties</strong> waren <strong>blijdschap </strong>(M=3,89) en <strong>verrassing </strong>(M=3,56), gevolgd door verwarring en droefheid. De <strong>minst gerapporteerde emoties</strong> waren<strong> spijt </strong>(M=1,94) en <strong>minachting</strong> (M=1,43). Vrouwen en oudere mensen rapporteerden meer negatieve emoties dan mannen en jongere mensen.<br />
	<br />
	Echter, over het algemeen bracht de terugreis vooral <strong>positieve gevoelens</strong> teweeg ten aanzien van het verleden van de geadopteerde en diens geboortecultuur. Het bezoeken van belangrijke plaatsen en het ontmoeten van mensen uit hun kindertijd droegen bij aan een <strong>gevoel van voldoening en welzijn</strong>.</p>
<h6>
	Verbanden</h6>
<p>
	Een bevinding was dat <strong>negatieve emoties </strong>tijdens de terugreis <strong>samenhingen met de ontwikkeling van positieve gevoelens over adoptie</strong>. Dit ligt in lijn met eerder onderzoek waarin wordt aangegeven dat terugreizen een invloed heeft op hoe geadopteerden naar hun adoptie kijken (Chistolini, 2017; Mazeaud, Harf & Baubet, 2015; Wilson & Summerhill-Coleman, 2013). Een terugreis helpt bij het creëren van een nieuwe identiteit. Het <strong>integreert het verleden en het heden</strong>, en bevordert een <strong>gevoel van verbondenheid en continuïteit met hun persoonlijke geschiedenis</strong>.</p>
<p>
	Deelnemers gaven ook aan dat de terugreis hen hielp bij het <strong>vergaren van kennis over hun geboorteland en -cultuur</strong>, wat de bevindingen van eerdere studies bevestigt (Marschall, 2014; Powers, 2011).</p>
<p>
	Wat betreft Italië (hun adoptieland), gaven de deelnemers aan zich voor de reis al sterk met het land verbonden te voelen. Deze verbondenheid bleef na de reis onveranderd. Ondanks de heftige emoties die de terugreis opriep, voelden ze zich meer verbonden met Italië dan met hun geboorteland. Tegelijkertijd versterkte de terugreis hun gevoel van betrokkenheid met hun geboorteland. Dit suggereert dat een terugreis het <strong>gevoel van verbondenheid met beide identiteiten (adoptie- en geboortecultuur) kan versterken</strong>, zonder dat de ene de andere uitsluit (Ferrari & Rosnati, 2013).<br />
	<br />
	Opvallend genoeg werd er geen verband gevonden tussen etnische identiteit en leeftijd op het moment van adoptie, noch tussen etnische identiteit en psychologisch welzijn. Dit suggereert dat geadopteerden een voldoende niveau van welzijn kunnen bereiken door verschillende soorten relaties en niveaus van verbondenheid met hun geboorteland (Greco & Rosnati, 2008).</p>
<h5>
	Conclusie</h5>
<p>
	Deze studie onderzocht de herinneringen van een groep interlandelijk geadopteerden die een terugreis maakten naar hun herkomstland. De resultaten bieden inzicht in hun emoties op verschillende momenten tijdens het proces en verduidelijken de relatie tussen hun perceptie van de terugreis, hun etnische identiteit en hun psychologisch welzijn. Het innovatieve van de studie was het gebruik van kwantitatieve methoden om de impact van terugreizen te evalueren.</p>
<p>
	De resultaten van deze studie laten zien dat terugreizen een <strong>positief effect</strong> hebben op de identiteit van geadopteerden en de perceptie van hun relatie met hun geboorteland. Een terugreis maakt de cirkel rond voor geadopteerden en lijkt een<strong> waardevolle stap</strong> te zijn in het exploreren van het verleden en het aanpassen aan het heden.</p>
<p>
	<strong>Bron:</strong> Santona, A., Tognasso, G., Carella, C., Gorla, L., Raymondi, M., & Chistolini, M. (2022). Psychological implications of the ‘Back to the Origins’ journey for intercountry adoptees. <em>Adoption & Fostering, 46</em>(1), 60-72. https://doi.org/10.1177/03085759221080216</p>
<p>
	<strong>Tekst: </strong>Kristien Wouters</p>
<div class="meta">
	<p><a href="https://www.steunpuntadoptie.be/nl/kennisdatabank/detail/samenvatting-onderzoek-psychologische-implicaties-van-een-terugreis-voor-interlandelijk-geadopteerden-2022" title="Samenvatting onderzoek: Psychologische implicaties van een terugreis voor interlandelijk geadopteerden (2022)">Samenvatting onderzoek: Psychologische implicaties van een terugreis voor interlandelijk geadopteerden (2022)</a> geschreven door Kristina Vanremoortel in <a href="https://www.steunpuntadoptie.be/nl/kennisdatabank/categorie/identiteit-en-herkomst" title="Identiteit en herkomst">Identiteit en herkomst</a>.</p>
</div>

		]]>
	</description>
	<pubDate>Fri, 17 Jan 2025 13:09:00 +0100</pubDate>
	<author><![CDATA[kristina-vanremoortel@example.com (Kristina Vanremoortel)]]></author>
	<category><![CDATA[Identiteit en herkomst]]></category>
	<guid isPermaLink="true">https://www.steunpuntadoptie.be/nl/kennisdatabank/detail/samenvatting-onderzoek-psychologische-implicaties-van-een-terugreis-voor-interlandelijk-geadopteerden-2022</guid>
	</item>
<item>
	<title><![CDATA[Brochure: Taaladviezen voor ouders van transnationaal geadopteerde kinderen]]></title>
	<link>https://www.steunpuntadoptie.be/nl/kennisdatabank/detail/brochure-taaladviezen-voor-ouders-van-transnationaal-geadopteerde-kinderen?utm_source=feed&amp;utm_medium=rss&amp;utm_campaign=brochure-taaladviezen-voor-ouders-van-transnationaal-geadopteerde-kinderen</link>
	<description>
		<![CDATA[
			<p>
	De taalontwikkeling van transnationaal geadopteerde kinderen brengt unieke uitdagingen met zich mee. In <a href="https://www.steunpuntadoptie.be/frontend/files/userfiles/files/Adviesbundel%20Taaladviezen%20voor%20ouders%20van%20transnationaal%20geadopteerde%20kinderen(1).pdf" target="_blank">deze handige brochure</a>&nbsp;(2025), ontwikkeld door Iene Callens (bachelorstudent Logopedie & Audiologie aan Hogeschool Gent), vind je<strong> praktische tips en adviezen</strong> die ouders kunnen helpen om de <strong>taalontwikkeling</strong> te stimuleren bij <strong>transnationeel geadopteerde kinderen tussen 2 en 5 jaar</strong>.</p>
<p>
	Links uit de brochure:</p>
<ul>
	<li>
		<a href="https://www.ouders.nl/artikelen/interactief-voorlezen" target="_blank">Interactief voorlezen - Ouders.nl</a></li>
	<li>
		<a href="https://www.klasse.be/679925/zo-maak-je-van-interactief-voorlezen-een-succes-8-tips/" target="_blank">Interactief voorlezen - Klasse.be</a></li>
	<li>
		<a href="https://www.pinterest.com/search/pins/?rs=ac&len=2&q=pictogrammen%20kleuters&eq=pictogrammen&etslf=5061" target="_blank">Pinterest pictogrammen</a></li>
	<li>
		<a href="https://www.opgroeien.be/kennis/toolbox/document-schema-de-ontwikkeling-van-taal-tussen-0-en-3-jaar" target="_blank">Taalontwikkeling Kind & Gezin</a></li>
	<li>
		<a href="https://www.vvl.be/logopedisten" target="_blank">Vlaamse Vereniging Logopedie (specialisatie: taalontwikkelingsstoornissen)</a></li>
	<li>
		<a href="https://www.taalbrug.be/databank/gespecialiseerde-logopedisten" target="_blank">Logopedisten gespecialiseerd in meertaligheid</a></li>
</ul>
<p>
	Meer weten? Herbekijk ook <a href="https://steunpuntadoptie.webinargeek.com/taalverwerving?cst=channel" target="_blank">deze webinar</a>&nbsp;met Eddy Hoste.</p>
<p>
	<em>Publicatiedatum: januari 2025</em></p>
<div class="meta">
	<p><a href="https://www.steunpuntadoptie.be/nl/kennisdatabank/detail/brochure-taaladviezen-voor-ouders-van-transnationaal-geadopteerde-kinderen" title="Brochure: Taaladviezen voor ouders van transnationaal geadopteerde kinderen">Brochure: Taaladviezen voor ouders van transnationaal geadopteerde kinderen</a> geschreven door Kristina Vanremoortel in <a href="https://www.steunpuntadoptie.be/nl/kennisdatabank/categorie/onderwijs-en-taalontwikkeling" title="Onderwijs en taalontwikkeling">Onderwijs en taalontwikkeling</a>.</p>
</div>

		]]>
	</description>
	<pubDate>Fri, 10 Jan 2025 14:51:00 +0100</pubDate>
	<author><![CDATA[kristina-vanremoortel@example.com (Kristina Vanremoortel)]]></author>
	<category><![CDATA[Onderwijs en taalontwikkeling]]></category>
	<guid isPermaLink="true">https://www.steunpuntadoptie.be/nl/kennisdatabank/detail/brochure-taaladviezen-voor-ouders-van-transnationaal-geadopteerde-kinderen</guid>
	</item>
<item>
	<title><![CDATA[Samenvatting onderzoek: Geboortemoeders worden grootmoeders: intergenerationele relaties in open adopties (2018)]]></title>
	<link>https://www.steunpuntadoptie.be/nl/kennisdatabank/detail/samenvatting-onderzoek-geboortemoeders-worden-grootmoeders-intergenerationele-relaties-in-open-adopties-2018?utm_source=feed&amp;utm_medium=rss&amp;utm_campaign=samenvatting-onderzoek-geboortemoeders-worden-grootmoeders-intergenerationele-relaties-in-open-adopties-2018</link>
	<description>
		<![CDATA[
			<p>
	<strong>Wat gebeurt er wanneer geadopteerde kinderen ouders worden en geboortemoeders geboortegrootmoeders? Ondanks een groeiende trend naar openheid in adopties is er nog weinig geweten over deze nieuwe en unieke relaties. Met deze Amerikaanse studie (2018) vullen Adeline Battalen en collega’s dit gemis. Op basis van diepte-interviews met 11 geboortemoeders die meer dan 25 jaar geleden hun kinderen ter adoptie afstonden, constateren ze dat geboortegrootmoeders hun rol erg waarderen. Ook benadrukken ze de belangrijke plek van de geadopteerde (de ouder) bij het faciliteren van de communicatie met hun kleinkind en de manier waarop technologie daarbij wordt ingezet.</strong></p>
<p>
	In de afgelopen 50 jaar veranderde het gezicht van adoptie drastisch: in meer dan 95% van de binnenlandse adopties in de Verenigde Staten is er nu een zekere mate van openheid. Familiestructuren worden bijgevolg steeds complexer. Toch is er weinig geweten over hoe relaties binnen deze zogenaamde “adoptiefamilienetwerken” (adoption kinship networks) evolueren.</p>
<p>
	Deze studie onderzoekt de impact van openheid in adoptiefamilierelaties over generaties heen. Het doel van dit verkennende onderzoek is om inzicht te krijgen in de <strong>ervaringen van geboortemoeders</strong> meer dan 25 jaar nadat ze een kind ter adoptie afstonden. In het bijzonder kijken we naar hun rol <strong>als geboortegrootmoeder</strong>.</p>
<p>
	De studie bouwt hiervoor op de gegevens van het Minnesota/Texas Adoption Research Project (MTARP), waarin sinds midden jaren 1980 gegevens verzameld worden over openheid in adopties. Concreet wordt er gewerkt met de gegevens van de meest recente golf van gegevensverzameling (2012 tot 2016).</p>
<h4>
	1. Evolutie van openheid in adoptie</h4>
<h5>
	Types van openheid</h5>
<p>
	Huidige adoptiepraktijken bestrijken een <strong>continuüm van openheid</strong>. Dit betekent dat de hoeveelheid informatie die wordt gedeeld tussen adoptie- en geboortefamilie over elkaar en/of het kind varieert.</p>
<p>
	Een adoptie wordt in deze studie als <strong>gesloten</strong> (confidential) beschouwd wanneer er geen contact plaatsvindt en er geen informatie wordt gedeeld na zes maanden na plaatsing.</p>
<p>
	Een <strong>bemiddelde</strong> adoptie houdt informatie-uitwisseling en niet-geïdentificeerd contact in dat wordt bemiddeld door de adoptieorganisatie. Dit kan in de loop van de tijd doorgaan of worden stopgezet.</p>
<p>
	Een<strong> open </strong>adoptie betekent dat er direct contact plaatsvindt en er identificerende informatie wordt gedeeld.</p>
<p>
	De initiële afspraken kunnen <strong>verschuiven</strong> wanneer families meer of minder contact willen. Mijlpalen, zoals diploma-uitreikingen, bruiloften en de geboorte van een kind kunnen adoptiefamilies, de geadopteerde of de geboortefamilies ertoe aanzetten om contact op te nemen of te verstevigen.</p>
<p>
	Onderzoekers hebben in de loop van de tijd vastgesteld dat <strong>openheid in adoptie</strong> een <strong>positief effect </strong>heeft op alle betrokken leden van het adoptiefamilienetwerk mits er aan bepaalde voorwaarden voldaan is (zie infra). Specifiek voor geboortemoeders toont onderzoek aan dat <strong>geboortemoeders met contact</strong> <strong>tevredener</strong> zijn over de adoptieafspraken en <strong>minder symptomen van onverwerkt verdriet</strong>&nbsp;<span style="font-family: "Open Sans", Helvetica, Arial, sans-serif; font-size: 14px; font-style: normal; font-variant-ligatures: normal; font-variant-caps: normal; font-weight: 400;">vertonen</span>&nbsp;(Grotevant et al., 2013).</p>
<h5>
	Geboortemoeders worden geboortegrootmoeders</h5>
<p>
	In veel van de families die deelnemen aan de MTARP-studie hebben de geboortemoeders in de loop van de tijd <strong>wisselende mate van contact </strong>gehad met hun geplaatste kind en de adoptiefamilie. Vandaag de dag zijn veel van deze geboortemoeders inmiddels <strong>geboortegrootmoeder</strong> geworden. Hun afgestane kind is nu volwassen, getrouwd en zelf moeder of vader. Zo ontstaat er een <strong>unieke geboortegrootmoederrelatie</strong>.</p>
<h5>
	Relaties tussen grootmoeder en kleinkind</h5>
<p>
	Het meeste onderzoek naar grootouder-kleinkindrelaties focust op families waarin <strong>niet geadopteerd</strong> werd. Uit deze studies blijkt dat een <strong>positieve relatie</strong> tussen kleinkinderen en grootouders <strong>wederzijds voordelig</strong> kan zijn. Dit omvat onder andere een verminderde kans op depressie, zowel voor het kleinkind als voor de grootouder.</p>
<p>
	<strong>Voor grootmoeders</strong> draagt de relatie bij aan gevoelens van biologische hernieuwing, emotionele vervulling en het gevoel van voldoening via de prestaties van het kleinkind.</p>
<p>
	<strong>Voor kleinkinderen</strong> spelen grootouders op hun beurt vaak een invloedrijke en positieve rol. Een goede relatie met een grootmoeder kan bijvoorbeeld een beschermende factor zijn na een echtscheiding van de ouders en bijdragen aan het psychologisch aanpassingsvermogen van de kinderen.</p>
<p>
	Bij <strong>geboortegrootouders die hun kinderen ter adoptie afstonden</strong> is er echter een <strong>extra laag van complexiteit</strong>, en de kans bestaat dat er <strong>conflicterende rollen</strong> ontstaan tussen hen en de adoptiegrootouders van het kind.</p>
<h5>
	De rol van ouders binnen de grootouder-kleinkindrelatie</h5>
<p>
	<strong>Ouders </strong>spelen een belangrijke rol binnen grootouder-kleinkindrelaties in het algemeen. Ze kunnen interacties tussen grootouders en kleinkinderen <strong>belemmeren of aanmoedigen</strong> (Thompson & Walker, 1987). Ze treden met andere woorden op als<strong> poortwachters</strong>.</p>
<p>
	<strong>In adoptiefamilies</strong> is de poortwachtersrol van de geadopteerde ouders vaak bijzonder <strong>uitgesproken</strong>, afhankelijk van het niveau van openheid met de geboortefamilie. Het beheren van contact binnen adoptiefamilienetwerken is vaak <strong>complex</strong>. Initieel staat de zorg voor het welzijn van het geadopteerde kind centraal in de onderhandeling van relaties tussen adoptieouders en geboorteouders. Naarmate het kind opgroeit,<strong> verschuift </strong>de beslissing om contact te houden met de geboortefamilie meer en meer van adoptieouders naar adoptiekind. De <strong>geboorte van een kleinkind triggert</strong> vaak de wens van <strong>geboorteouders om contact te zoeken</strong> met hun geadopteerde kind (Farr et al., 2014).</p>
<h5>
	Technologie, geografie en contact</h5>
<p>
	Onderzoek in gezinnen met niet-geadopteerde kinderen benadrukt de <strong>uitdagingen van het onderhouden van langeafstandrelaties</strong> tussen grootouders en kleinkinderen en hoe <strong>technologie kan bijdragen</strong> aan de vorming en voortzetting van deze relaties (Dunifon, 2013).</p>
<p>
	Zo’n onderzoek is <strong>relatief nieuw </strong>in de context van adoptie- en geboortefamilies. Eerste studies geven aan dat technologie een <strong>sleutelrol</strong> kan spelen in hoe openheid zich tijdens een adoptie ontwikkelt (Howard, 2012; Siegel & Smith, 2012). Technologie (en specifiek sociale media) helpt adoptiefamilies om <strong>frequentere communicatie</strong> te faciliteren. Traditionele communicatiemethoden, zoals telefoongesprekken en brieven, worden nu <strong>gecombineerd</strong> met sms-berichten, videogesprekken en Facebook.</p>
<h4>
	2. Conceptueel kader</h4>
<h5>
	Sociale Roltheorie</h5>
<p>
	Deze studie vertrekt vanuit de <strong>sociale roltheorie</strong>, die in de jaren 1920 en 1930 werd ontwikkeld in de sociale psychologie en sociologie om gedrag te verklaren die aan een rol worden toegeschreven.</p>
<p>
	De vroegste voorstanders -Simmel, Mead, Linton en Moreno- stelden dat cultureel gedefinieerde normen, verwachtingen en plichten die aan een specifieke<strong> sociale positie</strong> zijn toegewezen (een rol), mensen ertoe aanzetten om op een bepaalde manier te <strong>handelen</strong>.</p>
<p>
	Binnen elke levensfase vervullen individuen tegelijkertijd <strong>verschillende rollen</strong>. Een vrouw kan bijvoorbeeld gelijktijdig de rol van zowel moeder als grootmoeder vervullen. Gedurende het leven maken individuen transities tussen verschillende rollen; ze behouden sommige, laten andere achter en beginnen nieuwe rollen. Rollen kunnen bovendien evolueren.</p>
<p>
	In adoptiefamilies evolueert of vermindert het contact vaak na verloop van tijd, wat zorgt voor een <strong>verscheidenheid aan tegelijkertijd verschuivende rollen</strong>.</p>
<p>
	Sociale roltheorie suggereert dat individuen de rollen aannemen waarvan zij denken dat deze van hen worden <strong>verwacht </strong>door de samenleving en in specifieke sociale contexten. Binnen een familie <strong>verbinden</strong> sociale rollen mensen met elkaar en helpen ze om de relatie tussen hen te <strong>bemiddelen</strong>.</p>
<p>
	<strong>Voor</strong> <strong>geboortegrootmoeders</strong> zijn er echter <strong>geen vaste normen</strong>. Standaardverwachtingen zoals die bestaan voor de grootmoederrol in de algemene populatie ontbreken. Hoe ze hun rol als grootmoeder invullen, is gebaseerd op <strong>persoonlijke overtuigingen</strong> en familieleden bepalen <strong>gezamenlijk</strong> hoe deze wordt ingevuld.</p>
<h5>
	Onderzoeksvragen</h5>
<p>
	Deze studie onderzoekt <strong>interacties en gedragingen van geboortemoeders </strong>wanneer zij de nieuwe rol van <strong>geboortegrootmoeder</strong> op zich nemen <strong>20 tot 30 jaar na de adoptieplaatsing</strong>.</p>
<p>
	De specifieke onderzoeksvragen zijn:</p>
<ul>
	<li>
		Wat betekent het om een “geboortegrootmoeder” te zijn?</li>
	<li>
		Welke soorten contact en communicatie vinden er plaats tussen de geboortegrootmoeder en de kleinkinderen?</li>
	<li>
		Welke rol speelt technologie in het type communicatie tussen de grootmoeder en het kleinkind?</li>
	<li>
		Hoe tevreden zijn de geboortemoeders, in hun rol als grootmoeders, over de relatie die ze hebben met hun kleinkinderen?</li>
	<li>
		Hoe draagt een kleinkind bij aan de bestaande relatie met de geboortemoeder?</li>
</ul>
<h5>
	Methodologie</h5>
<p>
	Dit artikel maakt gebruik van een subsample van <strong>11 geboortegrootmoeders </strong>uit Wave 4 van de MTARP, die al meer dan 30 jaar loopt. Deelnemers werden gerekruteerd via 35 adoptieagentschappen verspreid over de <strong>Verenigde Staten</strong>, met adopties die <strong>vrijwillig, binnen dezelfde etniciteit </strong>(race) e<strong>n voor boorlingen </strong>waren. De adopties<strong> varieerden in het type contactafspraken</strong> na de adoptie, met verschillende niveaus van openheid tussen geboorte- en adoptiegezinnen, waaronder vertrouwelijke, bemiddelde en volledig open adopties.</p>
<p>
	De geboortemoeders die aangaven een relatie te hebben met hun kleinkinderen (0–5 jaar oud) werden geselecteerd voor <strong>intensieve casestudieanalyses</strong>. Deze geboortemoeders hebben allemaal een kind voor adoptie afgestaan in de late jaren 1970 of vroege jaren 1980 en zijn tussen de 44 en 54 jaar oud. 90% heeft een bachelordiploma. 27% heeft een masterdiploma, en allen zijn wit. De geadopteerden in de studie zijn tussen de 27 en 34 jaar oud. 90% is getrouwd. 100% heeft minstens één kind. 27% heeft twee kinderen.</p>
<p>
	Leden van het onderzoeksteam hebben van 2012 tot 2016 <strong>semigestructureerde telefonische diepte-</strong> <strong>interviews </strong>afgenomen.</p>
<h4>
	3. Resultaten</h4>
<h5>
	Positieve rol van de geboortegrootmoeder</h5>
<p>
	De <strong>aard van het contact </strong>tussen de geboortemoeder en de kinderen van de volwassen geadopteerde&nbsp; <strong>varieerde</strong>. Alle grootmoeders hadden in de afgelopen twee jaar contact gehad met de kinderen van hun kind. Ze maakten hiervoor gebruik van <strong>verschillende vormen van communicatie</strong> en combineerden vaak meerdere contactvormen, waaronder persoonlijke ontmoetingen, cadeautjes, telefonische gesprekken, brieven, feestdagen en vakanties samen vieren, foto’s sturen, e-mails sturen, sms-berichten, Facebook, skype. Ook de <strong>frequentie </strong>van het contact <strong>varieerde.</strong></p>
<p>
	Uit de analyse kwam een gemeenschappelijk thema naar voren: <strong>geboortemoeders genoten van hun rol als geboortegrootmoeder</strong>. Deze positieve reactie op het grootmoederschap suggereert dat deze groep overeenkomsten vertoont met eerder onderzoek in de algemene bevolking, waaruit blijkt dat de relatie tussen grootouder en kleinkind wederzijds voordelig kan zijn. Deze relatie <strong>biedt ondersteuning</strong>, zoals extra emotionele, financiële en logistieke hulpmiddelen voor het kleinkind, en geeft de geboortegrootmoeder een <strong>positief gevoel van betekenis</strong>.</p>
<h5>
	Technologie, geografie en contact</h5>
<p>
	Zes van de 11 geboortemoeders zagen <strong>geografie als een belemmering </strong>voor de relatie met hun kleinkind(eren). Moeilijkheden met geografie kwamen vaak naar boven <strong>wanneer het kleinkind in dezelfde stad of staat woonde als de adoptiegrootouders</strong>. Het volgende citaat illustreert dit:</p>
<blockquote>
	<p>
		“[Volwassen geadopteerde] heeft een huis gebouwd aan de andere kant van hun [adoptieouders’] boerderij … dus [kleinzoon] bracht veel tijd door bij oma en opa … hij is heel hecht met die grootouders. Super hecht.”</p>
</blockquote>
<p>
	Zoals verwacht speelde <strong>technologie</strong> een belangrijke rol bij het contact, vooral voor families die in verschillende staten wonen. Het is een nieuwe manier voor geboortemoeders om in contact te blijven met hun kind en kleinkind.</p>
<p>
	<strong>Verschillende soorten technologie </strong>werden gebruikt, waaronder sms-berichten, videogesprekken (bijv. Skype, FaceTime) en diverse vormen van sociale media (bijv. Facebook). In sommige gevallen vullen nieuwere communicatiemethoden de traditionele contactvormen aan.</p>
<p>
	Naarmate kleinkinderen ouder werden, groeide hun vermogen om technologie <strong>zelfstandig</strong> te gebruiken. Hierdoor konden zij de communicatie zelf initiëren, zonder tussenkomst van de ouders.</p>
<h5>
	De bijdrage van volwassen geadopteerden</h5>
<p>
	De volwassen geadopteerden bleken de <strong>belangrijkste drijvende kracht</strong> achter het contact tussen hun geboortemoeders en hun kind(eren). Ze werden gezien in de rol van <strong>poortwachter</strong>, namelijk onderhandelaar van het contact tussen kleinkind en grootmoeder.</p>
<p>
	De poortwachterrol krijgt in deze steekproef mogelijks meer nadruk vanwege de jonge leeftijd van de kleinkinderen (nul tot vijf jaar): de geboortemoeders waren afhankelijk van hun geboortekinderen om interacties met de kleinkinderen in stand te houden.</p>
<p>
	De vaak <strong>complexe relatie tussen een geboortemoeder en haar geplaatste kind</strong> voegt een <strong>extra laag</strong> toe aan de relatie tussen de geboortegrootmoeder en haar kleinkind. Binnen één familie hadden de geboorteouder en haar zoon (een volwassen geadopteerde) bijvoorbeeld recent conflicten gehad, wat bijdroeg aan de terughoudendheid van de geboorteouder over haar rol als grootmoeder:</p>
<blockquote>
	<p>
		“Ik blijf kaarten/cadeautjes sturen naar mijn kleinzoon en misschien ga ik weer bellen. Ik ben voorzichtig met het ‘pushen’ voor een persoonlijke ontmoeting, maar ik zou mijn kleinzoon graag in de nabije toekomst willen ontmoeten. Dit hangt allemaal af van hoe mijn zoon op mij zal reageren.”</p>
</blockquote>
<p>
	In een andere familie hielp de geboorte van het kleinkind net om de relatie tussen de geboorteouder en haar dochter te verbeteren.</p>
<h5>
	Relatie van geboortemoeder met adoptieouders</h5>
<p>
	Voor een geboortegrootmoeder houdt het ontwikkelen van een band met haar kleinkind vaak in dat ze ook de <strong>relatie met de adoptieouders</strong>, vooral de adoptiemoeder, <strong>opnieuw moet vormgeven</strong>. Dit proces werd door sommigen als <strong>uitdagend</strong> ervaren. Eén geboortemoeder omschreef de gedeelde rol van grootmoeder als “onbekend terrein”.</p>
<blockquote>
	<p>
		“Nu de kleinkinderen er zijn, lijkt het echt gespannen tussen mij en [adoptiegrootmoeder]... Wanneer zij daar is, probeert ze echt iedereen te laten weten dat zij de grootmoeder is. En ik kan zien dat ze dat doet en ik probeer gewoon op de achtergrond te blijven.”</p>
</blockquote>
<p>
	In sommige gezinnen hielp de gedeelde rol van grootmoeder de geboortemoeder en de adoptiemoeder om <strong>beter </strong>met elkaar om te gaan:</p>
<blockquote>
	<p>
		“Ik denk dat [adoptiegrootmoeder] en ik heel erg op elkaar lijken; we zijn allebei een beetje moederlijk en een beetje intellectuele grootmoeders. We zijn warm, maar we praten meer tegen ze dan dat we ze omarmen.”</p>
</blockquote>
<p>
	Anderen ervoeren <strong>gemengde emoties</strong>. Ze voelden zich positief over het betrokken zijn, maar ook verdrietig over het feit dat ze hun kind niet zelf hadden grootgebracht:</p>
<blockquote>
	<p>
		“Toen ze trouwden... was het een beetje vreemd... Haar adoptieouders waren daar en ik voel duidelijk dat zij het recht hebben om de gebruikelijke ouderlijke dingen te doen die een ouder doet. En ik stond meer op de achtergrond, weet je wel, maar was er. Er in aanwezigheid, maar niet op de manier waarop het had kunnen zijn als ik haar had grootgebracht... Maar sindsdien heeft ze me betrokken bij andere mijlpalen. Toen ze haar dochter kreeg... wilde ze dat ik er meteen bij was... wat voor mij heel kostbaar was... Ik denk dat dingen veranderd zijn, sommige daarvan zijn verdrietig en andere dingen maken me dan weer gelukkig, denk ik.”</p>
</blockquote>
<p>
	Een geboortemoeder verwoordde de complexiteit van relaties binnen het adoptiefamilienetwerk, en merkte op dat er <strong>voortdurende onderhandeling </strong>nodig is naarmate de rollen in de loop van de tijd verschuiven:</p>
<blockquote>
	<p>
		“Het is de tweede dimensie van dit geboortefamiliegebeuren... nu ben ik een geboortegrootmoeder. En de adoptieouders, die delen niet alleen hun kinderen met mij, maar ze delen ook hun kleinkinderen met mij... En dus, wanneer mensen hun kinderen afstaan en denken dat het daar stopt... het kan generaties bestrijken.”</p>
</blockquote>
<h4>
	4. Discussie</h4>
<p>
	Deze verkennende studie brengt een dieper inzicht in de rol van geboortemoeders, nu geboortegrootmoeders, na de plaatsing van hun kind. De onderzoekers hopen met deze studie het gesprek hierover verder op gang te brengen.</p>
<p>
	De bevindingen van de studie weerspiegelen eerder onderzoek over de <strong>voordelen van de grootouder-kleinkindrelatie</strong>, en de <strong>positieve ervaringen </strong>bij het onderhouden van contact met geboortekleinkinderen. Geboortegrootmoeders die in contact zijn met hun geplaatste kind en kleinkinderen rapporteren dat dit <strong>vreugde </strong>aan hun leven toevoegt, zelfs wanneer geografische afstand een belemmering vormt.</p>
<p>
	Ook kunnen <strong>rolspillovers</strong> plaatsvinden, waarbij positieve emoties die met de ene rol gepaard gaan, de kans vergroten op positieve emoties in een andere rol (Merton, 1949). Zo kan het ouderschap een <strong>mijlpaalmoment </strong>vormen waarna ook de <strong>relatie tussen geboortemoeder en haar volwassen kind versterkt</strong> wordt.</p>
<p>
	De toename in het gebruik van <strong>technologie helpt </strong>gezinnen in contact te blijven, vooral bij geografische beperkingen. Soms treden ouders op als <strong>poortwachters</strong>, waarbij het kind eerst toestemming moest vragen om met de grootmoeder te spreken. Door <strong>zelf </strong>technologie te kunnen gebruiken, kunnen kinderen deze tussenstap vermijden en direct contact opnemen.</p>
<p>
	Deze studie bevestigt ten slotte dat <strong>openheid met geboortemoeders voordelig</strong> is voor geadopteerden, net als voor hun kinderen en andere leden van het netwerk. Deze studie ondersteunt dus de eerdere bevindingen van MTARP dat, wanneer het als veilig wordt beschouwd en in het beste belang van het kind, <strong>adoptieouders inspanningen moeten leveren voor contact met de geboortefamilie</strong>.</p>
<h4>
	5. Implicaties voor praktijk, beleid en toekomstig onderzoek</h4>
<p>
	Professionals die werken met adoptiegezinnen moeten voorbereid zijn op het bieden van o<strong>ndersteuning over generaties heen</strong>. Als alle betrokken partijen geïnteresseerd zijn en de veiligheid van het kind geen zorg is (bijvoorbeeld wanneer het kind ter adoptie is geplaatst vanwege mishandeling), moet <strong>contact plaatsvinden</strong>.</p>
<p>
	<strong>Geografie </strong>is vaak een<strong> barrière </strong>voor deze relaties, maar nieuwe technologische communicatiemiddelen <strong>helpen</strong> bij het verbeteren en onderhouden van relaties.</p>
<p>
	Gezien steeds meer adopties open zijn en de demografie van gezinnen evolueert, moeten <strong>beleidsmaatregelen</strong> deze complexe behoeften <strong>weerspiegelen</strong>. Specifiek zou er meer aandacht moeten worden besteed aan de <strong>langetermijnbehoeften van geboorteouders </strong>na adoptie. Zij blijven al te vaak onzichtbaar.</p>
<p>
	Tot slot zou toekomstig onderzoek (1) grotere en meer diverse steekproeven moeten omvatten, bijvoorbeeld wat betreft etniciteit en seksuele oriëntatie. Daarnaast zou het (2) de relaties en rollen van elke generatie binnen het adoptiefamilienetwerk moeten onderzoeken, inclusief die van de geboortevader, de partner en andere kleinkinderen van de geboortemoeder. Ten slotte zou het (3) het perspectief van de kleinkinderen op latere leeftijd moeten onderzoeken.</p>
<p>
	<strong>Bron: </strong>Battalen, A. W., Sellers, C. M., McRoy, R. & Grotevant, H. D. (2018). Birth Mothers Now Birth Grandmothers: Intergenerational Relationships in Open Adoptions. <em>Adoption Quarterly, 22</em>(1), 53-74.&nbsp;https://doi.org/10.1080/10926755.2018.1488327&nbsp;</p>
<p>
	<strong>Tekst:</strong> Lise Dheedene</p>
<div class="meta">
	<p><a href="https://www.steunpuntadoptie.be/nl/kennisdatabank/detail/samenvatting-onderzoek-geboortemoeders-worden-grootmoeders-intergenerationele-relaties-in-open-adopties-2018" title="Samenvatting onderzoek: Geboortemoeders worden grootmoeders: intergenerationele relaties in open adopties (2018)">Samenvatting onderzoek: Geboortemoeders worden grootmoeders: intergenerationele relaties in open adopties (2018)</a> geschreven door Kristina Vanremoortel in <a href="https://www.steunpuntadoptie.be/nl/kennisdatabank/categorie/afstand" title="Afstand">Afstand</a>.</p>
</div>

		]]>
	</description>
	<pubDate>Wed, 08 Jan 2025 14:07:00 +0100</pubDate>
	<author><![CDATA[kristina-vanremoortel@example.com (Kristina Vanremoortel)]]></author>
	<category><![CDATA[Afstand]]></category>
	<guid isPermaLink="true">https://www.steunpuntadoptie.be/nl/kennisdatabank/detail/samenvatting-onderzoek-geboortemoeders-worden-grootmoeders-intergenerationele-relaties-in-open-adopties-2018</guid>
	</item>
<item>
	<title><![CDATA[Samenvatting onderzoek: Zoeken naar je kind als een vorm van verzet (2024)]]></title>
	<link>https://www.steunpuntadoptie.be/nl/kennisdatabank/detail/samenvatting-onderzoek-zoeken-naar-je-kind-als-een-vorm-van-verzet-2024?utm_source=feed&amp;utm_medium=rss&amp;utm_campaign=samenvatting-onderzoek-zoeken-naar-je-kind-als-een-vorm-van-verzet-2024</link>
	<description>
		<![CDATA[
			<p>
	<strong>Onderzoekers Atamhi Cawayu en Hari Prasad Sacré publiceerden in 2024 een Engelstalig en een Nederlandstalig artikel over de verschillende zoekstrategieën van Boliviaanse families van oorsprong naar hun kinderen in transnationale adoptie. In het artikel beargumenteren ze hoe deze zoekacties als verzet tegen de gesloten aard van het adoptiesysteem in Bolivia gelezen kunnen worden.</strong></p>
<p>
	In adoptienarratieven, opgesteld vanuit een westerse invalshoek, worden eerste families vaak voorgesteld als passieve, stemloze slachtoffers in het adoptiesysteem (Högbacka, 2016).</p>
<p>
	Onderzoekers Cawayu en Sacré stellen in hun etnografische studie (2024) echter vast dat <strong>een deel van deze families actieve actoren zijn die zichtbaarheid en een stem opeisen binnen het gesloten, transnationaal adoptiesysteem</strong>, waarbij het contact tussen de eerste familie en de geadopteerde typisch wordt verbroken.</p>
<p>
	In hun artikel lees je de verhalen van 14 Boliviaanse families die pogingen ondernamen om info te verzamelen of om hun kind te zoeken. De onderzoekers observeerden 3 zoekstrategieën die deze eerste families gebruikten:</p>
<ol>
	<li>
		zoeken via kindertehuizen en adoptieorganisaties,</li>
	<li>
		zoeken via strafrechtelijke procedure,</li>
	<li>
		zoeken via sociale media.</li>
</ol>
<p>
	Bij deze zoekstrategieën botsen eerste families op heel wat uitdagingen, o.a. doordat zij na adoptie hun ouderlijke rechten verliezen en zo geen recht meer hebben op informatie over hun kind.</p>
<p>
	De onderzoekers passen de feministische en postkoloniale&nbsp;<strong>theorie van Spivak</strong> (1988) toe om te stellen dat de zoekacties van deze eerste families gelezen kunnen worden als een <strong>actieve vorm van verzet tegen de gesloten aard van en de permanente scheiding via het adoptiesysteem</strong>.</p>
<p>
	De zoektochten vormen een <strong>(her)onderhandeling</strong>, en in bepaalde gevallen een betwisting, <strong>over de instemming </strong>van eerste families met dit gesloten transnationale adoptiesysteem.</p>
<p>
	Het Engelstalig artikel is open access en lees je&nbsp;<a href="https://biblio.ugent.be/publication/01HNB8TEJBZZGSD9V5K88M0YTP">hier</a>. Het abstract van het Nederlandstalig artikel lees je <a href="https://biblio.ugent.be/publication/01J9X6PYNE2T5WWGCYTXN893RX" target="_blank">hier</a>.</p>
<p>
	<strong>Bron: </strong>Cawayu, A., & Sacré, H. P. (2024). Can First Parents Speak? A Spivakean Reading of First Parents' Agency and Resistance in Transnational Adoption. <em>GENEALOGY</em>, <em>8</em>(1). https://doi.org/10.3390/genealogy8010008</p>
<p>
	Cawayu, A., & Sacré, H. P. (2024). Zoeken naar je kind als een vorm van verzet. Zoekstrategieën van families van oorsprong in transnationale adoptie uit Bolivia. <em>Tijdschrift voor Jeugd & Kinderrechten, </em>3 (p.177-193).</p>
<p>
	<strong>Tekst:</strong> Kristien Wouters</p>
<div class="meta">
	<p><a href="https://www.steunpuntadoptie.be/nl/kennisdatabank/detail/samenvatting-onderzoek-zoeken-naar-je-kind-als-een-vorm-van-verzet-2024" title="Samenvatting onderzoek: Zoeken naar je kind als een vorm van verzet (2024)">Samenvatting onderzoek: Zoeken naar je kind als een vorm van verzet (2024)</a> geschreven door Kristina Vanremoortel in <a href="https://www.steunpuntadoptie.be/nl/kennisdatabank/categorie/sociale-ongelijkheid-en-wanpraktijken" title="Sociale ongelijkheid en wanpraktijken">Sociale ongelijkheid en wanpraktijken</a>.</p>
</div>

		]]>
	</description>
	<pubDate>Tue, 10 Dec 2024 11:04:00 +0100</pubDate>
	<author><![CDATA[kristina-vanremoortel@example.com (Kristina Vanremoortel)]]></author>
	<category><![CDATA[Sociale ongelijkheid en wanpraktijken]]></category>
	<guid isPermaLink="true">https://www.steunpuntadoptie.be/nl/kennisdatabank/detail/samenvatting-onderzoek-zoeken-naar-je-kind-als-een-vorm-van-verzet-2024</guid>
	</item>
<item>
	<title><![CDATA[Hoe praat je met je adoptiekind over huidskleur, etniciteit en racisme? Hier is de R.A.C.E. worksheet!]]></title>
	<link>https://www.steunpuntadoptie.be/nl/kennisdatabank/detail/hoe-praat-je-met-je-adoptiekind-over-huidskleur-etniciteit-en-racisme-hier-is-de-r.a.c.e.-worksheet?utm_source=feed&amp;utm_medium=rss&amp;utm_campaign=hoe-praat-je-met-je-adoptiekind-over-huidskleur-etniciteit-en-racisme-hier-is-de-r.a.c.e.-worksheet</link>
	<description>
		<![CDATA[
			<p>
	<strong>De Amerikaanse professor Kimara Gustafson (kinderarts en zelf geadopteerd uit Zuid-Korea) heeft in 2022 een educatieve tool ontwikkeld: <em>"The R.A.C.E. Worksheet"</em>. R.A.C.E. staat voor Routine Anti-racist Conversations for Early Childhood. Deze tool helpt ouders om (1) inzicht te krijgen in hoe kinderen hun begrip van huidskleur en etniciteit ontwikkelen en (2) hoe je met hen over dit onderwerp kan praten, afgestemd op het ontwikkelingsniveau van je kind.&nbsp;</strong></p>
<p>
	<strong><img alt="" src="https://www.steunpuntadoptie.be/frontend/files/userfiles/images/The%20RACE%20worksheet(1).jpeg" style="width: 300px; height: 225px;" /></strong></p>
<p>
	Adoptiekinderen, vooral bij interlandelijke adoptie, en kinderen van transetnisch geadopteerden groeien vaak op in <strong>multi-etnisch samengestelde gezinnen</strong>. Dit wil zeggen dat hun uiterlijke kenmerken verschillen van die van hun adoptieouder(s) (die meestal wit zijn), of van één van hun ouders (bv. wanneer een ouder wit is en de andere geadopteerd is uit een Afrikaans land).</p>
<p>
	Al vanaf kleuterleeftijd krijgen deze kinderen te maken met ‘<strong><a href="https://www.mo.be/extra/wat-othering" target="_blank">othering</a></strong>’. Dit verwijst naar situaties waarin ze als ‘anders’ worden gezien, bijvoorbeeld door vragen als: ‘Waar kom jij vandaan?’, ‘Is dat je echte mama/papa?’, ‘Waarom lijk jij niet op hen?’ en ‘Spreek jij nog een andere taal?’ Ze worden beoordeeld op basis van hun huidskleur of etniciteit, waarbij degene die de vraag stelt zichzelf als de norm beschouwt.</p>
<p>
	Hoewel het ervaren van ‘othering’ en racisme in onze samenleving misschien onvermijdelijk is voor kinderen in multi-etnische gezinnen, kan een <strong>positieve etnische identiteit</strong> de negatieve impact van deze ervaringen verzachten. Een positieve etnische identiteit fungeert met andere woorden als een <strong>beschermende factor</strong>.</p>
<h4>
	De rol van ouders</h4>
<p>
	Ouders kunnen kinderen al vanaf jonge leeftijd <strong>ondersteunen bij de ontwikkeling van een positieve etnische identiteit </strong>door open te praten over (vooroordelen op basis van) huidskleur en etniciteit. Niet over dit onderwerp praten, kan daarentegen de indruk wekken dat het iets is waarover niet gesproken mag worden, alsof het iets negatiefs, ongepasts of onbelangrijks is.</p>
<p>
	Volgens dr. Gustafson moeten ouders in multi-etnische gezinnen rekening houden met:</p>
<ul>
	<li>
		<strong>Erken</strong> dat we in een samenleving leven waar vooroordelen en stigma rond huidskleur en etniciteit bestaan.</li>
	<li>
		Het is <strong>normaal </strong>dat kinderen al vroeg <strong>verschillen opmerken</strong> en hierover vragen stellen.</li>
	<li>
		<strong>Geloof </strong>de ervaringen van je kind. Maak de ervaring niet erger door ze te bagatelliseren of weg te redeneren, bijvoorbeeld door te zeggen: 'zo erg is dat niet' of 'ze zullen dat zo niet bedoeld hebben'.</li>
	<li>
		Voorzie<strong> ‘ramen en spiegels’</strong> voor je kinderen. Zoals professor Rudine Sims Bishop het verwoordde: <em>‘Kinderen hebben behoefte aan zowel spiegels als ramen. Veel gekleurde kinderen zien de wereld alleen via ramen en zij hebben spiegels nodig. Andere kinderen zien alleen spiegels en zij moeten de wereld ook door ramen leren zien.’</em></li>
	<li>
		Gesprekken over huidskleur, etniciteit en racisme moeten door de jaren heen <strong>regelmatig</strong> plaatsvinden. Eén gesprek is niet voldoende.</li>
	<li>
		Leer je kind over de <strong>geschiedenis van macht, privilege en onderdrukking</strong>. Des te meer omdat deze dynamieken ook spelen bij interlandelijke adoptie.</li>
	<li>
		Je hoeft <strong>geen expert </strong>te<strong>&nbsp;</strong>zijn om deze gesprekken te voeren. Zie het als een kans om samen met je kind te leren.</li>
</ul>
<h4>
	'The R.A.C.E. Worksheet'</h4>
<h5>
	Ontwikkelingsfase</h5>
<p>
	De R.A.C.E. Worksheet laat zien hoe kinderen hun begrip van huidskleur en etniciteit ontwikkelen. Het neemt hierbij de verzamelde info door <a href="https://www.childrenscommunityschool.org/" target="_blank">The Children’s Community School</a>&nbsp;(2018) over:</p>
<p>
	<img alt="" src="https://www.steunpuntadoptie.be/frontend/files/userfiles/images/theyre-not-too-young-1.jpg" style="width: 553px; height: 505px;" /></p>
<p>
	Vertaald naar het Nederlands:</p>
<ul>
	<li>
		<strong>3 maanden:</strong> Bij de geboorte kijken baby's evenveel naar alle gezichten, ongeacht huidskleur. Vanaf 3 maanden kijken ze meer naar gezichten met <strong>dezelfde huidskleur als hun verzorgers</strong>. (Kelly et al., 2005)</li>
	<li>
		<strong>2 jaar: </strong>Al vanaf de leeftijd van 2 jaar gebruiken kinderen huidskleur om het gedrag van mensen te <strong>begrijpen</strong>. (Hirschfield, 2008)</li>
	<li>
		<strong>30 maanden:</strong> Tegen de leeftijd van 30 maanden kiezen de meeste kinderen hun <strong>speelkameraadjes</strong> op basis van huidskleur. (Katz & Kofkin, 1997)</li>
	<li>
		<strong>4 jaar:</strong> Uitingen van vooroordelen op basis van huidskleur bereiken vaak een<strong> piek</strong> op de leeftijd van 4 à 5 jaar. (Aboud, 1997)</li>
	<li>
		<strong>5 jaar: </strong>Op de leeftijd van 5 jaar tonen zwarte en Latijns-Amerikaanse kinderen geen voorkeur voor hun eigen groep, terwijl witte kinderen een <strong>sterke voorkeur </strong>hebben voor andere witte kinderen. (Dunham et al., 2008)</li>
	<li>
		<strong>6 jaar: </strong>Tegen deze leeftijd hebben kinderen vaak al dezelfde <strong>vooroordelen</strong> op basis van huidskleur als volwassenen in de maatschappij, waarbij ze sommige groepen als hoger in status beschouwen dan andere. (Kinzler, 2016)</li>
	<li>
		<strong>7+ jaar:</strong> Gesprekken met 5 à 7-jarigen over vriendschappen met kinderen van verschillende huidskleuren kunnen hun <strong>houding</strong> in de keuze van vrienden in een week veranderen. (Bronson & Merryman, 2009)</li>
</ul>
<h5>
	Hoe kunnen ouders hier vervolgens mee aan de slag?</h5>
<ul>
	<li>
		<strong>3 maanden:</strong> Begin bij jezelf. Maak een <strong>‘diversiteitsinventaris’</strong> van je omgeving. <em>Wie zijn je vrienden, hoe ziet je netwerk eruit, en welke rolmodellen heeft je kind?</em> Kijk waar je eventueel nog extra in kan <strong>investeren</strong>. Denk aan boeken, films, muziek, culturele evenementen, uitbreiding van je netwerk …</li>
	<li>
		<strong>2 jaar:</strong> Stel je kind bloot aan verschillende culturen via media, vrienden en culturele evenementen. Leer hen de juiste termen gebruiken bij culturele verschillen vanuit de gedachte ‘<strong>jong geleerd is oud gedaan</strong>’.</li>
	<li>
		<strong>30 maanden:</strong> Op deze leeftijd leren kinderen rechtvaardigheid kennen (wat goed en slecht is), herkennen ze patronen en merken ze fysieke verschillen op. Als je kind uitspraken doet die discriminerend lijken, <strong>nodig je kind uit</strong> om te vertellen waarom ze dit zeggen en bespreek het samen.</li>
	<li>
		<strong>4 jaar: </strong>Kinderen categoriseren hun omgeving op basis van verschillen en gelijkenissen. Maak gelijkenissen en verschillen bespreekbaar <strong>zonder waardeoordeel </strong>(bv. verschillen in termen van huidskleur, ogen, haarkleur, kleding, taal, beperking).</li>
	<li>
		<strong>5 jaar: </strong>Houd het onderwerp <strong>bespreekbaar</strong>. Laat je eigen ongemak over huidskleur en racisme je kind niet beïnvloeden, alsof het iets negatiefs is. Kinderen leren niet veel als je ze alleen vertelt wat ze niet mogen zeggen.</li>
	<li>
		<strong>6 jaar:</strong> Geef het <strong>goede voorbeeld</strong>. Laat zien hoe je zelf werkt aan het herkennen en overwinnen van eigen vooroordelen.</li>
	<li>
		<strong>7+ jaar:</strong> Praat met je kind over <strong>onverdraagzaamheid, onderdrukking en structureel racisme</strong>.</li>
</ul>
<p>
	De R.A.C.E. Worksheet bestaat uit 2 bladzijden en kan je<a href="https://license.umn.edu/product/routine-anti-racist-conversations-for-early-childhood-race-worksheet" target="_blank"> hier</a> (Engelstalig) gratis downloaden.</p>
<p>
	Hoewel deze tekst zich richt naar multi-etnische gezinnen, is de R.A.C.E. worksheet voor alle gezinnen nuttig in de strijd tegen racisme en het antiracistisch opvoeden.</p>
<p>
	<strong>Tekst:</strong> Kristien Wouters</p>
<p>
	<em>Publicatiedatum: oktober 2024</em></p>
<div class="meta">
	<p><a href="https://www.steunpuntadoptie.be/nl/kennisdatabank/detail/hoe-praat-je-met-je-adoptiekind-over-huidskleur-etniciteit-en-racisme-hier-is-de-r.a.c.e.-worksheet" title="Hoe praat je met je adoptiekind over huidskleur, etniciteit en racisme? Hier is de R.A.C.E. worksheet!">Hoe praat je met je adoptiekind over huidskleur, etniciteit en racisme? Hier is de R.A.C.E. worksheet!</a> geschreven door Kristina Vanremoortel in <a href="https://www.steunpuntadoptie.be/nl/kennisdatabank/categorie/racisme-en-vooroordelen" title="Racisme en vooroordelen">Racisme en vooroordelen</a>.</p>
</div>

		]]>
	</description>
	<pubDate>Wed, 16 Oct 2024 15:05:00 +0200</pubDate>
	<author><![CDATA[kristina-vanremoortel@example.com (Kristina Vanremoortel)]]></author>
	<category><![CDATA[Racisme en vooroordelen]]></category>
	<guid isPermaLink="true">https://www.steunpuntadoptie.be/nl/kennisdatabank/detail/hoe-praat-je-met-je-adoptiekind-over-huidskleur-etniciteit-en-racisme-hier-is-de-r.a.c.e.-worksheet</guid>
	</item>
<item>
	<title><![CDATA[Adoptiesensitieve begeleiding van volwassen geadopteerden: wat houdt dit in? ]]></title>
	<link>https://www.steunpuntadoptie.be/nl/kennisdatabank/detail/adoptiesensitieve-begeleiding-van-volwassen-geadopteerden-wat-houdt-dit-in?utm_source=feed&amp;utm_medium=rss&amp;utm_campaign=adoptiesensitieve-begeleiding-van-volwassen-geadopteerden-wat-houdt-dit-in</link>
	<description>
		<![CDATA[
			<p>
	<strong>Adoptie is een complex proces dat geadopteerden, geboortefamilies en adoptiefamilies levenslang met elkaar verbindt en een invloed kan hebben op hun hulpvragen. Voldoende kennis hebben en sensitief zijn voor de uitdagingen en vraagstukken waarmee individuen in de <a href="https://www.steunpuntadoptie.be/nl/kennisdatabank/detail/de-adoptiedriehoek" target="_blank">adoptiedriehoek</a> te maken krijgen, kan hulpverleners helpen bij het begeleiden van adoptiebetrokkenen.</strong></p>
<p>
	<strong>We geven daarom graag enkele tips mee uit het artikel <em>‘Counseling Adopted Persons in Adulthood’</em> van Baden & Wiley (2007) dat onderzoeks- en praktijkliteratuur en verschillende casussen in de begeleiding van volwassen geadopteerden samenlegt.</strong></p>
<p>
	<strong>De tips zijn bedoeld voor psychologen die werken met volwassen geadopteerden, maar zijn ook zinvol voor andere professionals die volwassen geadopteerden of adoptiebetrokkenen begeleiden.</strong></p>
<p>
	Wanneer je werkt met volwassen geadopteerden, zijn de volgende zaken behulpzaam:</p>
<p>
	Adoptieverhalen worden gekenmerkt door&nbsp;<strong>diversiteit en complexiteit</strong>. Vermijd overgeneralisatie en respecteer de eigenheid van je cliënt.</p>
<p>
	<strong>Stigma en vooroordelen</strong> rond adoptie bestaan in verschillende contexten (bv. binnen families, de maatschappij, de media) en kunnen een<strong>&nbsp;impact</strong> hebben op het leven van een geadopteerde. Probeer de ervaringen van je cliënt te begrijpen, rekening houdend met de manier waarop de maatschappij naar adoptie kijkt, evenals de kwetsbaarheden, veerkracht en het aanpassingsvermogen van je cliënt. Zie hierover ook <a href="https://www.steunpuntadoptie.be/nl/kennisdatabank/detail/samenvatting-onderzoek-adoptie-microagressies-2016-2024" target="_blank">'adoptie microagressies'</a>.</p>
<p>
	Adoptieouders en geboorteouders worden symbolisch met elkaar verbonden door de geadopteerde die&nbsp;<strong>twee ouderparen</strong> heeft. Houd tijdens therapie rekening met de <strong>positie van je cliënt in de adoptiedriehoek</strong> en de impact die deze positie op je cliënt kan hebben, bv. naar loyaliteit en identiteitsvorming toe.&nbsp;</p>
<p>
	Door hun positie als afgestaan en geadopteerd kind, wordt er soms naar geadopteerden verwezen als ‘adoptiekinderen’, ook wanneer zij al lang volwassen zijn. Dit kan leiden tot gevoelens van&nbsp;<strong>infantilisering, </strong>met mogelijke impact op het zelfbeeld van je cliënt, en binnen verschillende contexten&nbsp;(bv. binnen families, wetgeving).</p>
<p>
	<strong>Zoeken of willen zoeken naar de geboortefamilie</strong> hoort bij een normale ontwikkeling, maar is niet noodzakelijk.</p>
<p>
	Zoek een evenwicht tussen het ontkennen (<strong>‘rejection of differences’</strong>) en het benadrukken van verschillen (<strong>‘insistence on differences’</strong>) (Kirk, 1964). Geadopteerden hebben unieke ervaringen en uitdagingen door hun adoptiestatus, maar niet alles is toe te schrijven aan afstand en adoptie.</p>
<p>
	Adoptie heeft een ontwikkelingsgericht karakter: de <strong>betekenis van adoptie evolueert</strong> gedurende het leven. (H)erken veelvoorkomende mijlpalen (Brodzinsky et al., 1992), zoals interesse in of vermijding van adoptievragen en de wens om te zoeken.</p>
<p>
	Identiteit is een belangrijk thema voor geadopteerden, inclusief etnische identiteit voor transetnisch geadopteerden (bv. Baden & Steward, 2000; Lee, 2003) (zie hierover ook <a href="https://www.steunpuntadoptie.be/nl/kennisdatabank/detail/samenvatting-onderzoek-cultuur-terugwinnen-reculturatie-van-transetnische-en-internationale-geadopteerden-2012" target="_blank">'reculturatie'</a>). Geadopteerden hebben een <strong>meervoudige identiteit</strong> die ze doorheen hun leven moeten balanceren:</p>
<ul>
	<li>
		<strong>geboorte-identiteit</strong>: de identiteit die voortkomt uit de oorspronkelijke familie en achtergrond voordat de adoptie plaatsvond, zoals de oorspronkelijke naam, culturele/etnische achtergrond en banden met biologische familie,</li>
	<li>
		<strong>adoptie-identiteit</strong>: de betekenis van adoptie voor de geadopterde en de manier waarop adoptie geïntegreerd wordt in het bredere zelfbeeld, zoals omgaan met ontbrekende puzzelstukken,</li>
	<li>
		<strong>geadopteerde-identiteit</strong>: de geleefde ervaring als geadopteerde die vaak unieke uitdagingen bevat, zoals het omgaan met verlies, het zoeken naar herkomst en het zich bevinden tussen verschillende werelden,</li>
	<li>
		<strong>individuele identiteit</strong>.</li>
</ul>
<p>
	<strong>Complexe problemen</strong> zoals hechtingsstoornissen, trauma of onbekende erfelijke kwesties kunnen de therapiebehandeling compliceren.</p>
<p>
	Bij sommige geadopteerden hebben levenservaringen geleid tot een <strong>‘cumulatief adoptietrauma’</strong> (Lifton, 1994), waarbij de moeilijkheden niet simpelweg het gevolg zijn van afgestaan zijn, adoptie, stigmatisering, identiteit of het opgroeien als geadopteerde, maar eerder het cumulatieve effect ervan.</p>
<p>
	Tot slot wordt ook het kader van Wiley & Baden (2005) aangehaald. Dat stelt dat je je als adoptiesensitieve psycholoog bewust bent van:</p>
<ul>
	<li>
		je <strong>eigen attitudes en vooroordelen </strong>m.b.t. afstand en adoptie (bv. over het afstaan van een kind, openheid in adoptie, zoeken naar geboortefamilie);</li>
	<li>
		de <strong>sociale en culture factoren </strong>die een impact hebben op adoptiebetrokkenen (bv. etniciteit, sociaal-economische status, familiedynamieken) (cf. APA multiculturele richtlijnen);</li>
	<li>
		de<strong> politieke </strong>(bv. hervormingen)<strong> </strong>en <strong>economische aspecten </strong>(bv. commercialisering), evenals de<strong> portrettering</strong> van adoptie in de media en de mogelijke impact hiervan op je cliënt;</li>
	<li>
		de<strong> informatiebronnen en hulpmiddelen</strong> die beschikbaar zijn voor geadopteerden, zoals <a href="https://www.steunpuntadoptie.be/nl/geadopteerd/lotgenotencontact-geadopteerden">lotgenotengroepen</a>, bestaande instanties (al dan niet in de adoptiesector), online bronnen, leesmateriaal, <a href="https://www.steunpuntadoptie.be/nl/geadopteerd/herkomst">hulp bij zoektochten</a> en <a href="https://www.steunpuntadoptie.be/nl/geadopteerd/lotgenotencontact-geadopteerden">belangenorganisaties</a> (Grotevant, 2003);</li>
	<li>
		de <a href="https://www.steunpuntadoptie.be/frontend/files/userfiles/files/Silverstein%20%26%20Kaplan%20(1988)%20Lifelong%20Issues%20in%20Adoption.pdf" target="_blank">zeven kernthema’s van adoptie</a> (Silverstein & Kaplan, 1988):</li>
</ul>
<ol>
	<li>
		verlies,</li>
	<li>
		afwijzing,</li>
	<li>
		schuld en schaamte,</li>
	<li>
		rouw,</li>
	<li>
		identiteit,</li>
	<li>
		intimiteit:&nbsp;moeilijkheden hiermee als gevolg van alle voorgaande thema’s die spelen,</li>
	<li>
		controle: moeilijkheden met zelfactualisatie en zelfcontrole als gevolg van geen controle te hebben gehad over afgestaan en geadopteerd worden.&nbsp;</li>
</ol>
<p>
	<strong>Zoek je advies in de begeleiding van een adoptiebetrokkene? Als <a href="https://www.steunpuntadoptie.be/nl/professional/individuele-nazorgvragen-en-casusoverleg" target="_blank">professional</a> kan je bij ons (gratis) terecht met specifieke nazorgvragen in het kader van de begeleiding van cliënten. Stuur een mailtje naar info@steunpuntadoptie.be of bel ons op 078 15 13 27.</strong></p>
<p>
	<strong>Bron:&nbsp;</strong>Baden, A. L., & Wiley, M. O. (2007). Counseling adopted persons in adulthood: Integrating practice and research. <em>The Counseling Psychologist</em>, 35<em>(6)</em>, 868–901. https://doi.org/10.1177/0011000006291409</p>
<p>
	<strong><strong>Tekst:</strong></strong> Kristien Wouters</p>
<p>
	<em>Publicatiedatum: oktober 2024</em></p>
<div class="meta">
	<p><a href="https://www.steunpuntadoptie.be/nl/kennisdatabank/detail/adoptiesensitieve-begeleiding-van-volwassen-geadopteerden-wat-houdt-dit-in" title="Adoptiesensitieve begeleiding van volwassen geadopteerden: wat houdt dit in? ">Adoptiesensitieve begeleiding van volwassen geadopteerden: wat houdt dit in? </a> geschreven door Kristina Vanremoortel in <a href="https://www.steunpuntadoptie.be/nl/kennisdatabank/categorie/welzijn-en-zorgbeleid" title="Welzijn en zorgbeleid">Welzijn en zorgbeleid</a>.</p>
</div>

		]]>
	</description>
	<pubDate>Wed, 09 Oct 2024 14:33:00 +0200</pubDate>
	<author><![CDATA[kristina-vanremoortel@example.com (Kristina Vanremoortel)]]></author>
	<category><![CDATA[Welzijn en zorgbeleid]]></category>
	<guid isPermaLink="true">https://www.steunpuntadoptie.be/nl/kennisdatabank/detail/adoptiesensitieve-begeleiding-van-volwassen-geadopteerden-wat-houdt-dit-in</guid>
	</item>
<item>
	<title><![CDATA[Samenvatting onderzoek: Adoptie microagressies (2016, 2024)]]></title>
	<link>https://www.steunpuntadoptie.be/nl/kennisdatabank/detail/samenvatting-onderzoek-adoptie-microagressies-2016-2024?utm_source=feed&amp;utm_medium=rss&amp;utm_campaign=samenvatting-onderzoek-adoptie-microagressies-2016-2024</link>
	<description>
		<![CDATA[
			<p>
	<strong><em>Ken jij je echte ouders? Zocht je al naar hen? Gingen jullie al terug naar [herkomstland]?&nbsp;</em></strong><strong style="font-family: "Open Sans", Helvetica, Arial, sans-serif; font-size: 14px; font-style: normal; font-variant-ligatures: normal; font-variant-caps: normal;"><em>Spreek je [geboortetaal]?&nbsp;</em></strong><strong><em>Wat een chance dat je hier terechtgekomen bent! Jij en je adoptieouders horen bij elkaar!&nbsp;</em></strong></p>
<p>
	<strong>Dit type van vragen en uitspraken worden door geadopteerden en andere adoptiebetrokkenen vaak als opdringerig, vervelend, ongepast of ongewenst ervaren. Dr. Amanda Baden (2016, 2024) noemt ze dan ook ‘adoptie microagressies’. Hieronder lichten we de theorie rond ‘adoptie microagressies’ toe en vertellen we hoe je hiermee aan de slag kan gaan.</strong></p>
<h5>
	Microagressies</h5>
<p>
	‘Microagressies’ zijn alledaagse, vaak heel subtiele <strong>vormen van beledigingen of vernederingen</strong>, bewust of onbewust, die de groep van mensen op wie ze betrekking hebben <strong>onderdrukt </strong>(bv. mensen met een bepaalde huidskleur of seksuele oriëntatie) (Pierce et al., 1978; Sue et al., 2007).</p>
<p>
	Het woord ‘micro’ verwijst hier naar het <strong>niveau </strong>waarop de agressies plaatsvinden, nl. in interacties tussen individuen of groepen. Een onderscheid wordt gemaakt tussen: microaanvallen (microassaults), microinvalidaties (microinvalidations) en microbeledigingen (microinsults) (Sue et al., 2007).</p>
<p>
	Een voorbeeld van een microagressie op basis van huidskleur of etniciteit (die transetnisch geadopteerden ook geregeld krijgen) is de vraag: ‘Ga je nog vaak terug naar je thuisland?’ Dit lijkt op het eerste gezicht mogelijk een onschuldige vraag, maar is tegelijkertijd een bevestiging dat men er niet bij hoort. Een subtiele vorm van uitsluiting dus (Charkaoui, 2019).</p>
<p>
	Vertaald naar het Nederlands worden ‘microagressies’ soms ook ‘<strong>microkwetsingen</strong>’ genoemd om de ervaring van het<strong> slachtoffer centraal</strong> te plaatsen, eerder dan de focus te leggen op de dader (Charkaoui, 2019). Dit is volgens ons een passende vertaling: het woord ‘agressie’ wordt doorgaans geassocieerd met intentioneel geweld, terwijl microagressies ook goedbedoelde opmerkingen of oprechte vragen zonder een bewust oordeel kunnen zijn (Charkaoui, 2019). Echter, zoals het kader rond microagressies aanhaalt, kunnen ook deze uitspraken en vragen de capaciteiten, prestaties of status van een groep <strong>minimaliseren, devalueren of wegwuiven</strong> en die groep daardoor onderdrukken, waardoor het microagressies zijn (Sue et al., 2007).</p>
<h5>
	Adoptie microagressies</h5>
<p>
	Baden (2016) past het <strong>kader over microagressies</strong> toe op <strong>adoptiegerelateerde ervaringen</strong> binnen de theorie en literatuur van adoptiestigma (i.e. bevooroordeelde en veroordelende attitudes t.o.v. adoptie en adoptiegerelateerde kwesties, zoals de overtuiging dat geadopteerden wel moeten zoeken naar hun geboorteouders om zich ‘compleet’ te kunnen voelen of stereotype beelden over geboorteouders). Zo komt Baden tot het concept van ‘adoptie microagressies’, waarlangs het adoptiestigma tot uiting komt.</p>
<p>
	‘<strong>Adoptie microagressies</strong>’ definieert Baden (2016) als ‘veelvoorkomende kleineringen, beledigingen en vernederingen die bijna dagelijks kunnen voorkomen, bewust en onbewust, en die adoptiegerelateerde en biologisch gerelateerde oordelen, minachtingen of kritiek bevatten over adoptie, pleegzorg of het afstaan van een kind’ (p. 7).</p>
<p>
	Deze worden door eerste ouders, geadopteerden, adoptieouders en andere adoptiebetrokkenen ervaren, maar soms ook door hen geuit: door geadopteerden onderling, van adoptieouders naar adoptiekinderen ... Bijvoorbeeld:&nbsp;een grootouder die de kleinkinderen voorstelt als ‘dit is ons geadopteerd kleinkind en dit is ons bloedeigen kleinkind’, een adoptieouder die aangeeft een voorkeur te hebben voor interlandelijke adoptie, omdat de geboorteouders dan minder in beeld zijn.</p>
<h6>
	Vier soorten van adoptie microagressies</span></h6>
<p>
	Er zijn <strong>vier categorieën </strong>van adoptie microagressies. Drie zijn gebaseerd op microagressies op basis van huidskleur (Sue et al, 2007): microaanvallen, -invalidaties en -beledigingen. Een vierde type voegt Baden (2016) toe voor de context van afstand en adoptie: microficties (microfictions).</p>
<ol>
	<li>
		<strong>Adoptie microaanval</strong>: een openlijke, expliciete aanval (verbaal of non-verbaal) die bedoeld is om te kwetsen door middel van scheldwoorden, vermijdend of uitsluitingsgedrag, of opzettelijke onderdrukkende handelingen. <em>Voorbeeld</em>: <em>een kind wordt gepest op school vanwege zijn adoptiestatus.</em></li>
	<li>
		<strong>Adoptie microinvalidatie</strong>: verbale of non-verbale communicatie die de gedachten, gevoelens of ervaringen van adoptiebetrokkenen weert, ontkent, ontkracht of minder waardevol maakt; dit type van adoptie microagressies ervaren adoptiebetrokkenen het meest.&nbsp;<em>Voorbeeld: de vraag of de geadopteerde zijn ‘echte’ ouders kent, waarbij de impliciete boodschap wordt gegeven dat genetische verwantschap superieur is aan andere types van verwantschap, of omgekeerd: de opmerking dat het niet nodig is om te zoeken naar biologische familieleden, omdat men in een warm adoptiegezin terechtkwam.</em></li>
	<li>
		<strong>Adoptie microbelediging</strong>: attitudes, boodschappen en andere vormen van communicatie die subtiele, onbeleefde, kleinerende of ongevoelige opvattingen bevatten over afstand, adoptie en pleegzorg.&nbsp;<em>Voorbeeld: de uitspraak dat het zo mooi is dat men geadopteerd heeft, wat het beeld van geadopteerden als ‘ongewenst’ en adoptieouders als ‘redders’ impliceert.</em></li>
	<li>
		<strong>Adoptie microfictie</strong>: onwaarheden en verhalen die over adoptie gecreëerd worden en de echte, geleefde adoptie-ervaring ontkent of verkeerd voorstelt, of nog: narratieven die gedeeld en verborgen worden en die geheimhouding binnen afstand en adoptie bepalen en eraan bijdragen.&nbsp;<em>Voorbeeld: niet vertellen dat een kind geadopteerd is, adoptie voorstellen als een win-winsituatie waarbij het verlies dat onlosmakelijk verbonden is met adoptie wordt vergeten.</em></li>
</ol>
<h5>
	Dertien thema’s van adoptie microagressies</h5>
<p>
	Binnen deze vier categorieën worden verschillende thema’s van adoptie microagressies (Garber & Grotevant, 2015; Baden, 2016) geïdentificeerd. Ze raken zowel eerste ouders, geadopteerden als adoptieouders.</p>
<p>
	De <strong>dertien thema’s </strong>die Baden aanhaalt in haar oorspronkelijk artikel (2016) op basis van een review van bestaande literatuur, zijn:</p>
<ol>
	<li>
		<strong>Genetische verwantschap is superieur/de norm (invalidatie). </strong><em>Voorbeeld: ‘Hoe kan je je kind afstaan? Je kind hoort bij jou en niet bij vreemden.’</em></li>
	<li>
		<strong>Geadopteerden zijn probleemkinderen (belediging).</strong> <em>Voorbeeld: ‘Soms vragen mensen me of ik niet bang ben van mijn geadopteerde zoon.’</em></li>
	<li>
		<strong>Geadopteerden moeten dankbaar zijn (invalidatie).</strong> <em>Voorbeeld: ‘Hij heeft geluk dat hij geadopteerd werd.’</em></li>
	<li>
		<strong>Geadopteerden bevinden zich in een cultureel limbo (invalidatie).</strong> <em>Voorbeeld: ‘Waarom spreek jij geen [taal van herkomstland]?’, 'Kleur doet er niet toe voor ons', een werkgever die een witte sollicitant had verwacht op basis van de naam</em></li>
	<li>
		<strong>Schandelijke/onbekwame eerste ouders (belediging).</strong> <em>Voorbeeld: ‘Welke type van vrouw staat haar eigen kind af?’</em></li>
	<li>
		<strong>Eerste ouders zijn onbelangrijk (invalidatie).</strong> <em>Voorbeeld: 'Je moet dat kind proberen vergeten en verdergaan met je leven?', 'Het zou ons kwetsen als je op zoek gaat naar je geboortefamilie.'</em></li>
	<li>
		<strong>Pseudo/onbekwame adoptieouders (invalidatie).</strong> <em>Voorbeeld: ‘Kon je dan zelf geen kinderen krijgen?’, 'Wil je niet op zoek gaan naar je echte ouders?'</em></li>
	<li>
		<strong>Adoptieouders als altruïstische redders (belediging). </strong><em>Voorbeeld: ‘Wat fantastisch dat je die kinderen hebt geadopteerd!’</em></li>
	<li>
		<strong>Culturele filantropie (belediging).</strong> <em>Voorbeeld: ‘Je bent hier veel beter af dan dat je daar in armoede zou moeten opgroeien?’</em></li>
	<li>
		<strong>Handel in adoptie (belediging). </strong><em>Voorbeeld: ‘Jij hebt geen middelen om voor een baby te zorgen en staat de baby beter af aan een gezin die die middelen wel heeft.', Hoeveel betaalde je voor de adoptie?’</em></li>
	<li>
		<strong>Adoptie is een win-win (fictie).</strong> <em>Voorbeeld: ‘Het was voorbestemd dat jij in ons gezin zou terechtkomen.’</em></li>
	<li>
		<strong>Liefde is genoeg (fictie).</strong> <em>Voorbeeld: 'Alles komt in orde, zolang je die kinderen maar genoeg liefde geeft.'</em></li>
	<li>
		<strong>Infantiliseren van geadopteerden en eerste ouders (fictie). </strong><em>Voorbeeld: volwassen geadopteerden waarnaar verwezen wordt als ‘adoptiekind’, verzegelde/aangepaste geboorteaktes die geadopteerden en eerste ouders ‘beschermen’ tegenover elkaar en waarbij geïmpliceerd wordt dat zij zelf geen goede contactregeling tot stand kunnen brengen.</em></li>
</ol>
<h5>
	Adoption Microagression Scale</h5>
<p>
	Om <strong>adoptie microagressies tegenover geadopteerden</strong> in kaart te brengen, ontwikkelden Baden en Kim (2024) een meetinstrument, genaamd de ‘Adoption Microagression Scale’. De schaal bevat 23 stellingen te scoren op een 5-punt Likertschaal (0 = Not at all, 1 = A little, 2 = Moderately, 3 = Quite a bit, 4 = Extremely). De <strong>23 items</strong> zijn:</p>
<ol>
	<li>
		I have often heard that I was given a better life here in America.</li>
	<li>
		I’ve heard that if there are problems in adoptive families, it’s usually the adopted child’s fault and not the parents.</li>
	<li>
		I have been asked if I know who my real parents are.</li>
	<li>
		People have assumed that my real parents gave me up because they were poor, and they had gender-based biases.</li>
	<li>
		People tell me that I was meant to be my adoptive parent(s) child.</li>
	<li>
		I’ve heard that birth parents are usually young, naive, and not ready to be parents.</li>
	<li>
		I’ve often heard that adoptees lives would be worse if they stayed in their birth country/community.</li>
	<li>
		I am told that adoption solved our problems--my parents needed a child, I needed a home, and my birth parents needed someone to raise me.</li>
	<li>
		People have asked why my parents gave me up implying that there was something wrong with me.</li>
	<li>
		People say that transracial adoptive parents don’t see color and love is enough.</li>
	<li>
		I’ve been told that birth parents usually have substance abuse issues, were sex workers, or were uneducated.</li>
	<li>
		People say adoptive parents have done a wonderful thing and are good people.</li>
	<li>
		People say that they always wanted to adopt but also want to have children of their own.</li>
	<li>
		People say that most adoptive parents are rich and privileged.</li>
	<li>
		I have heard that if you can’t have children naturally, then you can always adopt a child because there are so many that are unwanted.</li>
	<li>
		People have said what a wonderful thing birth parents have done by placing their children for adoption.</li>
	<li>
		I am told that I should be behave well and be grateful for my adoptive parents.</li>
	<li>
		I’ve heard that birth parents abandon their children and don’t want to ever see them again.</li>
	<li>
		I have been told that I was lucky to have been adopted.</li>
	<li>
		I have seen that adoption agencies charge more to adopt some babies (e.g., white) than others (e.g., brown).</li>
	<li>
		I have heard that transracial adoptees feel like they don’t fit into any group because they’re not really white and not really passing members of their ethnic group.</li>
	<li>
		I have heard that problems with abortion rights aren’t real because pregnant women should just give up their children for adoption.</li>
	<li>
		I have heard that birth mothers loved their children so much that they gave them up for adoption.</li>
</ol>
<p>
	<strong>Waarom </strong>zijn dit adoptie microagressies? We lichten enkele items toe aan de hand van Badens theorie:</p>
<ul>
	<li>
		<em>People tell me that I was meant to be my adoptive parent(s) child. </em>➡️ Dit impliceert dat geadopteerden voorbestemd waren om hun geboortefamilie te verliezen om bij hun adoptiefamilie te kunnen zijn (fictie: adoptie is een win-win).</li>
	<li>
		<em>I’ve often heard that adoptees lives would be worse if they stayed in their birth country/community.</em> ➡️ Dit bevat de overtuiging dat de westerse cultuur superieur is (belediging: culturele filantropie).</li>
	<li>
		<em>People say that adoptive parents have done a wonderful thing and are good people.&nbsp;</em>➡️ Dit impliceert dat geadopteerden gelukkig en dankbaar moeten zijn om de goede daad van hun adoptieouder(s) (belediging: adoptieouders als altruïstische redders).</li>
	<li>
		<em>People say that transracial adoptive parents don’t see color and love is enoug</em>h. ➡️ Dit bevat de boodschap dat kleur onbelangrijk is en dat, ondanks adoptiegerelateerd verlies en trauma, liefde alle problemen overwint (invalidatie: geadopteerden bevinden zich in een cultureel limbo en fictie: liefde is genoeg).</li>
	<li>
		<em>I have heard that if you can’t have children naturally, then you can always adopt a child because there are so many that are unwanted. </em>➡️ Dit geeft de boodschap dat geadopteerde kinderen ongewenst zijn die gered moesten worden door hun adoptieouders (belediging: geadopteerden zijn probleemkinderen).</li>
	<li>
		<em>I have been asked if I know who my real parents are.&nbsp;</em>➡️ Dit impliceert dat familierelaties ontstaan door adoptie minder waardevol zijn dan biologische familierelaties (invalidatie: genetische verwantschap is superieur/de norm).</li>
	<li>
		<em>I have heard that birth mothers loved their children so much that they gave them up for adoption.</em> ➡️ Dit romantiseert het verlies door afstand en impliceert dat adoptie de beste oplossing was voor iedereen (fictie: adoptie is een win-win).</li>
</ul>
<h5>
	Implicaties voor de praktijk</h5>
<p>
	Om adoptie microagressies te voorkomen, is het belangrijk je eerst<strong> bewust </strong>te worden van je <strong>eigen attitudes en vooroordelen</strong> over afstand en adoptie. Hoe beïnvloeden je eigen ideëen over afstand en adoptie jouw communicatie naar adoptiebetrokkenen? Hoe kan dit binnenkomen bij de ander? Zoals eerder aangehaald, kunnen ook adoptiebetrokkenen zelf onbedoeld adoptie microagressies gebruiken en ze internaliseren.</p>
<p>
	De theorie en het meetinstrument rond adoptie microagressies bieden <strong>professionals </strong>die werken met adoptiebetrokkenen, en specifiek met geadopteerden, <strong>inzicht in hun ervaringen.</strong> Het <strong>erkent het bestaan</strong> van adoptiegerelateerde microagressies en <strong>geeft taal </strong>aan wat adoptiebetrokkenen meemaken. Het geeft ook de mogelijkheid om bepaalde ervaringen bij hen te <strong>bevragen of bespreekbaar</strong> te maken. Tot slot <strong>voorkomt </strong>het dat professionals vragen of reacties uiten die vooroordelen rond adoptie weerspiegelen, waardoor het vertrouwen van de cliënt in de expertise van de professional wordt ondermijnd.</p>
<p>
	Het artikel van Baden van 2016 lees je <a href="https://digitalcommons.montclair.edu/cgi/viewcontent.cgi?article=1000&context=counseling-facpubs" target="_blank">hier</a>.</p>
<p>
	<strong>Bron:</strong></p>
<ul>
	<li>
		Baden, A. L. (2016). “Do You Know Your Real Parents?” and Other Adoption Microagressions. <em>Adoption Quarterly</em>, 19<em>(1)</em>, 1-25.</li>
	<li>
		Baden, A. L., & Kim, A. Y. (2024, July 8-12) Emerging Evidence on Living the Adopted Life: Adopted Individuals Health, Parenting, and Discrimination in Adulthood [Conference presentation]. ICAR-8, Minneapolis, MN, United States.</li>
</ul>
<p>
	<strong>Tekst:</strong> Kristien Wouters</p>
<div class="meta">
	<p><a href="https://www.steunpuntadoptie.be/nl/kennisdatabank/detail/samenvatting-onderzoek-adoptie-microagressies-2016-2024" title="Samenvatting onderzoek: Adoptie microagressies (2016, 2024)">Samenvatting onderzoek: Adoptie microagressies (2016, 2024)</a> geschreven door Kristina Vanremoortel in <a href="https://www.steunpuntadoptie.be/nl/kennisdatabank/categorie/racisme-en-vooroordelen" title="Racisme en vooroordelen">Racisme en vooroordelen</a>.</p>
</div>

		]]>
	</description>
	<pubDate>Wed, 09 Oct 2024 13:21:00 +0200</pubDate>
	<author><![CDATA[kristina-vanremoortel@example.com (Kristina Vanremoortel)]]></author>
	<category><![CDATA[Racisme en vooroordelen]]></category>
	<guid isPermaLink="true">https://www.steunpuntadoptie.be/nl/kennisdatabank/detail/samenvatting-onderzoek-adoptie-microagressies-2016-2024</guid>
	</item>
<item>
	<title><![CDATA[Financiële en andere steun aan herkomstlanden: aandachtspunten en alarmsignalen]]></title>
	<link>https://www.steunpuntadoptie.be/nl/kennisdatabank/detail/financi%C3%ABle-en-andere-steun-aan-herkomstlanden-aandachtspunten-en-alarmsignalen?utm_source=feed&amp;utm_medium=rss&amp;utm_campaign=financi%25C3%25ABle-en-andere-steun-aan-herkomstlanden-aandachtspunten-en-alarmsignalen</link>
	<description>
		<![CDATA[
			<p>
	<strong>Een reis naar je geboorteland of het herkomstland van je adoptiekind kan leiden tot het verlangen om kinderen in tehuizen of voorzieningen op een of andere manier te ondersteunen. Hoewel financiële steun goedbedoeld is, kan het onbedoelde, negatieve gevolgen hebben voor kinderen en gezinnen in herkomstlanden.&nbsp;</strong><strong><a href="https://iss-ssi.org/" target="_blank">International Social Service</a> (ISS) maakte hierover <a href="https://iss-ssi.org/resourcesiss/financial-and-other-support-to-countries-of-origin-linked-to-intercountry-adoption-a-guide-for-prospective-adoptive-parents-adoptive-families-and-older-adoptees-2/" target="_blank">een brochure</a>&nbsp;(2020) met als doel (kandidaat-)adoptieouders en volwassen geadopteerden te helpen bij het nemen van beslissingen over de financiële steun die ze geven aan instanties voor, tijdens en na adoptie.</strong></p>
<p>
	Hoewel giften en donaties met goede bedoelingen worden gegeven, waarschuwt ISS dat ze systemen kunnen bevorderen waar <strong>financieel gewin boven het belang van het kind</strong> wordt gesteld. Het gaat om bijdragen die niet direct gekoppeld zijn aan specifieke diensten (zoals vertalingen of begeleiding ter plaatse), maar zogenaamd gebruikt worden om kosten te dekken van de instantie die voor de kinderen zorgt.</p>
<p>
	Dergelijke financiële steun kan en heeft in sommige gevallen <strong>geleid tot illegale praktijken</strong>, waarbij kinderen onterecht adoptabel worden verklaard zonder toestemming van hun ouders, omdat dit een inkomstenbron vormt voor de betrokken instantie.</p>
<h5>
	Aandachtspunten bij giften</h5>
<p>
	Ben je in het land van herkomst en wil je een gift doen of wordt jouw financiële steun gevraagd? Stel jezelf dan deze vragen:</p>
<ul>
	<li>
		<strong>Wie </strong>vraagt er mijn financiële steun? Welke belangen heeft deze persoon? Is er sprake van <strong>belangenvermenging</strong>? Welke evidentie heb ik dat er géén belangenvermenging is?</li>
	<li>
		Waarvoor wordt mijn bijdrage gebruikt? Is er een <strong>transparant systeem</strong> om te controleren dat mijn bijdrage hiervoor effectief wordt gebruikt?</li>
	<li>
		Is mijn bijdrage verplicht of is er een <strong>sterke verwachting</strong> dat ik een bijdrage doe?</li>
	<li>
		Is mijn bijdrage <strong>redelijk</strong> voor de doeleinden? Is het gevraagde bedrag gekoppeld aan de reële kostprijs in het land van herkomst?</li>
	<li>
		Wordt er een officieel <strong>bewijs van ontvangst</strong> gegeven? Gaat het om contante betalingen?</li>
	<li>
		Draagt mijn bijdrage bij aan het <strong>ondersteunen van gezinnen</strong> in de zorg voor hun kinderen (bv. door financiële of materiële hulp te verstrekken)?</li>
	<li>
		Als een kind niet bij het gezin kan blijven, zorgt mijn bijdrage er dan voor dat het toegang krijgt tot <strong>geschikte alternatieve zorg</strong> (bv. pleegzorg)?</li>
</ul>
<h5>
	Alarmsignalen voor kandidaat-adoptanten</h5>
<p>
	De brochure bevat alarmsignalen specifiek voor kandidaat-adoptanten, zoals: Wist ik dat een bijdrage gevraagd zou worden? Is de centrale autoriteit op de hoogte dat mij dit gevraagd wordt? Wordt deze gift van mij verwacht om de adoptieprocedure voort te kunnen zetten? Is de gevraagde gift binnen proportie?</em></p>
<p>
	Voor kandidaat-adoptanten is het belangrijk om te onthouden dat de <strong>kosten(posten)</strong> van de adoptieprocedure <strong>op voorhand duidelijk</strong> moeten zijn. Mocht er in het herkomstland toch om onverwachte vergoedingen, giften of donaties gevraagd worden, is het van belang om het <strong><a href="https://www.kindengezin.be/nl/thema/adoptie/vlaams-centrum-voor-adoptie" target="_blank">Vlaams Centrum voor Adoptie</a> te contacteren</strong>, zodat zij op een gepaste en ethische manier kunnen reageren.</p>
<p>
	<strong>Ga niet in</strong> op deze verzoeken, ook als het de afronding van de adoptieprocedure in gevaar brengt. Het is een garantie dat de adoptie echt in het belang van het kind is en dat het niet gaat om handel in kinderen. Het draagt er ook toe bij dat toekomstige adopties <strong>ethisch</strong> zullen verlopen.</p>
<h5>
	Zeg nee tegen ‘voluntourism’</h5>
<p>
	Naast financiële steun zijn er <strong>risico’s verbonden aan vrijwilligerswerk</strong> in kindertehuizen, zogenaamd ‘vrijwilligerstoerisme’. Het Better Volunteering-initiatief van het <a href="https://bettercarenetwork.org/" target="_blank">Better Care Network</a> waarschuwt in <a href="https://bettercarenetwork.org/sites/default/files/Infographic%20Better%20English.pdf" target="_blank">deze infografiek</a> voor de risico’s, zoals vrijwilligers die zorgen voor kwetsbare kinderen zonder daarvoor opgeleid te zijn en het risico dat kinderen zich aan hen hechten, terwijl de vrijwilligers kort daarna weer vertrekken.</p>
<p>
	Zonder het te beseffen, dragen vrijwilligers bij aan de <strong>uitbuiting van kinderen</strong>: kinderen worden gezien als iets wat 'ervaren' moet worden door een (betalende) bezoeker. Er ontstaat als het ware een vraag voor ‘wezen’ en ‘weeshuizen’, terwijl er <strong>wetenschappelijke consensus</strong> is dat we moeten afstappen van grote residentiële instellingen en moeten gaan naar <strong>alternatieve vormen van zorg</strong> voor kinderen (zie onder).</p>
<h5>
	Hoe kan je wel steunen?</h5>
<p>
	ISS raadt aan om ngo’s te steunen die zich richten op:</p>
<ul>
	<li>
		Het ondersteunen van <strong>gezinnen om samen </strong>te blijven (door financiële of materiële hulp en begeleiding).</li>
	<li>
		Het promoten van <strong>familiegerichte alternatieve zorg </strong>voor kinderen die niet bij hun ouders kunnen blijven zoals pleegzorg of zorg binnen de familie.</li>
	<li>
		Het overtuigen van donateurs om <strong>preventieve programma’s</strong> en familiegerichte alternatieve zorg te steunen in plaats van weeshuizen en residentiële instellingen.</li>
	<li>
		Het <strong>bestrijden van 'voluntourism'</strong>, waarbij onervaren vrijwilligers zorg dragen voor kinderen in voorzieningen.</li>
</ul>
<p>
	Daarnaast kan je contact opnemen met <a href="https://www.unicef.be/nl?cq_src=google_ads&cq_cmp=16569474685&cq_con=134874773735&cq_term=unicef&cq_med=&cq_plac=&cq_net=g&cq_plt=gp&gad_source=1&gclid=Cj0KCQjw05i4BhDiARIsAB_2wfDwDx17Oc1-ctoQPoL4U37gaGwpf3feimxjRjcrb6CJFSq0H0lBZKsaArqyEALw_wcB" target="_blank">Unicef</a> die zicht heeft op betrouwbare, lokale organisaties in herkomstlanden.</p>
<p>
	<strong>Meer weten? </strong>De Engelstalige brochure ‘<em>Financial and other support to countries of origin linked to intercountry adoption: a guide for prospective adoptive parent(s), adoptive families and older adoptees. Avoiding unintended risks associated with well-intentioned acts</em>’ (2020) van ISS kan je <a href="https://iss-ssi.org/resourcesiss/financial-and-other-support-to-countries-of-origin-linked-to-intercountry-adoption-a-guide-for-prospective-adoptive-parents-adoptive-families-and-older-adoptees-2/" target="_blank">hier</a> downloaden.</p>
<p>
	<strong>Tekst</strong>: Kristien Wouters</p>
<p>
	<em>Publicatiedatum: oktober 2024</em></p>
<div class="meta">
	<p><a href="https://www.steunpuntadoptie.be/nl/kennisdatabank/detail/financi%C3%ABle-en-andere-steun-aan-herkomstlanden-aandachtspunten-en-alarmsignalen" title="Financiële en andere steun aan herkomstlanden: aandachtspunten en alarmsignalen">Financiële en andere steun aan herkomstlanden: aandachtspunten en alarmsignalen</a> geschreven door Kristina Vanremoortel in <a href="https://www.steunpuntadoptie.be/nl/kennisdatabank/categorie/sociale-ongelijkheid-en-wanpraktijken" title="Sociale ongelijkheid en wanpraktijken">Sociale ongelijkheid en wanpraktijken</a>.</p>
</div>

		]]>
	</description>
	<pubDate>Wed, 09 Oct 2024 12:36:00 +0200</pubDate>
	<author><![CDATA[kristina-vanremoortel@example.com (Kristina Vanremoortel)]]></author>
	<category><![CDATA[Sociale ongelijkheid en wanpraktijken]]></category>
	<guid isPermaLink="true">https://www.steunpuntadoptie.be/nl/kennisdatabank/detail/financi%C3%ABle-en-andere-steun-aan-herkomstlanden-aandachtspunten-en-alarmsignalen</guid>
	</item>
<item>
	<title><![CDATA[Samenvatting onderzoek: Hoe beïnvloedt het taalgebruik van adoptieouders de manier waarop geadopteerden naar hun relatie met hun geboortemoeder kijken? (2024)]]></title>
	<link>https://www.steunpuntadoptie.be/nl/kennisdatabank/detail/samenvatting-onderzoek-hoe-be%C3%AFnvloedt-het-taalgebruik-van-adoptieouders-de-manier-waarop-geadopteerden-naar-hun-relatie-met-hun-geboortemoeder-kijken-2024?utm_source=feed&amp;utm_medium=rss&amp;utm_campaign=samenvatting-onderzoek-hoe-be%25C3%25AFnvloedt-het-taalgebruik-van-adoptieouders-de-manier-waarop-geadopteerden-naar-hun-relatie-met-hun-geboortemoeder-kijken-2024</link>
	<description>
		<![CDATA[
			<p>
	<strong>Ouders dragen hun gevoelens, overtuigingen en waarden impliciet en expliciet over op hun kinderen via verbale en non-verbale communicatie. Specifiek wat betreft adoptie blijkt de manier waarop adoptieouders praten over adoptie en de geboortefamilie van hun adoptiekind van invloed te zijn op de ontwikkeling van de adoptieve identiteit van hun kind en diens tevredenheid met de adoptieregeling. In deze Amerikaanse studie onderzoeken Wright en collega's (2024) of het specifieke taalgebruik van adoptieouders verband houdt met hoe geadopteerde jongeren de relatie met hun geboortemoeder beoordelen.</strong></p>
<p>
	Het netwerk van verwantschap bij adoptie ('adoptive kinship network') is een familiesysteem dat bestaat uit de geadopteerde, de adoptiefamilie en de geboortefamilie. Leden uit dit systeem kunnen in verschillende mate en vormen contact houden met elkaar. Vooral in Westerse landen is er de laatste jaren meer aandacht voor open adoptieregelingen waarbij er contact en communicatie is tussen de verschillende partijen van de adoptiedriehoek.<br />
	<br />
	Onderzoekers wijzen erop dat structurele openheid (= type, frequentie en duur van contact, Brodzinsky, 2006) mogelijk weinig zegt over het welzijn van de betrokkenen. In plaats daarvan kan de subjectieve ervaring van deze relaties belangrijker zijn (Farr & Goldberg, 2015; Grotevant et al., 2011; Lo et al., 2013). Communicatiepatronen zijn daarbij een mogelijke manier om ervaringen in kaart te brengen.</p>
<h5>
	Communicatie over adoptie in het adoptiegezin</h5>
<p>
	<strong>Communicatieve openheid </strong>(= open en sensitieve communicatie over adoptie en de bijbehorende gevoelens van adoptieouders met hun adoptiekind, Brodzinsky, 2006) heeft een <strong>positieve invloed op de ontwikkeling van geadopteerden</strong>. Zo bestaat er een positief verband tussen communicatieve openheid en de wens van de geadopteerde om meer te weten te komen over zijn adoptie en geboortefamilie (Skinner-Drawz et al., 2011), de tevredenheid van de geadopteerde over zijn adoptie (Feast & Howe, 2003) en sociale, emotionele en gedragsmatige aanpassingen bij geadopteerden (Aramburu Alegret et al., 2020; Ranieri et al., 2021; Soares et al., 2017).<br />
	<br />
	Hoewel de positieve impact van communicatieve openheid gekend is, ging er nog <strong>minder aandacht naar het specifieke taalgebruik van adoptieouders</strong>. Toch is dit interessant om te bekijken. De opvattingen van adoptieouders over adoptie en de geboortefamilie kunnen bewust of onbewust hun taalgebruik vormgeven en zo de gevoelens van het kind en de kijk op zijn verhaal beïnvloeden (Brodzinsky, 2011).</p>
<h5>
	Huidige studie</h5>
<p>
	Om het taalgebruik van adoptieouders en de impact ervan op geadopteerden te onderzoeken, werden 156 geadopteerde jongeren (52% vrouw; gemiddelde leeftijd = 15.7 jaar), 173 adoptiemoeders (gemiddelde leeftijd = 47.5 jaar) en 161 adoptievaders (gemiddelde leeftijd = 49.2 jaar) uit 177 adoptiegezinnen geïnterviewd. Deze gezinnen kennen een verschillende mate van structurele openheid met de geboortefamilie. Alle geadopteerden werden als baby geadopteerd (gemiddelde leeftijd bij adoptie = 4 weken) via binnenlandse adoptie in de Verenigde Staten door heteroseksuele koppels met dezelfde etniciteit als het kind (98% wit).</p>
<p>
	Concreet wil deze studie <strong>twee vragen</strong> beantwoorden:</p>
<ol>
	<li>
		<strong>Verschilt het taalgebruik van adoptieouders als ze praten over de geboorteouders versus adoptie in het algemeen?</strong></li>
	<li>
		<strong>Is het taalgebruik van adoptieouders gelinkt aan hoe geadopteerden de relatie met hun geboortemoeder beoordelen?</strong></li>
</ol>
<p>
	Adoptieouders werd gevraagd naar hun gedachten en gevoelens over adoptie in het algemeen, meer bepaald hun relatie met hun adoptiekind en hun ervaringen als adoptiegezin in de samenleving. Daarnaast werd hen gevraagd naar de geboortefamilie van hun kind, meer bepaald hun ervaringen met wel of geen contact, hun opvattingen over structurele openheid en hun verwachtingen voor de toekomstige relatie met de geboortefamilie. De taal die de adoptieouders gebruikten, werd vervolgens geanalyseerd met behulp van de Linguistic Inquiry and Word Count 2015 software (Pennebaker, Booth et al., 2015).<br />
	<br />
	Geadopteerde jongeren werd gevraagd naar hun ervaringen, gevoelens, kennis en attitudes ten aanzien van hun adoptie, adoptie-identiteit, adoptiefamilie en geboorteouders. Om vervolgens zicht te krijgen op hoe zij hun relatie met hun geboortemoeder beoordelen, werden op basis van het interview vijf variabelen gecodeerd: (1) tevredenheid over de mate van structurele openheid, (2) de mate van nieuwsgierigheid naar hun geboortemoeder, (3) de mate van positieve en negatieve gevoelens ten opzichte van hun geboortemoeder en (4) de mate waarin de geadopteerde de relatie met de geboortemoeder als betrouwbaar, veilig en voldoening gevend ervaart.</p>
<p>
	Statistische analyses werden toegepast om de onderzoeksvragen te beantwoorden.</p>
<h5>
	Resultaten</h5>
<p>
	Wat betreft de <strong>eerste onderzoeksvraag</strong> blijkt het <strong>taalgebruik van adoptieouders te verschillen naargelang ze spreken over adoptie in het algemeen of specifiek over de geboorteouders</strong>. Dit ligt in lijn met ander onderzoek waaruit blijkt dat de taal die iemand gebruikt verandert met de gemoedstoestand en de attitudes van een persoon ten opzichte van een bepaald onderwerp of omgeving (Forgas, 1999; Pennebaker et al., 2003; Wang et al., 2016).<br />
	<br />
	Concreet vindt deze studie dat wanneer adoptieouders spreken over de geboortefamilie ze:</p>
<ul>
	<li>
		minder emotiewoorden gebruiken (bv. droevig, gekwetst, gelukkig, liefde);</li>
	<li>
		meer 1e persoon enkelvoud voornaamwoorden gebruiken (wijst op de mate waarin iemand naar zichzelf verwijst als een individu door woorden zoals 'ik' en 'mijn' te gebruiken);</li>
	<li>
		minder 1e persoon meervoud voornaamwoorden gebruiken (wijst op de mate waarin iemand zichzelf als deel van een groep ziet door woorden zoals 'wij' en 'ons' te gebruiken);</li>
	<li>
		een lagere drang naar verbondenheid uiten (wijst op de mate waarin iemand voldoening haalt uit het opbouwen van relaties met anderen);</li>
	<li>
		een hogere drang naar agency weerspiegelen (wijst op de mate waarin men voldoening haalt uit het bereiken van onafhankelijkheid en het behalen van persoonlijke prestaties);</li>
	<li>
		en minder familiewoorden gebruiken (bv. dochter, papa)</li>
</ul>
<p>
	in vergelijking met wanneer adoptieouders praten over adoptie in het algemeen.</p>
<p>
	Deze patronen wijzen erop dat <strong>subtiel taalgebruik, zelfs wanneer adoptieouders praten over adoptie en de inclusie van de geboortefamilie, er toe kan leiden dat geboorteouders alsnog onbewust op afstand worden gehouden</strong>. Dit kan het gevoel van de geadopteerde om zich verbonden te voelen met beide families belemmeren, terwijl dit belangrijk is voor hun emotionele aanpassing (Kirk, 1964, 1981;&nbsp; Lo et al., 2021). De onderzoekers stellen dat dit aanhoudende taalgebruik een van de voordelen van open adoptie tenietdoet, namelijk het helpen van geadopteerde kinderen en jongeren om de verbinding met beide families te normaliseren en hun identiteit te integreren binnen een breder netwerk van verwantschap (Del Pozo et al., 2018).</p>
<p>
	Wat betreft de <strong>tweede onderzoeksvraag</strong> blijken <strong>meerdere taalfactoren bij adoptieouders samen voorspellend te zijn voor de gevoelens en gedachten van een geadopteerde over diens geboortemoeder</strong>, eerder dan een specifieke taalfactor. Hiermee wordt eerder onderzoek bevestigd dat aantoont dat onbewuste overtuigingen en waarden via taal worden overgedragen (Pirchio et al., 2018; Wang et al., 2020).<br />
	<br />
	Aanvullend wijzen de bevindingen van deze studie op het<strong> belang van <em>wie </em>er communiceert</strong>:</p>
<ul>
	<li>
		Specifiek voorspelt het gebruik van familiewoorden door adoptiemoeders, maar niet door adoptievaders, de tevredenheid van geadopteerde jongeren met de mate van structurele openheid. Ook voorspelt het hun verwachtingen over de relatie met hun geboortemoeder.</li>
	<li>
		Omgekeerd vindt deze studie dat adoptievaders, maar niet adoptiemoeders, die meer ‘wij’ en ‘ons’ gebruiken wanneer ze over de geboortefamilie spreken, adoptiekinderen hebben die minder nieuwsgierig zijn naar hun geboortemoeder. De onderzoekers stellen dat het gebruik van 1e persoon meervoud voornaamwoorden kan wijzen op een verbondenheid die indicatief is voor meer informatieoverdracht tussen families waardoor er minder nieuwsgierigheid is bij de geadopteerde.</li>
	<li>
		Het taalgebruik van zowel adoptiemoeders als -vaders speelt een rol in de gevoelens van geadopteerden ten opzichte van hun geboortemoeder. Zoals verwacht, ervaren geadopteerde jongeren meer positieve emoties als hun adoptiemoeder minder negatieve emotiewoorden gebruikt wanneer het gaat over de geboortefamilie. Anders dan verwacht, ervaren geadopteerden meer negatieve emoties als hun adoptievader minder vaak voornaamwoorden in de eerste persoon enkelvoud gebruikt zoals ‘ik’ en ‘mijn’. Er werd verwacht dat het gebruik van ‘ik’ en ‘mijn’ door adoptieouders juist minder zou samenhangen met de erkenning van de dubbele band van hun kind, en daardoor meer negatieve emoties zou oproepen, maar dit bleek niet het geval. Als verklaring stellen de onderzoekers dat het mogelijk is dat adoptievaders, door zichzelf minder te betrekken wanneer het gaat over de geboortefamilie, onbewust de boodschap geven dat er redenen zijn om negatieve emoties ten opzichte van de geboortemoeder te hebben. Omgekeerd kan het ook zijn dat adoptievaders ervoor kiezen om afstand te nemen van het onderwerp wanneer ze weten dat hun kind negatieve gevoelens koestert tegenover de geboortemoeder.&nbsp; Verder onderzoek is nodig om de richting van dit verband uit te klaren.</li>
</ul>
<p>
	Concluderend toont deze studie aan dat het niet alleen gaat om wat adoptieouders zeggen over adoptie of de geboortefamilie van hun kind, maar ook dat hun <strong>subtiele woordgebruik een invloed heeft op hoe geadopteerden zich voelen ten aanzien van hun geboortemoeder</strong>, los van de mate van structurele openheid die er feitelijk is.</p>
<h5>
	Implicaties voor de praktijk</h5>
<p>
	De bevindingen uit deze studie benadrukken het <strong>belang van vorming voor hulpverleners op vlak van communicatieve openheid</strong>. Dit stelt hen in staat om adoptieouders te ondersteunen, niet alleen bij het organiseren van structurele openheid, maar ook bij het <strong>ontwikkelen van narratieven die rekening houden met de invloed van subtiele taalpatronen</strong>. Professionals kunnen adoptieouders helpen inzien hoe subtiele nuances in taal impliciete boodschappen overbrengen.</p>
<p>
	Om bij te dragen aan de positieve gevoelens van hun kind t.a.v. hun geboortemoeder, kunnen adoptieouders bewust <strong>positieve emotiewoorden gebruiken, verbondenheid tonen en negatieve taal vermijden </strong>als ze over de geboortefamilie spreken.</p>
<p>
	Het volledig artikel lees je <a href="https://www.steunpuntadoptie.be/frontend/files/userfiles/files/Child%20Family%20Social%20Work%20-%202024%20-%20Wright%20-%20Adoptive%20parent%20linguistics%20%20Links%20to%20adoptees%20%20relationships%20with%20their%20birth.pdf" target="_blank">hier</a>.</p>
<p>
	<em>*Er zijn verschillende benamingen mogelijk voor de ouders/gezin/familie van herkomst. In lijn met het oorspronkelijke artikel van Wright et al. waarin de term ‘birth family’ wordt gebruikt, kozen wij hier voor de vertaling ‘geboortefamilie’.</em></p>
<p>
	<strong>Bron:</strong> Wright, A. W., Lo, A. Y. H., McGinnis, H., Leslie, C., & Grotevant, H.D (2024). Adoptive parent linguistics: Links to adoptees' relationships with their birth mother. <em>Child & Family Social Work</em>, Feb 12, 2024. doi: 10.1111/cfs.13153</p>
<p>
	<strong>Tekst:</strong> Kristien Wouters</p>
<div class="meta">
	<p><a href="https://www.steunpuntadoptie.be/nl/kennisdatabank/detail/samenvatting-onderzoek-hoe-be%C3%AFnvloedt-het-taalgebruik-van-adoptieouders-de-manier-waarop-geadopteerden-naar-hun-relatie-met-hun-geboortemoeder-kijken-2024" title="Samenvatting onderzoek: Hoe beïnvloedt het taalgebruik van adoptieouders de manier waarop geadopteerden naar hun relatie met hun geboortemoeder kijken? (2024)">Samenvatting onderzoek: Hoe beïnvloedt het taalgebruik van adoptieouders de manier waarop geadopteerden naar hun relatie met hun geboortemoeder kijken? (2024)</a> geschreven door Kristina Vanremoortel in <a href="https://www.steunpuntadoptie.be/nl/kennisdatabank/categorie/openheid" title="Openheid">Openheid</a>.</p>
</div>

		]]>
	</description>
	<pubDate>Tue, 01 Oct 2024 11:25:00 +0200</pubDate>
	<author><![CDATA[kristina-vanremoortel@example.com (Kristina Vanremoortel)]]></author>
	<category><![CDATA[Openheid]]></category>
	<guid isPermaLink="true">https://www.steunpuntadoptie.be/nl/kennisdatabank/detail/samenvatting-onderzoek-hoe-be%C3%AFnvloedt-het-taalgebruik-van-adoptieouders-de-manier-waarop-geadopteerden-naar-hun-relatie-met-hun-geboortemoeder-kijken-2024</guid>
	</item>
</channel>
</rss>
