Jarenlang dacht ik dat mijn adoptie me niets deed. Als iemand mij vroeg of ik er moeite mee had, was het antwoord ‘nee’. Pas toen ik op mijn 35ste een burn-out kreeg, viel dat beeld uiteen. Wat ik altijd had proberen wegduwen, kwam naar boven. Mijn sterke ik kon het niet langer onderdrukken en ik belandde in een depressie.
Ik heb een tattoo uit mijn lievelingsfilm Moulin Rouge die me houvast geeft: ‘Come what may.’ Die boodschap helpt me om mezelf meer te aanvaarden. Ik hoef niet te zijn zoals iedereen. Ik mag mijn roots toelaten als deel van wie ik ben.
Ook mijn gezin draag ik dicht bij me. Mijn kinderen en mijn man zijn mijn anker, de veilige basis waar ik altijd op kan terugvallen.
Ik ben er nog niet. Ik sta nog niet zo ver. Maar stilaan leer ik aanvaarden dat ik anders ben. Wat ik vroeger probeerde weg te duwen, mag vandaag steeds meer deel uitmaken van wie ik ben.
Ga terug naar de algemene pagina